Bijlagen bij regels
Bijlage 1 Toetsingskader volwaardig agrarisch bedrijf
Onder een volwaardig agrarisch bedrijf wordt verstaan een bedrijf dat:
-
a. naar aard en omvang, en
-
b. op grond van de arbeidsbehoefte
als zodanig moet worden aangemerkt en waarvan
-
c. de continuïteit ook op langere termijn (minimaal 10 jaar) gewaarborgd is.
Aan beide criteria, volwaardigheid en continuïteit, moet worden voldaan.
Ad a.
De volwaardigheid naar aard en omvang van het agrarisch bedrijf worden voornamelijk bepaald door:
- de aarde en omvang van het bedrijf, waarbij onder andere van belang zijn: de veebezetting, het beschikbare grondareaal (eigendom/pacht/huur), grootte, aard en inrichting van de bedrijfsgebouwen;
- de mate waarin het agrarisch bedrijf voorziet in het hoofdinkomen van het bedrijfshoofd; er dient sprake te zijn van een aanvaardbaar inkomen, rekening houdende met investeringen, moderniseringen uitbreidingen en dergelijke;
- de outillage van het bedrijf;
- eventueel voorziene invensteringen.
Ad b.
De volwaardigheid van de arbeidsbehoefte wordt voornamelijk bepaald door:
- de arbeidsbehoefte c.q. arbeidsomvang die het agrarische hoofdberoepsbedrijf vergt; deze arbeidsbehoefte c.q. -omvang dient ten minste één arbeidskracht te omvatten die qua tijdsbesteding volledig (voltijds) werkzaam is of zal zijn in het betreffende agrarisch bedrijf;
- het hoofdberoep van het bedrijfshoofd moet agrariër zijn, hetgeen onder meer kan blijven uit registratie in de CBS Landbouwtelling, huidige werkkring, opleiding en dergelijke;
- de beschikbaarheid van de aanvrager voor de uitoefening van het agrarisch bedrijf.
Ad c.
De continuïteit van het bedrijf wordt voornamelijk bepaald door:
- de verzekering dat de continuïteit van het bedrijf, ook op langere termijn (uitgegaan wordt van een periode van ten minste 10 jaar), is geborgd; hierbij speelt onder andere een rol of het bedrijf een zodanig opzet en omvang heeft dat het perspectief aanwezig is dat het bedrijf als (hoofdberoeps-)bedrijf ook op langere termijn kan voortbestaan;
- bij het beoordelen van de continuïteit vormen de leeftijd, vakkennis, opleiding, achtergrond en ervaring van het bedrijfshoofd en/of zijn eventuele opvolger, alsmede het aanwezig zijn of reeds meewerken van een opvolger, belangrijke gegevens; ook de intentie waarmee de activiteiten worden ondernomen speelt een rol.
De uiteindelijke beoordeling van de volwaardigheid berust op een weging van de diverse hiervoor genoemde aspecten en factoren in het concrete geval. Ter zake winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij een agrarisch deskundige.
Bijlage 2 Lijst van nevenactiviteiten
Lijst van nevenactiviteiten als bedoeld in artikel 3 Agrarisch met
waarden, lid 3.1, onder d en artikel 3 Agrarisch met waarden, lid 3.4, sub d onder 3:
- verkoop van zelfgemaakte, bewerkte, gekweekte of geteelde producten en detailhandel in agrarische streek producten, zoals bij een (Groene Hart) landwinkel, tot een oppervlakte van ten hoogste 50 m²; waarvan ten minste 95% uit het Groene Hart komt;
- pluktuinen, tevens toegestaan op aangrenzende gronden;
- opslag en stalling van niet-milieugevaarlijke, niet-agrarische goederen die geen risico's voor de omgeving opleveren, alsmede opslag voor internetverkoop. Onder internetverkoop wordt verstaan verkoop van artikelen via internet, waarbij op het perceel alleen opslag/magazijnruimte voor deze artikelen aanwezig is en waarbij de artikelen (evt. per post) bij de klant worden thuis bezorgd;
- logies en bed & breakfast in het hoofdgebouw en/of bestaand bijgebouw;
- educatie en voorlichting;
- agrarische dagrecreatie, zoals poldersport, agrarische kinderfeestjes, excursies, kinderboerderij en dergelijke, tevens mogelijk buiten het bouwvlak;
- overige dagrecreatie, zoals bezoektuinen, bezoekerscentrum, tentoonstellingsruimte, museum en sauna;
- theeschenkerij tot 50 m², tevens mogelijk buiten het bouwvlak voor theetuin/terras;
- hoveniersbedrijf (advies, ontwerp/beplantingsplannen, aanleg en onderhoud van tuinen);
- natuur- en landschapsbeheer (tegen vergoeding onderhouden van natuur en/of landschap), tevens mogelijk buiten het bouwvlak;
- veehandelsbedrijf;
- hobbymatige agrarische activiteiten, zoals het houden/stallen van vee;
- hoefsmederij, tot een oppervlakte van ten hoogste 100 m²;
- ambachtelijke bewerking en opslag van agrarische producten, zoals slachterij, vlees-, zuivel- en plantaardige productverwerking, imkerij, palingrokerij, wijnmakerij, bierbrouwerij, en riet- en vlechtwerk, tot een oppervlakte van ten hoogste 100 m² voor zover deze werkzaamheden vallen onder de milieucategorieën 1 en 2 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG lijst);
- overige ambachtelijke bedrijven, voor zover deze werkzaamheden vallen onder de milieucategorieën 1 en 2 en verkeerscategorie 1 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG lijst).
- kano-, roeiboot-, fluisterboot- of fietsenverhuur;
- kampeerboerderij;
- kleinschalige camping met een standplaats voor ten hoogste 15 kampeermiddelen in de periode van 15 maart t/m 31 oktober toegestaan, met de daarbij behorende voorzieningen waarbij geldt:
- de standplaats ten behoeve van een kleinschalige camping is toegestaan binnen een bouwvlak of direct aansluitend buiten het bouwvlak tot een afstand van 50 m, niet zijnde begrensd natuurgebied;
- uitsluitend in bestaande bebouwing binnen het bouwvlak bouwen van noodzakelijke sanitaire ruimten voor een kleinschalige camping is toegestaan.
Bijlage 3 Lijst niet agrarische functies
Lijst niet agrarische functies als bedoeld in artikel 3 Agrarisch met
waarden, lid 3.5, onder a:
-
a. agrarisch loonbedrijf;
-
b. foeragehandel;
-
c. sierviskwekerij;
-
d. dierenartspraktijk;
-
e. poldersport en boerengolf; toegestaan op omliggende weilanden mits niet begrensd als natuurgebied;
-
f. (para)medisch dienstverlening, zoals een privékliniek, een kuuroord of een groepspraktijk;
-
g. commerciële dienstverlening; zoals een computerservicebedrijf, een geluidsstudio of verhuur vergader- of workshopruimte;
-
h. kinderopvang;
-
i. detailhandel in zelfgemaakte, bewerkte, gekweekte of geteelde producten en detailhandel in agrarische streek producten zoals bij een (Groene Hart) landwinkel, alsmede detailhandel in antiek en curiosa;
-
j. paardenhouderij, waarbij onder de volgende voorwaarden een paardenbak wordt toegestaan:
-
1. de paardenbak dient als volgt te worden gesitueerd:
- achter de hoofdgebouwen;
- ten minste 20 m uit de rand van de weg;
- ten minste 1,5 m uit de slootranden;
-
2. de omvang van een paardenbak mag ten hoogste bedragen 20 m bij 40 m;
-
3. de bouwhoogte van paardenbakomheiningen mag ten hoogste 1,50 m bedragen;
-
4. indien de paardenbak vanaf de weg zichtbaar is, dient afschermende beplanting te worden aangebracht, mits hierdoor geen doorbreking plaatsvindt van bestaande zichtlijnen op het open weidegebied;
-
5. de paardenbak dient voorzien te zijn van natuurlijk bodemmateriaal.
-
k. kleinschalige camping met een standplaats voor ten hoogste 25 kampeermiddelen in de periode van 15 maart t/m 31 oktober, met de daarbij behorende voorzieningen;
-
l. andere niet agrarische activiteiten die naar aard en omvang gelijk te schakelen zijn aan de activiteiten genoemd onder a t/m k en beperkt worden tot de categorieën 1 en 2 en verkeerscategorie 1 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG-lijst) of categorie 3 indien de activiteit qua aard en schaal gelijk is te stellen aan categorie 2 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG-lijst).
Bij het verlenen van de omgevingsvergunning zal de gemeente de volgende randvoorwaarden stellen:
-
1. bovenstaande niet-agrarische activiteiten zijn toegestaan binnen het bouwvlak, tenzij anders aangegeven, waarbij de gezamenlijke oppervlakte van het niet-agrarische gebruik per agrarisch bedrijf in elk geval niet meer mag bedragen dan 500 m² voor a t/m f en 100 m² voor g t/m l, waarbij de oppervlakte in een hoofdgebouw ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' niet meetelt.
-
2. de oppervlakte van de bedrijfsbebouwing van het betreffende agrarische bedrijf mag, zolang van de afwijking gebruik wordt gemaakt, niet worden vergroot, tenzij wordt aangetoond dat de bestaande bebouwing vanwege bouwtechnische, milieutechnische of andere redenen niet geschikt meer is voor de agrarische functie op het bouwperceel;
-
3. de agrarische functie van aangrenzende, niet bij het bedrijf behorende gronden en bebouwing mag niet worden belemmerd;
-
4. in vergelijking met het agrarische gebruik mag geen onevenredig grotere verkeersbelasting op aangrenzende wegen en paden plaatsvinden;
-
5. het parkeren behorende bij het andere gebruik dient binnen het bouwvlak op eigen terrein plaats te vinden;
-
6. er mag geen opslag van goederen, behorende bij het andere gebruik, in de open lucht plaatsvinden;
-
7. het andere gebruik dient qua aard en schaal te passen bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties;
-
8. het andere gebruik betreft geen detailhandel, met uitzondering van detailhandel als bedoeld onder b. en i., en in andere zelfgemaakte, bewerkte, gekweekte of geteelde producten;
-
9. voor de afwijking onder k geldt dat:
-
a. de standplaats is toegestaan binnen een bouwvlak of direct aansluitend buiten het bouwvlak tot een afstand van 50 m; niet zijnde begrensd natuurgebied;
-
b. uitsluitend in bestaande bebouwing binnen het bouwvlak bouwen van noodzakelijke sanitaire ruimten voor een kleinschalige camping is toegestaan;
mits:
-
a. de openheid en het karakteristieke verkavelingspatroon niet onevenredig wordt aangetast;
-
b. de omliggende agrarische bedrijven niet in hun bedrijfsvoering belemmerd worden;
-
c. door middel van een nachtregister wordt aangetoond dat er alleen sprake is van recreatief nachtverblijf, en
-
d. buiten de genoemde periode deze kampeermiddelen niet aanwezig zijn.
Bijlage 4 Gebruik vrijkomende agrarische bebouwing
Activiteiten als bedoeld in artikel 4 Wonen, lid 4.1, onder e, alsmede artikel 4 Wonen, lid 4.5, onder b:
Onderdeel A:
- hobbymatige agrarische activiteiten, zoals het houden/stallen van vee, tevens toegestaan op aangrenzende gronden;
- verkoop van zelfgemaakte, bewerkte, gekweekte of geteelde producten en detailhandel in agrarische streek producten, zoals bij een (Groene Hart) landwinkel, tot een oppervlakte van ten hoogste 50 m²; waarvan ten minste 95% uit het Groene Hart komt;
- pluktuinen, tevens toegestaan op aangrenzende gronden;
- hoveniersbedrijf;
- natuur- en landschapsbeheer, tevens toegestaan op aangrenzende gronden.
- recreatief nachtverblijf in de vorm van recreatieappartementen buiten het hoofdverblijf in een ander gebouw op het bouwvlak;
- kampeerboerderij;
- agrarische dagrecreatie, zoals poldersport, agrarische kinderfeestjes, kinderboerderij en excursies, tevens toegestaan op aangrenzende gronden mits niet begrensd als natuurgebied;
- overige dagrecreatie, zoals bezoekerscentrum, tentoonstellingsruimte, museum en sauna;
- educatie en voorlichting;
- ambachtelijke landbouwproductverwerkende bedrijven, zoals slachterij, vlees-, zuivel- en plantaardige productverwerking, imkerij, palingrokerij, wijnmakerij, bierbrouwerij, en riet- en vlechtwerk;
- overige ambachtelijke bedrijven, voor zover deze werkzaamheden vallen onder de milieucategorieën 1 en 2 en verkeerscategorie 1 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG lijst).
Onderdeel B:
-
a. agrarisch loonbedrijf;
-
b. veehandelsbedrijf;
-
c. foeragehandel;
-
d. sierviskwekerij;
-
e. dierenartspraktijk;
-
f. paarden-, kano-, roeiboot-, fluisterboot- of fietsenverhuur;
-
g. paardenhouderij, waarbij onder de volgende voorwaarden een paardenbak wordt toegestaan:
-
1. de paardenbak dient als volgt te worden gesitueerd:
- achter de hoofdgebouwen;
- ten minste 20 m uit de rand van de weg;
- ten minste 1,5 m uit de slootranden;
-
2. de omvang van een paardenbak mag ten hoogste bedragen 20 m bij 40 m;
-
3. de bouwhoogte van paardenbakomheiningen mag ten hoogste 1,50 m bedragen;
-
4. indien de paardenbak vanaf de weg zichtbaar is, dient afschermende beplanting te worden aangebracht, mits hierdoor geen doorbreking plaatsvindt van bestaande zichtlijnen op het open weidegebied;
-
5. de paardenbak dient voorzien te zijn van natuurlijk bodemmateriaal;
-
h. bewerking en opslag van agrarische producten;
-
i. zorgboerderij, met dag en/of nachtverblijf;
-
j. (para)medisch dienstverlening, zoals een privékliniek, een kuuroord of een groepspraktijk;
-
k. commerciële dienstverlening; zoals een computerservicebedrijf, een geluidsstudio of verhuur vergader- of workshopruimte;
-
l. hoefsmederij;
-
m. opslag en stalling van niet-milieugevaarlijke, niet-agrarische goederen die geen risico's voor de omgeving opleveren, alsmede opslag voor internetverkoop;
-
n. kinderopvang;
-
o. theeschenkerij tot 50 m², theetuin/terras tevens op aangrenzende gronden mits niet begrensd als natuurgebied;
-
p. wooneenheden (tot een maximum aantal van 3), in bestaande karakteristieke bebouwing, onder voorwaarde van sloop van alle niet karakteristieke bebouwing. (Nieuwe) bijgebouwen zijn toegestaan tot een gezamenlijke oppervlakte van ten hoogste 50 m² per wooneenheid;
-
q. andere niet agrarische activiteiten die naar aard en omvang gelijk te schakelen zijn aan de activiteiten genoemd onder a t/m p en beperkt worden tot de categorieën 1 en 2 en verkeerscategorie 1 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG-lijst) of categorie 3 indien de activiteit qua aard en schaal gelijk is te stellen aan categorie 2 van de Bijlage 8 Staat van Bedrijfsactiviteiten (VNG-lijst).
Bij het verlenen van de omgevingsvergunning dienen de volgende regels in acht te worden genomen:
-
1. de omliggende agrarische bedrijven mogen niet in hun bedrijfsvoering belemmerd worden;
-
2. de hoeveelheid extra verkeer past bij de wegstructuur;
-
3. het parkeren behorende bij het andere gebruik dient binnen het bouwvlak op eigen terrein plaats te vinden;
-
4. er mag geen opslag van goederen, behorende bij het andere gebruik in de open lucht plaatsvinden;
-
5. het andere gebruik dient qua aard en schaal te passen bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties, en;
-
6. het andere gebruik betreft geen detailhandel, met uitzondering van detailhandel in zelfgemaakte, -bewerkte, -gekweekte of -geteelde producten;
-
7. per bouwvlak zijn maximaal 3 bedrijven toegestaan.
Bijlage 7 Te slopen bebouwing Tiendweg-West 30A
Te slopen bedrijfsbebouwing (rood gearceerd) ter plaatse van
Tiendweg-West 30A te Lekkerkerk (bron: Inrichtingsplan, mei 2020)