direct naar inhoud van Bijlagen bij de toelichting
Plan: Oesterbaai
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0678.Oesterbaai-VAST

Bijlagen bij de toelichting

 

Bijlage 1 Toetsing aan beleidskader

overheid   beoordelingsaspect   afweging  
Rijk   Bij kleine ontwikkelingen is het rijksbeleid niet relevant.   Er is sprake van een actualiseringsopgave met beperkte ontwikkeling (realisering van erfbebouwing). Er zijn voor de voorgenomen bebouwingsmogelijkheden van de bijgebouwen en de actualisering van het plan geen belemmeringen op basis van het rijksbeleid (SVIR).

Conclusie
Voldaan wordt aan het rijksbeleid. 
 
Provincie Zeeland   Omgevingsplan
verblijfsrecreatie




 

In het Omgevingsplan is voor nieuwe recreatiewoningen voorgeschreven dat sprake dient te zijn van bedrijfsmatige exploitatie. Het voorliggende bestemmingsplan is actualiserend en staat geen nieuwe recreatiewoningen toe. In het geldende bestemmingsplan was bedrijfsmatige exploitatie niet voorgeschreven. Hierdoor wordt het dan ook niet opgenomen in dit bestemmingsplan.

Permanente bewoning van recreatiewoningen wordt wel uitgesloten.

Conclusie
Voldaan wordt aan het Omgevingsplan. 
 
  Verordening
De verordening bevat geen specifieke regels voor dit bestemmingsplan aangezien er geen nieuwvestiging of uitbreiding aan de orde zijn.  
Conclusie
Voldaan wordt aan de Verordening. 
 
Gemeente Kapelle   Structuurvisie Kapelle
(vastgesteld op 25 juni 2013)  
In de Structuurvisie is als uitgangspunt beschreven dat er ruimte wordt geboden voor kwaliteitsverbetering van het recreatiepark.
Het bestemmingsplan staat kwaliteitsverbetering niet in de weg.

Conclusie
Er wordt voldaan aan de Structuurvisie.
 

Bijlage 2 Toetsing aan sectorale aspecten

aspect/kader   beoordelingsaspect   afweging  
Bodemkwaliteit      
Besluit Bodemkwaliteit   Bodemkwaliteit dient voldoende te zijn voor de beoogde functie. Functie mag geen bedreiging vormen voor de bodemkwaliteit.   Gelet op het doel van voorliggend bestemmingsplan, primair actualisering, is geen bodemonderzoek verricht.
Van belang daarbij is dat het bestemmingsplan geen functiewijziging mogelijk maakt en dat in geval van een aanvraag voor een omgevingsvergunning aangetoond dient te worden bekeken of de bodemkwaliteit voldoende is voor de beoogde nieuwe functie.

Conclusie
Het aspect bodem vormt geen belemmering voor het bestemmingsplan.  
Archeologie      
Archeologiebeleid gemeente Kapelle   Is er sprake van een verwachtingswaarde op de gronden?   Analyse
Het plangebied is op basis van de maatregelenkaart in lagen, kaartlaag 1 (Walcheren) gelegen binnen een gebied met de aanduiding maatregelencategorie 5 (gematigde verwachting).

Binnen deze maatregelencategorie zijn bouwwerken en werkzaamheden tot 500 m² en maximaal 40 cm diepte vrijgesteld van archeologisch onderzoek.

Toetsing en onderzoek
Er zijn geen werkzaamheden beoogd ingrijpender dan hiervoor vermeld.

Conclusie
Op basis van de maatregelencategorie 5 is een dubbelbestemming Waarde- Archeologie - 4 toegekend aan het gebied.
 
Cultuurhistorie      
  Zijn er cultuurhistorische waarden?   In het plangebied zijn geen specifieke cultuurhistorische waarden aanwezig. Het betreft een recreatiepark.

Conclusie
Er is ten aanzien van het aspect cultuurhistorie geen specifieke regeling nodig in het voorliggende bestemmingsplan.  
Kabels en leidingen   Zijn er planologisch relevante leidingen en hoogspanningslijnen in de directe omgeving aanwezig?   In het gebied bevinden zich geen planologisch relevante leidingen.

Conclusie
Het aspect kabels en leidingen vormt geen belemmering voor de vaststelling van het bestemmingsplan.
 
Ecologie      
Natuurbescherm-
ingswet 1998  
Is er sprake van significant negatieve
effecten?  
De locatie vormt geen onderdeel van een beschermd natuurgebied, zoals bedoeld in de Natuurbeschermingswet 1998.
Ook ontbreken provinciale ecologische verbindingszones en andere onderdelen van de provinciale ecologische hoofdstructuur op de locatie.
De bestaande situatie heeft geen consequenties voor de waarden van natuurgebieden in de omgeving, waaronder de Oosterschelde.

Conclusie
De aanvraag van een vergunning in het kader van de Natuurbeschermingswet is niet aan de orde.
 
Flora- en faunawet
 
Is er sprake van aantasting,veront-
rusten of verstoren van beschermde dier- en plantensoorten,
hun nesten, holen en andere voort-
plantings- of vaste rust- en
verblijfsplaatsen?  
Gezien het consoliderende karakter van het voorliggende bestemmingsplan is er geen sprake van aantasting of verontrusting van beschermde dier- en plantensoorten.



 
Water      
Watertoets   Wateroverlast:
Voldoende ruimte voor vasthouden/bergen/afvoeren van water. Per m2 verharding 75 mm berging.  
De watergangen bevatten voldoende waterberging.  
  Riolering:
Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken i.v.m. reductie hydraulische belasting RWZI en transportsysteem met beperken overstorten. Rekening houden met (eventuele benodigde filter)ruimte daarvoor.  
Het huidige systeem wordt niet aangepast.  
  Volksgezondheid:
- Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico's via o.a. de daarvoor benodigde ruimte.
- Geen gebruik uitlogende materialen.  
Er is geen oppervlaktewater aanwezig.




Er wordt geen gebruik gemaakt van uitlogende materialen.  
  Bodemdaling:
Voorkómen van maatregelen die (extra) maaiveldsdalingen met name in zettingsgevoelige gebieden kunnen veroorzaken.  
Het huidige systeem wordt niet aangepast.  
  Oppervlakte-
waterkwaliteit:
Behoud/Realisatie van goede oppervlaktewaterkwaliteit voor mens en natuur. Vergroten van de veerkracht van het watersysteem.  
Het huidige systeem wordt niet aangepast. Er zijn geen veranderingen voorzien.  
  Onderhoud waterlopen:
Onderhoudsmogelijk heden waterlopen niet belemmeren.  
Er zijn geen waterlopen aanwezig in het plangebied. De plangrens van het bestemmingsplan ligt op de insteek van aangrenzende sloten. Langs deze sloten moet er er rekening wordten gehouden met obstakelvrije stroken.  
Wateradvies     Het wateradvies zal bij het ontwerpbestemmingsplan worden vastgesteld.

Conclusie
Water vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.   
Relatie met omliggende (bedrijfs)functies      
Bedrijfs-
milieuzonering
VNG-brochure
'Bedrijven en
Milieuzonering 2009'  
Is er sprake van/voor hinder van (bedrijfs) functies in de omgeving van de ontwikkeling?



 
Het recreatiepark levert geen hinder op voor omliggende woningen. De omliggende woningen leveren geen hinder op voor het recreatiepark.

Conclusie
Er is geen sprake van hinder voor de omgeving. Milieu vormt geen belemmering voor vaststelling van dit plan.  
Externe veiligheid      
Bevi-inrichtingen
Vervoer van
gevaarlijke
stoffen over de
weg, spoor,
buisleiding en
en water.  
Zijn er Bevi-inrichtingen in
de directe omgeving, wordt voldaan aan normen plaatsgebonden risico en groepsrisico en liggen er relevante leidingstroken in
het plangebied?  
Er zijn in de directe omgeving geen risicovolle inrichtingen. Over de Oosterschelde vindt vervoer van gevaarlijke stoffen plaats. Middels dit plan wordt er geen uitbreiding van het recreatiepark mogelijk gemaakt. Er is dan ook geen sprake van een toename van het groepsrisico.


Conclusie
Externe veiligheid is geen belemmering.   
Wegverkeers-
lawaai  
   
Wet geluidhinder   Bedraagt de geluidsbelasting op de gevels minder dan 48 dB?
Wordt bij een eventuele overschrijding de uiterste grenswaarde van 63 dB overschreden,  
Aan het recreatiepark worden geen nieuwe woningen toegevoegd. Hierdoor kan akoestisch onderzoek achterwege blijven. Er wordt vanuit gegaan dat in de huidige situatie voldaan wordt aan de wet geluidhinder.

Conclusie
De Wgh staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.  
Luchtkwaliteit      
Wet Luchtkwaliteit
 
Wordt voldaan aan de genoemde grenswaarden
in de Wet luchtkwaliteit?  
Voorliggend bestemmingsplan voorziet niet in nieuwe ontwikkelingen. Berekeningen zijn daarom achterwege gelaten.

Geconcludeerd is dat in niet betekende mate (NIBM) wordt bijgedragen aan de verslechtering van de luchtkwaliteit.

Conclusie
Voldaan wordt aan de Wet luchtkwaliteit.