| Plan: | TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22R reparatie witte vlekken Borger-Odoorn |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1681.TAMH22r-VG01 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het waarborgen van een TAM-plankader op de locatie TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22R reparatie witte vlekken Borger-Odoorn en is als een nieuw hoofdstuk [22R] opgenomen in het omgevingsplan van de gemeente Borger-Odoorn. Dit hoofdstuk is op grond van artikel 11.1, lid 2 Besluit elektronische publicaties bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk [22R] van het omgevingsplan van de gemeente Borger-Odoorn. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer [22R] gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord ‘Bijlage’, na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage [22R] gelezen worden.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk. Daarnaast geldt dat bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit de aanvrager dient te motiveren waarom hij/zij van oordeel is dat voldaan wordt aan de beoordelingsregels.
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in:
zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in artikel 4 daarvan is afgeweken.
Voor de toepassing van dit hoofdstuk gelden de volgende begripsbepalingen:
het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22R reparatie witte vlekken Borger-Odoorn met identificatienummer NL.IMRO.1681.TAMH22r-VG01 van de gemeente Borger-Odoorn;
het omgevingsplan van de gemeente Borger-Odoorn;
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;
landvormen en aardlagen met een informatiewaarde (over de natuurlijke ontstaanswijze van het gebied), een belevingswaarde (omdat zij identiteit en variatie aan het landschap geven) en een ecologische waarde (als aiotische basis van de biodiversiteit);
het uitoefenen van een beroep of het verlenen van diensten op juridisch, medisch, therapeutisch, administratief of kunstzinnig gebied, als ondergeschikt onderdeel in een woning of bijbehorend bouwwerk, waarbij de woonfunctie centraal staat. Commerciële dienstverlening als bankfilialen, uitzendbureaus, makelaardij en reisbureaus, alsmede detailhandel en horeca worden niet begrepen onder een aan een woning gebonden beroep of bedrijf;
een bedrijf dat hoofdzakelijk is gericht op het leveren van diensten aan agrarische bedrijven of aan groene en recreatieve functies in het buitengebied, zo nodig met behulp van werktuigen en apparatuur, en agrarisch loonwerk, al dan niet in combinatie met onderhoud en/of reparatie van werktuigen of apparatuur;
een aaneengesloten stuk grond waarop bebouwing met een hoofdgebouw en bijbehorende gebouwen van een agrarisch bedrijf is toegestaan;
een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren, inclusief een productiegebonden paardenhouderij;
een bedrijf waarbinnen uitsluitend of overwegend arbeid wordt verricht ter productie of levering van goederen of diensten ten behoeve van agrarische bedrijven, zoals het uitvoeren van cultuurtechnische werken, mestdistributie, grondverzet of soortgelijke dienstverlening;
het houden van dieren op een kleinschalige, niet-bedrijfsmatige wijze, waarop het Activteitenbesluit niet van toepassing is;
de vorm van grondgebonden agrarisch bedrijf die zich uitsluitend of in hoofdzaak bezighoudt met de grootschalige teelt van veldgewassen op of in de open grond;
het bedrijfsmatig, geheel of overwegend door middel van handwerk vervaardigen, bewerken of herstellen en het installeren van goederen, alsook het verkopen en/of het leveren, als ondergeschikte activiteit, van goederen die verband houden met het ambacht;
een door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige op het gebied van archeologie;
onderzoek (bureauonderzoek, booronderzoek, gravend onderzoek, begeleiding van bodemingrepen) verricht door een daartoe bevoegde instantie of onderneming;
waarden die aan een gebied zijn toegekend op basis van de kans op het voorkomen van archeologische resten, ook wel archeologische verwachting genoemd. De archeologische verwachting zegt iets over de dichtheid waarin archeologische terreinen binnen een landschappelijke eenheid voorkomen of worden verwacht. Hoe hoger de archeologische verwachting, hoe groter de verwachte dichtheid aan archeologische resten. Hoe groter de dichtheid aan archeologische resten, hoe groter de (verwachte) archeologische waarde van een bepaalde landschappelijke eenheid. Met de termen hoge, middelhoge en lage verwachting wordt dit tot uitdrukking gebracht;
waarden die aan een gebied zijn toegekend vanwege de kennis en wetenschap van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit het verleden. Bij toetsing aan de archeologische waarde zal telkens de Archeologische beleidsadvieskaart gemeente Borger-Odoorn toetsingskader zijn;
de som van de oppervlakte van alle gebouwen op een bouwperceel;
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
een kleinschalige aan de woonfunctie ondergeschikte accommodatie voor uitsluitend logies en ontbijt met maximaal 6 kamers en maximaal 10 personen, die deel uitmaakt van het hoofdgebouw en die geen zelfstandige eenheid mag zijn of kan verworden tot een zelfstandige eenheid;
een inrichting voor de bedrijfsmatige uitoefening van industrie, ambacht, handel, vervoer of nijverheid;
één of meerdere gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van de uitoefening van een bedrijf, waaronder niet wordt begrepen een bedrijfswoning met de daarbij behorende bijbehorende bouwwerken;
bedrijfswoning:
een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het gezin van) een persoon, wiens huisvesting daar, gelet op de functie van het gebouw of het terrein, noodzakelijk is;
een strook grond of water waaraan beperkingen kunnen worden opgelegd in verband met de veiligheid van ondergrondse en/of bovengrondse leidingen;
een uitbreiding van een hoofdgebouw, dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceelbevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak;
het vergisten van dierlijke mest en andere organische (afval)stromen waardoor biogas wordt opgewekt, dat daarna wordt verwerkt tot groen gas of groene stroom;
vlakvormig element met bosbeplanting van minimaal 1 ha;
het geheel van bedrijfsmatig handelen en van activiteiten gericht op de instandhouding en ontwikkeling van bestaande respectievelijk nieuwe bossen ten behoeve van (de functies) natuur, landschap, milieu en recreatie;
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk;
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;
een bouwwerk dat naar aard en inrichting is bedoeld voor recreatief nachtverblijf, met een met de grond verbonden constructie en een plaatsgebonden karakter, hiertoe worden gerekend chalets, trekkershutten, stacaravans en dergelijke;
een demontabel bouwwerk, ten behoeve van recreatief verblijf, bestaande uit hout of kunststof en zonder vaste verankering in de grond;
grasland, akkerbouw- of tuingronden (waaronder de houtteelt), met uitzondering van bos;
de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan en door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van dat bouwwerk of gebied heeft gemaakt;
een recreatief gebruik van gronden dat ondergeschikt is aan de functie van de locatie waarbinnen dit recreatieve gebruik is toegestaan; de inrichting van de gronden is beperkt tot voet-, fiets- en ruiterpaden, picknickplaatsen, parkeervoorzieningen, visoevers en naar de aard daarmee gelijk te stellen voorzieningen;
uit de aardkorst gewonnen nuttige stof waaronder fossiele brandstof, zout, zand, grind en klei;
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ter verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit;
inrichtingen ten behoeve van het bedrijfsmatig verlenen van commerciële en niet commerciële diensten;
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
de geluidbelasting vanwege een weg, een industrieterrein en/of een spoorweg;
een agrarisch bedrijf waarbij hoofdzakelijk gebruik wordt gemaakt van open grond;
een gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is;
een bedrijf of instelling waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt, hieronder niet begrepen discotheken en dancings;
horeca die wat betreft exploitatievorm aansluit bij winkelvoorzieningen en daarmee qua openingstijden nagenoeg spoort en waar naast kleinere etenswaren alcoholvrije dranken worden verstrekt, zoals een lunchroom, koffiehuis, ijssalon, broodjeszaak, croissanterie, patisserie en crêperie, cafetaria, snackbar en shoarmazaak;
horeca die wat betreft de exploitatievorm behoort bij en ondergeschikt is aan de hoofdfunctie van een bestemming, zoals een kantine;
horeca waar in hoofdzaak maaltijden worden verstrekt, die (deels) ter plaatse worden geconsumeerd, zoals een restaurant, bistro, poffertjeszaak, pannenkoekenhuis, hotel-restaurant, pension, pizzeria, Chinese restaurants
het telen van hout gericht op uitsluitend de productie als onderdeel van een agrarisch bedrijf;
agrarisch bedrijf met een bedrijfsvoering die geheel of in overwegende mate in gebouwen plaatsvindt en die gericht is op het houden van dieren, zoals rundveemesterij, varkens-, vleeskalver-, pluimvee-, pelsdier-, geiten- of schapenhouderij of een combinatie van deze bedrijfsvormen, alsmede naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijfsvormen, met uitzondering van grondgebonden melkveehouderij en het biologisch houden van dieren conform de Landbouwkwaliteitswet;
bedrijfsactiviteiten met een publieksgericht karakter, gericht op het bieden van gelegenheid voor het organiseren van wedstrijden en/of andere hippische evenementen, alsook ondergeschikte horeca ten dienste van deze activiteiten;
een onderkomen dat naar aard en inrichting is bedoeld voor recreatief nachtverblijf, maar zonder een met de grond verbonden constructie en zonder een plaatsgebonden karakter. Hiertoe worden gerekend tenten, toercaravans en campers; onder 'zonder een plaatsgebonden karakter' wordt verstaan het innemen van een standplaats op hetzelfde terrein voor niet langer dan het zomerseizoen;
een afgeschermd terrein van circa 100 m2, waarop één tot ten hoogste drie kampeermiddelen voor een familie of een bij elkaar horende groep personen kunnen worden geplaatst;
een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van kampeermiddelen behoeve van recreatief nachtverblijf;
een inrichting voor het op commerciële basis verlenen van diensten, zonder een baliefunctie;
een verblijfsrecreatieterrein, geheel of gedeeltelijk ingericht en blijkens die inrichting bestemd, om daarop gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van ten hoogste 25 kampeerplaatsen ten behoeve van recreatief nachtverblijf, hieronder niet begrepen chalets, trekkershutten en stacaravans;
gebouwen die behoren tot het cultureel erfgoed vanwege hun cultuurhistorische waarde, architectonische en/of kunsthistorische waarde, situationele en/of ensemblewaarde, gaafheid en/of herkenbaarheid of zeldzaamheid;
de schuin aflopende goten die zich bevinden in de overgang (kil) tussen twee naar binnen gerichte dakvlakken;
een openbaar toegankelijk (bos)complex, al dan niet met overige gronden, met daarin een woongebouw 'van allure' met maximaal twee à drie wooneenheden en een minimale omvang van de bebossing van minimaal 5 hectares; bovendien vormt het woonhuis een architectonische eenheid met het omringende grond;
plan dat aangeeft op welke wijze de inpassing van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkelingen in het desbetreffende gebied plaatsvindt; tot deze inpassing behoren de situering van de opstallen en de inrichting van het perceel, waaronder de erfbeplanting ten opzichte van het landschap; het gaat om bestaande en gewenste karakteristieken en kwaliteiten van het landschap;
de essentiële elementen en kenmerken van landschappen, fysiek van aard, zoals beschreven in het 'kwaliteitsdocument buitengebied Borger-Odoorn';
een over het plangebied verspreide ontvangstinrichting, hoofdzakelijk gericht op de ontvangst van signalen uit de ruimte en daarnaast te gebruiken voor ander wetenschappelijk onderzoek, bestaande uit diverse antenne- en sensorgroepen, die door middel van glasvezelkabels zijn verbonden met een centrale computer;
het bedrijfsmatig (nacht)verblijf bieden aan een recreant of tijdelijke werknemer, waarbij de betreffende persoon het hoofdverblijf elders heeft;
voorzieningen op het gebied van educatie, waaronder begrepen peuterspeelzaal, kinderopvang en naar de aard daarmee gelijk te stellen voorzieningen, religieuze, museale, sociaal-culturele en sociaal-medische en publieksgerichte voorzieningen;
een voorziening, niet zijnde een opslagtank of verpakking, die bestemd en geschikt is voor het bewaren van drijfmest;
een opslagplaats voor dierlijke mest, niet zijnde mestbassin, mestzak of mestkelder en geheel of grotendeels gelegen boven het aansluitende terrein;
het kleinschalig vergisten van uitsluitend dierlijke meststoffen tot een hoeveelheid van maximaal 25.000 m3 per jaar;
een natuurgebied dat onderdeel uitmaakt van het Europese netwerk van natuurgebieden ‘Natura 2000’;
biotische en abiotische waarden van een gebied;
activiteiten die ruimtelijk in aard en omvang ondergeschikt zijn aan de hoofdfunctie ter plekke;
activiteiten die niet rechtstreeks tot de bedrijfsvoering van de agrarische hoofdactiviteit behoren en die op basis van de standaardopbrengst (SO-)norm daaraan ondergeschikt zijn, hierbij kan worden gedacht aan glastuinbouw, intensieve veehouderij of biovergisting (co-vergisting);
horeca die ondergeschikt en in hoofdzaak ten dienste staat van en gerelateerd is aan de functie en tot doel heeft het verstrekken van kleine etenswaren en dranken;
werkzaamheden die regelmatig noodzakelijk zijn voor een goed beheer van de gronden;
bebouwing die de afgelopen 15 jaar nog feitelijk agrarisch is gebruikt of die in het vorige bestemmingsplan een agrarische bestemming had en waarvan het hoofdgebouw het uiterlijk van een boerderij heeft;
een weg als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994, alsmede pleinen, parken, plantsoenen, openbaar water en ander openbaar gebied dat voor publiek algemeen toegankelijk is, met uitzondering van wegen uitsluitend bedoeld voor de ontsluiting van percelen door langzaam verkeer;
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat dient ter overdekking en dat met een of twee wanden is omgeven; hieronder wordt in elk geval een carport verstaan;
bewoning van een ruimte als hoofdverblijf;
een (voormalige) agrarische bedrijfswoning die (tevens) door derden mag worden bewoond en die niet wordt beschermd tegen de milieugevolgen van het bijbehorende agrarische bedrijf; de bedrijfswoning blijft juridisch-planologisch deel uitmaken van het agrarisch bedrijf (zie Wet Plattelandswoningen);
het al dan niet op commerciële basis verlenen van publieksgerichte diensten in de vorm van technische, administratieve en persoonlijke dienstverlening met een publieksgericht karakter, inclusief (sociaal-) culturele, medische en maatschappelijke dienstverlening met of zonder baliefunctie en de daarbij ondersteunende voorzieningen;
een woonverblijf bestemd voor recreatief gebruik door gebruikers die hun hoofdverblijf elders hebben;
het deel van een rijbaan dat de breedte heeft van een voertuig, plus enige speling aan beide zijden;
een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte, waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan; een seksbioscoop, een seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf, waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar;
de teelt van siergewassen, zoals bloemen en struiken, in de volle grond (open teelt);
een caravan, die als een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf dient te worden aangemerkt;
de gezamenlijke vloeroppervlakte van de stalruimtes waarin dieren worden gehouden op de wijze van een intensieve veehouderij, alsmede de hiermee onlosmakelijk verbonden ruimtes waaronder gang- en looppaden;
het neerslaan van stikstof uit de lucht op een oppervlakte; de depositie wordt uitgedrukt in mol per hectare per jaar (mol/ha/jaar);
een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf van eenvoudige (houten) constructie met slaap- en kookgelegenheid, maar zonder verwarming of sanitaire voorzieningen, dat dienst doet in plaats van een zelf meegenomen tent of caravan;
recreatief verblijf, waarbij wordt overnacht in kampeermiddelen, recreatiewoningen, appartementen en/of recreatieverblijven, waarbij hoofdverblijf elders wordt gehouden;
het houden van een kampeerterrein van kleinschalige omvang waarop mobiele kampeermiddelen kunnen worden geplaatst;
een duurzaam agrarisch bedrijf waarvan het aannemelijk is dat het aan ten minste één arbeidskracht volledige werkgelegenheid biedt of op termijn zal bieden;
voorgevel
de naar de weg, het voetpad of andere openbare ontsluiting toegekeerde gevel van een gebouw, met dien verstande dat slechts één gevel als zodanig kan worden aangemerkt;
bebouwing op een bestaand agrarisch bouwperceel dat door (gedeeltelijke) beëindiging van het agrarisch bedrijf vrijkomt voor invulling met een niet-agrarische functie, dan wel gebouwen die als agrarisch gebouw zijn opgericht met een voormalige overeenkomstige bestemming en ook agrarisch in gebruik zijn geweest, maar inmiddels een niet-agrarische functie hebben;
een door wind aangedreven molen die wordt gebruikt voor de productie van electriciteit;
een complex van ruimten in een gebouw, krachtens zijn indeling geschikt en bestemd voor de huisvesting van één persoon of meerdere personen of een gezin;
de periode van 1 maart tot 1 november.
De meet- en rekenbepalingen uit artikel 22.24 van het omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op het meten van de waarden die in dit hoofdstuk in m, m2 of m3 zijn uitgedrukt, voor zover hiervan niet is afgeweken in lid 5.1 tot en met lid 5.6.
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel;
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;
de afstand van de perceelgrens tot het zijgevelvlak van een gebouw, daaronder niet begrepen bouwonderdelen, voor zover deze minder dan 0,5 m buiten het zijgevelvlak uitsteken en mits bedoeld onderdeel geen grotere lengte verkrijgt dan een derde van de lengte van de zijgevel van het hoofdgebouw, gemeten daar waar de afstand het kleinst is.
Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van bouwen worden ondergeschikte bouwdelen als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons en toegangsportalen buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van de buitenzijde van de gevel niet meer dan 1,5 m bedraagt.
Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van bouwen worden wolfseinden niet meegerekend.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Agrarisch.
Binnen de als Agrarisch aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
en tevens voor:
met de daarbij behorende:
Binnen de als Agrarisch aangewezen locaties mogen agrarische bedrijfsgebouwen en overkappingen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd, met uitzondering van bestaande schuilstallen.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Agrarisch aangewezen locaties:
Binnen de als Agrarisch aangewezen locaties mogen de gronden en bouwwerken in ieder geval niet worden gebruikt voor:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Gemengd.
Binnen de als Gemengd aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
Binnen de als Gemengd aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Gemengd aangewezen locaties:
Binnen de als Gemengd aangewezen locaties mogen de gronden en bouwwerken in ieder geval niet worden gebruikt voor:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Groen.
Binnen de als Groen aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
tevens voor:
met de bijbehorende:
8.3 Beoordelingsregels voor bouwwerken
8.3.1 Gebouwen en overkappingen
Binnen de als Groen aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd.
8.3.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Groen aangewezen locaties:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Natuur - 2.
Binnen de als Natuur - 2 aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
en tevens voor:
met de daarbij behorende:
Binnen de als Natuur - 2 aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Natuur - 2 aangewezen locaties:
Binnen de als Natuur - 2 aangewezen locaties mogen de gronden en bouwwerken in ieder geval niet worden gebruikt voor:
Het is verboden in het gebied Natuur - 2 zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 9.5.1 is niet van toepassing op activiteiten die:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Recreatie - Verblijfsrecreatie 3.
Binnen de als Recreatie - Verblijfsrecreatie 3 aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
en tevens voor:
met de daarbij behorende:
Voor het bouwen van gebouwwerk en overkappingen gelden de volgende beoordelingsregels binnen de als Recreatie - Verblijfsrecreatie 3 aangewezen locaties:
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Recreatie - Verblijfsrecreatie 3 aangewezen locaties:
Binnen de als Recreatie - Verblijfsrecreatie 3 aangewezen locaties mogen de gronden en bouwwerken in ieder geval niet worden gebruikt voor:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Verkeer.
Binnen de als Verkeer aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
en tevens voor:
Het aantal rijstroken bedraagt ten hoogste twee.
Binnen de als Verkeer aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd, met uitzondering van bestaande gebouwen.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Verkeer aangewezen locaties:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Water.
Binnen de als Water aangewezen locaties zijn uitsluitend de volgende functies en activiteiten toegestaan:
en tevens voor:
Binnen de als Water aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd, met uitzondering van bestaande gebouwen.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Water aangewezen locaties:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Leiding - Gas. In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de regels van dit artikel vóór de bepalingen die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende locaties van toepassing zijn.
Binnen de als Leiding - Gas aangewezen locaties zijn mede bestemd voor de instandhouding van ondergrondse hoge drukgastransportleidingen met de daarbij behorende belemmeringenstrook.
Binnen de als Leiding - Gas aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden als regels bedoeld in artikel 22.29, eerste lid, aanhef en onder a, de volgende beoordelingsregels binnen de als Leiding - Gas aangewezen locaties:
Het is verboden op de locaties die zijn aangewezen als Leiding - Gas zonder omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:
Het verbod als bedoeld in lid 13.4.1 is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die:
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 13.4.1 wordt slechts verleend indien de betreffende werken of werkzaamheden het veilig en doelmatig functioneren van de leiding niet schaden.
Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 13.4.1 wordt schriftelijk advies bij de leidingbeheerder ingewonnen over de vraag of door de voorgenomen werken of werkzaamheden de belangen in verband met de leiding niet worden geschaad en welke maatregelen moeten worden genomen ter voorkoming van eventuele schade.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als Leiding - Hoogspanningsverbinding. In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de regels van dit artikel vóór de bepalingen die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende locaties van toepassing zijn.
Binnen de als Leiding - Hoogspanningsverbinding aangewezen locaties zijn mede bestemd voor:
met de daarbij behorende:
Binnen de als Leiding - Hoogspanningsverbinding aangewezen locaties mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd.
Ten behoeve van de andere, voor deze locaties aangewezen functie(s) mag uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken.
Binnen de als Leiding - Hoogspanningsverbinding aangewezen locaties mogen alleen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van deze aangewezen locaties worden gebouwd.
Het is verboden op de locaties die zijn aangewezen als Leiding - Hoogspanningsverbinding zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 14.4.1 is niet van toepassing op activiteiten die:
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 14.4.1 wordt slechts verleend indien de betreffende werken of werkzaamheden het veilig en doelmatig functioneren van de hoogspanningsverbinding niet schaden.
Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 14.4.1 wordt advies bij de leidingbeheerder ingewonnen omtrent de vraag of door de voorgenomen werken of werkzaamheden de belangen in verband met de hoogspanningsverbinding niet worden geschaad en welke maatregelen moeten worden genomen ter voorkoming van eventuele schade.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties aangewezen als Waarde - Archeologie 1. In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de regels van dit artikel vóór de bepalingen die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende locaties van toepassing zijn.
De als Waarde - Archeologie 1 aangewezen locaties zijn mede bestemd voor behoud van archeologische waarden, voor zover het locaties betreft met een archeologische waarde, een hoge archeologische waarde of een zeer hoge archeologische waarde.
Binnen de als Waarde - Archeologie 1 aangewezen locaties mogen geen bouwwerken groter dan 100 m2 worden gebouwd.
Ten behoeve van de andere, voor deze locaties aangewezen functie(s) mag uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering en/of het een bouwwerk uitsluitend voor archeologisch onderzoek met een bouwhoogte van ten hoogste 3 m betreft.
Het is verboden op de locaties aangewezen als Waarde - Archeologie 1 zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 15.4.1 is niet van toepassing op activiteiten die:
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 15.4.1 wordt slechts verleend indien:
In het geval dat het een terrein van provinciaal belang archeologie betreft, vragen burgemeester en wethouders de provincie om advies, alvorens een omgevingsvergunning wordt verleend.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties aangewezen als Waarde - Archeologie 4. In geval van strijdigheid van bepalingen gaan de regels van dit artikel vóór de bepalingen die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende locaties van toepassing zijn.
De als Waarde - Archeologie 4 aangewezen locaties zijn mede bestemd voor behoud van archeologische waarden, voor zover het locaties betreft met een hoge archeologische of middelhoge verwachtingswaarde (stuifzandgebieden en beekdalen).
Binnen de als Waarde - Archeologie 4 aangewezen locaties mogen geen bouwwerken groter dan 1.000 m2 worden gebouwd.
Ten behoeve van de andere, voor deze locaties aangewezen functie(s) mag uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering en/of het een bouwwerk uitsluitend voor archeologisch onderzoek met een bouwhoogte van ten hoogste 3 m betreft.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning binnen de als Waarde - Archeologie 4 aangewezen locaties de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 16.4.1 is niet van toepassing op activiteiten die:
Aan de omgevingsvergunning, bedoeld in lid 16.4.3 kunnen de volgende voorschriften worden verbonden:
In het geval dat het een terrein van provinciaal belang archeologie betreft, vragen burgemeester en wethouders de provincie om advies, alvorens een omgevingsvergunning wordt verleend.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties aangewezen als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 1.
De als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 1 aangewezen locaties zijn mede bestemd voor het behoud, het herstel en de versterking van de landschappelijke, en cultuurhistorische waarden van de Hondsrug, alsmede de bescherming van de aardkundige waarden. De waarden van het landschap en de erven zijn beschreven in Bijlage 1 Kwaliteitsdocument Buitengebied Borger-Odoorn.
Het is verboden op de locaties aangewezen als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 1 zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 17.3.1 is niet van toepassing op activiteiten die het normale onderhoud betreffen.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties aangewezen als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 2.
De als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 2 aangewezen locaties zijn mede bestemd voor het behoud, het herstel en de versterking van de landschappelijke, en cultuurhistorische waarden van de randveenontginningslinten van het Hunzedal, alsmede de bescherming van de aardkundige waarden. De waarden van het landschap en de erven zijn beschreven in Bijlage 1 Kwaliteitsdocument Buitengebied Borger-Odoorn.
Het is verboden op de locaties aangewezen als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 1 zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 18.3.1 is niet van toepassing op activiteiten die het normale onderhoud betreffen.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties aangewezen als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 3.
De als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 3 aangewezen locaties zijn mede bestemd voor het behoud, het herstel en de versterking van de landschappelijke en cultuurhistorische waarden van de Veenkoloniën, alsmede de bescherming van de aardkundige waarden. De waarden van het landschap en de erven zijn beschreven in Bijlage 1 Kwaliteitsdocument Buitengebied Borger-Odoorn.
Het is verboden op de locaties aangewezen als Waarde - Landschap en cultuurhistorie 3 zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 19.3.1 is niet van toepassing op activiteiten die het normale onderhoud betreffen.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties aangewezen als Waarde - Nationaal landschap.
De als Waarde - Nationaal landschap aangewezen locaties zijn mede bestemd voor het behoud van de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden van het Nationaal landschap Drentsche Aa. Ruimtelijke ontwikkelingen die op basis van andere voorkomende functies en beoordelingsregels voor het bouwen mogelijk zijn, mogen niet strijdig zijn met de doelstellingen, kwaliteiten en kenmerken in de Landschapsvisie Drentsche Aa of het BIO-plan Drentsche Aa 2.0.
Binnen de als Waarde - Nationaal landschap aangewezen locaties is het gebruik van de gronden ten behoeve van bosbouw, houtteelt of andere meerjarige opgaande teeltvormen verboden.
Het is verboden op de locaties aangewezen als Waarde - Nationaal landschap zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 20.4.1 is niet van toepassing op activiteiten die het normale onderhoud betreffen.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Het is verboden om locaties of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies en toegestane gebruiksactiviteiten.
In aanvulling op lid 22.1 wordt in elk geval als strijdig gebruik aangemerkt:
In aanvulling op lid 22.1 wordt niet als strijdig gebruik aangemerkt:
De locaties met de gebiedsaanduiding Geluidzone - industrie zijn behalve voor de andere daar voorkomende functie(s) mede bedoeld voor een zone waarbinnen beperkingen gelden voor geluidsgevoelige gebouwen.
Binnen de locaties aangeduid met Geluidzone - industrie zijn in aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 de volgende beoordelingsregels voor bouwwerken van toepassing:
De locaties met de gebiedsaanduiding Overige zone - radiotelescoop 2 zijn behalve voor de andere daar voorkomende functie(s), mede bedoeld voor de de LOFAR radiotelescoop.
Binnen de locaties aangeduid met Overige zone - radiotelescoop 2 zijn in aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 de volgende beoordelingsregels voor bouwwerken van toepassing:
Binnen de locaties aangeduid met Overige zone - radiotelescoop 2 zijn bedrijfsvestiging, -uitbreiding, intensivering van verkeer, en andere activiteiten als hierbij elektromagnetische straling ontstaat die een storend effect heeft op de waarnemingen van de LOFAR-radiotelescoop, verboden.
De locaties met de gebiedsaanduiding Overige zone - Rijksinpassingsplan windpark zijn behalve voor de andere daar voorkomende functie(s), mede bedoeld voor het windpark, bestaande uit windturbines met bijbehorende nutsvoorzieningen, kabeltracés, parkinfrastructuur en wegen.
Binnen de locaties aangeduid met Overige zone - Rijksinpassingsplan windpark zijn in aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 de volgende beoordelingsregels voor bouwwerken van toepassing:
Het is verboden op de locaties aangewezen als Overige zone - Rijksinpassingsplan windpark zonder omgevingsvergunning de volgende activiteiten te verrichten:
Het verbod als bedoeld in lid 24.3.3 is niet van toepassing op activiteiten die:
De activiteiten als bedoeld in lid 24.3.3 zijn slechts toelaatbaar, mits:
De locaties met de gebiedsaanduiding Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied zijn behalve voor de andere daar voorkomende functies mede bedoeld voor de bescherming van het grondwater met het oog op de winning van grondwater ten behoeve van de drinkwatervoorziening.
Voor deze gebieden is de Provinciale Omgevingsverordening paragraaf 6.3.3 Grondwaterbeschermingsgebieden van toepassing. De verordening bevat regels ter bescherming van de kwaliteit van het grondwater, met het oog op de waterwinning in bij de verordening aangewezen gebieden.
De locaties met de gebiedsaanduiding Milieuzone - hydrologie zijn behalve voor de andere daar voorkomende functie(s), mede bedoeld voor het herstel, het behoud en de ontwikkeling van de hydrologische waarden van het Natura 2000-gebied Drouwenerzand.
Binnen de locaties aangeduid met Milieuzone - hydrologie is het verboden:
De locaties met de gebiedsaanduiding Vrijwaringszone - laagvliegroute zijn behalve voor de andere daar voorkomende functie(s) mede bedoeld voor een militaire laagvliegroute voor jacht- en transportvliegtuigen.
Binnen de locaties aangeduid met Vrijwaringszone - laagvliegroute zijn in aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 de volgende beoordelingsregels voor bouwwerken van toepassing:
Binnen de locaties aangeduid met Vrijwaringszone - laagvliegroute is het verboden het luchtruim te gebruiken voor het vliegen met een drone of ander onbemand luchtvaartuig, voor zover dit een hoogte van 40 m overstijgt.
In afwijking van lid 25.1 en lid 25.2 wordt de omgevingsvergunning verleend als niet in, op of onder het bouwwerk, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het bouwwerk behoort, in voldoende parkeergelegenheid en/of ruimte voor hte laden en lossen van goederen wordt voorzien, en naar het oordeel van het bevoegd gezag: