| Plan: | Maasoeverzone |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0622.0208bpMaas2009-0130 |
Er wordt een informatiebijeenkomst voor bedrijven gehouden in de periode dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage ligt.
In het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 Bro is het voorontwerpbestemmingsplan aan diverse instanties toegezonden. De reacties zijn opgenomen in Bijlage 17. De reacties zijn hieronder beantwoord.
Nationaal belang 02: Verbetering basiskwaliteit hoofdinfrastructuur
Vervoer gevaarlijke stoffen over water
Er is een nieuwe berekening uitgevoerd om het groepsrisico als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Nieuwe Maas in beeld te brengen, waarbij rekening is gehouden met de ontwikkeling van het gebied rond de Koggehaven. De resultaten en conclusies zijn opgenomen in het ontwerpbestemmingsplan.
Vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen
In de plantoelichting (paragraaf 4.7) is nader ingegaan op het groepsrisico langs de leidingen, mede aan de hand van de overlegreactie van de Gasunie. Voor alle gasleidingen in het gebied zijn groepsrisicoberekeningen uitgevoerd.
Verantwoording groepsrisico
De verantwoording van het groepsrisico vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over water en door buisleidingen is aangevuld. In het kader van het overleg ex 3.1.1 Bro is advies gevraagd en ontvangen van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Dit advies is verwerkt.
Nationaal belang 09: Milieukwaliteit en externe veiligheid – EV
Risicovolle inrichtingen
De PR 10-6-contour van Acetra Logistic Solutions BV ligt volgens de meest recente QRA niet buiten de grenzen van de inrichting en wordt om deze reden niet opgenomen op de plankaart. Voor het bedrijf Chemicaliënhandel HBV is op dit moment nog geen geactualiseerde PR 10-6-contour vastgesteld, dus wordt vooralsnog uitgegaan van de bestaande gegevens.
In de aangepaste plantoelichting is aangegeven hoe het bevoegd gezag invulling zal geven aan het begrip 'gewichtige redenen'.
Chemicaliënhandel HBV
Zoals hierboven is aangegeven, is er voor dit bedrijf op dit moment nog geen geactualiseerde PR 10-6-contour vastgesteld en wordt in het ontwerpbestemmingsplan uitgegaan van de huidige gegevens. Bij de vaststellingsfase van het bestemmingsplan zal nader worden ingegaan op de risicosituatie rondom deze inrichting. Daarbij wordt aangetoond dat er ten aanzien van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico geen belemmeringen zijn voor de vaststelling van het bestemmingsplan.
Verantwoording groepsrisico
De verantwoording van het groepsrisico vanwege risicovolle inrichtingen is aangevuld. In het kader van het overleg ex 3.1.1 Bro is advies gevraagd en ontvangen van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Dit advies is verwerkt.
Nationaal belang 09: Milieukwaliteit en externe veiligheid – Geluid
In paragraaf 4.5 van de aangepaste plantoelichting is ingegaan op het Actieplan Geluid 2009-2013.
Nationaal belang 10: Hoofdwatersytemen
Nautische belangen
Ontwerpen van gebouwen nabij de rivieroever zullen vroegtijdig worden voorgelegd aan de nautisch beheerder van de vaarweg.
Waterkwantiteit en waterkwaliteit
Paragraaf 4.10 is aangevuld ten aanzien van de onderwerpen voorkeursvolgorde voor waterkwantiteit, voorkeursvolgorde voor waterkwaliteit en afvoer van (huishoudelijk) afvalwater.
Waterberging
Het is economisch noodzakelijk om zoveel mogelijk bedrijventerrein te kunnen uitgeven. Vergroting van de Koggehaven is om die reden niet mogelijk.
In het vigerende bestemmingsplan 'Het Scheur' is de Koggehaven 'wegbestemd'. Het Scheur is een 'droog bedrijventerrein'. Met uitzondering van de NAM-haven (nu Koggehaven geheten) waren er geen havengebonden activiteiten. Vanwege de excentrische ligging ten opzichte van de (gemeentelijke) havens en de geringe omvang is deze (particuliere) haven niet van belang voor de havenactiviteiten in Vlaardingen. In het nieuwe bestemmingsplan Maasoeverzone wordt de haven nu formeel bestemd tot Water.
Voor het buitendijksgebied is de Beleidslijn ruimte voor de rivier en de opvolger hiervan Beleidslijn grote rivieren van belang. Het plangebied valt binnen de zogenaamde artikel 2a Wbr-gebieden (nu Waterbesluit), zoals deze in het vigerende Besluit rijksrivieren zijn vastgelegd. Dit zijn gebieden die weliswaar deel uitmaken van het rivierbed, maar waar geen vergunningplicht inzake de Wbr op rust. Deze gebieden zijn uitgesloten van de toetsing aan de Beleidslijn grote rivieren.
Waterwet
In paragraaf 4.10 zijn de verwijzing naar de relevante regelgeving op het gebied van water en de tekst over de vergunningplicht geactualiseerd.
De gevraagde aanvulling van hoofdstuk 5 van de plantoelichting ten aanzien van de vergunningplicht/toetsing van nieuwe bedrijfsactiviteiten in de Nieuwe Waterweg is opgenomen in paragraaf 4.10.
Regels
De bestemmingsomschrijving van de bestemming Groen is aangevuld met 'onderhoudswegen'.
Nationaal belang 19: Nationaal cultureel erfgoed
Voor het viertal beeldbepalende objecten aan de Maassluissedijk 103 is een passende regeling aan het ontwerpbestemmingsplan toegevoegd.
Overige kwaliteitsopmerkingen
Het ontwerpbestemmingsplan wordt op www. ruimtelijkeplannen.nl gepubliceerd. Het is geen wettelijke verplichting om voorontwerpbestemmingsplannen op http://www.ruimtelijkeplannen.nl te publiceren. Er is nog geen beveiligde omgeving om dit te doen. Zodra dit wel het geval is, zal de gemeente ook voorontwerpbestemmingsplannen op http://www.ruimtelijkeplannen.nl publiceren.
Voor het Lever Fabergéterrein (dat buiten het plangebied is gelegen) wordt een afzonderlijk bestemmingsplan opgesteld. In dat kader wordt aandacht besteed aan de relevante omgevingsaspecten. Bij de milieuzonering in het bestemmingsplan Maasoeverzone is alvast rekening gehouden met een toekomstige transformatie van het Lever Fabergéterrein om toekomstige knelpunten in de afstemming tussen bedrijven en woningen te voorkomen.
Water
In Bijlage 13 van de aangepaste plantoelichting is aandacht besteed aan het provinciale waterplan 2010-2015.
De begrenzing van de dubbelbestemming Waterstaat - Waterkering is aangepast aan de gegevens van het Hoogheemraadschap van Delfland.
Artikel 15 lid 15.3 is aangevuld met de bedoelde adviesverplichting.
Kantoren
Het onderhavige bestemmingsplan maakt geen zelfstandige kantoren mogelijk, maar uitsluitend bedrijfskantoren. Een regionaal afgestemd kantorenprogramma is hiervoor niet nodig.
Economische Zaken
Perifere detailhandel
Het beleid voor de Rivierzone is in navolging van het project ROM Rijnmond, naast het versterken van de economie, gericht op verbetering van de leefbaarheid. Enerzijds gaat het daarbij om een verbetering van de milieukwaliteit – en dan vooral van industrielawaai – voor bestaande woningen. Anderzijds is van belang dat ook voor woningen – ondanks de hoge milieubelasting in het gebied – een goed leefklimaat kan worden gewaarborgd. Hieronder wordt een voldoende milieukwaliteit verstaan zonder dat het goed functioneren van de bedrijven in de omgeving onevenredig wordt belemmerd. Op grond van het Structuurplan Rivierzone is het mogelijk een klein deel van de Zevenmanshaven te herontwikkelen naar detailhandel. De zichtlocatie aan de Deltaweg heeft geen enkele relatie met het water en is voor watergebonden bedrijven niet interessant om zich hier te vestigen. Door de ontwikkeling naar detailhandel ontstaat er een representatieve zone langs de Deltaweg om de achtergelegen bedrijven met tankopslag e.d. aan het zicht te onttrekken. Nog belangrijker is het feit dat door de komst van detailhandel in deze zone de milieubelasting in het gebied vermindert, waardoor er een verbetering van de leefbaarheid optreedt voor de bestaande woningen in de omgeving. De nu gevestigde perifere detailhandel is allemaal gerealiseerd met een artikel 19, lid 1 WRO-procedure De betreffende strook is nu volgebouwd en is er geen reden meer om in het bestemmingsplan een afwijkingsmogelijkheid voor detailhandel in volumineuze goederen op te nemen. Artikel 4 lid 3.4.2 is daarom vervallen.
Hoogst mogelijke milieucategorie
In het bestemmingsplan is een toelichting opgenomen op de milieuzonering binnen het plangebied. Daarbij is aangesloten bij de systematiek uit de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering'. Voor de bedrijven met een grote verkeersaantrekkende werking is vanwege de verkeerssituatie in en rond het plangebied een specifieke regeling opgenomen.
Milieu
PR- en GR-situatie per inrichting
Figuur 4.3 geeft een overzicht van de liggen van de PR 10-6-contouren van de relevante risicovolle inrichtingen binnen het plangebied. Voor het groepsrisico wordt verwezen naar de risico-inventarisatie die onderdeel uitmaakt van de concept Externe Veiligheidsvisie Vlaardingen. Deze visie is als Bijlage 8 bij de plantoelichting toegevoegd.
PR niet buiten de weg/GR onder de oriëntatiewaarde
De conclusies voor de route gevaarlijke stoffen zijn gebaseerd op het DCMR-rapport 'Inventarisatie externe veiligheid route gevaarlijke stoffen in Vlaardingen' (december 2006). Dit is in de aangepaste plantoelichting vermeld.
Hoogte GR bij vervoer over water
Door de DCMR worden nieuwe berekeningen uitgevoerd voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over het water. De resultaten zijn opgenomen in de aangepaste plantoelichting.
Artikel 11 Verordening Ruimte (Veiligheidszone oevers Nieuwe Maas en Nieuwe Waterweg)
De regeling in het ontwerpbestemmingsplan is hierop aangepast (bestaande dan wel reeds vergunde bebouwing uitgezonderd).
Waterkeringen
De begrenzing van de dubbelbestemming Waterstaat - Waterkering is aangepast.
Rioolwaterpersleiding
De ligging van de rioolwaterpersleidingen is waar nodig aangepast.
Verbeelding
De betreffende gastransportleidingen zijn toegevoegd op de plankaart.
Toelichting
Tabel 4.6 is aangevuld met de betreffende gastransportleidingen.
De term 'zakelijk rechtstrook' is vervangen door de term 'belemmeringenstrook'.
De betreffende letaliteitsgrenzen zijn toegevoegd aan paragraaf 4.7.2.
Planregels
Voor gastransportleiding W-521-32 is een nieuw artikel opgenomen.
De leidingnummers van de verschillende leidingen worden niet op de verbeelding en/of in de regels weergegeven, aangezien de geldende standaard (SVBP 2008) hiervoor geen ruimte biedt.
Toekomstige verlegging
Voor de beoogde verlegging van gasleiding A-613 (en naastgelegen olieleiding) in verband met de reconstructie van de Marathonweg (voor zover voorzien in het plangebied) is een wijzigingsbevoegdheid toegevoegd. Uit overleg tussen de gemeente en de Gasunie in het najaar van 2010 is gebleken dat verlegging van gasleiding A-517 vooralsnog niet aan de orde is.
Advies
Het advies van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond is in Bijlage 17 bij de plantoelichting toegevoegd. In de verantwoording van het groepsrisico is aangegeven op welke wijze in het plan wordt omgegaan met de punten uit het advies van de Veiligheidsregio.
Industriële bedrijventerreinen
Hiervan nemen wij kennis.
Ontsluiting bedrijventerrein
Er is gekozen voor een tweede ontsluiting van 't Scheur op de Maassluissedijk. Het bestemmingsplan maakt deze ook mogelijk. De tekst in paragraaf 3.3 is verduidelijkt.
Zelfstandige kantoren
Het bestemmingsplan maakt geen zelfstandige kantoren mogelijk. Kantoren dienen altijd functioneel aan de bedrijven te zijn gekoppeld. Zie artikel 3 lid 3.1 in combinatie met artikel 3 lid 3.3. onder h. Wel kan het zo zijn dat de kantoorruimten in afzonderlijke gebouwen worden gerealiseerd. Voor die gevallen bevat het bestemmingsplan aparte bouwregels.