| Plan: | Bedrijventerrein De Kade |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0772.80131-0301 |
In de 19e eeuw ontstond aan de oostzijde van het centrumgebied een concentratie van bedrijven. Belangrijkste vestigingsvoorwaarden waren het riviertje de Dommel en de nabijheid van een belangrijke Noord-Zuidroute. De vestigingsomstandigheden verbeterden met het Eindhovensch Kanaal (1846), dat geheel op eigen kracht met steun van plaatselijk kapitaalverschaffers tot stand kwam. Het kanaal verbond Eindhoven met de Zuid-Willemsvaart in Helmond en vervolgens met de rest van de vaarwegen in Nederland en Europa. Grondstoffen konden voortaan over het water worden aangevoerd.
In de tweede helft van de 19e eeuw vestigden zich steeds meer bedrijven in de omgeving van de Tongelresestraat en aan de kop van het kanaal, zoals de linnenfabriek van Van Dijk, de KarelI fabriek van Van Abbe, stoomtimmerfabriek De Rietvink, de Picus-houtindustrie, brouwerijen De Valk, Van der Harten en Van Zeeland, Picus-houtindustrie en buiten de Ring Deli-HTL Tabak Maatschappij. Later komen daar buiten het centrum de zuivelcoöperatie Campina en Van Doorne's Autofabriek bij.
Rond 1900 vestigde zich de gasfabriek. Gas was onmisbaar voor de doorontwikkeling van de industriële activiteiten in de stad. Aan Stratumse zijde lagen de bedrijven tot diep in de woonbuurten (Iris- en Rochusbuurt). Aan Tongelrese zijde grensden bedrijven aan het Villapark waar in voorname panden de kantooractiviteiten werden ondergebracht. Bruggen over het kanaal waren schaars. Tot 1960 waren er twee bruggen: Tongelresestraat en Poeijers. In 1931 werd de oude brug ter hoogte van de Tongelresestraat vervangen door een hefbrug zodat grotere schepen de haven konden bereiken.
De (bedrijfs)bebouwing bleef lang beperkt tot het gebied rond het Havenhoofd en de brug van de Tongelresestraat. Ter hoogte van Poeijers waren graslanden en stonden enkele boerderijen langs het water. Rond 1962 kreeg de bereikbaarheid van het gebied een impuls door het gereedkomen van de Ring. De extra oversteek trok nieuwe bedrijvigheid naar de Kanaalzone. Bedrijventerrein De Kade groeide uit tot het op één na grootste bedrijventerrein van de stad. Uit die tijd stamt ook het woonwagenkamp ver naar het oosten in de buurt van de zwaaikom dat beheerd werd door de paters van Tivoli.
Tussen 1929 en 1934 werd het Eindhovensch Kanaal verbreed en gemoderniseerd. Na de Tweede Wereldoorlog herstelde de scheepvaart zich tijdelijk, maar in 1974 werd het kanaal voor scheepvaart gesloten.