direct naar inhoud van 5.3 Toelichting op de bestemmingen
Plan: Verblijfsrecreatieterreinen
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0716.verblijfsrecreatie-VG01

5.3 Toelichting op de bestemmingen

In het bestemmingsplan is een beperkt aantal bestemmingen gebruikt. In deze paragraaf worden deze bestemmingen in alfabetische volgorde toegelicht.

Artikel 3 Groen

Structurele groenelementen zijn bestemd tot Groen. De bestaande en toekomstige randbeplanting rond het kampeerterrein zijn voorzien van een specifieke functieaanduiding (specifieke vorm van groen-1), waarmee is bepaald dat de gronden uitsluitend zijn bestemd voor opgaande beplanting ten behoeve van een adequate landschappelijke inpassing. Om te voorkomen dat de betreffende beplantingen rond het kampeerterrein zonder toetsing worden verwijderd, is een aanlegvergunningstelsel opgenomen.

Op drie verblijfsrecreatieterreinen (bungalowpark Oud-Kempen, Camping Gorishoek en camping De Striene) zijn grotere groenvoorzieningen aanwezig die nu al mogen worden gebruikt voor speelvoorzieningen. In het bestemmingsplan Verblijfsrecreatieterreinen is voor deze gebieden de functieaanduiding 'speelvoorziening' opgenomen, waarmee tevens sport- en speelvoorzieningen en kleinschalige dagrecreatieve voorzieningen zijn toegestaan.

Voor camping De Hoeve is de groenstrook aan de zijde van de Havenweg al tientallen jaren in gebruik als parkeerstrook. Dit gebruik is met een aanduiding 'parkeerterrein' bevestigd.

Artikel 4 Horeca

Deze bestemming is opgenomen voor het café-restaurant aan de Keetenweg 6 bij Stavenisse (naast camping Irenehoeve). Het gaat om een zelfstandige horecavoorziening die in het bestemmingsplan Kampeerterreinen uit 1985 ook al een horecabestemming had. De bestemming is gekoppeld aan de Staat van Horeca-activiteiten. Ter plaatse zijn bedrijven tot en met categorie 2 van deze staat toegestaan.

Artikel 5 Recreatie - Kampeerterrein

De bestemming Recreatie-Kampeerterrein (R-KT) is opgenomen voor de campings exclusief de groenstroken voor de landschappelijke inpassing van de terreinen. Anders dan in eerder opgestelde bestemmingsplannen voor recreatieterreinen binnen de gemeente, is in voorliggend bestemmingsplan de inrichting van de kampeerterreinen niet vastgelegd. Er is dus geen onderscheid gemaakt in gronden ten behoeve van het kamperen, gronden ten behoeve van de dienstverlening en beheer en onderhoud. De inrichting wordt geheel aan de ondernemer overgelaten. Dit geldt eveneens voor de locatie van bebouwing.

In de Bestemmingsomschrijving is bepaald dat bestemming Recreatie-Kampeerterrein is bestemd voor het kamperen en voor het plaatsen van 'gebouwen voor recreatief nachtverblijf' (zie paragraaf 3.2) met bij een kampeerterrein gebruikelijke voorzieningen. Bijbehorende voorzieningen zijn eveneens toegestaan, mits deze geen afbreuk doen aan het hiervoor genoemde gebruik.

De Specifieke gebruiksregels zijn een aanvulling of een beperking van de bestemmingsomschrijving. Daarin zijn onder andere de volgende zaken vastgelegd.

  • Het maximum aantal standplaatsen en daarbinnen het maximum aantal standplaatsen ten behoeve van permanente verblijfsrecreatie. Overeenkomstig de Kadernotitie Verblijfsrecreatieterreinen is het maximum aantal standplaatsen afgestemd op de huidige situatie. Het maximum aantal permanente standplaatsen bedraagt per kampeerterreinen ten hoogste 85% van het maximum aantal standplaatsen.
  • Regels ter voorkoming van permanente bewoning van kampeermiddelen , gebouwen voor recreatief nachtverblijf en bijgebouwen.
  • Voor het reguleren van horeca-activiteiten wordt gebruik gemaakt van een Staat van Horeca-activiteiten. Alleen horeca-activiteiten die voorkomen in categorie 1a, 1b en 2 van de Staat van Horeca-activiteiten zijn toegestaan, met uitzondering van een hotel. Voor deze functie is namelijk een horecabestemming gewenst. Voor een nadere toelichting op de Staat van Horeca-activiteiten wordt verwezen naar bijlage 4. Om te voorkomen dat erg grote horecafuncties ontstaan, is het bedrijfsvloeroppervlak begrensd.

Hoewel in beginsel overal op het terrein kan worden gebouwd, gelden voor het bouwen verschillende regels.

  • Conform de uitgangspunten van SVBP2008 is het bouwvlak aangeduid, waarbinnen gebouwen mogen worden gebouwd. Gelet op het uitgangspunt van een globale en flexibele regeling komen voor elke camping de bouwvlakken nagenoeg overeen met het gehele terrein.
  • Het soort bebouwing is vastgelegd (in algemene zin en in het bijzonder op de standplaatsen) en zaken als maximum aantallen, afstanden, oppervlakten, goot- en bouwhoogten. Voor een aantal aspecten en bouwwerken zijn op de verbeelding maatvoeringsaanduidingen gehanteerd.
  • Voor elke camping is per bouwvlak aangegeven hoeveel mag worden bebouwd met overkappingen en bedrijfsgebouwen, zoals kantoor- en personeelsruimten, recreatieruimten, sanitairgebouwen voor gezamenlijk gebruik en bergruimten. Voor het bepalen van de omvang oppervlakte is een maximum bebouwingspercentage van circa 5% aangehouden in plaats van de uitbreidingsmogelijkheden te koppelen aan de omvang van de bestaande bebouwing5. Door het koppelen van de bebouwingsmogelijkheden aan de omvang van de camping wordt voorkomen dat ondernemers die nog niet geïnvesteerd hebben in kwaliteitsverbetering worden benadeeld ten opzichte van ondernemer die dat al wel hebben gedaan. De nieuwe benadering betekent dat géén van de campings inleveren ten opzichte van de oude bestemmingsplannen.
  • Gebouwen voor recreatief nachtverblijf en bijgebouwen op de standplaats worden niet meegerekend bij deze oppervlaktemaat. Voor onder andere deze gebouwen zijn specifieke oppervlaktematen opgenomen.
  • Bestaande bedrijfswoningen zijn met een aanduiding vastgelegd. De oppervlakte van het bouwvlak bedraagt in beginsel 200 m2. Voor elke camping bestaat een wijzigingsbevoegdheid voor een extra bedrijfswoning (artikel 5 lid 5.5.2).

Tot slot zijn wijzigingsbevoegdheden ex artikel 3.6 Wro opgenomen, waarmee burgemeester en wethouders het aantal standplaatsen (en daarmee ook het aantal permanente standplaatsen) met ten hoogste 20% kunnen vergroten.

Artikel 6 Recreatie - Recreatiewoning

Deze bestemming is opgenomen voor de vier terreinen waarop recreatiewoningen aanwezig zijn. Evenals binnen de bestemming Recreatie-Kampeerterrein is voor deze terreinen de inrichting niet in het bestemmingsplan vastgelegd. Alleen voor enkele bijzondere functies is een uitzondering gemaakt: voor het bungalowpark Oud-Kempen aanduidingen 'dienstverlening' en 'parkeerterrein' en voor camping De Striene voor het mogelijk maken van campers.

In de Kadernotitie Verblijfsrecreatieterreinen is aangegeven dat de maximale oppervlakte van de bestaande recreatiewoningen 90 m2 bedraagt. Maatwerk is echter geboden. Gezien de feitelijke situatie is de omvang van de carréwoningen op het bungalowpark Oud Kempen begrensd op 45 m2 en op bungalowpark Aan d'n Oever op 70 m2. Dit is 20% meer dan in de huidige situatie. Voor Camping De Striene is de omvang bepaald op ten hoogste 100 m2. Deze maat is ontleend aan het bestemmingsplan De Striene dat kwaliteitsverbetering mogelijk maakt.

Aan een aantal bewoners is een persoonsgebonden beschikking afgegeven (zie bijlage 2 van de regels), omdat hun woning al geruime tijd permanent wordt bewoond en hiertegen nimmer handhavend is opgetreden. Verwezen wordt in dit kader naar paragraaf 6.1 en bijlage 2 van de regels.

Artikel 7 Verkeer

De bestemming heeft betrekking op de openbare weg tussen de Camping De Muie en de aangrenzende kinderboerderij, de openbare weg bij Camping De Striene en de inritten van het Woonwagencentrum. De bestemming spreekt voor zich en behoeft geen nadere uitleg.

Artikel 8 Water

De bestemming Water is gehanteerd voor de waterberging in de noordwesthoek van Camping Stavenisse en enkele watergangen die over het terreinen van de campings lopen. Ook deze bestemming behoeft geen nadere uitleg.

Artikel 9 Wonen - Woonwagens

Voor het woonwagencentrum aan de Oudelandsedijk te Tholen is de bestemming 'Wonen - Woonwagens' opgenomen.

Artikel 10 Waarde - Archeologie - 2 en Artikel 11 Waarde - Archeologie - 3

In paragraaf 4.1 is aangegeven dat in het plangebied verschillende archeologische (verwachtings)waarden voorkomen en dat deze een beschermende regeling in het voorliggende bestemmingsplan behoeven.

Omdat de archeologische (verwachtings)waarden samenvallen met een groot aantal andere bestemmingen, zijn zogenoemde dubbelbestemmingen gehanteerd. De dubbelbestemmingen zijn met arceringen (kruizen) op de verbeelding weergegeven.

Het onderscheid tussen de verschillende archeologische bestemmingen is de oppervlaktemaat, waarboven bij een bodemverstoring een onderzoeksplicht geldt. In alle gevallen geldt een vrijstelling van archeologisch onderzoek wanneer niet dieper dan 40 cm onder het maaiveld werkzaamheden worden uitgevoerd.

Artikel 12 Waterstaat-Waterkering

De primaire waterstaatswerken, de waterkering rondom het eiland Tholen, worden in de actualisatieplannen primair als Waterstaatswerk bestemd. In het voorliggend bestemmingsplan is echter gekozen om de dijklichamen die samenvallen met de opgaande begroeiing rondom de recreatieterreinen, te beschermen met behulp van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering'. De beschermingszone A behorende bij de primaire waterstaatwerk wordt op de verbeelding aangegeven met de gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - dijk'.

Ter bescherming van de regionale waterstaatswerken (de waterkerende binnendijken) en de bijbehorende beschermingszone A wordt de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' opgenomen.