direct naar inhoud van Artikel 13 Recreatie - Volkstuinen
Plan: Oostelijke Kanaaloever
Status: vastgesteld
Plantype: beheersverordening
IMRO-idn: NL.IMRO.0715.BVOKO-VG99

Artikel 13 Recreatie - Volkstuinen

13.1 Bestaand gebruik en bestaande bouwwerken
  • a. de in het besluitvlak 'Recreatie - Volkstuinen' gelegen gronden en bestaande bouwwerken mogen worden gebruikt overeenkomstig het bestaande gebruik;
  • b. bestaande bouwwerken mogen worden vervangen door bouwwerken van dezelfde afmetingen en op dezelfde locatie.

13.2 Aanvulling ten aanzien van het GEBRUIK
13.2.1 Besluitvlak 'Recreatie - Volkstuinen'

In aanvulling op het bepaalde in lid 13.1 is het toegestaan gronden en gebouwen te gebruiken voor:

  • a. volkstuinen;
  • b. bij deze functie behorende voorzieningen, zoals:
    • 1. verhardingen;
    • 2. groenvoorzieningen;
    • 3. parkeervoorzieningen;
    • 4. nutsvoorzieningen;
    • 5. andere voorzieningen ten dienste van de functie.;
    • 6. water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

13.3 Aanvulling ten aanzien van het BOUWEN
13.3.1 Toelaatbare bebouwing

In aanvulling op het bepaalde in lid 13.1 is het toegestaan om gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bouwen, met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de onderlinge afstand van niet-aaneengebouwde gebouwen op hetzelfde bouwperceel mag niet minder dan 1 m bedragen;
  • b. voorzover de gebouwen en overkappingen niet in de perceelsgrens worden gebouwd, mag de afstand tot de perceelsgrens niet minder dan 3 m bedragen;
  • c. de goothoogte van een gebouw mag niet meer dan 3,5 m bedragen;
  • d. de bouwhoogte van een gebouw mag niet meer dan 7 m bedragen;
  • e. de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen mag per volkstuin niet meer dan 10 m² bedragen;
  • f. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen, met dien verstande dat:
    • 1. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 2 m bedragen;
    • 2. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel c.q. het verlengde daarvan niet meer dan 1 m mag bedragen.

13.4 Afwijken ten aanzien van het GEBRUIK

n.v.t.

13.5 Afwijken ten aanzien van het BOUWEN

n.v.t.