Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Farmsum
Status: onherroepelijk
Plan identificatie: NL.IMRO.0010.12BP-OH01

Artikel 8 Detailhandel - detailhandel volumineus

8.1 Bestemmingsomschrijving
  1. De voor ‘Detailhandel - Detailhandel volumineus’ aangewezen gronden zijn bestemd voor gebouwen ten behoeve van volumineuze detailhandel, met een maximum winkelvloeroppervlakte van 2.500 m2 per vestiging;
met daaraan ondergeschikt:
  1. parkeervoorzieningen;
  2. groenvoorzieningen en water;
  3. verkeers- en verblijfsvoorzieningen;
  4. openbare nutsvoorzieningen.
  5. bouwwerken, geen gebouw zijnde.
In deze bestemming is niet inbegrepen:
  • seksinrichtingen.
 
8.2 Bouwregels
8.2.1 Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels:
  1. een gebouw zal binnen een op de verbeelding weergegeven bouwvlak worden gebouwd;
  2. de bouwhoogte bedraagt niet meer dan de op de verbeelding weergegeven bouwhoogte, dan wel de bestaande bouwhoogte indien deze meer bedraagt;
  3. de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt niet minder dan 3 m, dan wel de bestaande afstand indien deze minder bedraagt.
  4. het bebouwingspercentage bedraagt niet meer dan 50% van het bouwperceel, dan wel niet meer dan de bestaande bebouwingspercentage indien deze meer bedraagt;
8.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
  1. de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 3 m bedragen, met dien verstande dat de bouwhoogte van vlaggenmasten en lichtmasten niet meer dan 6 m bedraagt.
  2. de bouwhoogte van terreinafscheidingen bedraagt voor de naar de weg gekeerde bouwgrens ten hoogste 1 m en daarachter ten hoogste 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbare weg (niet zijnde een brandgang tussen twee gebouwen) of openbaar groengebied op een afstand van 1 m of minder uit de perceelgrens ten hoogste 1 m bedraagt;
  3. in afwijking van het bepaalde onder b, zijn bestaande afwijkingen toegestaan.
8.3 Nadere eisen
Het bevoegd gezag met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van:
  • de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;
  • het straat- en bebouwingsbeeld; 
  • de verkeersveiligheid;
nadere eisen stellen aan:
  1. de plaats van gebouwen in die zin dat de gebouwen in de naar de weg gekeerde bouwgrens moeten worden gebouwd;
  2. de plaats van bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
8.4 Specifieke gebruiksregels
Tot een strijdig gebruik met deze bestemming zoals bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, wordt in ieder geval gerekend:
  1. het gebruik van gebouwen voor bewoning;
  2. het gebruik van de gronden ten behoeve van detailhandel, niet zijnde volumineuze detailhandel en niet zijnde ondergeschikte detailhandel;
  3. het gebruik van de gronden voor opslag van schroot, afbraak- en bouwmaterialen, anders dan ten behoeve van de uitvoering van krachtens deze bestemming toegelaten bouwactiviteiten en werken en werkzaamheden;
  4. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van seksinrichtingen;
  5. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen.