| Plan: | Bestemmingsplan Multifunctionele Accommodatie Bisonspoor |
|---|---|
| Status: | onherroepelijk |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1904.BPmfabisonspoorMKB-OH01 |
Het centrumgebied Bisonspoor is middels alle vervoersmodaliteiten – gemotoriseerd verkeer, langzaam verkeer en openbaar vervoer - goed ontsloten.
De ontsluitingsstructuur voor gemotoriseerd verkeer – de Bisonspoor – is als een lus vormgegeven, zie figuur 3.4. De Bisonspoor heeft een 30 km/u regime en is voorzien van éénrichtingsverkeer. De overige wegen in het centrum dienen voor de erfontsluiting en zijn overwegend doodlopend. De lus heeft hoofdzakelijk een verkeersfunctie en de overige wegen in het centrumgebied hebben meer een verblijfsfunctie. Aan de noordoost- en zuidwestzijde van het centrum sluit de Bisonspoor direct aan op één van de gebiedsontsluitingswegen van Maarssenbroek – de Safariweg. Vanuit de gebiedsontsluitingsweg is een nagenoeg directe verbinding met de provinciale weg N230 – de Zuilense Ring – mogelijk, die als stroomweg direct aansluit op de A2 Utrecht-Amsterdam.
Figuur 3.4 Wegenstructuur Maarssenbroek (bron: GVVP)
In wijken als Maarssenbroek vormde een goede ontsluitingsstructuur voor langzaam verkeer een belangrijk ontwerpopgave. In Maarssenbroek zijn doorgaande en vrijliggende fiets- en voetpaden gelegen, die de voorzieningen en opstappunten voor openbaar vervoer met de verschillende woonbuurten verbinden. Vanuit de woonbuurten Kamelenspoor, Pauwenkamp en Duivenkamp komen ter plaatse van het sportcomplex Bisonsport een drietal langzaam verkeersroutes samen – zie figuur 3.5. De aansluiting van routes op de verkeersstructuur van het centrumgebied is enigszins rommelig door het medegebruik van twee routes als parkeerweg. Bij de planvorming voor de herinrichting van de openbare ruimte ligt hier een belangrijke ontwerpopgave – zie paragraaf 5.4.
Figuur 3.5 Langzaam verkeersstructuur Maarssenbroek (bron: GVVP).
In een straal van 300 m¹ van het plangebied is het trein- en busstation van Maarssen gelegen. Per trein zijn de nabijgelegen steden Amsterdam en Utrecht goed bereikbaar. Op het station halteren een zevental buslijnen die de omliggende regio ontsluiten.
Samenvattend is het plangebied middels alle vervoersmodaliteiten zeer goed bereikbaar. Tevens biedt de herontwikkeling een mogelijkheid om de aansluiting van langzaam verkeersroutes op het centrumgebied te verbeteren.
De verschillende functies in het centrumgebied hebben gezamenlijk een forse parkeerbehoefte. De parkeervoorzieningen zijn gratis en deels gelegen in parkeergarages - P1 en P2 - en deels op maaiveld. De parkeergarages bevinden zich met name aan de oostkant van het centrum, nabij het station en de entree van het winkelcentrum. In en om het plangebied wordt op maaiveld geparkeerd, hetgeen een groot deel van de openbare ruimte beslaat en leidt tot een stenige uitstraling.
In de huidige situatie zijn de parkeervoorzieningen in het merendeel van de week toereikend. De herontwikkeling van het plangebied zal leiden tot een aanvullende parkeervraag – met name de woningen – hetgeen in de her in te richten openbare ruimte dient te worden opgevangen – zie paragraaf 5.4.