| Plan: | School Empelseweg - Zeis |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0796.0002058-1401 |
De stedenbouwkundige kwaliteit van Empel komt tot uiting door de herkenbare ronde stedenbouwkundige opzet, grotendeels omringd door het waardevolle landschap, gevormd door de uiterwaarden van de Maas en de nieuw te ontwikkelen natuur rond de Zuid-Willemsvaart. De landschappelijke kwaliteit wordt onder andere gevormd door een structuur van ringgrachten die door de concentrische uitbreiding ontstaan is. Grofweg iedere bebouwingsschil wordt gescheiden door een watergang met in meer of mindere mate groen ingerichte oevers (zie paragraaf 3.3.4 en 3.3.5). Het bestemmingsplan biedt veel ruimte voor oppervlaktewater waarmee de definitieve afronding van Empel door middel van de waterstructuur wordt versterkt.
Op twee locaties, gekoppeld aan de tweede ringgracht komen uitbreidingen met een bastionachtige opzet. De bolwerken aan weerszijden van de Empelseweg vormen de specifieke groene entree van Empel en liggen iets terug ten opzichte van de ringgracht, waardoor het water ter hoogte van de voetbalvelden van Emplina wat breder is. Langs de zijde van het bastion aan de Empelseweg daarentegen ligt een smalle afwateringssloot. De zijden langs de ontsluitingswegen Zeis en Schrepel vormen een rondlopend talud dat ter plekke van de toegangen onderbroken wordt door insnijdingen middels keermuren. Hiermee vormt de omwalling zoveel mogelijk één geheel rond de school.
De bermen tussen de weg en het bastion moeten ruimte bieden voor een bomenrij, hondenuitlaatstroken en afwateringsconstructies, met een breedte van in totaal ongeveer 3 m. Samen met dat van het bastion aan de overzijde van de Empelseweg is de grootste kwaliteit van dit bastion het groene karakter van een hoge omwalling en de teruggelegen rooilijn. Komend vanuit het landschap rond de Zuid-Willemsvaart heeft Empel zo een groene entree die langzaam overgaat in een stedelijke omgeving.
Waar het gebouw van buitenaf gezien onopvallend is opgenomen in een groene omwalling verwijst het stedenbouwkundig en landschappelijk concept naar oude forten. De groene uitstraling wordt in het plan dan ook bepaald door taluds rondom het perceel. Deze taluds zijn zo hoog mogelijk en verlopen in twee delen met een onderhoudspad op een tussenniveau. Op de omwalling komen aan de zijde van het water een groepje bomen te staan die de hoogte van de groene zijde van het bastion versterken. Ook op het tussenniveau langs het onderhoudspad zijn bomen denkbaar.
Het talud is qua beeld aan de buitenzijde liefst zo steil mogelijk, maar vanuit beheeroverwegingen ook weer niet te steil. Ook wat betreft veiligheid is een tussenniveau in het talud verstandig, omdat vanuit het schoolprogramma recreatief medegebruik niet ondenkbaar is.
Aan de binnenzijde van het fort wordt het talud gekeerd door keermuren en het gebouw. Het is belangrijk de omwalling zo stevig mogelijk neer te zetten maar er moet ter hoogte van keermuren, dak van het gebouw en taluds richting de waterkant aandacht zijn voor onveilige situaties voor klauterende scholieren.
Rond het schoolplein is een spijlenhekwerk mogelijk tot 2 meter. Het is niet ondenkbaar dat (een deel van) het schoolplein op het gebouw wordt gesitueerd.