| Plan: | Paraplubestemmingsplan Strijen |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0617.paraplubp-vg01 |
De gemeente Strijen beschikt over actuele bestemmingsplannen. Gewijzigde regelgeving en gewijzigd beleid zijn echter aanleiding om de bestemmingsplannen op onderdelen te herzien. Omdat de gewenste wijzigingen betrekking hebben op meerdere bestemmingsplannen, is onderhavig paraplubestemmingsplan opgesteld. Met dit paraplubestemmingsplan worden meerdere bestemmingsplannen tegelijkertijd op onderdelen herzien.
Het parapluplan is concreet opgesteld vanwege:
Vormgeving van het paraplubestemmingsplan
Voor het grondgebied van de gemeente gelden momenteel 23 bestemmingsplannen, waaronder verschillende zogenaamde 'postzegelbestemmingsplannen' die betrekking hebben op 1 of enkele percelen. Met dit paraplubestemmingsplan worden uitsluitend de regels van de bestemmingsplannen gewijzigd, de verbeeldingen/plankaarten blijven ongewijzigd. In de regels van dit paraplubestemmingsplan is per bestemmingsplan aangegeven op welke wijze de oorspronkelijke regels zijn gewijzigd. De overige regels blijven van toepassing. Via de plancontour op www.ruimtelijkeplannen.nl zijn de regels gekoppeld aan het gebied waarop dit paraplubestemmingsplan van toepassing is. Voor een goed overzicht van bouw- en gebruiksmogelijkheden op een perceel, dienen naast het paraplubestemmingsplan tevens de oorspronkelijke bestemmingsplannen geraadpleegd te worden. Enkele van deze geldende bestemmingsplannen zijn nu nog uitsluitend 'op papier' raadpleegbaar en niet via www.ruimtelijkeplannen.nl. Dit heeft te maken met het feit dat deze zijn opgesteld voordat de landelijke standaarden in werking zijn getreden. Binnenkort worden ook deze bestemmingsplannen digitaal raadpleegbaar gemaakt.
Geldende bestemmingsplannen
Het paraplubestemmingsplan plan heeft betrekking op de volgende bestemmingsplannen:
In hoofdstuk 2 is aangegeven welke aanpassingen op welke bestemmingsplannen betrekking hebben.
Binnen het grondgebied van Strijen geldt naast bovengenoemde bestemmingsplannen, ook het bestemmingsplan Randweg (vastgesteld 30-03-2010). Dat bestemmingsplan behoeft echter geen aanpassing omdat de genoemde onderwerpen niet relevant zijn voor dat bestemmingsplan.
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 van deze toelichting is eerst een toelichting gegeven op de onderwerpen die aanleiding zijn voor het paraplubestemmingsplan, waarbij tevens is aangegeven welke onderwerpen in welke bestemmingsplannen relevant zijn. In hoofdstuk 3 komt de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan aan bod. Hoofdstuk 4 bevat de juridische planbeschrijving.
Door aanpassing van de Woningwet zijn de stedenbouwkundige bepalingen van de gemeentelijke bouwverordening vervallen. Doelstelling is om het instrument "stedenbouwkundige bepalingen van de gemeentelijke bouwverordening" te vervangen door een ander instrument, namelijk "het bestemmingsplan". Voor het kunnen terugvallen op de bouwverordening geldt een wettelijke overgangstermijn tot 1 juli 2018. De gemeente Strijen is voornemens om de huidige bestemmingsplannen voordien aan te laten sluiten bij de hiervoor geschetste doelstelling van de wetswijziging. Voor de meeste onderwerpen waren de stedenbouwkundige bepalingen van de bouwverordening reeds niet meer relevant omdat de bestemmingsplannen reeds afdoende voorzien in stedenbouwkundige bepalingen. Voor twee onderwerpen geldt dit echter niet en is een aanvullende regeling in de bestemmingsplannen nodig: het begrip voorgevelrooilijn en het aspect parkeren.
Hoewel in de bestemmingsplannen van Strijen reeds in voldoende mate is bepaald waar gebouwen en bouwwerken ten opzichte van de weg en ten opzichte van elkaar geplaatst dienen te worden, is het desondanks gewenst om aan de regels van de verschillende bestemmingplannen - voor zover deze hierin nog niet voorzien- het begrip voorgevelrooilijn toe te voegen. Dit omdat in het Besluit omgevingsrecht (Bor), voor wat betreft het vergunningsvrij bouwen wordt verwezen naar de voorgevelrooilijn zoals bepaald in het bestemmingsplan. Indien deze term niet letterlijk wordt gebruikt in het betreffende bestemmingsplan, kan er onduidelijkheid bestaan over of een bouwwerk vergunningsvrij gebouwd kan worden of niet.
Uitsluitend in het bestemmingsplan Dorpskern Strijen dat op 28 oktober 2014 is vastgesteld, is het begrip reeds opgenomen. In alle andere bestemmingsplannen (zie hoofdstuk 1) wordt het begrip voorgevelrooilijn opgenomen. Voor het begrip is aansluiting gezocht bij de bouwverordening zoals deze gold voor het vervallen van de stedenbouwkundige bepalingen van de gemeentelijke bouwverordening. Het begrip luidt als volgt:
Voorgevelrooilijn
Omdat het begrip 'voorgevel' van belang is voor toepassing van het begrip 'voorgevelrooilijn' wordt dit begrip in de bestemmingsplannen waar deze nog niet is opgenomen eveneens toegevoegd. Het begrip luidt:
Voorgevel
de gevel van het hoofdgebouw die door zijn aard, functie, constructie of uitstraling als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt.
De gemeente Strijen hanteert geen specifiek parkeerbeleid, maar hanteert voor de parkeernormen de CROW-publicatie 317 'Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie' (oktober 2012). In de bestemmingsplannen waar tot op heden geen parkeerregeling in is opgenomen wordt een bepaling opgenomen dat voor wat betreft het parkeren de genoemde CROW-publicatie of diens opvolger dient te worden aangehouden. In de bestemmingsplannen Dorpskern Strijen, Bedrijventerreinen 2015, Meeuwenoordseweg 1a, Nieuwestraat 88a en Oudendijk 78a, is een dergelijke bepaling reeds opgenomen. Deze wordt vervangen door een nieuwe regeling.
Op 27 juni 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Strijen het beleid 'Horeca in het Buitengebied' vastgesteld. Het beleid houdt in dat kleinschalige horeca onder voorwaarden en als nevenfunctie bij andere functies (agrarisch, wonen) is toegestaan. De voorwaarden zoals vastgesteld door het college luiden als volgt:
Voorwaarden horecafunctie:
Overige voorwaarden:
Relatie overig overheidsbeleid
Gelet op het provinciale beleid voor het buitengebied, dat zijn beslag heeft gekregen in de Verordening Ruimte 2014 (geconsolideerd in werking getreden per 1 januari 2017), is het gemeentelijk horecabeleid voorafgaand aan vaststelling besproken met de provincie Zuid-Holland. De Verordening Ruimte kent geen specifieke horecabepalingen. Ten aanzien van de algemene regels uit de Verordening voor wat betreft de Ladder voor duurzame verstedelijking en Ruimtelijke kwaliteit, kan gesteld worden dat gelet op het feit dat horeca uitsluitend als nevenfunctie bij een andere hoofdfunctie is toegestaan, nieuwbouw of uitbreiding van bebouwing ten behoeve van horeca niet is toegestaan en de maximale oppervlakte dat in gebruik mag zijn ten behoeve van horeca zeer beperkt is (maximaal 250 m² inclusief terras), er geen sprake is van strijdigheid met de Verordening Ruimte.
Relatie milieu- en andere omgevingsaspecten
Vanwege de beperkte omvang van de toe te stane horecafunctie en het feit dat er geen sprake is van nieuwbouw, worden relevante effecten voor wat betreft milieu- en overige omgevingsaspecten niet verwacht. Dit mede gelet op de overige voorwaarden in het gemeentelijk beleid. Door deze voorwaarden wordt tevens overlast voor de omgeving voorkomen.
Regeling Paraplubestemmingsplan
Het bovengenoemde beleid heeft uitsluitend betrekking op de bestemmingsplannen:
Gelet op de hierboven vermelde overige voorwaarden, die in het gemeentelijk beleid zijn gesteld, zoals de bereidheid van de initiatiefnemer om een planschadeovereenkomst te sluiten, wordt de horecafunctie aan een nader afwegingsmoment gekoppeld.
Aan de algemene afwijkingsregels van de bovengenoemde bestemmingsplannen wordt een ontheffings-/afwijkingsbevoegdheid toegevoegd om horeca toe te staan onder de in het gemeentelijk beleid genoemde voorwaarden. Niet alle voorwaarden zijn hierbij overgenomen, omdat verschillende voorwaarden zich niet lenen om opgenomen te worden in een bestemmingsplan. Alleen de ruimtelijke relevante randvoorwaarden zijn opgenomen.
Op 23 juni 2015 heeft de gemeenteraad van Strijen de "Beleidsregels Verblijfrecreatie Hoeksche Waard' vastgesteld. De gemeenteraden van de andere gemeenten binnen de Hoeksche Waard hebben de beleidsregels eveneens vastgesteld. De beleidsregels hebben betrekking op alle vormen van verblijfsrecreatie en hebben als doel de gehanteerde begrippen te uniformeren en alle van toepassing zijnde regelgeving toegankelijk weer te geven.
Met dit paraplubestemmingsplan wordt in het algemeen niet beoogd verblijfsrecreatie (zoals hotels, pensions en kampeerterreinen) toe te staan op locaties waar dit nu nog niet mogelijk is, dan wel om andere vormen van verblijfsrecreatie toe te staan ter plaatse van bestaande vestigingen. In voorkomende gevallen zal dit per geval - buiten het bestemmingsplan om middels een afzonderlijke procedure- worden afgewogen aan de hand van de beleidsregels en de Visie Verblijfsrecreatie Hoeksche Waard.
Bed& breakfast
In de beleidsregels is echter ook nader invulling gegeven aan de mogelijkheden voor 'bed en breakfast', waarbij er sprake is van verbondenheid met een andere hoofdfunctie, namelijk wonen. Deze vorm van verblijfsrecreatie, met beperkte ruimtelijke consequenties, wil de gemeente Strijen expliciet toestaan als onderdeel van een zogenaamd 'bedrijf aan huis' dat in veel gevallen al mogelijk is bij de woonfunctie binnen de verschillende bestemmingsplannen. De voorwaarden uit de beleidsregels worden daarbij vertaald in het bestemmingsplan. De voorwaarden luiden als volgt:
Regeling bestemmingsplannen
In de verschillende bestemmingsplannen van Strijen wordt het begrip bed&breakfast uit de beleidsregels opgenomen:
bed en breakfast
een overnachtingsaccommodatie gericht op het bieden van een mogelijkheid voor toeristisch verblijf met het serveren van ontbijt. Een bed&breakfast is gevestigd in een woonhuis of bijgebouw, wordt gerund door de eigenaren van de betreffende woning en heeft maximaal 10 gasten.
Voorts wordt in alle relevante bestemmingsplannen (plannen waarin woonfuncties voorkomen) een algemene bepaling opgenomen dat in of bij woningen bed&breakfast is toegestaan onder de voorwaarden uit de beleidsregels en zoals hierboven opgesomd. De bestemmingsplannen waar reeds een regeling voor bed&breakfast is opgenomen worden aangepast op dezelfde wijze.
Intensieve veehouderijen zijn in het buitengebied van Strijen niet toegestaan. De Verordening Ruimte 2014 (geconsolideerd in werking getreden op 19 januari 2018) sluit echter niet alleen (nieuwe) intensieve veehouderijen uit, maar ook geitenhouderijen en uitbreiding van bestaande geitenhouderijen tenzij het aantal geiten niet toeneemt. Met dit paraplubestemmingsplan wordt de regeling uit de verordening eveneens verwerkt in de bestemmingsplannen door middel van het begrip geitenhouderij, conform de provinciale verordening aan het begrip Agrarisch bedrijf toe te voegen:
geitenhouderij: bedrijf of een onderdeel daarvan waar geiten worden gehouden;
Het bovenstaande begrip wordt in de bestemmingsplannen voor het buitengebied en de overige bestemmingsplannen waar de agrarische bestemming voorkomt, aangepast. Het betreft de volgende bestemmingsplannen:
Tevens wordt het volgende in voornoemde bestemmingplannen (Specifieke gebruiksregels van de agrarische bestemmingen), opgenomen:
nieuwe geitenhouderijen zijn niet toegestaan als hoofdtak en neventak. Evenmin is uitbreiding of ingebruikname van bebouwing ten behoeve van een bestaande geitenhouderij toegestaan, tenzij het aantal geiten niet toeneemt.
Gebleken is dat in verschillende bestemmingsplannen voor het buitengebied binnen de bestemmingen Wonen en Groen een bouwregel voor erf- en terreinafscheidingen is opgenomen die niet voldoet. Zoals in alle andere bestemmingsplannen/bestemmingen is het gewenst dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen aan de voorzijde van percelen niet hoger is dan 1m, op andere plaatsen mogen deze een maximale hoogte hebben van 2m. De regels van het bestemmingsplan Buitengebied (inclusief de 1e herziening), bestemmingsplan Buitengebied 2012 als ook de regeling van de bestemmingsplannen Keizersdijk 115, Meeuwenoordseweg 1a, Nieuwestraat 88a, Waleweg 12, Zuid-Kavelsedijk 3 en Oudendijk 78a waar de bestemming Wonen voorkomt worden hierop aangepast.
Dit bestemmingsplan bestaat uit enkele aanpassingen die geen of een zeer beperkte ruimtelijke impact hebben. In het kader van de aanpassingen is dan ook geen toetsing aan het vigerende beleid opgenomen en is onderzoek naar de gevolgen voor milieu, water en ecologie achterwege gelaten. Daar waar wel relevant is de toetsing in Hoofdstuk 2 reeds opgenomen.
Gelet op het feit dat geen concrete ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt is onderzoek naar de economische uitvoerbaarheid achterwege gelaten en is besloten geen exploitatieplan zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening op te stellen.
Inspraak en overleg
Aangezien het gaat om slechts zeer beperkte aanpassingen van het bestemmingsplan, is voor dit plan geen inspraakmogelijkheid geboden. Wel is er contact gezocht met de overlegpartners Waterschap Hollandse Delta, Provincie Zuid-Holland, Ministerie van Defensie, Ministerie van EL&I en Rijkswaterstaat ten behoeve van het overleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1 van het Bro.
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan wordt ter visie gelegd gedurende een periode van zes weken. Gedurende deze periode kan eenieder een zienswijze indienen op dit bestemmingsplan.
Met deze parapluherziening worden de verschillende bestemmingsplanregelingen aangevuld of aangepast. De verbeeldingen blijven ongewijzigd. In de planregels is per onderwerp aangegeven op welke bestemmingsplannen de aanpassing van toepassing is en waaruit de aanpassing van de bestemmingsplanregeling bestaat. Voor het overige blijven de verschillende regelingen onverminderd van kracht.