| Plan: | Beheersverordening Dow, Mosselbanken en Logistiek Park |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | beheersverordening |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0715.BVIDM-VG99 |
In het kader van deze beheersverordening is getoetst welke beleidsstukken op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau relevant zijn. Gelet op de uitgangspunten van deze beheersverordening, is uitsluitend stilgestaan bij beleid dat eventuele consequenties voor de beheersverordening kan of dient te hebben. Omdat de beheersverordening ziet op het beheer van de bestaande situaties is een uitgebreidere toetsing niet noodzakelijk.
Het rijksbeleid staat niet aan de beheersverordening in de weg.
Omgevingsplan Zeeland 2012-2018
De voorliggende beheersverordening legt de bestaande situatie vast.
Conclusie
In de beheersverordening wordt uitsluitend het bestaande gebruik en het planologische toegestane gebruik vastgelegd. De beheersverordening past daarmee binnen het provinciaal omgevingsbeleid.
Verordening Ruimte Zeeland (2012)
Van belang is dat sprake is van een actualisering. Er worden geen nieuwe functies gerealiseerd. Uitgangspunt van de Ruimtelijke Verordening Zeeland is dat bestaande juridisch-planologische rechten worden gerespecteerd. Met de voorliggende beheersverordening is daaraan invulling gegeven. Van belang zijn de artikelen:
Conclusie
In de beheersverordening wordt uitsluitend het bestaande gebruik en het planologische toegestane gebruik vastgelegd. In de beheersverordening is ook het beleidskader van de Verordening Ruimte Zeeland toegepast. Daarmee voldoet de beheersverordening ook aan de Verordening Ruimte Zeeland.
Structuurvisie 2025
In de structuurvisie wordt op hoofdlijnen vastgelegd waar de gemeente Terneuzen op maatschappelijk, economisch en ruimtelijk gebied zou moeten staan in 2025. In een lagenbenadering wordt het gemeentelijk grondgebied geanalyseerd en worden structuurbeelden beschreven. Richting wordt gegeven aan de gewenste ruimtelijke inrichting van het grondgebied en er wordt een basis gelegd voor de uitvoering van de structuurvisie door beleidsuitspraken vast te leggen en strategische projecten te benoemen.
In de Structuurvisie wordt onderscheid gemaakt tussen drie typen strategische projecten. Relevant zijn in dit kader de Gebiedsgerichte projecten: daar waar het gebied zorgt voor een sterke binding en er een heldere richting is voor de toekomst, zijn verschillende (thematische) onderdelen bij elkaar gevoegd en in een gebiedsgericht project gevat. Het verordeningsgebied maakt daarbij deel uit van 'Complex Dow en omgeving'.
Voor het beheersverordeningsgebied zijn de volgende relevante beleidsuitspraken opgenomen.
Complex Dow en omgeving
Na de vestiging van Dow in de jaren zestig is er een industrieel-logistiek complex van formaat ontstaan aan de Westerschelde. Diverse zelfstandige bedrijven die een sterke relatie met Dow hebben, hebben zich op het complex gevestigd. Het terrein Valuepark is speciaal ontwikkeld voor bedrijven met een synergie-effect met Dow. Voor mogelijke economische ontwikkelingen is het zaak het eigen terrein van Dow weer sterker naar de core-business te brengen. Voor andere activiteiten, met name onderhoudsactiviteiten die nu nog op het eigen terrein van Dow gevestigd zijn, wordt gezocht naar een locatie in de nabijheid. Een mogelijkheid biedt de locatie ten oosten van het Dow-complex waar een Maintenance Value Park ontwikkeld kan worden. Daarmee ontstaat een logische ruimtelijke eenheid, waarbinnen de procesindustrie een eigen zelfstandige positie heeft. Verder zijn er nog ontwikkelingsmogelijkheden op de Mosselbanken.
Grootschalige industrieel-logistieke complexen
De grootschalige industrieel-logistieke complexen bestaan uit de vestigingen van Dow en het Valuepark in het noorden, de concentratie rond Yara en de Axelse Vlakte bij Sluiskil en de bedrijvigheid rondom Cargill bij Sas van Gent. Deze complexen hebben een zodanig economische waarde voor de gemeente Terneuzen en Zeeuws-Vlaanderen dat het functioneren van deze bedrijvigheid bescherming verdient. De bedrijfsvoering van deze bedrijven wordt beschermd tegen ruimtelijke ontwikkelingen in de directe omgeving die de bedrijfsvoering kunnen beperken.
Conclusie
Voorliggende beheersverordening legt alleen het bestaande gebruik vast. Er zijn momenteel geen actuele afwijkende initiatieven, waarmee het opstellen van een beheersverordening als passend wordt beschouwd.
Het in de structuurvisie vastgelegde beleidskader vormt een toetsingskader voor eventuele verdere ontwikkelingen (herstructurering). Ontwikkelingen, passend binnen de structuurvisie, zijn altijd door middel van separate juridisch planologische procedures mogelijk (zie paragraaf 2.3). De beheersverordening vormt hiervoor uitdrukkelijk geen kader.