| Plan: | TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ad Tussen de Gasten |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1969.TPZU25UITB01-VA01 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van gebiedsontwikkeling op de locatie Tussen de gasten en is als een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk [22ad] opgenomen in het omgevingsplan van de gemeente Westerkwartier. Dit hoofdstuk is bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening, bedoeld in artikel 1.2.1, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk [22ad] van het omgevingsplan van de gemeente Westerkwartier. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '[22ad]' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '[22ad]' gelezen worden.
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in bijlage I van de Omgevingswet, bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op dit hoofdstuk.
het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22ad Tussen de Gasten met identificatienummer NL.IMRO.1969.TPZU25UITB01-VA01 van de gemeente Westerkwartier;
het omgevingsplan van de gemeente Westerkwartier;
een gebouw dat door een scheidingsmuur is begrensd met het hoofdgebouw;
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
een percentage, dat de grootte van het deel van een terrein aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd;
het bieden van de, ten opzichte van het hoofdgebruik ondergeschikte mogelijkheid tot recreatief nachtverblijf en ontbijt aan personen die hun hoofdverblijf elders hebben, welk verblijf en ontbijt moeten plaatsvinden in de woning;
een gebouw dat een gebruikseenheid vormt met en dienstbaar is aan een, op hetzelfde bouwperceel gelegen, hoofdgebouw, maar daarmee niet in directe verbinding staat;
bouwen als bedoeld in Bijlage I Omgevingswet;
de grens van een bouwvlak;
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten;
bouwen als bedoeld in Bijlage I Omgevingswet;
brandvoorschriftengebied als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving;
iedere bovenbeëindiging van een gebouw;
de bovenste bouwlaag van een hoofdgebouw, waarbij de oppervlakte maximaal 30% van het basisoppervlak van het hoofdgebouw bedraagt;
een hoek- of rondvormig uitgebouwd deel van een hoofdgebouw, bouwkundig bestaande uit een 'lichte' constructie met een overwegend transparante uitstraling;
een publieke activiteit bedoeld voor ontspanning en/of vermaak met een tijdelijk, plaatsgebonden karakter, die plaatsvindt in de openlucht of in tijdelijke onderkomens. Onder een evenement vallen activiteiten op het gebied van commercie, cultuur, religie, recreatie, sportieve, of daarmee gelijk te stellen activiteiten, zoals markten, braderieën, beurzen, kermissen, festiviteiten, wedstrijden, bijeenkomsten en festivals;
gebouw als bedoeld in Bijlage I Omgevingswet;
hoofdgebouw als bedoeld in Bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving;
een tent, een tentwagen, een kampeerauto, een caravan of een stacaravan, dan wel enig ander onderkomen ten behoeve van recreatief nachtverblijf, dat is bedoeld om te kunnen worden verplaatst;
een dak dat voor minder dan 50% in het horizontale vlak ligt;
mantelzorg als bedoeld in Bijlage I Besluit bouwwerken leefomgeving;
een door de feitelijke terreininrichting aanwezig verschil tussen het beloop van lijnen in het veld en een aangegeven functie- of bouwgrens;
mits de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de ruimtelijke uitwerking of uitstraling met de woonfunctie in overeenstemming is;
voorzieningen ten behoeve van het openbaar nut zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie;
elk bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een overdekte ruimte vormt zonder, dan wel met ten hoogste één wand;
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;
een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische-massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar;
een plek bedoeld voor kinderen om buiten te spelen, al dan niet met de daarbij behorende speelvoorzieningen;
een gebouw dat in directe verbinding staat met het hoofdgebouw en dat een uitbreiding van een ruimte in dat gebouw vormt;
de gevel van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie, dan wel gelet op uitstraling ervan als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt;
een denkbeeldige lijn die strak loopt langs de naar de openbare weg gekeerde gevel(s) van een hoofdgebouw voor zover op dat deel van de openbare weg voorgevels zijn gericht;
alle voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande wegen of paden, daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de wegen of paden behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de weg liggende parkeergelegenheden;
een complex van ruimten, uitsluitend voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden;
zeer kwetsbaar gebouw als bedoeld in bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving;
De meet- en rekenbepalingen uit artikel 22.24 van dit omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op het meten van de waarden die in dit hoofdstuk in m, m2 of m3 zijn uitgedrukt, voor zover hiervan niet is afgeweken in lid 4.1 t/m 4.9.
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel;
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;
vanaf de kortste afstand van enig punt van een bouwwerk tot de perceelgrens;
bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van de bouwhoogte van een bouwwerk, worden dakopbouwen als ondergeschikte bouwonderdelen aangemerkt, mits de bouwhoogte van een bouwwerk met niet meer dan 1,50 m wordt overschreden;
bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen binnen bouwvlakken worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- of kroonlijsten en erkers buiten beschouwing gelaten, mits de bouw- c.q. de functiegrens met niet meer dan 1,50 m wordt overschreden;
bij toepassing van het bepaalde in het plan ten aanzien van het bouwen binnen bouwvlakken worden afwijkingen ten gevolge van meetverschillen buiten beschouwing gelaten, mits dat meetverschil, mede gelet op de aard en omvang van hierdoor toegelaten of toe te laten (bouw)werken of werkzaamheden, als van zeer beperkte betekenis kan worden aangemerkt.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Groen.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Groen mag gebruikt worden voor:
met daaraan ondergeschikt:
met de daarbij behorende:
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel:
Er kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld over de plaats en afmeting van de bebouwing ten behoeve van:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Maatschappelijk.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Maatschappelijk mag worden gebruikt voor:
met de daarbij behorende:
Gronden en bouwwerken die op de verbeelding zijn aangewezen als Maatschappelijk mogen niet worden gebruikt voor:
Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels:
Er kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld over de plaats en afmeting van de bebouwing ten behoeve van:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Tuin.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Tuin mag worden gebruikt voor:
met daaraan ondergeschikt:
met de daarbij behorende:
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd, met uitzondering van gebouwen als bedoeld in lid 4.8.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Verkeer - Verblijf.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Verkeer - Verblijf mag worden gebruikt voor:
met daaraan ondergeschikt:
met de daarbij behorende:
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
Er kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld over de plaats en afmeting van de bebouwing ten behoeve van:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Water.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Water mag worden gebruikt voor:
met daaraan ondergeschikt:
met de daarbij behorende:
Gronden en bouwwerken die op de verbeelding zijn aangewezen als Water mogen niet gebruikt worden voor:
Op of in deze gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, geldt de volgende regel:
Er kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld over de plaats en afmeting van de bebouwing ten behoeve van:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Wonen - 1.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Wonen - 1 mag worden gebruikt voor:
met daaraan ondergeschikt:
met de daarbij behorende:
Gronden en bouwwerken die op de verbeelding zijn aangewezen als Wonen - 1 mogen niet worden gebruikt voor:
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
In aanvulling op artikel 22.29 van het omgevingsplan wordt de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 ook verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, in de volgende gevallen:
Er kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld over de plaats en afmeting van de bebouwing ten behoeve van:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de functie Wonen - 2.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als Wonen - 2 mag worden gebruikt voor:
met daaraan ondergeschikt:
met de daarbij behorende:
Gronden en bouwwerken die op de verbeelding zijn aangewezen als Wonen - 2 mogen niet worden gebruikt voor:
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van aan- en uitbouwen en bijgebouwen gelden de volgende regels:
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels:
In aanvulling op artikel 22.29 van het omgevingsplan wordt de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 ook verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, in de volgende gevallen:
Er kunnen maatwerkvoorschriften worden gesteld over de plaats en afmeting van de bebouwing ten behoeve van:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
In afwijking van het bepaalde in artikel 22.29 lid 1 onder b met betrekking tot het uiterlijk en de plaatsing van bouwwerken, geldt dat het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, niet in strijd is met redelijke eisen van welstand, beoordeeld volgens het in Bijlage 1 opgenomen Beeldkwaliteitsplan Tussen de Gasten.
Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is het verboden gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan die locatie toegedeelde functies en activiteiten.
In aanvulling op 15.1 wordt in ieder geval strijdig als gebruik aangemerkt:
De als 'overige zone - brandvoorschriftengebied' aangewezen gronden zijn, naast het bepaalde in de andere voor de gronden aangewezen functies, mede aangewezen als brandvoorschriftengebied.
Ter plaatse van 'overige zone - brandvoorschriftengebied' wordt een speelplaats uitsluitend gesitueerd op een plaats waar de speelplaats wordt afgescheiden van de risicobron door een gebouw dat voldoet aan de aanvullende bouweisen die gelden voor gebouwen in een brandvoorschriftengebied.
De als 'veiligheidszone - leiding' aangewezen gronden zijn, naast het bepaalde in de andere voor die gronden aangewezen functies, mede aangewezen voor het tegengaan van de vestiging van zeer kwetsbare gebouwen.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning gronden en bouwwerken te gebruiken als zeer kwetsbaar gebouw.
De omgevingsvergunning, bedoeld in 16.2.2, wordt verleend als hiervoor vooraf een positief advies is afgegeven door de Veiligheidsregio.
In aanvulling op 22.29 wordt de omgevingsvergunning als bedoeld in 22.26 ook verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden, in de volgende gevallen: