direct naar inhoud van Artikel 14 Sport
Plan: Laren-Noord
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0417.L002BPLarenNoord-2102

Artikel 14 Sport

14.1 Bestemmingsomschrijving

De voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  • a. sportvoorzieningen, met bijbehorende bouwwerken zoals vergader- en instructieruimten uitsluitend ten behoeve van de sportvoorzieningen en kantines;
  • b. een zwembad, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'zwembad';
  • c. ondergeschikte horeca en detailhandel ten dienste van deze bestemming;
  • d. groenvoorzieningen;
  • e. fiets en / of voetpaden;
  • f. evenementen, welke voldoen aan het gemeentelijk Evenementenbeleid;
  • g. kinder- en naschoolse opvang;

met de daarbij behorende:

  • h. speelvoorzieningen en hierbij passende, openbare verblijfsvoorzieningen;
  • i. abri's, telefooncellen, straatmeubilair, nutsvoorzieningen en dergelijke;
  • j. aan de hoofdfunctie ondergeschikte verkeersvoorzieningen, verhardingen en watergangen.

14.2 Bouwregels
14.2.1 Gebouwen

Binnen deze bestemming mogen gebouwen ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd;
  • b. het bebouwingspercentage ter plaatse van de aanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' mag niet worden overschreden;
  • c. de goot- en bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding 'maximale goot- en bouwhoogte (m)' danwel 'maximale bouwhoogte (m)' mag niet worden overschreden;
  • d. per bouwperceel is ten hoogste één dienstwoning toegestaan, met een inhoud van ten minste 150 m3 en ten hoogste 500 m3;
  • e. de bij een dienstwoning behorende oppervlakte aan bijgebouwen mag ten hoogste 50 m2 bedragen, waarbij de goot- en bouwhoogte van bijgebouwen ten hoogste 3 meter respectievelijk 6 meter mag bedragen;
  • f. kantines mogen per bouwperceel gezamenlijk ten hoogste 25% van de aanwezige vloeroppervlakte beslaan;
14.2.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Binnen deze bestemming mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende bepalingen:

  • a. de hoogte van terrein- en erfafscheidingen mag ten hoogste 2 meter bedragen;
  • b. de hoogte van hekwerken rond tennisbanen mag ten hoogste 4 meter bedragen;
  • c. de hoogte van lichtmasten mag ten hoogste 15 meter bedragen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - lichtmasten uitgesloten' geen lichtmasten mogen worden gebouwd;
  • d. de hoogte van vlaggenmasten mag ten hoogste 8 meter bedragen;
  • e. ter plaatse van de aanduiding 'zwembad' mag een waterglijbaan worden gebouwd met een bouwhoogte van ten hoogste 15 meter;
  • f. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 3 meter bedragen;
  • g. ter plaatse van de aanduiding 'zwembad' mogen, los van het bebouwingspercentage, zwembassins worden gebouwd tot een oppervlakte van ten hoogste 3.000 m2.

14.3 Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en afmeting van de bebouwing, ten behoeve van:

  • a. een samenhangend straat en bebouwingsbeeld;
  • b. de verkeersveiligheid;
  • c. de milieusituatie;
  • d. de sociale veiligheid;
  • e. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden;
  • f. de aanwezige natuurwaarden.

14.4 Afwijken van de bouwregels
14.4.1 Afwijken voor bouwen buiten bouwvlak

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 14.2.1 onder a. en toestaan dat een gebouw gedeeltelijk buiten een bouwvlak wordt gebouwd, mits:

  • a. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen buiten het bouwvlak niet meer dan 50 m2 bedraagt;
  • b. de hoogte van de gebouwen buiten het bouwvlak niet meer dan 4 meter bedraagt;
  • c. geen onevenredige aantasting plaats vindt van:
    • 1. het straat- en bebouwingsbeeld;
    • 2. de verkeersveiligheid;
    • 3. de sociale veiligheid;
    • 4. de milieusituatie;
    • 5. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden;
    • 6. de aanwezige natuurwaarden.
14.4.2 Afwijken voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 14.2.2:

  • a. voor het oprichten van hekwerken rond sportvelden tot een bouwhoogte van ten hoogste 4 meter;
  • b. voor het oprichten van een vrijstaande antennemast met een bouwhoogte van ten hoogste 15 meter.

14.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
14.5.1 Verbod

Het is verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren:

  • a. het aanleggen of verharden van wegen, paden of parkeergelegenheden, en het aanbrengen van eventuele andere oppervlakteverhardingen (al dan niet tijdelijk);
  • b. het ontginnen, verlagen, afgraven, ophogen, opvullen of egaliseren van de bodem met meer dan 0,3 meter, waaronder begrepen het ophogen met bagger- of grondspecie;
  • c. het beplanten met houtige gewassen zoals bomen en struiken;
  • d. het verrichten van exploratie- en exploitatieboringen ten behoeve van de winning van delfstoffen;
14.5.2 Uitzonderingen op verbod

Het verbod als bedoeld in lid 14.5.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die:

  • a. betrekking hebben op het normaal onderhoud en beheer;
  • b. noodzakelijk zijn in verband met het op de bestemming gerichte beheer of gebruik van de grond, het herstel van de aanwezige waarde danwel noodzakelijk zijn uit een oogpunt van doelmatig gebruik van de gronden;
  • c. reeds vergund en in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan;
  • d. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende vergunning.
14.5.3 Voorwaarde voor de omgevingsvergunning

De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 14.5.1 zijn slechts toelaatbaar indien:

  • a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de landschappelijke waarden van de gronden;
  • b. een schriftelijk advies is ingewonnen van een landschapsarchitect.