Westerbork, herziening evenementen en ambulante detailhandel
| Status: | vastgesteld |
| Identificatie: | NL.IMRO.1731.HerzWesterbork-VST1 |
| Plantype: | bestemmingsplan |
Inhoud
Artikel 3 Herziening van de regels
Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels
Hoofdstuk 1 Inleidende regels
Artikel 1 Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder:
plan:
het bestemmingsplan 'Westerbork, herziening evenementen en ambulante detailhandel' met identificatienummer NL.IMRO.1731.HerzWesterbork-VST1 van de gemeente Midden-Drenthe;
bestemmingsplan:
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels.
Artikel 2 Toepassingsbereik
De verbeelding van het bestemmingsplan 'Westerbork' van de gemeente Midden-Drenthe, zoals vastgesteld op 28 september 2013, wordt herzien zoals aangegeven op de verbeelding van dit bestemmingsplan. Voor het overige blijft de verbeelding van het bestemmingsplan 'Westerbork' ongewijzigd van toepassing.
De regels van het bestemmingsplan 'Westerbork' van de gemeente Midden-Drenthe, zoals vastgesteld op 28 september 2013, worden herzien zoals aangegeven in hoofdstuk 2 van deze regels. Voor het overige blijven de regels van het bestemmingsplan 'Westerbork' ongewijzigd van toepassing.
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels
Artikel 3 Herziening van de regels
De regels van het bestemmingsplan 'Westerbork' worden als volgt herzien:
3.1 Herziening van de regeling voor evenementen
3.1.1 Wijzigen en toevoegen begrippen
In artikel 1 (Begrippen) wordt het begrip 'evenement' vervangen door het volgende begrip:
kk evenement:
alle tot vermaak en recreatie bedoelde tijdelijke, al dan niet periodiek terugkerende activiteiten op of aan de openbare weg dan wel op het voor publiek toegankelijke buitenterrein van een inrichting, zoals feesten, markten, braderieën, sportwedstrijden, auto- of motorcrosswedstrijden, voorstellingen, optochten en georganiseerd vuurwerk, met uitzondering van:
(week)markten als bedoeld in de Gemeentewet;
snuffelmarkten als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening;
activiteiten binnen inrichtingen in de zin van artikel 1.1 van de Wet milieubeheer, die behoren tot de dagelijkse bedrijfsuitoefening en waartoe die inrichting is bestemd en ingericht, uitgezonderd tijdelijke activiteiten op het voor publiek toegankelijke buitenterrein van die inrichting;
kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen;
speelgelegenheden als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening en;
betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties.
Waarbij de volgende categorieën evenementen worden onderscheiden:
categorie 0: evenementen waarbij geen geluidsbronnen aanwezig zijn dan wel evenementen waarbij geluidsbronnen aanwezig zijn en de geluidsbelasting op woningen ten hoogste 60 dB(A) bedraagt;
categorie 1: evenementen waarbij geluidsbronnen aanwezig zijn en de geluidsbelasting op woningen ten hoogste 75 dB(A) respectievelijk 90 dB(C) bedraagt;
categorie 2: evenementen waarbij geluidsbronnen aanwezig zijn en de geluidsbelasting op woningen ten hoogste 75 dB(A) respectievelijk 90 dB(C) bedraagt, uitgezonderd de in deze planregels bedoelde woningen, waar het geluidsniveau ten hoogste 90 dB(A) respectievelijk 105 dB(C) bedraagt.
Aan artikel 1 (Begrippen) worden de volgen de begrippen toegevoegd:
aaaa. geluidsbelasting op woningen:
het invallend equivalent geluidsniveau, bepaald gedurende één minuut, ter plaatse van woningen, uitgedrukt in A-gewogen niveau (LAeq, 1-minuut) en/of C-gewogen niveau (LCeq, 1-minuut);
bbbb. equivalent geluidsniveau:
het energetisch gemiddelde van de fluctuerende geluiddrukniveaus van het ter plaatse gedurende een bepaalde tijd optredende geluid;
cccc. A-gewogen niveau:
geluidsniveau waarvan het spectrum is beoordeeld met een A-weging: een spectrale weging die is gebaseerd op de gevoeligheid van het menselijk gehoor voor verschillende frequenties en die wordt uitgedrukt in dB(A);
dddd. C-gewogen niveau:
geluidsniveau waarvan het spectrum is beoordeeld met een C-weging: een spectrale weging waarin de lage tonen nadrukkelijker worden meegenomen en die wordt uitgedrukt in dB(C);
eeee. geluidsbronnen (bij evenementen):
versterkte en onversterkte muziek en versterkte spraak die ten gehore wordt gebracht gedurende een evenement; stemgeluid van bezoekers van het evenement wordt niet als geluidsbron beschouwd;
3.1.2 Toevoegen wijze van meten
Aan artikel 2 (Wijze van meten) wordt het volgende lid toevoegd:
i. equivalent geluidsniveau:
het energetisch gemiddelde van de fluctuerende geluiddrukniveaus van het ter plaatse optredende geluid, gemeten in een bepaalde periode en vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai (ministerie van VROM, 1999), met dien verstande dat geen bedrijfsduurcorrectie en geen toeslag voor muziekgeluid wordt toegepast.
3.1.3 Toevoegen gebruiksregels
Aan artikel 30 (Algemene gebruiksregels) wordt het volgende lid toegevoegd:
30.1 Evenementen
30.1.1 Algemeen
Op de gronden die niet zijn aangeduid als 'overige zone - evenementenzone 1' of 'overige zone - evenementenzone 2' zijn, naast hetgeen in de overige regels is bepaald, evenementen toegestaan, met inachtneming van het bepaalde in het volgende lid.
30.1.2 Gebruiksregels
Voor evenementen op de gronden die niet zijn aangeduid als 'overige zone - evenementenzone 1' of 'overige zone - evenementenzone 2' gelden de volgende bepalingen:
In een kalenderjaar zijn de volgende evenementen toegestaan:
maximaal 6 evenementen in categorie 0.
Het aantal bezoekers per evenement bedraagt maximaal 5.000 per dag.
De duur van een evenement bedraagt maximaal 1 dag, exclusief opbouwen en afbreken.
De geluidsbelasting op woningen vanwege evenementen in categorie 0 mag niet meer bedragen dan 60 dB(A).
Evenementen mogen plaatsvinden:
op maandag tot en met zaterdag: van 08.00 uur tot 23.00 uur;
op zondag: van 13.00 uur tot 23.00 uur.
Indien een evenement plaatsvindt binnen 250 meter van de aanduiding 'overige zone - evenementenzone 1' gaat het evenement ten koste van het aantal evenementen in categorie 0 dat op grond van lid 31.1.2 is toegelaten.
Indien een evenement plaatsvindt binnen 500 meter van de aanduiding 'overige zone - evenementenzone 2' gaat het evenement ten koste van het aantal evenementen in categorie 0 dat op grond van lid 31.1.3 is toegelaten.
3.1.4 Toevoegen aanduidingsregels
Aan artikel 31 (Algemene aanduidingsregels) wordt het volgende lid toegevoegd:
31.1 Evenementenzones
31.1.1 Algemeen
Ter plaatse van de aanduidingen 'overige zone - evenementenzone 1' en 'overige zone - evenementenzone 2' zijn, naast hetgeen in de overige regels is bepaald, evenementen toegestaan, met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden.
31.1.2 Gebruiksregels evenementenzone 1
Voor evenementen ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - evenementenzone 1' gelden de volgende bepalingen:
In een kalenderjaar zijn de volgende evenementen toegestaan:
maximaal 25 evenementen in categorie 0;
maximaal 12 evenementen in categorie 1 en 2, waarvoor tevens geldt dat:
ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - evenementenzone 1 west' maximaal 9 evenementen zijn toegestaan;
maximaal 2 evenementen in categorie 2 zijn toegestaan.
Het aantal bezoekers per evenement bedraagt maximaal 5.000 per dag.
De duur van een evenement bedraagt maximaal 1 dag, exclusief opbouwen en afbreken.
In een weekend (zaterdag en zondag) mag maximaal één evenement plaatsvinden.
De geluidsbelasting op woningen vanwege de evenementen mag niet meer bedragen dan:
voor evenementen in categorie 0: 60 dB(A);
voor evenementen in categorie 1: 75 dB(A) respectievelijk 90 dB(C);
voor evenementen in categorie 2: 75 dB(A) respectievelijk 90 dB(C), met dien verstande dat voor de woningen ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - hogere geluidsbelasting evenement categorie 2' een geluidsbelasting van 90 dB(A) respectievelijk 105 dB(C) is toegestaan voor ten hoogste 4 aaneengesloten uren per evenement.
Evenementen mogen plaatsvinden:
op maandag tot en met zaterdag: van 08.00 uur tot 23.00 uur;
op zondag: van 13.00 uur tot 23.00 uur.
31.1.3 Gebruiksregels evenementenzone 2
Voor evenementen ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - evenementenzone 2' gelden de volgende bepalingen:
In een kalenderjaar zijn de volgende evenementen toegestaan:
maximaal 9 evenementen in categorie 0;
maximaal 3 evenementen in categorie 1.
Het aantal bezoekers per evenement bedraagt maximaal 5.000 per dag.
De duur van een evenement bedraagt maximaal 3 dagen, exclusief opbouwen en afbreken. In het geval van een meerdaags evenement telt iedere dag dat het evenement plaatsvindt, exclusief de dagen waarop uitsluitend opbouw- of afbreekwerkzaamheden plaatsvinden, voor de toepassing van het bepaalde onder a als één evenement.
De geluidsbelasting op woningen vanwege de evenementen mag niet meer bedragen dan:
voor evenementen in categorie 0: 60 dB(A);
voor evenementen in categorie 1: 75 dB(A) respectievelijk 90 dB(C).
Evenementen mogen plaatsvinden:
op maandag tot en met zaterdag: van 08.00 uur tot 23.00 uur;
op zondag: van 13.00 uur tot 23.00 uur.
31.1.4 Gebruiksregels evenementenzone 1 en 2 gezamenlijk
In aanvulling op het bepaalde in sub 31.1.2 en 31.1.3 gelden de volgende bepalingen:
In een week (maandag tot en met zondag) mag ter plaatse van de aanduidingen 'overige zone - evenementenzone 1' en 'overige zone - evenementenzone 2' in totaal maximaal één evenement in categorie 1 of 2 plaatsvinden. Een meerdaags evenement ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - evenemententerrein 2' wordt voor de toepassing van deze regeling beschouwd als één evenement.
In afwijking van het bepaalde in sub 31.1.2 onder f en sub 31.1.3 onder e is een eindtijd van 01.00 uur toegestaan onder de volgende voorwaarden:
deze eindtijd geldt in totaal (voor beide evenementenzones gezamenlijk) voor maximaal 3 evenementen per kalenderjaar;
deze eindtijd is uitsluitend toegestaan op een dag die wordt gevolgd door een zaterdag, zondag of nationale feestdag;
deze eindtijd is uitsluitend toegestaan voor een evenement in categorie 1 of categorie 2.
3.1.5 Hernummering overige leden
De leden 31.4 (veiligheidszone - bevi) en 31.5 (veiligheidszone - lpg) worden hernummerd naar 31.2 respectievelijk 31.3.
3.2 Herziening van de regeling voor ambulante detailhandel
3.2.1 Toevoegen begrippen
Aan artikel 1 (Begrippen) worden de volgende begrippen toegevoegd:
ffff. standplaats voor ambulante detailhandel:
een voor ambulante handel aangewezen vaste plaats op een openbare en in de open lucht gelegen locatie, waar per dag(deel) één kraam, wagen of tafel mag worden geplaatst. Onder een standplaats wordt niet verstaan:
een vaste plaats op een (week)markt;
een vaste plaats op een evenement;
een vaste plaats op een snuffelmarkt;
een vaste plaats voor kleinschalige verkoop van zelf geteelde producten;
gggg. (week)markt:
een markt als bedoeld in de Gemeentewet, waar goederen worden verkocht vanuit kramen, wagens of tafels en die eens per week op een vaste locatie in de openbare ruimte wordt gehouden.
3.2.2 Toevoegen bestemmingsomschrijving
Aan artikel 17 (Verkeer), lid 17.1 wordt het volgende sublid toegevoegd:
ambulante detailhandel ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - ambulante detailhandel';
sublid f wordt hernummerd naar h.
3.2.3 Toevoegen gebruiksregels
Aan artikel 17 (Verkeer), wordt het volgende lid toegevoegd:
17.3 Specifieke gebruiksregels
Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van detailhandel - ambulante detailhandel' is ambulante detailhandel toegestaan onder de volgende voorwaarden:
één dag per week is een (week)markt toegestaan, bestaande uit ten hoogste 10 kramen, wagens of tafels;
standplaatsen voor ambulante detailhandel zijn toegestaan onder de volgende voorwaarden:
op de standplaatsen mogen uitsluitend van donderdag tot en met zaterdag kramen, wagens of tafels worden geplaatst;
per dag mogen maximaal twee kramen, wagens of tafels worden geplaatst;
per week mogen in totaal maximaal vijf kramen, wagens of tafels worden geplaatst.
3.2.4 Hernummering overige leden
Lid 17.4 (Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) wordt hernummerd naar 17.5.
3.3 Herziening van de gebruiksregeling in de bestemming Centrum
Artikel 8 (Centrum), lid 8.5, sub a onder 4 wordt als volgt herzien:
het gebruik van een hoofdgebouw dan wel een (dienst)woning inclusief aan- en uitbouw en aangebouwd bijgebouw voor meer woningen dan overeenkomstig de bestaande situatie, tenzij de aanduiding ‘maximum aantal wooneenheden’ is opgenomen, in welk geval het aangeduide aantal woningen het maximum aantal woningen binnen het bouwvlak is.
Artikel 8 (Centrum), lid 8.6, sub a wordt als volgt herzien:
lid 8.5, sub a, onder 4:
en worden toegestaan dat een bestaand hoofdgebouw, geen woning zijnde, wordt gebruikt voor één (dienst)woning, mits aangetoond is dat geen sprake is van onevenredige schade voor de aangrenzende bedrijven, in die zin dat de bedrijven in hun ontwikkelingsmogelijkheden dan wel de bestaande bedrijfsuitoefening worden beperkt;
Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels
Artikel 4 Overgangsrecht
4.1 Overgangsrecht bouwwerken
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot,
gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10%.
Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
4.2 Overgangsrecht gebruik
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, zoals bedoeld onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
Indien het gebruik, zoals bedoeld onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Artikel 5 Slotregel
Deze regels worden aangehaald als:
Regels van het bestemmingsplan 'Westerbork, herziening evenementen en ambulante detailhandel'.