direct naar inhoud van 2.6 Groen
Plan: Bakkeveen Kom
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0086.01BPKom-0301

2.6 Groen

De bestemming "Groen" maakt de het gebruik van gronden voor groenvoorzieningen en de daarbij horende bebouwing mogelijk.

2.6.1 Toelichting op de bestemming

Functionele mogelijkheden

In relatie tot het doel zijn groenvoorzieningen en bebossing toegestaan. Daarbij gaat het dus om zowel lagere groenvoorzieningen (grasvelden) als opgaande vormen (bomen / bosjes). Naast de groenvoorzieningen zijn ook veelvoorkomende bijbehorende functies toegestaan. Daarbij gaat het om wegen, paden en speelvoorzieningen.

Ondergeschikt zijn binnen de bestemming onder meer waterlopen en -partijen, in- en uitritten en parkeervoorzieningen toegestaan. Door dit soort functies bij recht toe te staan, ontstaat flexibiliteit en uitwisselbaarheid in het plan. Wanneer in de bestaande situatie blijkt dat een dergelijke voorziening – in ondergeschikte mate – al binnen de bestemming aanwezig is, dan is de functie niet in strijd met de bestemming.

Bouwmogelijkheden

Gebouwen zijn in deze bestemming niet toegestaan. In de hele bestemming is het wel mogelijk om erf- en terreinafscheidingen met een maximale bouwhoogte van 2,00 meter te bouwen. Deze afscheidingen zijn bijvoorbeeld nodig voor de veiligheid van de gebruikers.

Daarnaast zijn overige bouwwerken, geen gebouwen zijn, mogelijk tot een maximale hoogte van 3,00 meter. Hieronder vallen onder meer kleinschalige bouwwerken als palen en masten.

Flexibiliteitsbepalingen

Voor een deel van de gronden met de bestemming "Groen" geldt een wijzigingsbevoegdheid. Deze is aangeduid met 'wro-zone - wijzigingsgebied 4'. Deze wijziging maakt het mogelijk om de gronden te wijzigen naar de bestemmingen "Wonen" en/of "Verkeer - Verblijf". Dit is gedaan naar aanleiding van de mogelijke invulling met woningbouw van een gebiedje nabij. Wijziging van het bestemmingsplan is alleen mogelijk wanneer voldaan is aan de voorwaarden die bij de bevoegdheid zijn opgenomen. Bij die voorwaarden worden onder meer de woningbouwafspraken genoemd.

Omgevingsvergunning

Voor enkele werken (geen bouwwerken) en werkzaamheden is het mogelijk om een omgevingsvergunning te verlenen. Daarbij gaat het om onder meer het ophogen van gronden en het verwijderen van bebossing. Door aan dit soort werken en werkzaamheden een vergunning te koppelen, worden ze niet uitgesloten. Dit biedt enige flexibiliteit in de gebruiksmogelijkheden van de gronden. De omgevingsvergunning moet voldoen aan de opgenomen voorwaarden en toetsingscriteria, anders wordt deze niet verleend.

2.6.2 Uitgangspunten voor de regeling

Uitgangspunten huidige situatie

  • Behoud van de bestaande groenstructuren met een ruimtelijk belang.
  • Het groen kent een passieve gebruiksfunctie en is in ieder geval niet bedoeld als agrarisch, sport- of recreatiegebied.
  • Veelvoorkomende functies in het groen, bijvoorbeeld voet- en rijwielpaden, en speelvoorzieningen mogelijk maken.
  • Het mogelijk maken van uitwisselbaarheid van de hoofdfunctie met andere ondergeschikte functies, in verband met de flexibiliteit.
  • Gebouwen zijn in het groen niet toegestaan.
  • Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen ten behoeve van de toegestane functies worden gebouwd, echter met beperkte afmetingen.
  • Toestaan van ontwikkelingen voor het onderhoud en beheer.
  • Het onder voorwaarden toestaan van werken en werkzaamheden aan de verschillende functies in het groen, om zo de functionaliteit te verbeteren.

Uitgangspunten beleid

  • Behoud van de groene dragers van het dorp als zodanig.
  • Behoud van de open groene ruimten in het historische lint.
2.6.3 Huidige situatie en beleid

Huidige situatie

De gronden met deze bestemming hebben vooral een ruimtelijk belang voor het dorp. Dit zijn groenstructuren die in belangrijke mate het ruimtelijk beeld van (een deel van) het dorp bepalen. Deze groenstructuren zijn te vinden ten noorden van het Merskekamp, ten noorden en het einde van de Boskleane en Ecofeen, bij de sportvelden aan de Mjûmster Wei, bij De Singels en de begraafplaats.

De ruimtelijke verschijningsvorm van het groen is niet overal gelijk, dit is afhankelijk van de functie en de ontwikkelingsgeschiedenis van het groen. Er is sprake van grasland, struweel en bebossing.

Bij het groen is vooral sprake van een passief gebruik van het groen. Het gaat vooral om 'zichtgroen'. Enkele keren worden groene veldjes gebruikt als trapveldjes en speelterreintjes. In het groen komen daarom (ondergeschikt) ook speelvoorzieningen, voet- en rijwielpaden, waterlopen en -partijen voor.

Beleid

Op 15 juni 2011 hebben Provinciale Staten de Verordening Romte Fryslân vastgesteld. De verordening stelt regels die ervoor moeten zorgen dat de provinciale ruimtelijke belangen doorwerken in de gemeentelijke ruimtelijke plannen. De verordening voorziet niet in nieuw beleid. Uitsluitend geldend provinciaal ruimtelijk beleid is omgezet in algemeen geldende regels. Het ruimtelijk beleid is vooral beschreven in het Streekplan Fryslân 2007. Met betrekking tot het groen stelt de verordening vooral eisen aan cultuurhistorisch waardevolle elementen en kenmerkende landschapstypen. Dit heeft geen invloed op deze bestemming.

In het Structuurplan Opsterland 2003 is algemeen toekomstbeleid voor de gemeente Opsterland opgenomen. Dit beleid is gebaseerd op het destijds geldende rijks- en provinciaal beleid. Het algemene beleid is per dorp verder uitgewerkt in een ontwikkelingsprofiel. Ook voor Bakkeveen is dit gedaan.

De waarde van enkele bestaande grotere groenstructuren is in het beleid opgenomen, waarbij 'groene dragers' zijn aangewezen. Dit zijn de groene gebieden ten noorden van de Merskekamp en ten noorden van het Kleasterkamp en Ecofeen. Het algemene beleid geeft aan dat het behoud van deze groene dragers van belang is. Vooral voor het behoud van de ruimtelijke structuur van het dorp.

Voor het dorp is daarnaast (onder duurzame ruimtelijke en milieukwaliteit) opgenomen dat de afwisseling van bebouwde en open groene ruimten in het historische lint van belang is. Een deel daarvan is de groene ruimte bij de kruising tussen Duerswâldmer Wei en Houtwal; de “brink”.