| Plan: | Spoorzone - deelgebied Lochtstraat |
|---|---|
| Status: | onherroepelijk |
| Plantype: | projectbesluit |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0855.PBS2009003-e001 |
Inleiding
In het bestemmingsplan Spoorzone is in hoofdstuk 5 Cultuurhisorische paragraaf zeer uitgebreid verslag gedaan van de cultuurhistorisch waardevolle objecten in het totale plangebied Spoorzone Onderstaand is dit verder geconcretiseerd naar het deelgebied Lochtstraat.
Historische geografie en ontwikkeling
Algemeen:
Tot aan het begin van de negentiende eeuw is het gebied Lochtstraat niet bebouwd en behoorde dit gebied tot de in oorsprong middeleeuwse akkerstructuren van Tilburg die door akkerpaden doorsneden werden. Een belangrijke factor in het gebied is het tracé van de Gasthuisring dat al sinds tenminste de late middeleeuwen behoort tot de hoofdverbindingen van de Tilburgse herdgangen (tussen Kerk en Goirken via de Veldhoven, het huidige Wilhelminapark). Op de kaart van Diederik Zijnen uit 1760 is te zien dat er zich langs de Gasthuisring spaarzame, waarschijnlijk agrarische bebouwing bevindt. Geleidelijk wordt de Gasthuisring dichtgebouwd, in eerste instantie de oostelijke zijde met het Gasthuis en het complex van de fraters van Tilburg, vervolgens aan de westelijke zijde van de straat met gegoede woonhuizen en fabrieksbebouwing.
Deelgebied Lochtstraat.
Aan de westzijde van de Gasthuisring lag omstreeks 1905 nog een vrijwel onbebouwd akkergebied dat behoorde bij het akkercomplex van De Schijf. Achter de bebouwing aan de Gasthuisring, bestaande uit overwegend grote herenhuizen, lagen enkele fabriekscomplexen waaronder de wollenstoffenfabrieken van A. & N. Mutsaerts en van Janssens Van Buren (1846). Achter deze fabrieken liep de Zooistraat, een onverharde weg in particuliere eigendom van de firma Janssens Van Buren. Hier stond een aantal arbeiderswoningen waarvan de laatste in 1958 werd gesloopt. De straat, die in 1960 niet meer was dan een doodlopende steeg, werd in dat jaar opgeheven. De naam van Janssen Van Buren leeft nog wel voort: het huidige filiaal van Albert Heijn is gevestigd in de voormalige fabriek van de firma die na een brand in 1954 werd herbouwd.
Bij het opheffen van de Zooistraat werd de armoedige bebouwing aan weerszijden van de Lochtstraat geheel gesloopt. De huidige bebouwing aan de Lochtstraat is pas vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw tot stand gekomen toen zich hier enkele bedrijven vestigden die hun bebouwing in de daaropvolgende decennia uitbreidden.
Door het plangebied liep een belangrijke waterlaat: die Hoogh Soo, die Hooge Zoeije of die Hooge Soeije genoemd. Komende uit die Schijve liep de Hoogh Soo langs de westzijde van de Gasthuisrhg, stak die over ter hoogte van de Pironstraat en stroomde verder ten zuiden van de percelen aan de zuidzijde van het Wilhelminaminapark.
Cultuurhistorie
Ruim ten noorden van het deelgebied bevindt zich het in 1986 gemeentelijk beschermde stadsgezicht Wilhelminapark.
In of in de directe nabijheid van het plangebied bevinden zich geen van rijks of gemeentewege beschermde monumenten.
Aan de Gasthuisring zijn ter hoogte van het plangebied de nummers 59 (Lochtstraat 2), 61, 63, 69 en 71 opgenomen in het MIP (Monumenten Inventarisatie Project). Het betreft hier winkel/woonhuizen uit de periode 1880-1900.
Achter het pand Lochtstraat 6 bevindt zich een uit 1963 daterende hal onder een rondboogdak. Oorspronkelijk diende deze voor de stalling van bussen van de Zuid-Ooster.
Archeologie
In het onderzoeksgebied is sprake van een archeologische verwachting. Op de Archeologische Waarschuwingskaart Tilburg (ARWATI) is het onderzoeksgebied aangeduid als een gebied met hoge verwachting. Een aantal factoren geeft aan dat voor het gebied een archeologische verwachting bestaat. Op en rond het gebied is al vroeg sprake van bewoning en allerlei activiteiten. Ook lijkt de vroegere opbouw van het landschap indicaties te geven voor (vroege) menselijke aanwezigheid. Een aantal factoren, waaronder het vroegere reliëf en de aanwezige waterlopen zijn hierbij vooral van belang.
Het onderzoeksgebied ligt temidden van enkele zeer oude nederzettingen en gehuchten waaronder De Veldhoven, de Heuvel en Kerk.
De grens tussen 'hoog en laag' in het plangebied liep ter hoogte van de huidige Atelierstraat en werd gemarkeerd door een kleine waterloop, later aangeduid als het Nieuwediep. Langs de westgrens van het onderzoeksgebied lag het beekdal van de Hoogh Soo (ook Hooghe Zoeije of De Zooi) die rond 1420 voor het eerst in schriftelijke bronnen voorkomt en deels evenwijdig aan de Gasthuisring stroomde. Juist de combinatie van waterlopen en hogergelegen gronden blijkt evenals elders ook in Tilburg een belangrijke voorwaarde te zijn geweest voor vestiging.
De geschetste hoge archeologische verwachting wordt goeddeels teniet gedaan door de verstoringsgraad door negentiende- en twintigste-eeuwse bebouwing in en in de directe nabijheid van het plangebied. Er is dan ook geen archeologische verwachting meer voor het deelgebied Lochtstraat.