direct naar inhoud van 4.1 Bedrijven en milieuzonering
Plan: Bedrijventerrein De Kade
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0772.80131-0301

4.1 Bedrijven en milieuzonering

Om te komen tot een ruimtelijk relevante toetsing van bedrijfsvestigingen op milieuhygiënische aspecten wordt milieuzonering gehanteerd. Hieronder wordt verstaan een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds milieubelastende bedrijven of inrichtingen en anderzijds milieugevoelige gebieden zoals woongebieden. Om milieuzonering hanteerbaar te maken wordt gebruik gemaakt van de Staat van bedrijfsactiviteiten zoals die is opgenomen in de VNG - brochure 'Bedrijven en milieuzonering', editie 2009.

4.1.1 Staat van bedrijfsactiviteiten

De indeling van de bedrijven c.q. bedrijfsactiviteiten is vastgelegd in de Staat van bedrijfsactiviteiten. Deze staat is gebaseerd op voornoemde staat van bedrijfsactiviteiten van de VNG. In deze staat worden bedrijfsactiviteiten ingedeeld in een zestal categorieën met toenemende potentiële milieuemissies. Op grond van deze staat kan een beleidsmatige selectie worden gemaakt van de op het plangebied toe te laten bedrijfsactiviteiten. De bedrijven zijn op basis van de Standaard Bedrijfs Indeling (SBI -codes) in deze staat gerangschikt. Per bedrijfsactiviteit is voor elk ruimtelijk relevante milieucomponent (geur, stof, geluid en gevaar) een richtafstand aangegeven die in beginsel moet worden aangehouden tussen een bedrijf en milieugevoelige objecten (woningen) om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. Bij het bepalen van deze richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

  • het betreft 'gemiddelde' moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen;
  • de richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstype 'rustige woonwijk';
  • de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten.

De grootste afstand van de milieucomponenten vormt de indicatie voor de aan te houden afstand van de bedrijfsactiviteit tot een milieugevoelig object. Elk bedrijf c.q. bedrijfsactiviteit wordt in een bepaalde milieucategorie ingedeeld. De milieucategorie is direct afgeleid van de grootste afstand.

  • categorie 1: grootste afstand 10 meter;
  • categorie 2: grootste afstand 30 meter;
  • categorie 3.1: grootste afstand 50 meter;
  • categorie 3.2: grootste afstand 100 meter;
  • categorie 4.1: grootste afstand 200 meter;
  • categorie 4.2: grootste afstand 300 meter;
  • categorie 5.1: grootste afstand 500 meter;
  • categorie 5.2: grootste afstand 700 meter;
  • categorie 5.3: grootste afstand 1.000 meter;
  • categorie 6: grootste afstand 1.500 meter.

De genoemde afstanden betreffen de gewenste afstand tot een rustige woonwijk. Voor een gemengd gebied kan de richtafstand met één afstandsstap worden verlaagd.

4.1.2 Bedrijventerrein De Kade

Voor onderhavig plan is de staat van bedrijfsactiviteiten van de VNG aangepast door de bedrijventypen die in het algemeen vanwege de aard van de activiteiten niet toelaatbaar worden geacht op een bedrijventerrein, niet in de staat van bedrijfsactiviteiten op te nemen (bijvoorbeeld bioscopen, dierentuinen, sporthallen etc.). Daarnaast worden bedrijfstypen uitgesloten waarvan gesteld mag worden dat zij - gezien hun aard - niet in onderhavig plangebied thuishoren (bijvoorbeeld aardolie- en gaswinning). Vervolgens is een selectie gemaakt van de bedrijven behorende tot de voor het plangebied, al dan niet met ontheffing, toegelaten milieucategorie.

Vanuit de omliggende woongebieden is milieuzonering toegepast. De meeste woongebieden worden aangemerkt als rustige woongebieden. Uitzondering zijn de woongebieden rondom het PDV-cluster en rondom de zuidoostelijke hoek van het bedrijventerrein. Dit zijn gemengde woongebieden. Als uitgangspunt zijn de richtafstanden uit de VNG-brochure genomen. Deze zijn logischerwijs toegepast op de bestaande situatie. Daar waar een hele smalle strook van een perceel in een andere milieucategorie valt, is de zonering op de perceelsgrens gelegd. Zo is voor bedrijven sprake van een hanteerbare milieuzonering op de bedrijfskavels.

Bedrijfswoningen
Op het bedrijventerrein zelf liggen enkele bedrijfswoningen. Het gaat om historische gegroeide situaties. Voor deze situaties kan de richtafstandenlijst niet zonder meer worden toegepast en kan een lager woon- en leefklimaat worden aanvaard. Voor deze gevoelige functies is toch een minimaal beschermingsniveau nodig. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat naburige bedrijven in het milieuvergunningenspoor onevenredig worden belemmerd door de aanwezigheid van gevoelige functies. Daarom worden de locaties van de bestaande legale bedrijfswoningen strak begrensd en specifiek aangeduid. Nieuwe bedrijfswoningen worden niet toegestaan.

Woonboot
Binnen het plangebied ligt een woonboot in het Eindhovens Kanaal. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient enerzijds voor gevoelige functies een acceptabel woon- en leefklimaat te worden gegarandeerd. Anderzijds worden bedrijven door gevoelige functies belemmerd in hun ontwikkelingen. Immers bij de omgevingsvergunning worden woonboten voor de milieuaspecten geur en stof betrokken. Ook in het kader van geluid werkt een positief bestemde woonboot belemmerend voor omliggende bedrijven (zie paragraaf 4.2.3). Vanuit het oogpunt van een duurzaam en toekomstbestendig bedrijventerrein is het dus van belang dat bedrijven niet worden belemmerd door de aanwezigheid van een woonboot en dat het gebruik als ligplaats op termijn wordt beëindigd. Derhalve is voor de huurder een persoonsgebonden overgangsrecht opgenomen.