Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels
Artikel 3 Groen
3.1 Bestemmingsomschrijving
De voor Groen aangewezen gronden zijn bestemd voor:
-
a. groen, water, speelvoorzieningen en voet- en fietspaden;
-
b. een calamiteitenroute naar de Boomjesstraat;
-
c. bij deze bestemming behorende nutsvoorzieningen.
3.2 Bouwregels
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:
-
a. op deze gronden mogen uitsluitend nutsgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd;
-
b. de bouwhoogte van nutsgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 3,00 m.
Artikel 4 Verkeer
Het bepaalde in Artikel 16 Verkeer van het bestemmingsplan Dorpskern Strijen 2014 van de
gemeente Strijen, blijft onverkort van toepassing op dit uitwerkingsplan.
Artikel 5 Water
Het bepaalde in Artikel 18 Water van het bestemmingsplan Dorpskern Strijen 2014 van de gemeente Strijen, blijft onverkort van toepassing op dit uitwerkingsplan.
Artikel 6 Wonen
6.1 Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
-
a. het wonen al dan niet in combinatie met aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten niet zijnde detailhandel en horeca;
-
b. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals erven, nutsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, tuinen en water.
6.2 Bouwregels
Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:
6.2.1 Algemeen
-
a. de hoofdgebouwen worden binnen het bouwvlak gebouwd;
-
b. de gezamenlijke oppervlakte van het hoofdgebouw, aan- en uitbouwen en bijgebouwen bedraagt ten hoogste 60% van het perceel met een maximum van 250 m²;
-
c. in afwijking van het bepaalde in dit lid onder b mag de gezamenlijke oppervlakte van het hoofdgebouw, aan- en uitbouwen en bijgebouwen, bij vrijstaande woningen ten hoogste 40% van het perceel bedragen.
6.2.2 Hoofdgebouwen
-
a. het aantal woningen binnen een bouwvlak mag niet meer bedragen dan met de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' is aangegeven;
-
b. de goothoogte van hoofdgebouwen bedraagt ten hoogste de met de aanduiding 'maximum goothoogte (m)' aangegeven goothoogte;
-
c. indien sprake is van een kapconstructie dan mag de dakhelling niet meer bedragen dan 60o.
6.2.3 Aan- en uitbouwen, overkappingen en bijgebouwen
-
a. aan- en uitbouwen, overkappingen en bijgebouwen mogen uitsluitend aan achterzijde of zijkant van het hoofdgebouw worden gebouwd met dien verstande dat deze ten minste 2,50 meter naar achteren moeten liggen ten opzichte van de voorgevel van het hoofdgebouw;
-
b. de afstand van de voorzijde van garages tot de bestemming 'Verkeer' bedraagt ten minste 5,00 meter;
-
c. de totale oppervlakte van aan- en uitbouwen, overkappingen en bijgebouwen op het zij- en achtererf mag niet meer bedragen dan 65 m², met dien verstande dat de oppervlakte van dierenverblijven niet meer mag bedragen dan 10 m²;
-
d. voor zover aan- en uitbouwen, overkappingen en bijgebouwen niet in de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd, moet de afstand tot de zijdelingse perceelsgrens ten minste 1,00 meter bedragen; een en ander met dien verstande dat zijgevels van aan- en uitbouwen en bijgebouwen alsmede de zijkant van overkappingen op straathoeken niet mogen liggen voor de voorgevel van de hoofdgebouwen en aan- en uitbouwen en bijgebouwen alsmede overkappingen die om de hoek staan;
-
e. aan de zijden waar aan- en uitbouwen, overkappingen en bijgebouwen niet aan een ander gebouw wordt gebouwd, bedraagt de afstand tot het naastgelegen gebouw ten minste 1,00 meter;
-
f. de achtergevel van aan- en uitbouwen en bijgebouwen alsmede de achterkant van overkappingen bij aaneengebouwde hoofdgebouwen mag niet meer dan 2,75 meter naar achteren liggen ten opzichte van de achtergevel van het aangrenzende hoofdgebouw, dan wel de achtergevel van een aan- of uitbouw aan het aangrenzende hoofdgebouw, indien een dergelijke aan- of uitbouw aanwezig is en bovendien in de onderlinge zijdelingse perceelsgrens is gelegen;
-
g. de goothoogte van bijgebouwen, aan- en uitbouwen en overkappingen mag niet meer bedragen dan 3 meter.
6.2.4 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
-
a. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, voor de voorgevelrooilijn van het hoofdgebouw bedraagt ten hoogste 1,00 meter;
-
b. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, aan de zijkant van het hoofdgebouw die gelegen zijn binnen een afstand van 1,50 meter van de zijdelingse perceelsgrens en die aan die zijde direct grenzen aan een openbare ruimte die geheel of gedeeltelijk de bestemming 'Verkeer' heeft, bedraagt ten hoogste 1,00 meter;
-
c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, achter de voorgevelrooilijn bedraagt ten hoogste 2,00 meter.
6.3 Afwijken van de bouwregels
6.3.1 Overige afwijkingsmogelijkheden
Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van:
-
a. het bepaalde in lid 6.2.3 onder a teneinde het mogelijk te maken dat de voorgevel van een aan- of uitbouw minder dan 2,50 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd dan wel op één lijn met genoemde voorgevel wordt gebouwd, met dien verstande dat dit niet mag leiden tot aantasting van het straatbeeld;
-
b. het bepaalde in lid 6.2.3 onder b. teneinde de bouw van de garage niet tot gevolg heeft dat de aanwezige parkeergelegenheid verloren gaat ter plaatse van de uitrit van de te bouwen garage;
-
c. het bepaalde in lid 6.2.3 onder f. teneinde de genoemde maat van 2,75 meter te verruimen tot maximaal 3,50 meter, met dien verstande dat dit niet mag leiden tot aantasting van de gebruiksmogelijkheden van naburige percelen;
-
d. het bepaalde in lid 6.2.4 onder b. teneinde bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toe te staan tot een hoogte van 2,00 meter mits de verkeerskundige en stedenbouwkundige situatie ter plaatse dat mogelijk maakt.
6.4 Specifieke gebruiksregels
6.4.1 Aan-huis-gebonden beroep en kleinschalige bedrijfsactiviteiten
Onder de uitoefening van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in samenhang met het wonen, wordt verstaan het gebruik van gedeelten van woningen ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten, voor zover:
-
a. het vloeroppervlak ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen en de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten niet groter is dan 25% van het vloeroppervlak van de woning, inclusief aan- en uitbouwen en bijgebouwen;
-
b. ten behoeve van aan-huis-gebonden beroepen en de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien;
-
c. de kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten geen nadelige invloed hebben op de normale afwikkeling van het verkeer en niet gepaard gaan met horeca en detailhandel, uitgezonderd beperkte verkoop die ondergeschikt is aan de uitoefening van de betrokken kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten.
Artikel 7 Waterstaat - Waterkering
Het bepaalde in Artikel 27 Waterstaat - Waterkering van het bestemmingsplan Dorpskern Strijen 2014 van de gemeente Strijen, blijft onverkort van toepassing op dit uitwerkingsplan.