| Plan: | Buitengebied Voorschoten (2010) |
|---|---|
| Status: | voorontwerp |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0626.2010Buitengebied-BP10 |
Het plangebied van het buitengebied van Voorschoten, met daarin gelegen de Duivenvoordecorridor, is gelegen in de zuidvleugel van de sterk verstedelijkende Randstad. Door de ligging en afmeting heeft zij een zeer strategische betekenis. De Duivenvoordecorridor zelf fungeert als belangrijke verbinding tussen het Groene Hart in het oosten en het strandwallenlandschap rond Wassenaar in het westen, terwijl de Duivenvoordse- en Veenzijdsepolder samen met de Papenwegsepolder deel uit maken van een ecologisch kerngebied tussen de bebouwde kommen van Den Haag, Wassenaar, Leiden, Voorschoten en Leidschendam-Voorburg. Daarnaast heeft het plangebied een functie als recreatief uitloopgebied voor de regio's Holland-Rijnland en Haaglanden. Om een verdere verstedelijking van deze groene schakel te voorkomen heeft het plangebied al in 1993 een beschermingsstatus gekregen en maakt het deel uit van de Rijksbufferzone Den Haag - Leiden - Zoetermeer.
Op grond van verschillen in bodemgesteldheid en het hieraan gekoppelde grondgebruik kunnen in het plangebied verschillende landschapseenheden worden onderscheiden. Meer concreet zijn dit:
De plandelen ten westen van de spoorlijn Den Haag - Leiden behoren tot een oude strandvlakte. Kenmerkend voor dit deel van het plangebied is een zekere afwisseling tussen:
Typerend is de intensieve verkaveling met opstrekkende, verhoudingsgewijs smalle kavels en een hieraan gekoppeld fijnmazige stelsel aan weteringen ten behoeve van de afwatering. Samen met de aan de rand gelegen houtwallen en bosschages bieden zij de indruk van een open coulissenlandschap, waarvan de bossen enerzijds een ruimtelijke functie en anderzijds een ecologische functie vervullen. Zij kunnen worden gezien als ecologische stapstenen in de Provinciale Ecologische Hoofdstructuur.
In tegenstelling tot de oude strandvlakte worden de strandwallen gekenmerkt door een grotere hoeveelheid aan kleine waardevolle landschapselementen zoals bomenrijen, oprijlanen, hagen etc. Beeldbepalend is hier kasteel Duivenvoorde met de bijbehorende landgoedbossen en landerijen. Samen bieden zij een zeer gevarieerd beeld van deels open deels besloten landschapseenheden en dragen zij in hoge mate bij aan de landschappelijke kwaliteiten van de corridor.
De zandige ondergrond biedt op een aantal plekken in principe goede voorwaarden voor het verbouwen van gewassen cq. vollegrondsteelt. Onder invloed van technologische vernieuwingen heeft de volle grondteelt in de afgelopen eeuw echter plaats gemaakt voor een gestaag groeiende glastuinbouw. Hierdoor wordt het landschapsbeeld met name bij de stadsranden en langs de Kniplaan langzamerhand steeds meer door kassen en opslagloodsen bepaald. Het is de bedoeling deze ontwikkeling te keren en de groene functies in de corridor weer te stimuleren en te versterken.
Figuur 3.1) Overzichtskaart deelgebieden
De derde goed waarneembare landschapseenheid in de corridor is de zone met oude veengronden langs de Vliet. De veengronden liggen duidelijk lager dan de strandwallen (overwegend beneden NAP), waardoor zij een intensievere afwatering behoeven en in feite alleen als weidegronden gebruikt kunnen worden. In de afgelopen jaren zijn her en der natuurontwikkelingsprojecten op gang gekomen, waarbij de weidegronden worden omgezet in natte graslanden, ruigte of nieuw oppervlaktewater.
De ontwikkelingen in het gebied hebben in de loop der tijd geleid tot een buitengewoon gevarieerd landschapsbeeld dat gekenmerkt wordt door de structuur van strandwallen, gescheiden poldereenheden en boezemlandschap alsmede waardevolle landschapselementen zoals landgoedbossen, lanen, boerderijen, buitens, en clusterbebouwing deels met monumentale waarde.
Als gevolg van de omvangrijke landschappelijke waarden heeft de Rijksoverheid de corridor reeds enige jaren geleden aangewezen als zogenaamde Rijksbufferzone. Hoofddoelstelling hiervan is de handhaving van het overwegend groene karakter van de buffer, zodat tussen het stadsgewest Haaglanden en de Leidse regio geen aanééngesloten stedelijk gebied ontstaat.
Handhaving van de bestaande landschappelijke kwaliteiten is echter niet vanzelfsprekend. De geleidelijke groei van glastuinbouw en detailhandel hebben her en der geleid tot een duidelijke aantasting van het landschapsbeeld en van de recreatieve waarden in de corridor. Dientengevolge is besloten de glastuinbouw te verplaatsen naar zogenaamde concentratiegebieden en de corridor opnieuw in te richten voor meer groene en recreatieve functies. De beleidsvoorwaarden waarbinnen de herinrichting dient plaats te vinden zal in het volgende hoofdstukken nader worden toegelicht.
| STATUS | HOOFDFUNCTIES | |
| Nota Ruimte / ILG | Rijksbufferzone | -Rijksbufferzone "Den Haag - Leiden - Zoetermeer" -Herontwikkeling onder provinciale regie (zie streekplanbepalingen hieronder) -Bevordering mogelijkheden voor dagrecreatie -Herijking bufferzonestatus rond 2015 -Groenproject in het "Investeringsbudget Landelijk Gebied" |
|
Streekplan Zuid-Holland West & Zevende partiële herziening Streekplan Zuid-Holland West 2003 Duivenvoordecorridor/ Westland c.a. |
Regionaal Park | -Natuurgebied -Ecologische verbinding tussen het strandwallenlandschap rond Wassenaar en het Groene Hart (conform PEHS) -Waardevol weidevogelgebied -Agrarisch gebied plus -Beschermd Stads- of dorpsgezicht -Topgebied cultureel erfgoed volgens de cultuurhistorische hoofdstructuur van de provincie - tevens Belvédèregebied -Zone met hoge archeologische verwachting -Uitwerkingsgebied t.b.v. kostendrager voor de sanering van niet duurzame glastuinbouw |
| Regionaal Structuurplan | Groene schakel | -Natuurgebied en Landgoederen -Agrarisch gebied -Overige glastuinbouw -Groene schakel tussen de strandwallen bij Wassenaar en het Groene Hart |
|
Structuurvisie Duivenvoordecorridor |
Groene buffer en verbindingszone | -Ecologische verbindingen a)water- en oever verbindingen b)stapstenen in de vorm van nieuwe bosschages -Sanering glastuinbouw -Vermindering nettobebouwing met circa 85% -Gedeeltelijk herstel oude buitens Haagwijk, Noordhey en Oostbosch -Nieuwe buitenplaatsen o.a. aan de Kniplaan en de Vliet -Verbetering ontsluiting voor recreanten -Verbreding aanbod aan recreatieve voorzieningen |
Tabel 3.1) Hoofddoelstellingen voor de Duivenvoordecorridor