direct naar inhoud van Artikel 17 Algemene aanduidingsregels
Plan: Centrum Heesch
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1721.BPCentrumHeesch-ow04

Artikel 17 Algemene aanduidingsregels

17.1 Wro-zone wijzigingsgebied 1

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om overeenkomstig artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening ter plaatse van het gebied dat op de verbeelding is aangeduid met 'Wro-zone wijzigingsgebied 1' de bestemmingen te wijzigen in de bestemming 'Centrum – 1' en 'Verkeer', met inachtneming van het volgende:

  • a. binnen het wijzigingsgebied mogen maximaal 19 gestapelde woningen en vier grondgebonden woningen worden opgericht;
  • b. de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken mogen worden gewijzigd;
  • c. het wijzigingsplan dient aan te tonen dat ten aanzien van het parkeren voldaan wordt aan het gemeentelijk parkeerbeleid en parkeernormen;
  • d. er dient in voorafgaand onderzoek aangetoond te zijn dat er geen belemmeringen zijn met betrekking tot:
    • 1. hinder van en voor omliggende bedrijven;
    • 2. waterhuishoudkundige aspecten, waarbij het onder meer gaat om de vraag of er voldoende mogelijkheden zijn om water van de locatie af te voeren. Ter zake van dit onderwerp wordt voorafgaand aan het nemen van een beslissing het waterschap geraadpleegd;
    • 3. de bodemsituatie van het perceel;
    • 4. mogelijke plant- en diersoorten die worden beschermd door de Flora- en faunawet of andere\ wetgeving;
    • 5. geluidhinder van verkeersbewegingen conform het bepaalde in de Wet geluidhinder;
    • 6. overschrijding van de normen voor stofconcentraties inzake de luchtkwaliteit, zoals bepaald in de Wet luchtkwaliteit en andere wet- en regelgeving;
  • e. transport, opslag en verwerking van gevaarlijke stoffen in de omgeving van het plangebied;
  • f. archeologische waarden van het perceel;
  • g. de financieel-economische uitvoerbaarheid is gewaarborgd, waarbij onder andere middels een planschaderisicoanalyse en, voor zover noodzakelijk, een plan ter dekking van de planschadekosten dient te worden aangetoond dat de wijziging in financiële zin uitvoerbaar is;
  • h. de regels van artikel 4 'Centrum – 1' en artikel 8 'Verkeer' worden van toepassing verklaard op de gronden waarvan de bestemming wordt gewijzigd, met dien verstande dat de maximale bouwhoogte van het hoofdgebouw 14,5 meter mag bedragen ten behoeve van de vierde bouwlaag als zijnde hoekaccent. Het overige deel van het hoofdgebouw mag een maximale bouwhoogte van 11 meter hebben;
  • i. bij het toepassen van deze wijzigingsbevoegdheid, wordt de procedure genoemd in artikel 18 doorlopen.

17.2 Wro-zone wijzigingsgebied 2

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om overeenkomstig artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening ter plaatse van het gebied dat op de verbeelding is aangeduid met 'Wro-zone wijzigingsgebied 2' de bestemmingen te wijzigen in de bestemming 'Wonen' en 'Verkeer', met inachtneming van het volgende:

  • a. er maximaal 6 grondgebonden woningen mogen worden gerealiseerd;
  • b. de te realiseren woningen dienen te passen in het provinciaal en gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid;
  • c. het wijzigingsplan dient aan te tonen dat kan worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van de ontwikkelingen, die met het wijzigingsplan mogelijk worden gemaakt;
  • d. de op de verbeelding aangegeven bouwvlakken mogen worden gewijzigd;
  • e. er dient in voorafgaand onderzoek aangetoond te zijn dat er geen belemmeringen zijn met betrekking tot:
    • 1. hinder van en voor omliggende bedrijven;
    • 2. waterhuishoudkundige aspecten, waarbij het onder meer gaat om de vraag of er voldoende mogelijkheden zijn om water van de locatie af te voeren. Ter zake van dit onderwerp wordt voorafgaand aan het nemen van een beslissing het waterschap geraadpleegd;
    • 3. de bodemsituatie van het perceel;
    • 4. mogelijke plant- en diersoorten die worden beschermd door de Flora- en faunawet of andere wetgeving;
    • 5. geluidhinder van verkeersbewegingen conform het bepaalde in de Wet geluidhinder;
    • 6. overschrijding van de normen voor stofconcentraties inzake de luchtkwaliteit, zoals bepaald in de Wet luchtkwaliteit en andere wet- en regelgeving;
    • 7. transport, opslag en verwerking van gevaarlijke stoffen in de omgeving van het plangebied;
    • 8. archeologische waarden van het perceel;
    • 9. de financieel-economische uitvoerbaarheid is gewaarborgd, waarbij onder andere middels een planschaderisicoanalyse en, voor zover noodzakelijk, een plan ter dekking van de planschadekosten dient te worden aangetoond dat de wijziging in financiële zin uitvoerbaar is;
  • f. de regels van artikel 8 'Verkeer' en artikel 9 'Wonen' worden van overeenkomstige toepassing te worden verklaard op de gronden waarvan de bestemming wordt gewijzigd;
  • g. bij het toepassen van deze wijzigingsbevoegdheid wordt de procedure genoemd in artikel 18 doorlopen.

17.3 Wro-zone wijzigingsgebied 3

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om overeenkomstig artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening ter plaatse van het gebied dat op de verbeelding is aangeduid met 'Wro-zone wijzigingsgebied 3' de bestemming te wijzigen in de bestemming 'Wonen', met inachtneming van het volgende:

  • a. er uitsluitend maximaal 5 grondgebonden woningen mogen worden gerealiseerd;
  • b. de te realiseren woningen dienen te passen in het provinciaal en gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid;
  • c. het wijzigingsplan dient aan te tonen dat kan worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van de ontwikkelingen, die met het wijzigingsplan mogelijk worden gemaakt;
  • d. het op de verbeelding aangegeven bouwvlak mag worden gewijzigd;
  • e. er dient in voorafgaand onderzoek aangetoond te zijn dat er geen belemmeringen zijn met betrekking tot:
    • 1. hinder van en voor omliggende bedrijven;
    • 2. waterhuishoudkundige aspecten, waarbij het onder meer gaat om de vraag of er voldoende mogelijkheden zijn om water van de locatie af te voeren. Ter zake van dit onderwerp wordt voorafgaand aan het nemen van een beslissing het waterschap geraadpleegd;
    • 3. de bodemsituatie van het perceel;
    • 4. mogelijke plant- en diersoorten die worden beschermd door de Flora- en faunawet of andere wetgeving;
    • 5. geluidhinder van verkeersbewegingen conform het bepaalde in de Wet geluidhinder;
    • 6. overschrijding van de normen voor stofconcentraties inzake de luchtkwaliteit, zoals bepaald in de Wet luchtkwaliteit en andere wet- en regelgeving;
    • 7. transport, opslag en verwerking van gevaarlijke stoffen in de omgeving van het plangebied;
    • 8. archeologische waarden van het perceel;
    • 9. de financieel-economische uitvoerbaarheid is gewaarborgd, waarbij onder andere middels een planschaderisicoanalyse en, voor zover noodzakelijk, een plan ter dekking van de planschadekosten dient te worden aangetoond dat de wijziging in financiële zin uitvoerbaar is;
  • f. de regels van artikel 9 'Wonen' worden van overeenkomstige toepassing te worden verklaard op de gronden waarvan de bestemming wordt gewijzigd;
  • g. bij het toepassen van deze wijzigingsbevoegdheid wordt de procedure genoemd in artikel 18 doorlopen.