direct naar inhoud van 4.8 Cultuurhistorie
Plan: Fietspad Onnase Doodweg en Burgemeester Slompweg
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1708.BGBfietsponnaBP-VA01

4.8 Cultuurhistorie

Vanaf 1 januari 2012 dient met de wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening, ingegaan te worden op de relatie van het ruimtelijk voornemen en de aanwezige cultuurhistorische waarden.

Fysisch geografisch landschap

Het grondgebied van de gemeente Steenwijkerland bestaat voor het grootste gedeelte uit een laagveenlandschap. Daarnaast komt er in het noordoosten een dekzandlandschap voor, langs de rand met het nieuwe land een zeekleilandschap en rond Vollenhove een stuwwal- en keileemlandschap.

Cultuurlandschap

De gemeente Steenwijkerland heeft een zeer afwisselend cultuurlandschap. Deze grote variatie vindt zijn oorsprong in de verschillen in de natuurlijke ondergrond en de manier waarop de mens in de loop der eeuwen op deze verschillen heeft gereageerd en het landschap heeft ontgonnen en gebruikt.

Voor het agrarisch cultuurlandschap van het zandgebied in het noordoostelijk deel van de gemeente is de afwisseling in hoog en laag, open en besloten (bos en houtwallen) kenmerkend. Vooral het kampenlandschap op de rug tussen Steenwijk en Oldemarkt heeft vanouds door de vele door houtwallen omgeven kampen een besloten karakter. Tussen Steenwijk en Onna ontstond op een brede dekzandrug door het eeuwenlang opbrengen van mest een groot open essencomplex; de Steenwijkerkamp. De wegen volgen het reliëf en hebben daardoor een kronkelend verloop. De erven liggen aan de randen van de kampen en essen of meer verspreid in het landschap. Kenmerkend zijn de kleine lage boerderijen met veel verschillende opstallen van schuren, kippenhokken en bakhuizen. Riet en hout zijn veel toegepaste materialen.

Plangebied

De planvorming in dit bestemmingsplan voorziet niet in ruimtelijke ingrepen die de aanwezige waardevolle cultuurhistorische elementen negatief beïnvloeden. Evenmin wordt afbreuk gedaan aan de landschappelijke waarden in het binnen het plangebied gelegen cultuurlandschap. Hiermee wordt aangesloten bij de uitgangspunten uit De Nota Belvedère, gericht op het behoud van cultuurhistorische elementen.

Conclusie 

Vanuit het aspect cultuurhistorie bezien is het bestemmingsplan uitvoerbaar.