| Plan: | TAM-Omgevingsplan Randweg Oud-Vossemeer |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | Omgevingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0716.TAMRandwegOVM-VG01 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan beoogt een nieuwe Randweg toe te staan aan de zuidzijde van de kern Oud-Vossemeer. Juridisch is het plan een nieuw hoofdstuk in het omgevingsplan van de gemeente Tholen.
De in deze wijziging van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als afdelingen van hoofdstuk 22i van het omgevingsplan van de gemeente Tholen. land
In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '[22i.]' gelezen worden.
In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '[22i]' gelezen worden.
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in bijlage I van het omgevingsplan, bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in 2.2 een afwijkende begripsomschrijving is opgenomen.
Voor de toepassing van dit hoofdstuk gelden, in aanvulling op en in afwijking van het bepaalde in 2.1 de volgende begripsbepalingen:
TAM-omgevingsplan
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22i
TAM-Omgevingsplan Randweg Oud-Vossemeer
omgevingsplan
Het omgevingsplan van de gemeente Tholen;
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waarvoor ingevolge dit bestemmingsplan regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
bouwen
plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten van een bouwwerk.
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.
cultuurhistorische waarde
de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde in verband met ouderdom en/of historische gaafheid.
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
natuurwaarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de aanwezige flora en fauna.
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie.
omgevingsplanactiviteit bouwwerken
Omgevingsplanactiviteit bestaande uit:
peil
voor gebouwen die onmiddellijk aan de weg of de kruin van een dijk grenzen: de hoogte van die weg respectievelijk kruin van de dijk; bij ligging in het water: het Normaal Amsterdams Peil (NAP); in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.
vleermuiskast op paal: een vrijstaand bouwwerk, bestaande uit een paal met daarop een of meer vleermuiskasten, bedoeld als verblijfplaats voor vleermuizen.
vuurwerk
vuurwerk als bedoeld in het Vuurwerkbesluit.
Bij de toepassing van deze planregels wordt als volgt gemeten:
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van een bouwwerk.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk 22i.
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als ‘Groen’.
De voor Groen aangewezen gronden hebben de volgende functies:
In het voor 'Groen' aangewezen gebied zijn alleen bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, toegestaan.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, gelden de volgende bouwhoogtes:
| bouwwerk, geen gebouw of overkapping zijnde | bouwhoogte | ||
| nutsvoorziening | 3 m | ||
| geluidswerende voorzieningen | 5 m | ||
| overige bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde | 3 m | ||
| Vleermuiskast op paal | 6 m | ||
Binnen 2 jaar na ingebruikname van de weg ter plaatse van de functie Verkeer als bedoeld in artikel 7, dient de landschappelijke inrichting te zijn gerealiseerd en in stand gehouden te worden overeenkomstig het inrichtingsplan zoals opgenomen in bijlage 2 van de regels.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als ‘Verkeer’.
De voor 'Verkeer' aangewezen gronden hebben de volgende functies:
In het voor 'Verkeer' aangewezen gebied zijn alleen abri's, fietsenstallingen, nutsvoorzieningen en bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, toegestaan.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, gelden de volgende bouwhoogtes en oppervlaktes:
| bouwwerk | bouwhoogte | oppervlakte | |
| abri's | 3 m | 9 m² | |
| fietsenstalling | 3 m | 82 m² | |
| nutsvoorziening | 3 m | 15 m² | |
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locaties die zijn aangewezen als ‘Waarde - Beschermde dijk’.
De voor Waarde - Beschermde dijk aangewezen gronden hebben - behalve voor de op andere aldaar voorkomende functie(s) - mede de functie: behoud en/of herstel van binnendijken met de daaraan eigen landschappelijke, cultuurhistorische waarden en/of natuurwaarden.
In het voor 'Waarde - Beschermde dijk' aangewezen gebied zijn alleen bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde toegestaan.
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:
Het is verboden op of in de gronden met de functie Waarde - Beschermde dijk zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, voor zover geen bouwwerken zijnde, of de volgende werkzaamheden uit te voeren:
Geen omgevingsvergunning zoals bedoeld onder 8.4.1 is benodigd voor werken en werkzaamheden die:
De vergunning, zoals in lid 8.4.1 bedoeld, wordt slechts verleend, indien de waarden van de gronden:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Onder het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het TAM-omgevingsplan wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken:
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning:
De omgevingsvergunning wordt niet verleend, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ingevolge de functie gegeven gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
De wettelijke regelingen, waarnaar in de regels van dit plan wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan.
De realisatie en gebruik van laadpalen en het gebruik van laadkabels in de openbare ruimte is toegestaan, met dien verstande dat:
In de functies zijn de bouw en het gebruik van installaties voor de opwekking en levering van duurzame energie waaronder warmte-koude-opslag als ondergeschikte functie begrepen, onder de voorwaarde dat deze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Met ondergeschikte functie wordt bedoeld dat de duurzame energieopwekking zowel wat betreft het gebruik van de percelen en gebouwen als wat betreft ruimtelijke uitstraling niet de boventoon mag gaan voeren en het karakter van de hoofdfunctie niet mag gaan bepalen. Voor de realisatie van installaties voor de opwekking en levering van duurzame energie, dient bij het bevoegd gezag een melding te worden ingediend.
Voor de realisatie gelden de volgende regels:
Bij omgevingsvergunning zijn in afwijking van de bouwregels in Hoofdstuk 2, bouwwerken toegestaan die innovatieve duurzaamheid en klimaatadaptatie bevorderen, met dien verstande dat: