Type plan: wijzigingsplan
Naam van het plan: Wijzigingsplan Molendijk-Noord 60B Schijndel
Status: vastgesteld
Plan identificatie: NL.IMRO.1948.BGS000WP0012021W-VG01

Regels

1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

 
In deze regels wordt verstaan onder:
 

1.1 plan:

het Wijzigingsplan Molendijk-Noord 60B Schijndel' met identificatienummer NL.IMRO.1948.BGS000WP0012021W-VG01 van de gemeente Meierijstad.
 

1.2 wijzigingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
 

2 Bestemmingsregels

Artikel 2 Specifieke gebruiksregels

2.1 Uitsluiting pensionstalling

 
Op de voor ‘paardenhouderij’ aangewezen gronden is het niet toegestaan de bedrijfsgebouwen te gebruiken
ten behoeve van een pensionstalling.
 

2.2 Maximum aantal toegestane dieren

 
Het is niet toegestaan op de voor ‘paardenhouderij’ aangewezen gronden meer dieren, dan wel andere soorten
dieren, te houden dan het toegestane aantal van 50 paarden.
 

2.3 Geen toename stikstofdepositie

 
Het gebruik van gronden en bouwwerken behorend tot het agrarisch bedrijf waarbij sprake is van een toename
van stikstofdepositie (mol/ha/jaar) is niet toegestaan. Er is sprake van een toename van stikstofdepositie
wanneer de stikstofdepositie (mol/ha/jaar) als gevolg van de stikstofemissie van het agrarisch bedrijf op voor
stikstof gevoelige habitats in een Natura 2000-gebied meer bedraagt dan de stikstofdepositie (mol/ha/jaar) die
in overeenstemming is met de ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan verleende en
onherroepelijke vergunning als bedoeld in artikel 2.7, tweede lid van de Wet, zoals opgenomen in de bij deze
regels behorende bijlage 3 'onherroepelijke Wnb-vergunning’.
 

2.4 Rijbak

 
Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van agrarisch - rijbak’ is uitsluitend een niet-overdekte rijbak toegestaan.

3 Algemene regels

Artikel 3 Toepassingsverklaring

3.1 Van toepassing verklaring – verbeelding

 
Dit wijzigingsplan wijzigt de verbeelding op de locatie Molendijk-Noord 60B te Schijndel behorende bij het
bestemmingsplan ‘Landelijk gebied’ (NL.IMRO.0844.BPLandelijkgebied-VG01) van de gemeente Schijndel,
alsmede de verbeelding behorende bij het op 24 september 2015 vastgestelde bestemmingsplan “Landelijk
gebied, herijking” (NL.IMRO.0844. BPLGHerijking2015-VG01), overeenkomstig de wijze, zoals vervat in de
verbeelding behorende bij onderhavig wijzigingsplan.
 

3.2 Van toepassing verklaring - regels

 
Op dit wijzigingsplan zijn de regels van het op 27 juni 2013 vastgestelde bestemmingsplan “Landelijk gebied”
(NL.IMRO.0844.BPLandelijkgebied-VG01) van de gemeente Schijndel van toepassing, alsmede de regels van
het op 24 september 2015 vastgestelde bestemmingsplan “Landelijk gebied, herijking” (NL.IMRO.0844.
BPLGHerijking2015-VG01).
 

3.3 Voorwaardelijke verplichting - landschappelijke inpassing

 
Binnen 1 jaar na realisatie van de paardenhouderij dient de landschappelijke inpassing te worden gerealiseerd
conform het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in bijlage 1.
 
Het gebruiken en (doen) laten gebruiken van de gronden is alleen toegestaan wanneer de landschappelijke
inpassing, zoals opgenomen in bijlage 1 van de regels, duurzaam wordt beheerd en in stand wordt gehouden.
 

3.4 Voorwaardelijke verplichting – sloop bestaande bebouwing

 
Het gebruiken en/of het laten gebruiken van de voor ‘Paardenhouderij’ aangewezen gronden en opstallen
conform de bestemming 'Agrarisch met waarden – Kleinschalig landschap' en ‘Agrarisch met waarden –
Natuur en landschap’, geschiedt onder de voorwaarde dat sloop van de bestaande varkensstallen en
bijbehorende voorzieningen, zoals weergegeven in bijlage 2, heeft plaatsgevonden.  

4 Overgangs- en slotregels

Artikel 4 Overgangsrecht

 

4.1 Overgangsrecht bouwwerken

  1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot,
    1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
  2. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10%.
  3. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

4.2 Overgangsrecht gebruik

  1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
  2. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
  3. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
  4. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 5 Slotregel

 
Deze regels worden aangehaald als:
Regels van het ‘Wijzigingsplan Molendijk-Noord 60B Schijndel’