direct naar inhoud van Regels
Plan: Landelijk gebied, wijziging wielerbaan
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1948.BGS000WP0022017W-VG01

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

1.1 plan:

Het bestemmingsplan "Landelijk gebied", zoals vervat in de geometrisch bepaalde planobjecten in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0844.BPLandelijkgebied-VG01, met de bijbehorende regels (en bijlagen);

1.2 wijzigingsplan:

Het wijzigingsplan "Landelijk gebied, wijziging wielerbaan" zoals vervat in de geometrisch bepaalde planobjecten in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1948.BGS000WP0022017W-VG01, met de bijbehorende regels (en bijlagen) van de gemeente Meierijstad;

1.3 bestemmingsplan "Landelijk gebied, herijking"

Het bestemmingsplan "Landelijk gebied, herijking", zoals vervat in de geometrisch bepaalde planobjecten in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.0844.BPLGHerijking2015-VG01 met de bijbehorende regels (en bijlagen);

1.4 verbeelding:

De verbeelding met identificatienummer NL.IMRO.1948.BGS000WP0022017W-VG01 deel uitmakend van dit wijzigingsplan.

Op het wijzigingsplan zijn de regels behorende bij het plan zoals genoemd in artikel 1.1 van toepassing.

Artikel 2 Wijze van meten

Bij de toepassing van deze regels wordt gemeten conform de regels in artikel 2 van het plan zoals genoemd in artikel 1.1.

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 3 Sport - 1

3.1 Bestemmingsomschrijving

3.1.1 Algemeen

De voor Sport - 1 aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. sportvoorzieningen in de vorm van een wielerbaan met verlichting;
  • b. ontsluitingswegen en parkeervoorzieningen;
  • c. water en waterhuishoudkundige doeleinden;
  • d. landschappelijke inpassing;

met bijbehorende bouwwerken en voorzieningen.

3.1.2 Nadere detaillering van de bestemming

De gronden binnen een strook van 5 m aan weerszijden vanaf de insteek van de als 'Water' bestemde watergangen zijn tevens bestemd voor waterhuishoudkundige doeleinden.

3.2 Bouwregels

3.2.1 Toegestane bebouwing

Uitsluitend mag worden gebouwd ten behoeve van deze bestemming. Het bouwen van gebouwen is niet toegestaan.

3.2.2 Andere bouwwerken

Voor het bouwen van andere bouwwerken gelden de volgende regels:

  • a. de bouwhoogte van een erfafscheiding mag niet meer bedragen dan 2 meter;
  • b. de bouwhoogte van lichtmasten mag niet meer bedragen dan 6 meter;
  • c. de bouwhoogte van overige bouwwerken mag niet meer bedragen dan 2 meter.

3.2.3 Afwijkingenregeling

In afwijking van het voorgaande geldt voor bestaande gebouwen en andere bouwwerken, gebouwd krachtens een vergunning, het volgende: indien en voorzover de bestaande maatvoering en/of oppervlaktes en/of situering van gebouwen en andere bouwwerken, de genoemde maxima, danwel minima overschrijden, geldt de bestaande maatvoering als maximum respectievelijk minimum.

3.2.4 Voorwaardelijke verplichting

Een omgevingsvergunning voor het bouwen mag uitsluitend worden verleend, indien:

  • a. de landschapselementen, zoals opgenomen in bijlage 3 bij deze regels zijn gerealiseerd, worden beheerd en in stand gehouden worden;
  • b. uitstraling van verlichting naar buiten het plangebied wordt voorkomen.

3.3 Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen ten aanzien van:

  • a. de situering, de oppervlakte en de hoogte van bebouwing;
  • b. de aard, hoogte en situering van erfafscheidingen;
  • c. voorzieningen voor de landschappelijke inpassing van nieuwe verharding en ter voorkoming van hemelwaterproblematiek in verband met de nieuwe verharding, een en ander op basis van een door de aanvrager te overleggen landschappelijk inpassingsplan.

3.4 Specifieke gebruiksregels

3.4.1 Strijdig gebruik

Onder het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, wordt in ieder geval begrepen:

  • a. het in gebruik nemen van gronden in het plangebied als bedoeld in artikel 3.1.1, indien niet is voorzien in de aanleg en instandhouding van de landschappelijke inpassing als bedoeld in artikel 3.1.1 onder d en zoals is opgenomen in bijlage 3 van deze regels;
  • b. het opslaan, storten of bergen van materialen, producten en mest, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik;
  • c. lawaaisporten;
  • d. verblijfsrecreatie;
  • e. horeca;
  • f. een risicovolle inrichting;
  • g. de opslag van gevaarlijke stoffen, zoals kunstmeststoffen en propaan, die een 10-6 risicocontour hebben die de bestemmingsgrens overschrijdt;
  • h. het plaatsen en gebruiken van geluidsinstallaties;
  • i. het plaatsen van reclameborden;
  • j. het niet voorzien in de realisatie en de instandhouding, herstel en/of vervanging van de landschapselementen zoals opgenomen in bijlage 3 van de regels.

Artikel 4 Waarde - Cultuurhistorisch waardevolle gebieden

Op de bestemming 'Waarde - Cultuurhistorisch waardevolle gebieden' zijn de regels uit artikel 39 behorende bij het bestemmingsplan "Landelijk gebied, herijking" zoals genoemd in artikel 1.3 onverkort van toepassing.

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Op het wijzigingsplan zijn de algemene regels uit hoofdstuk 3 behorende bij het plan zoals genoemd in artikel 1.1 én het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Herijking" zoals genoemd in artikel 1.3 onverkort van toepassing.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 5 Overgangsrecht

Op het wijzigingsplan zijn de overgangsregels uit hoofdstuk 4, artikel 45, behorende bij het bestemmingsplan "Landelijk gebied, Herijking" zoals genoemd in artikel 1.3 onverkort van toepassing.


Artikel 6 Slotregel


Deze regels worden aangehaald als:


Regels van het wijzigingsplan Landelijk gebied, wijziging wielerbaan.