| Plan: | TAM-omgevingsplan De Slagen, fase 3 |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 |
Dit plan wijzigt het Omgevingsplan gemeente Staphorst in die zin dat na hoofdstuk 22 van het 'Omgevingsplan gemeente Staphorst' [een hoofdstuk 22f] wordt ingevoegd, bestaande uit de regels van dit plan.
De hoofdstukken in dit plan moeten gelezen worden als paragrafen van [hoofdstuk 22f] van het 'Omgevingsplan gemeente Staphorst'. In de artikelkop van de artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '[22f.]' gelezen worden. In de kop van de bijlagen moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '[22f.]' gelezen worden.
De besluiten als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet zijn niet van toepassing op de locatie, bedoeld in 1.4.
De regels in afdeling 22.2 met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, en afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit plan.
De regels in dit plan zijn van toepassing op de locatie TAM-omgevingsplan De Slagen, fase 3, waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01.
In aanvulling op het bepaalde in 2.1 worden voor de toepassing van de regels in dit plan de begrippen als bedoeld in 2.3 tot en met 2.13 gehanteerd.
Het TAM-omgevingsplan De Slagen, fase 3 met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 van de gemeente Staphorst.
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
Een geometrisch bepaald vlak dat in de regels is aangewezen voor een gebruiksdoel.
een woning in een gebouw dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid kan worden beschouwd, dat twee geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen bevat, elk met een eigen toegang vanaf de openbare ruimte of een gemeenschappelijke opgang, waarbij de benedenwoning uitsluitend op de begane grond is gesitueerd.
beroeps- of bedrijfsactiviteit waarvan de activiteiten niet specifiek publiekgericht zijn en dat op kleine schaal in een woning en of in het bijbehorend bouwwerk wordt uitgeoefend.
een route die uitsluitend wordt gebruikt voor de bereikbaarheid van een gebied door hulpdiensten in geval van noodsituaties en/of bij wegwerkzaamheden op de reguliere routes.
een gevel zonder te openen delen en zonder te openen ramen, deuren of andere geluidsgevoelige openingen van verblijfsruimten, met een voldoende geluidwerende constructie die voldoet aan de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving. Ventilatieroosters zijn hierbij wel toegestaan mits de geluidwerende constructie blijft voldoen aan de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving.
een woning die deel uitmaakt van een gebouw waarin drie of meer zelfstandige woningen boven elkaar zijn gesitueerd.
het bouwdeel van een gebouw dat qua maat, massa en verschijningsvorm bepalend is voor het hoofdkarakter van dat gebouw.
een complex van ruimten dat dient voor de zelfstandige huisvesting van één afzonderlijk huishouden.
een gebouw dat één woning omvat en dat dient voor de huisvesting van één huishouden.
In aanvulling op en indien van toepassing in afwijking van het bepaalde in artikel 22.24 van dit omgevingsplan, gelden de meetbepalingen zoals opgenomen in artikel 2 van het bestemmingsplan 'De Slagen, partiële herziening fase 2' met identificatienummer NL.IMRO.0180.3102020001-VS01, vastgesteld op 15 december 2020
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 is aangewezen als 'Groen'.
Een locatie die is aangewezen als 'Groen' heeft de volgende functies:
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 4.2 genoemde functies van de gronden.
Voor het bouwen van de in lid 4.4.1 sub c genoemde bouwwerken gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van de in lid 4.4.1 sub b genoemde bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning af te wijken van de bouwhoogte zoals bedoeld in lid 4.4.2 sub a.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in lid 4.5.1 wordt alleen verleend indien:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning af te wijken van de bouwhoogte zoals bedoeld in lid 4.4.3 sub b.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in lid 4.5.3 wordt alleen verleend indien:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 is aangewezen als 'Maatschappelijk'.
Een locatie die is aangewezen als 'Maatschappelijk' heeft de volgende functies:
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 5.2 genoemde functies van de gronden.
Tot een gebruik in overeenstemming met deze functie, zoals bedoeld in 5.2 wordt in ieder geval gerekend het gebruik van ruimten voor wonen, voor zover wonen uitsluitend op de boven de beganegrondverdieping gelegen verdiepingen plaatsvindt.
Voor het bouwen van de in lid 5.4.1 sub b genoemde hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 5.4.1 sub b genoemde bijgebouwen gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 5.4.1 sub b genoemde bouwwerken, geen gebouw zijnde (niet zijnde overkappingen) gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 5.4.1 sub b genoemde kelders gelden de volgende bepalingen:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 is aangewezen als 'Verkeer'.
Een locatie die is aangewezen als 'Verkeer' heeft de volgende functies:
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 6.2 genoemde functies van de gronden.
Voor het bouwen van de in lid 6.4.1 sub b genoemde bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning af te wijken van de bouwhoogte zoals bedoeld in lid 6.4.2 sub a.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in lid 6.5.1 wordt alleen verleend indien:
Burgemeester en wethouders kunnen vergunningsvoorschriften stellen aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.25 van het omgevingsplan, ten behoeve van:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 is aangewezen als 'Verkeer - Verblijfsgebied'.
Een locatie die is aangewezen als 'Verkeer - Verblijfsgebied' heeft de volgende functies:
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 7.2 genoemde functies van de gronden.
Voor het bouwen van de in lid 7.4.1 sub b genoemde bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende regels:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning af te wijken van de bouwhoogte zoals bedoeld in lid 7.4.2 sub a.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in lid 7.5.1 wordt alleen verleend indien:
Burgemeester en wethouders kunnen vergunningsvoorschriften stellen aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.25 van het omgevingsplan, ten behoeve van:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locatie die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01 is aangewezen als 'Woongebied'.
Een locatie die is aangewezen als 'Woongebied' heeft de volgende functies:
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 8.2 genoemde functies van de gronden.
Tot een gebruik in overeenstemming met deze functie, zoals bedoeld in 8.2 wordt in ieder geval gerekend het gebruik van ruimten voor een beroep- of bedrijf aan huis, voor zover:
Tot een gebruik in overeenstemming met deze functie, zoals bedoeld in 8.2 wordt in ieder geval gerekend het gebruik van ruimten voor een bed & breakfast, voor zover:
Voor het bouwen van de in lid 8.4.1 sub b genoemde woningen (i.c. hoofdgebouwen) gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 8.4.1 sub b genoemde erkers, uitbouwen en ondergeschikte bouwdelen (i.c. bijbehorende bouwwerken) gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 8.4.1 sub b genoemde bijbehorende bouwwerken gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 8.4.1 sub b genoemde bouwwerken, geen gebouw zijnde gelden de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van de in lid 8.4.1 sub b genoemde kelders gelden de volgende bepalingen:
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van het aantal woningen zoals bedoeld in lid 8.4.2 sub d.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in lid 8.5.1 wordt alleen verleend indien:
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning af te wijken van de goot- en bouwhoogten zoals bedoeld in lid 8.4.2 sub e en f.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in lid 8.5.3 wordt alleen verleend indien:
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gebouwen overeenkomstig lid 8.2, indien niet wordt voldaan aan de stedenbouwkundige opzet, de beeldkwaliteit van bebouwing en de kwaliteit van de openbare ruimte, zoals deze in criteria zijn opgenomen in Bijlage 1 bij deze regels.
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gebouwen overeenkomstig lid 8.2, indien ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke bouwaanduiding - dove gevel’ de desbetreffende gevel niet als dove gevel wordt uitgevoerd en als zodanig blijvend in stand wordt gehouden.
De regels van dit hoofdstuk zijn van toepassing binnen het plangebied zoals opgenomen in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0180.TAMOPH22f-VS01.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Onder strijdig gebruik wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de functieomschrijvingen, waaronder in ieder geval wordt begrepen het gebruik of laten gebruiken van gronden en/of gebouwen:
De in 13.1.1 bedoelde parkeerruimte moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan:
Indien het gebruik van een bouwwerk aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat bouwwerk, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat bouwwerk behoort.
Burgemeester en wethouders kunnen vergunningsvoorschriften stellen aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.25 van het omgevingsplan, ten behoeve van:
In aanvulling op artikel 22.26 en 22.35 van het omgevingsplan mogen bodemgevoelige bijbehorende bouwwerken niet groter zijn dan 50 m2.