| Plan: | Buitengebied 3e herziening |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0678.buitengebiedHZ003-Vast |
Kapelle
bestemmingsplan
| identificatie | planstatus | |
| identificatiecode: | datum: | status: |
| NL.IMRO.0678.buitengebiedHZ003-Vast Kapelle | 27-06-2016 | concept |
| 13-07-2016 | voorontwerp | |
| projectnummer: | 06-09-2016 | ontwerp |
| 0678.20160295 | 24-01-2017 | vastgesteld |
| opdrachtleider: | ||
| ing. J.A. van Broekhoven | ||
Regeling landschappelijke inpassing huisvesting arbeidsmigranten
In het bestemmingsplan Buitengebied, 2e herziening is een regeling opgenomen die het toestaat dat op agrarische bouwvlakken een mogelijkheid wordt gecreëerd voor het huisvesten van arbeidsmigranten. Dat kan zijn in de gebouwen, maar ook door het plaatsen van caravans of units. Indien dat laatste plaatsvindt dan moeten die caravans of units landschappelijk goed worden ingepast. Indien men van die regeling gebruik wilt maken dan moet men daar een omgevingsvergunning voor aanvragen. Dat hebben een 9-tal bedrijven gedaan.
Bij het toetsen van de ingediende aanvragen werd geconstateerd dat de regeling die daarvoor is opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied, 2e herziening, niet goed uitvoerbaar is. Met name de eis van het aanbrengen van een 10 meter brede beplanting rond de caravans/units, blijkt bij nader inzien een onevenredig grote impact te hebben op de bedrijfsvoering bij fruitbedrijven die hiervoor een aanvraag hebben ingediend dan wel enige vorm van huisvesting reeds hebben gerealiseerd.
Om die reden is aan extern deskundig bureau gevraagd om te bezien hoe de landschappelijk inpassing toch zodanig kan worden vormgegeven dat kan worden voldaan aan de wens van een goede landschappelijk inpassing. In bijgevoegde 'Nota Landschappelijke inpassing huisvesting arbeidsmigranten', wordt daartoe een voorstel gedaan. Deze nota is als bijlage toegevoegd (bijlage 1).
Aanpassingen op hoofdlijnen
Bestaande beplanting en bedrijfsbebouwing voorziet al grotendeels in een afscherming.
Uit de 'Nota Landschappelijke inpassing huisvesting arbeidsmigranten' blijkt dat door de aanwezige bestaande beplanting (boomgaarden) en bedrijfsgebouwen, de caravans/units in het algemeen al minder goed zichtbaar zijn vanuit de omgeving en de openbare weg.
Door eisen te stellen aan de caravans/units en locatie kan al een betere situatie worden bereikt.
Kleur
Door te eisen dat de caravans/units in een donkere kleurstelling worden gebouwd/geschilderd, kan al grotendeels worden voorkomen dat die opvallen.
Binnen bouwblok
De eis is dat de caravans/units worden geplaatst binnen het bouwblok. Daardoor wordt al een redelijke afscherming, bereikt, gelet op de aanwezige bedrijfsgebouwen. In die gevallen dat het bouwblok te weinig ruimte biedt wordt voorgesteld daarvan gemotiveerd af te wijken. Dat geldt ook voor de 20 meter vanuit de openbare weg (eis Waterschap).
Door te kiezen voor een 2 meter brede elzenhaag kan ook een aanvaardbare landschappelijke inpassing worden bereikt.
Voorgesteld wordt om te kiezen voor een streekeigen geschoren elzenhaag van 2 meter breed, bestaande uit een dubbele verschoven plantrij, met een maat van 120-150. Met zo'n elzenhaag kan namelijk een veel dichter beeld worden bereikt dan met een los uitgroeiende beplanting van 10 meter breed. Deze vorm van landschappelijke inpassing is ook toegepast bij de afwijkingsbevoegdheid voor het plaatsen van hagelnetten.
Welstand
De Nota Ruimtelijke Kwaliteit bevat het gemeentelijk welstandsbeleid (januari 2016). Het buitengebied is als 'bijzonder gebied' aangemerkt (hoofdstuk 4). Hiervoor gelden gebiedsgerichte criteria voor kleine en middelgrote bouwplannen, zodat gebouwen niet te veel uit de toon vallen en dus in de omgeving passen. In de criteria is onder meer de kleur van gebouwen van belang (paragraaf 4.6, algemeen, kleur en materiaal). Bijzondere functies kennen een zorgvuldige landschappelijke inpassing.
De landschappelijke inpassing is gewaarborgd door de voorwaarden die in de afwijkingsbevoegdheid zijn opgenomen. De invulling van die landschappelijke inpassing is uitgewerkt in de betreffende Nota Landschappelijke inpassing huisvesting arbeidsmigranten. In de nota worden randvoorwaarden gesteld aan de ligging, massa en vorm en aan de kleur, materiaal en detaillering. Deze worden als welstandscriteria vastgesteld (hoofdstuk 2).
Onderzoeken
De herziening betreft alleen een aanpassing van onderdelen van de genoemde afwijkingsbevoegdheid. Er zijn geen onderzoeken voor nodig, anders dan de onderbouwing voor de verandering van de regeling voor de landschappelijke aspecten. Hiervoor is al ingegaan op welstand.
Handhaving
Er kunnen situaties aan de orde zijn, waar huisvesting voor arbeidsmigranten is gerealiseerd, zonder het aanbrengen van een adequate landschappelijke inpassing. In dit situaties zal het college handhavend optreden.
Aanpassingen in de afwijkingsbevoegdheid
In de bestemmingsregeling is in de agrarische bestemmingen een afwijkingsprocedure voor de mogelijkheid voor huisvesting van arbeidsmigranten opgenomen. Dit betreft de In lid 3.3.9, lid 4.3.5, lid 5.3.5, lid 7.3.5. In deze leden worden de volgende aanpassingen aangebracht.
Wij verzoeken u hiermee rekening te houden bij het verlenen van een vergunning voor activiteiten met een landschappelijke inpassing. Tevens verzoeken wij u hierover in de regels van het plan een bepaling op te nemen, zodat het waterschap u hierin van advies kan voorzien.
Volgens regelgeving uit het Besluit ruimtelijke ordening, wordt het overgangsrecht opnieuw vastgesteld.
De nieuwe afwijkingsbevoegdheid
De nieuwe afwijkingsbevoegdheid komt er als volgt uit te zien.
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het gestelde in lid 3.2.1 voor het gebruik en/of bouwen van voorzieningen of het tijdelijk plaatsen van stacaravans en woonunits voor de huisvesting van de arbeidsmigranten, met inachtneming van de volgende regels:
Het raadsbesluit is opgenomen als bijlage 2 (in concept).
Gebiedsbeschrijving
In het bestemmingsplan Buitengebied zijn voor agrarische bedrijven bouwvlakken op de verbeelding aangegeven. Hiermee wordt agrarische bebouwing geconcentreerd.
Initiatief
Diverse agrarische bedrijven wensen huisvestingsmogelijkheden te bieden voor arbeidsmigranten.
Welstandsbeleid
Het gebied betreft het buitengebied, dat in het welstandsbeleid als 'bijzonder gebied' is aangemerkt.
Welstandscriteria
Ligging
Massa en vorm
Kleur, materiaal en detaillering
In de Wro is de mogelijkheid opgenomen om bij het realiseren van nieuwe ontwikkelingen een eerlijke verdeling van kosten en opbrengsten voor publieke voorzieningen af te dwingen. Dit vindt plaats door het opstellen van een exploitatieplan, waarin deze verdeelsleutel vastligt. Een exploitatieplan is niet noodzakelijk als de overheid en de ontwikkelende partij, de initiatiefnemer, privaatrechtelijk tot overeenstemming komen.
Deze herziening bevat een aanpassing van een bestaande bestemmingsregeling. In deze herziening worden geen ontwikkelingen mogelijk gemaakt die nog niet mogelijk waren in het vigerende bestemmingsplan. Er is ook geen sprake van ontwikkelingen die als een bouwplan moeten worden aangemerkt als bedoeld in de wet- en regelgeving voor grondexploitatie. Het opstellen van een exploitatieplan is dan ook niet noodzakelijk.
De opgenomen ontwikkelingen die reeds in het bestemmingsplan zijn voorzien, betreffen gronden die in particulier eigendom zijn. Met de eigenaren zal de gemeente Kapelle overeenkomsten sluiten inzake planschade voor zover dit nodig is.
Vastgesteld wordt dat de economische uitvoerbaarheid voldoende is verzekerd.
Inspraak- en overlegprocedure
Het voorontwerp van het bestemmingsplan 'Buitengebied 3e herziening' heeft met ingang van donderdag 14 juli 2016 gedurende zes weken voor een ieder ter inzage gelegd. Eenieder is hiermee in de gelegenheid gesteld een inspraakreactie in te dienen. Er zijn geen inspraakreacties ingediend.
Het voorontwerpbestemmingsplan is in het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening aan enkele belanghebbende instanties toegezonden. Hierna wordt op de ontvangen overlegreacties ingegaan.
Provincie Zeeland
Overlegreactie
Van belang is dat er sprake dient te zijn van afscherming. Als dit kan worden bereikt met een minder brede inpassing is dat passend binnen het provinciaal beleid. Van belang hierbij is het gekozen assortiment beplanting en het plantverband. In de 3e herziening worden twee combinaties genoemd namelijk een elzenhaag (2 rijig/verspringend) van 2 meter breed of een ligusterhaag van 1,5 meter. Beide kunnen zorgen voor afscherming, de een wat meer dan de ander (groenblijvend/plantverband). In combinatie met de situering van de "caravans" (vaak tegen een achtergrond van hele grote loodsen en omgeven door een boomgaard inclusief windsingel) en een donkere kleurstelling zouden de voorgestelde criteria mogelijk zorg kunnen dragen voor voldoende afscherming. Daarbij moet het maximale aantal en de omvang van de "caravans" ook meegewogen worden.
Reactie gemeente
In de toelichting is een passage opgenomen waarin is aangegeven dat bij een groter aantal caravans en ook van een grotere omvang, dat dan de keuze kan vallen op een donkere kleurstelling van de caravans. De gemeente neemt dit mee bij de afweging of gebruik wordt gemaakt van de afwijkingsbevoegdheid.
Conclusie
In de toelichting is in een extra tekstpassage specifiek ingegaan op de consequenties van een groter aantal caravans en caravans van grotere omvang en de mogelijke keuze voor een donkere kleurstelling.
Waterschap Scheldestromen
Overlegreactie
Het waterschap attendeert erop dat de landschappelijke inpassing vaak plaatsvindt langs sloten die het waterschap in beheer heeft. Langs oppervlaktewater van het waterschap geldt aan 2 zijden een obstakelvrije onderhoudsstrook van 5-7m, gemeten vanuit de insteek. Wij verzoeken u hiermee rekening te houden bij het verlenen van een vergunning voor activiteiten met een landschappelijke inpassing. Tevens verzoeken wij u hierover in de regels van het plan een bepaling op te nemen, zodat het waterschap u hierin van advies kan voorzien. De brief bevat ook het wateradvies.
Reactie gemeente
In de toelichting is een passage toegevoegd (hoofdstuk 1). Daarin is er melding van gemaakt dat aan 2 zijden een obstakelvrije onderhoudsstrook van 5-7 meter geldt, gemeten vanuit de insteek. In de regeling wordt de bepaling opgenomen dat de beplantingsstrook op voldoende afstand van sloten wordt aangebracht, rekening houdend met het belang van het waterschap. In voorkomend geval kan het waterschap om advies worden gevraagd. Voor zover aan de bepaling wordt voldaan, is advisering niet nodig. Zo'n bepaling is dan ook achterwege gelaten.
Conclusie
De toelichting en de regeling zijn aangevuld zodat aan het verzoek van het waterschap is tegemoet gekomen.