| Plan: | Buitengebied, Korenmorsweg 2 Denekamp |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | wijzigingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1774.BUIWPKORENMORSW2-VG01 |
het wijzigingsplan Buitengebied, Korenmorsweg 2 Denekamp met identificatienummer NL.IMRO.1774.BUIWPKORENMORSW2-VG01 van de gemeente Dinkelland;
de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.1774.BUIWPKORENMORSW2-VG01 met de bijbehorende regels (en de daarbij behorende bijlagen);
het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010' met identificatienummer NL.IMRO.1774.BUIBPBUITENGEBIED-0402 van de gemeente Dinkelland;
de verbeelding van het wijzigingsplan 'Buitengebied, Korenmorsweg 2 Denekamp' , bestaande uit de kaart met identificatienummer NL.IMRO.1774.BUIWPKORENMORSW2-VG01;
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
een geparkeerd voertuig is een voertuig dat langer stilstaat dan nodig is voor het in- en uitstappen of voor het laden en lossen.
in een garage of andere bewaarplaats zetten.
vervoermiddel dat dient om goederen of personen over land te vervoeren.
Voor het overige blijven de in het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010' opgenomen begrippen onverkort van toepassing op dit plan.
De regels met betrekking tot de wijze van meten behorende bij het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010' blijven onverkort van toepassing op dit plan.
De bestemmingsregels voor Agrarisch - 1, behorende bij het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010' blijven onverkort van toepassing op dit plan, met dien verstande dat van bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010':
s. het in gebruik nemen van gebouwen als dierenverblijf als bedoeld in de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) ter plaatse van de aanduiding "specifieke vorm van agrarisch uitgesloten - dierenverblijf";
t. het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden overeenkomstig artikel 3.1 van het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010, zonder de uitvoering en instandhouding van de inrichtingsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen erfinrichtingsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing;
u. in afwijking van het bepaalde onder t mogen gronden en bouwwerken overeenkomstig de bestemming 'Agrarisch - 1' worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen 12 maanden na ingebruikname van gronden overeenkomstig artikel 3.1 van het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010, uitvoering wordt gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in Bijlage 1 opgenomen erfinrichtingsplan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
De bestemmingsregels voor Waarde - Landschap, behorende bij het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010' blijven onverkort van toepassing op dit plan.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Het is verboden te bouwen dan wel het gebruik van gronden en/of bouwwerken te wijzigen indien er niet wordt voldaan aan de op grond van dit artikel gestelde eisen ten aanzien van parkeren of stallen van voertuigen.
Bij de uitoefening van de bevoegdheid tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen geldt de regel dat de inrichting van de bij het bouwplan behorende en daartoe bestemde gronden zodanig moet plaatsvinden dat er voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van het parkeren of stallen van voertuigen wordt gerealiseerd.
Indien het wijzigen van het gebruik van gronden en/of bouwwerken daartoe aanleiding geeft, moet, voor wat betreft de toename in de parkeer- of stallingsbehoefte van voertuigen, in voldoende mate ruimte zijn aangebracht op die gronden, of op de bij die bouwwerken behorende en daartoe bestemde gronden.
Voor lid 6.1.2 en lid 6.1.3 geldt dat voldoende betekent dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' en dat indien deze beleidsregel gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging.
De in lid 6.1.2 en lid 6.1.3 bedoelde ruimte voor het parkeren van auto's moet afmetingen hebben die zijn afgestemd op gangbare personenauto's. Aan deze eis wordt geacht te zijn voldaan als de afmetingen voor parkeren in de lengterichting van de weg en voor parkeren in de dwarsrichting van de weg voldoen aan de afmetingen die zijn neergelegd in bijlage V van de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' en dat indien deze beleidsregels gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met die wijziging.
Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van:
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de bestemming zonder de aanleg en instandhouding van de gerealiseerde voorzieningen als bedoeld in dit artikel.
De overige algemene regels behorende bij het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2010' blijven onverkort van toepassing.
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het wijzigingsplan 'Buitengebied, Korenmorsweg 2 Denekamp' van de gemeente Dinkelland.