Paraplubestemmingsplan Vergroten inhoudsmaat burgerwoningen Buitengebied
Identificatie: NL.IMRO.0777.0136PBP750M3BURBUI-3001
Datum vaststelling: 27 mei 2019
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1 Inleiding
1.1 Aanleiding
1.2 Doel van het paraplubestemmingsplan
1.3 Begrenzing plangebied
1.4 Vigerende bestemmingsplannen
1.5 Bij het plan behorende stukken
Hoofdstuk 2 Beleidskader
2.1 Inleiding
2.2 Provinciaal beleid
2.3 Gemeentelijk beleid
Hoofdstuk 3 Juridische aspecten
3.1 Vigerende bestemmings- en wijzigingsplannen
3.2 Verbeelding
3.3 Planregels
3.4 Toelichting op de regels
Hoofdstuk 4 Uitvoerbaarheid
4.1 Economische uitvoerbaarheid
4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Hoofdstuk 1 Inleiding
1.1 Aanleiding
Op 30 september 2013 is het bestemmingsplan "Buitengebied" van de gemeente Etten-Leur vastgesteld. Sindsdien zijn planologische wijzigingen gebaseerd op dit bestemmingsplan “Buitengebied” vastgelegd in (postzegel)bestemmingsplannen, wijzigingsplannen of met omgevingsvergunningen.
De inzichten over de maximale inhoud van burgerwoningen in het buitengebied zijn verouderd. Het bestemmingsplan "Buitengebied" staat op dit moment voor burgerwoningen 600 m3 toe en voor bedrijfswoningen 750 m3. Onder andere op basis van nieuw provinciaal beleid zijn er ruimere mogelijkheden ontstaan voor burgerwoningen in het buitengebied.
1.2 Doel van het paraplubestemmingsplan
Het doel van voorliggend paraplubestemmingsplan is om de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied te vergroten naar 750 m3. Door gebruik te maken van een paraplubestemmingsplan kan de vergroting van de inhoudsmaat op een eenduidige manier voor het gehele buitengebied van de gemeente geregeld worden.
1.3 Begrenzing plangebied
Het gebied waarop dit bestemmingsplan betrekking heeft, is in principe het gehele buitengebied van de gemeente Etten-Leur. Deze is vastgesteld in het vigerende bestemmingsplan "Buitengebied". Afbeelding 1 geeft de plangrens van het huidige bestemmingsplan "Buitengebied" weer.
![i_NL.IMRO.0777.0136PBP750M3BURBUI-3001_402000.png [image]](i_NL.IMRO.0777.0136PBP750M3BURBUI-3001_402000.png)
afbeelding 1: Plangebied bestemmingsplan Buitengebied
1.4 Vigerende bestemmingsplannen
Het paraplubestemmingsplan herziet de volgende vigerende, ruimtelijke plannen van de gemeente Etten-Leur. Tabel 1 geeft de plannen weer waar het onderdeel waarin de maximale inhoud van een burgerwoning is opgenomen wordt vervangen voor/vergroot naar 750 m3. Tabel 2 geeft de plannen weer die beïnvloed worden door de herziening van het bestemmingsplan “Buitengebied”. In deze plannen worden namelijk verwezen naar de regels in het bestemmingsplan “Buitengebied”.
|
Naam:
|
Vastgesteld op:
|
IMRO
|
|
BP Buitengebied
|
30-9-2013
|
NL.IMRO.0777.0027BUITENGEBIED-3002
|
|
BP Naaldstraat 4
|
18-8-2010
|
NL.IMRO.0777.0033NAALDSTRAAT4-3001
|
|
BP Rioolseweg 2
|
29-3-2011
|
NL.IMRO.0777.0038RIOOLSEWEG2-3001
|
|
BP Buitengebied, Lazerijstraat 2
|
5-2-2013
|
NL.IMRO.0777.0058LAZERIJSTRAAT2-3001
|
|
BP Haansberg 47
|
5-2-2013
|
NL.IMRO.0777.0055HAANSBERG47-3001
|
|
BP Buitengebied, Lage Donk 15 en Sander 47
|
22-9-2014
|
NL.IMRO..0777.0065LDON15ENSAN47-3001
|
|
BP Buitengebied, Rijsbergseweg 74
|
11-5-2015
|
NL.IMRO.0777.0078RIJSBWEG74-3001
|
|
BP Wijziging Buitengebied, Midden Donk 10
|
1-12-2015
|
NL.IMRO.0777.0085WPMIDDENDONK10-3002
|
Tabel 1 Overzicht vigerende plannen binnen het plangebied
|
Naam:
|
Vastgesteld op:
|
IMRO
|
|
BP Wijziging Buitengebied, Meeuwisdijk 9
|
23-2-2016
|
NL.IMRO.0777.0087WPMEEUWISDIJK9-3001
|
|
BP Wijziging Buitengebied, Haansberg 29
|
31-8-2017
|
NL.IMRO.0777.0102WPHAANSBERG29-3001
|
|
WP Wijziging Buitengebied, Hoge Vaartkant 118
|
15-6-2017
|
NL.IMRO.0777.0110WPHVAARTKNT118-3001
|
|
WP Wijziging Buitengebied, Grauwe Polder 192
|
14-3-2018
|
NL.IMRO.0777.0114WPGRAUWEPOL192-3001
|
|
WP Wijziging buitengebied, Lage Bremberg 8
|
24-4-2018
|
NL.IMRO.0777.0106WPLBREMBERG8-3001
|
|
WP Wijzigingsplan Buitengebied, Rijsbergseweg 47a
|
20-9-2018
|
NL.IMRO.0777.0126WPRIJSBWEG47A-3001
|
|
BP Buitengebied, Bollenstraat 6
|
30-10-2018
|
NL.IMRO.0777.0117BOLLENSTRAAT6-3001
|
|
WP Wijzigingsplan Buitengebied, Sprundelsebaan 91
|
25-10-2018 (ontwerp)
|
NL.IMRO.0777.0113WPSPRUNDELSB91-2001
|
Tabel 2 Overzicht vigerende plannen binnen het plangebied waarin verwezen wordt naar bepalingen uit het bestemmingsplan "Buitengebied"
1.5 Bij het plan behorende stukken
Het paraplubestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen:
Op de verbeelding van dit bestemmingsplan is het besluitgebied opgenomen waarvoor de nieuwe regeling geldt.
In de planregels zijn de regels opgenomen die betrekking hebben op het vastleggen van de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied.
In de toelichting zijn de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en beleidsachtergronden uitgelegd.
Hoofdstuk 2 Beleidskader
2.1 Inleiding
In dit hoofdstuk is het beleidskader opgenomen dat betrekking heeft op de vergroting van de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen. De beleidsafwegingen hebben vooral betrekking op het provinciale beleid, zoals dat ook is vastgesteld in de Verordening ruimte Noord-Brabant (d.d. 15 juli 2017), het regionale afsprakenkader met betrekking tot kwaliteitsverbetering van het landschap en de bestaande gemeentelijke regelgeving zoals opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied. Vanuit Europees - of landelijk oogpunt is geen beleid van toepassing op de bepaling van maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied.
2.2 Provinciaal beleid
Verordening ruimte Noord-Brabant
De Verordening ruimte Noord-Brabant (hierna: VrNB) richt zich, in tegenstelling tot de provinciale structuurvisie, tot gemeenten doordat de verordening regels bevat die een gemeente moet betrekken bij haar besluitvorming over ruimtelijke ontwikkelingen. De regels in de verordening zijn een doorvertaling van het provinciaal beleid zoals dat is opgenomen in de Structuurvisie ruimtelijke ordening.
In 2011 is de provinciale Verordening ruimte in werking getreden, waarin geen vaste inhoudsmaat voor burgerwoningen in het buitengebied meer was opgenomen. In plaats daarvan is bepaald dat gemeenten aan moeten tonen dat bij ontwikkelingen er sprake is van zuinig ruimtegebruik (art. 3.1 van de VrNB) en dat bij ontwikkelingen die een impact hebben op de ruimtelijke kwaliteit, kwaliteitsverbetering van het landschap plaats dient te vinden (art. 3.2 van de VrNB).
Regionale afsprakenkader Kwaliteitsverbetering van het lanschap in de regio West-Brabant
Op 18 december 2014 zijn in het ruimtelijk regionaal overleg (hierna: RRO) afspraken gemaakt tussen de provincie en de regio West-Brabant over de toepassing van het principe “Kwaliteitsverbetering van het landschap”, zoals opgenomen in artikel 3.2 van de VrNB. Dat afsprakenkader biedt onder andere duidelijkheid over hoe aan het principe kwaliteitsverbetering van het landschap uitvoering gegeven kan worden in overeenstemming met de VrNB. Aan de hand van drie categorieën is opgenomen of bij een bepaalde ontwikkeling een kwaliteitsverbetering nodig is en als dat nodig is, in welke vorm de kwaliteitsverbetering dient te worden toegepast. Deze drie categorieën zijn als volgt:
Categorie 1: Ruimtelijke ontwikkelingen met nauwelijks tot geen landschappelijke invloed en waarbij geen (extra) kwaliteitsverbetering van het landschap wordt geëist.
Categorie 2: Ruimtelijke ontwikkelingen met weinig landschappelijke invloed, dan wel ruimtelijke ontwikkelingen die van nature aan het buitengebied zijn gebonden, of plaatsvinden in hiervoor aangewezen gebieden. De kwaliteitsverbetering vindt plaats in de vorm van landschappelijke inpassingsmaatregelen. Deze categorie is niet limitatief.
Categorie 3: Ruimtelijke ontwikkelingen welke niet tot categorie 1 of 2 behoren. De kwaliteitsverbetering wordt berekend op basis van de bestemmingswinst.
Onder categorie 1 is een limitatieve lijst opgenomen van ontwikkelingen die geplaatst zijn onder deze categorie. Het vergroten van de inhoudsmaat van een (burger)woning tot 750 m3 is specifiek opgenomen in deze categorie 1 van het afsprakenkader. Het inventarisatieformulier belangen provincie is ingevuld en bijgevoegd als bijlage bij de toelichting.
Conclusie
De vergroting van de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied is niet in strijd met het provinciaal beleid.
2.3 Gemeentelijk beleid
Binnen de gemeente Etten-Leur is geen beleid opgesteld met betrekking tot wonen in het buitengebied. In de regelgeving, het bestemmingsplan "Buitengebied", is opgenomen dat een burgerwoning maximaal 600 m3 mag zijn met een afwijkingsbevoegdheid van 10% tot maximaal 660 m3.
Het bestemmingsplan “Buitengebied” blijft ongewijzigd van kracht, met uitzondering van de regels die betrekking hebben op de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen. Aan de planverbeelding worden geen aanpassingen gedaan.
Hoofdstuk 3 Juridische aspecten
Dit bestemmingsplan betreft een zogenaamd “paraplubestemmingsplan”. Dit houdt in dat meerdere vigerende bestemmingsplannen tegelijkertijd worden herzien op specifieke onderdelen. De vigerende bestemmingsplannen blijven voor alle overige onderdelen van kracht en alleen de bepalingen met betrekking tot een specifiek onderwerp worden herzien of toegevoegd. In het geval van voorliggend bestemmingsplan betreft het de vergroting van de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied van 600 m3 naar 750 m3. Voorliggend bestemmingsplan stelt de andere bestemmings- en wijzigingsplannen ten aanzien van dit specifieke onderdeel buiten werking en bepaalt daarmee voor het gehele buitengebied van de gemeente Etten-Leur de standaard maximale inhoudsmaat van burgerwoningen op 750 m3.
Bij het opstellen van de verbeelding en de planregels is uitgegaan van de bepalingen uit Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen (SVBP2012).
3.1 Vigerende bestemmings- en wijzigingsplannen
In bijlage 1 van de toelichting zijn alle vigerende bestemmings- en wijzigingsplannen opgenomen, die gelegen zijn binnen het plangebied van dit plan. Er zijn twee tabellen, waarin is opgenomen op welke artikel de wijziging van toepassing is. Deze tabellen zijn ook opgenomen in de regels van het paraplubestemmingsplan.
3.2 Verbeelding
Op de verbeelding is met behulp van de in de SVBP2012 bepaalde methode het plangebied vastgelegd. De nieuwe regels zijn vervolgens opgenomen in de planregels.
3.3 Planregels
De planregels bestaan uit de volgende drie hoofdstukken:
-
Inleidende regels, dit hoofdstuk bestaat uit twee delen. Het eerste deel betreft het artikel ‘begrippen’ waarin wordt toegelicht wat onder bepaalde begrippen wordt verstaan.
-
Algemene regels, in dit hoofdstuk wordt de regeling opgenomen waarmee de vigerende ruimtelijke plannen worden gewijzigd.
-
Overgangs- en slotregels, binnen de overgangsregels wordt geregeld dat men met het bestemmingsplan strijdige bouwwerken en plannen welke bestaan ten tijde van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan mogen worden uitgevoerd, mits er geen veranderingen plaatsvinden in aard en omvang. In de slotregel wordt de officiële naam van het bestemmingsplan genoemd, welke moet worden gebruikt om te verwijzen naar het plan.
3.4 Toelichting op de regels
Hoofdstuk 1 Inleidende regels
Artikel 1 Begrippen
In artikel 1 worden de begrippen 'plan', '(paraplu)bestemmingsplan' en 'ondergrond' nader omschreven. De begrippen en de wijze van meten, zoals geregeld in de vigerende bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen blijven van kracht.
Hoofdstuk 2 Algemene regels
Artikel 2 Overige regels
Reikwijdte paraplubestemmingsplan
In dit artikel wordt aangegeven welke artikelen uit de onderliggende vigerende bestemmingsplannen, wijzigingsplannen en uitwerkingsplannen worden herzien en waarvoor de regels van voorliggend paraplubestemmingsplan van kracht worden.
Herziening regels
De vergroting van de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied is in dit artikel opgenomen. Hierin staat geregeld dat de maximale inhoudsmaat van een burgerwoning in het buitengebied niet meer mag bedragen dan 750 m3, tenzij er krachtens een verleende omgevingsvergunning een grotere inhoudsmaat is toegestaan. Daarnaast is in dit artikel geregeld dat de algemene 10%-regeling niet meer kan worden toegepast op de maximale inhoudsmaat van een burgerwoningen in het buitengebied.
Hoofdstuk 3 Overgangs- en slotregels
Artikel 3 Overgangsrecht
In lid 1 zijn de overgangsregels ten aanzien van het bouwen opgenomen. Bouwwerken die, op het moment dat het plan in werking is getreden, bestaan of (kunnen) worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen en die afwijken van het bestemmingsplan, mogen gedeeltelijk worden veranderd of vernieuwd, mits de bestaande afwijkingen naar aard en omvang niet worden vergroot.
Is het bouwwerk verloren gegaan naar aanleiding van een calamiteit dan mag het bouwwerk volledig worden vernieuwd of veranderd mits de bouwaanvraag daarvoor binnen 2 jaar na de calamiteit wordt ingediend. Het voorgaande geldt niet voor bouwwerken die zonder omgevingsvergunning (bouwvergunning) zijn gebouwd in strijd met het toen geldende plan en voor illegaal gebruik van bouwwerken.
Lid 2 betreft het overgangsrecht met betrekking tot gebruik van gronden en bouwwerken dat afwijkt van het plan op het moment dat dit plan in werking is getreden. Dit gebruik mag –op enkele uitzonderingen na- worden voortgezet. Wijziging van het afwijkend gebruik is slechts toegestaan indien de afwijking hierdoor niet wordt vergroot.
Artikel 4 Slotregel
Het laatste artikel "Slotregel" geeft de officiële naam van het plan aan, wanneer naar het plan wordt verwezen. De planregels kunnen worden aangehaald onder de naam:
"Planregels van het paraplubestemmingsplan Vergroten inhoudsmaat burgerwoningen Buitengebied".
Hoofdstuk 4 Uitvoerbaarheid
4.1 Economische uitvoerbaarheid
Op grond van het Bro dient de uitvoerbaarheid van bestemmingsplannen te worden aangetoond. Voorliggend bestemmingsplan is een paraplubestemmingsplan, waarmee een specifieke maatvoering wordt vergroot, namelijk de inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied. Binnen dit plan worden geen nieuwe gebruiksmogelijkheden geboden en de ruimere bouwmogelijkheden beperken zich tot bestaande (woon)percelen.
4.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Vooroverleg
Ter voldoening aan het bepaalde in het Bro dient bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, waar nodig, overleg gepleegd te worden met besturen van omliggende gemeenten, met het Waterschap en de Provincie. Het Waterschap en de Provincie zijn ingelicht over het voornemen van de gemeente Etten-Leur om door middel van dit paraplubestemmingsplan de inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied te vergroten van 600 m3 naar 750 m3. De provincie Noord-Brabant heeft aangegeven dat geen vooroverleg nodig is op basis van het ingevulde inventarisatieformulier. Dit is opgenomen in bijlage 1 bij de toelichting. Het waterschap heeft een positieve reactie gegeven als vooroverleg. Er dient bij een ruimtelijke ontwikkeling altijd sprake te zijn van een goede waterhuishouding. Dit wordt gewaarborgd in het vergunningtraject.
Ontwerp
Het voornemen om de maximale inhoudsmaat van burgerwoningen in het buitengebied te vergroten door middel van het in procedure brengen van het "Paraplubestemmingsplan Vergroten inhoudsmaat burgerwoningen Buitengebied" is bekend gemaakt in de Etten-Leurse Bode en de Staatscourant van woensdag 6 maart 2019. Gedurende de periode van 7 maart 2019 tot en met 18 april 2019 ligt het ontwerp-paraplubestemmingsplan ter inzage in het gemeentelijke informatiecentrum en is digitaal raadpleegbaar op de gemeentelijke website en www.ruimtelijkeplannen.nl. In de bekendmaking is tevens vermeld welke andere stukken ter inzage zijn gelegd. De provincie Noord-Brabant en het waterschap Brabantse Delta zijn via de geëigende wegen geïnformeerd over de ter inzage legging van het ontwerp-paraplubestemmingsplan.
Zienswijzen
Er zijn geen zienswijzen ingediend tijdens de ter inzage legging van het ontwerpplan.