direct naar inhoud van 7.3 Watertoets
Plan: Reit Zonnehof
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0855.BSP2009022-e001

7.3 Watertoets

Het waterbeleid van de gemeente Tilburg is vastgelegd in het Waterplan (1997) en verder uitgewerkt en ruimtelijk vertaald in het Waterstructuurplan (2002). In het Waterplan zijn algemene doelstellingen geformuleerd op de lange termijn, gebaseerd op de duurzaamheidgedachte. Het Waterstructuurplan

koppelt het actieprogramma uit het Waterplan aan ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente en geeft hiermee onder andere invulling aan water als ordenend principe. In het waterstructuurplan zijn de volgende hoofddoelstellingen voor het gemeentelijk waterbeleid opgenomen:

  • Streven naar een duurzaam en veerkrachtig watersysteem
  • Optimalisatie van de waterketen; zuinig en efficiënt gebruik van water
  • Vergroten van de belevings-, ecologische, economische en recreatieve waarde van water

De hoofddoelstellingen zijn vertaald in lange termijn doelstellingen voor de verschillende compartimenten van het watersysteem. De paragraaf waterhuishouding en riolering is gebaseerd op het gemeentelijk waterbeleid en het concept is eerst voorgelegd aan de waterbeheerders.

Het plan is voorgelegd aan de waterbeheerder, in casu, waterschap De Dommel, via de e-mail d.d. 2 januari 2006. Aan de hand van de gerealiseerde verkenning is een conceptparagraaf opgesteld en voorgelegd aan de waterbeheerder. De Dommel leverde op- en aanmerkingen / een wateradvies aan, als reactie op het concept. Deze opmerkingen zijn verder verwerkt in de definitieve waterparagraaf.

De Dommel stemt in met deze waterparagraaf, en geeft aan dat de in eerste instantie voorgestelde berging minimaal 159 m³ (op basis van 18 mm over 8.750 m²). Het waterschap vindt de hoogte van de overstorten overigens te laag. Dit alles en in het bijzonder de instemming met deze waterparagraaf is vastgelegd in het wateradvies van De Dommel, verwoord in de brief met kenmerk U-06-05833, d.d. 2 augustus 2006.

De minimale berging is bijgesteld aan de hand van de berekening met regenduurlijnen. De hoogte van de overstorten blijft ongewijzigd: het is realiseerbaar als het ongeveer 1 m of dieper onder het maaiveld wordt gemaakt. Verder beïnvloedt de hoogte van de overstort nauwelijks de werking van de infiltratievoorziening, gezien de netto inhoud van de infiltatievoorziening per definitie onder drempel wordt gemeten.

Voor planning en andere gegevens over de uitvoering van het plan, zie de voorgestelde aanpak, verder in dit document.