| Plan: | Goes: bestemmingsplan Zorgappartementen Populierenstraat - Goes |
|---|---|
| Status: | onherroepelijk |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0664.BPGZ23-OH99 |
Beleidskader
In aansluiting op het Verdrag van Valletta (Malta, 1992) en het provinciaal archeologiebeleid moet rekening worden gehouden met archeologische waarden in planvormingsprocessen. Concreet betekent dit dat de bescherming van het archeologisch erfgoed vastgelegd dient te worden en dat bij ruimtelijke afwegingen rekening gehouden moet worden met eventueel aanwezige archeologische waarden.
Voor Zeeland bestaat het toetsingskader voor archeologie uit:
De AMK en de IKAW zijn door Gedeputeerde Staten van Zeeland vastgesteld op 29 mei 2001. Op de AMK staat informatie van bekende archeologische waarde. Alle terreinen die op de AMK zijn aangeduid dienen op 1 januari 2009 een planologische bescherming te hebben.
De IKAW geeft een overzicht van te verwachten archeologische waarden ("trefkansen") en is complementair aan de AMK. Vooral de gebieden met hoge en middelhoge archeologische verwachtingswaarden zijn belangrijk. In een inventariserend archeologisch onderzoek1 zijn de archeologische waarden van het plangebied in beeld gebracht.
Toetsing AMK en IKAW
Volgens de IKAW ligt het plangebied in een zone met een hoge kans op het aantreffen van archeologische resten. In het plangebied en de directe omgeving zijn geen archeologische monumenten aanwezig. Ook zijn geen archeologische vindplaatsen bekend.
Archeologisch inventariserend veldonderzoek
Op basis van het opgestelde Archeologisch Verwachtingsmodel kon worden ingeschat dat ter plaatse van het grootste, oostelijke deel van het onderzoeksgebied diepreikende (geul-)afzettingen van Duinkerke II konden worden aangetroffen. hierop konden archeologische resten uit de Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd worden gevonden. Oudere archeologische resten zijn hier geërodeerd.
Ter plaatse van het westelijke deel van het onderzoeksgebied konden Afzettingen van Duinkerke II worden aangetroffen. Archeologische resten uit de Bronstijd, IJzertijd en de Romeinse Tijd konden worden aangetroffen in de top van intact Hollandveen. Archeologische resten uit het onderzoeksgebied bebouwd. Deze bebouwing is in de huidige tijd deels afgebroken. Archeologische resten uit het Neolithicum konden worden aangetroffen in de top van de Afzettingen van Calais.
Het onderzoeksgebied was in de achttiende eeuw mogelijk bebouwd. Deze bebouwing was in de negentiende eeuw reeds verdwenen. Vanaf de achttiende eeuw lag er een weg ter plaatse van het westelijke deel van het onderzoeksgebied. In de twintigste eeuw raakte het onderzoeksgebied bebouwd. Deze bebouwing is in de huidige tijd deels afgebroken.
Het Archeologisch Verwachtingsmodel is getoetst door het uitvoeren van 5 boringen tot op een diepte tussen 0.6 en 2.5 meter beneden het maaiveld. Op basis van de onderzoeksresultaten van het booronderzoek kan worden geconcludeerd dat ter plaatse van het gehele onderzoeksgebied sprake is van de aanwezigheid van diepreikende (geul-)afzettingen van Duinkerke II. De kans op de aanwezigheid van archeolgische waarden uit het Neolithicum tot de Middeleeuwen is dan ook nihil. In alle boringen werden tot op een maixmale diepte van 1.75 meter beneden maaiveld archeologische indicatoren aangetroffen uit de late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd.
Aanbevelingen
Ter plaatse van het onderzoeksgebied zal bebouwing worden gerealiseerd. Hierbij zal de bodem worden verstoord door graafwerkzaamheden. Er zijn aanwijzigingen dat archeologische waarden aanwezig zijn uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd. Daarom wordt aanbevolen om ter plaatse van het onderzoeksgebied door middel van Inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven meer duidelijkheid te verkrijgen over daadwerkelijke aan- of afwezigheid van archeologische resten. Tevens dienen ondergrondse sloopwerkzaamheden onder acheologische begeleiding te worden uitgevoerd. Voorafgaand aan dit onderzoek dient een programma van eisen te worden opgesteld, dat wordt goedgekeurd door de bevoegde overheid inzake archeologie.
Archeologisch inventariserend proefsleuvenonderzoek
Naar aanleiding van het Archeologisch inventariserend veldonderzoek is Archeologisch inventariserend proefsleuvenonderzoek uitgevoerd. De resultaten van het proefsleuvenonderzoek zijn opgenomen als aanvulling op het rapport van het inventariserend veldonderzoek. Ter plaatse van het onderzoeksgebied is een vijftal proefsleuven aangelegd. In twee van de vijf proefsleuven zijn archeologische sporen aangetroffen.
In het meest zuidelijke deel van proefsleuf 1 werd muurwerk aangetroffen. Ter plaatse is de proefsleuf over een lengte van 3.50 meter tot 2.50 meter in oostelijke richting uitgebreid, dit om het aangetroffen spoor volledig te kunnen documenteren. In het vrijgelegde vlak is een keldertje van circa 3.0 x 2.5 meter blootgelegd. De uit gele IJsselsteen van het formaat 18 x 7 x 4 centimeter opgetrokken kelder is nog 13-steens hoog bewaard gebleven. Er werd geen vloer aangetroffen. De restanten van de kelder bevinden zich globaal op een diepte van 1.00-1.10 meter beneden het maaiveld.
In het meest noordelijke deel van proefsleuf 3, tussen 13 en 15 meter, werd eveneens muurwerk aangetroffen. De proefsleuf is hier 0.40 meter naar het noorden en circa 1.10 meter naar het oosten uitgebreid. De bovenkant van het spoor lag op 0.30 - 0.35 meter beneden het maaiveld, direct onder de bouwvoor. Het spoor betreft een restant van een keldertje met vloer, opgetrokken uit gele IJsselsteen van het formaat 18 x 8 x 4 centimeter. Eeen deel van de noordmuur en de gehele oostmuur zijn bewaard, evenals een deel van de vloer. Het spoor is aan de zuid- en westzijde door bouwactiviteiten in het recente verleden beschadigd. De oostmuur is nog 7-steens, de noordmuur nog 6-steens hoog. De vloer is 3-steens dik.
Het in proefsleuf 3 aangetroffen kelderrestant hoeft niet behouden te blijven.
De ligging van de aangetroffen sporen is in figuur 4.1. weergegeven.
Figuur 4.1. Proefsleuven met archeologische sporen
In de proefsleuven 2, 4 en 5 zijn geen archeologische sporen aangetroffen. Wel kon hier het voorkomen van een geulvulling met oeverzone worden vastgesteld.
Aanbevelingen
Het in proefsleuf 3 aangetroffen kelderrestant, dat overigens net buiten het bouwplan valt, hoeft niet noodzakelijk behouden te blijven. Voor het behoud van de kelder in proefsleuf 1 wordt een aanpassing in het palenplan voorzien. Verder worden de gevonden archeologische resten uit proefsleuf 1 beschermd.