direct naar inhoud van Artikel 19 Water - Haven
Plan: Oostelijke Kanaaloever
Status: vastgesteld
Plantype: beheersverordening
IMRO-idn: NL.IMRO.0715.BVOKO-VG99

Artikel 19 Water - Haven

19.1 Bestaand gebruik en bestaande bouwwerken
  • a. de in het besluitvlak 'Water - Haven' gelegen gronden en bestaande bouwwerken mogen worden gebruikt overeenkomstig het bestaande gebruik;
  • b. bestaande bouwwerken mogen worden vervangen door bouwwerken van dezelfde afmetingen en op dezelfde locatie.

19.2 Aanvulling ten aanzien van het GEBRUIK
19.2.1 Besluitvlak 'Water - Haven'

In aanvulling op het bepaalde in lid 19.1 is het toegestaan gronden en gebouwen te gebruiken voor:

  • a. verkeer te water;
  • b. water en waterhuishoudkundige voorzieningen;
  • c. bij deze functie behorende voorzieningen, zoals:
    • 1. haven- en afmeervoorzieningen ten behoeve van in het verordeningsgebied gebied gevestigde bedrijven of bedrijfsactiviteiten;
    • 2. waterstaatkundige voorzieningen;
    • 3. groenvoorzieningen;
  • d. ligplaatsen ten dienste van de beroepsvaart met alle daarbij behorende dienstverlening en beheersvoorzieningen, zoals:
    • 1. aanlegsteigers;
    • 2. botenliften;
    • 3. boothellingen;
    • 4. bootkranen;
    • 5. kaden,
    • 6. loopbruggen;
    • 7. reparatie- en servicevoorzieningen;
  • e. wonen is niet toegestaan.

19.2.2 Besluitsubvlak 'ligplaats'
  • a. uitsluitend ter plaatse van het besluitsubvlak 'ligplaats' zijn ligplaatsen voor de pleziervaart toegestaan, waarbij het aantal ligplaatsen voor de pleziervaart niet meer mag bedragen dan 18;
  • b. in afwijking van het bepaalde onder lid 19.2.1 onder d.7 is ter plaatse van het besluitsubvlak 'ligplaats' geen reparatie en serviceonderhoud voor vaartuigen toegestaan;
  • c. wonen is niet toegestaan.

19.3 Aanvulling ten aanzien van het BOUWEN
19.3.1 Toelaatbare bebouwing

In aanvulling op het bepaalde in lid 19.1 is het toegestaan om bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bouwen, met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan:
    • 1. van bouwwerken, geen gebouwen zijden voor verkeers- of vaarwegaanduiding: 26 m;
    • 2. van verlichtingsmasten en andere masten: 15 m;
    • 3. van bootkranen: 10 m;
    • 4. van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde: 6 m.

19.4 Afwijken ten aanzien van het GEBRUIK

n.v.t.

19.5 Afwijken ten aanzien van het BOUWEN

n.v.t.