| Plan: | TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoofddorp Boslaan-Kruisweg |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0394.TAMhfdboslkruisw-C001 |
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van een gebiedsontwikkeling op de locatie 'Boslaan - Kruisweg' in Hoofddorp en vormt juridisch een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22a) van het omgevingsplan van de gemeente Haarlemmermeer. Dit hoofdstuk is op grond van artikel 11.1, lid 2 Besluit elektronische publicaties bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22a van het omgevingsplan van de gemeente Haarlemmermeer. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22a.' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22a.' gelezen worden.
Begripsbepalingen die op 1 januari 2024 zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking is getreden en in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, gelden voor dit TAM-omgevingsplan.
In aanvulling op lid 1 van dit artikel worden in dit TAM-omgevingsplan de volgende begripsbepalingen gehanteerd:
TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoofddorp Boslaan-Kruisweg met identificatienummer NL.IMRO.0394.TAMhfdboslkruisw-C001 van de gemeente Haarlemmermeer.
Het omgevingsplan van de gemeente Haarlemmermeer.
Het in of aan huis uitoefenen van (vrije) beroepen en/of het in of aan huis ontplooien van bedrijfsmatige activiteiten door de bewoner(s) van dat huis en maximaal één werknemer, die door de beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen met overwegend behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend.
Een aan de woonfunctie ondergeschikte verblijfsvoorziening, bestaande uit het tegen betaling aanbieden van toeristisch en kortdurend verblijf in de woning en/of bijbehorende gebouwen. Een bed & breakfast wordt gerund door de hoofdbewoner(s) van de woning. De kamers ten behoeve van een bed & breakfast functioneren niet als zelfstandige wooneenheid.
Een woning die gezien ligging en functie bedoeld is voor bewoning door één huishouden waarvan de aanwezigheid gelet op de functie van een gebouw of terrein noodzakelijk is.
Werkzaamheden bestaande uit het verlenen van economische en/of maatschappelijke diensten aan derden, met uitzondering van garagebedrijven en seksinrichtingen.
Een alleenstaande dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren.
Het verhuren van een (zelfstandige) woning of gedeelte daarvan voor toeristische doeleinden, waarbij geen van de bewoners aanwezig is.
De verbeelding van het TAM-omgevingsplan 'TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22a Hoofddorp Boslaan-Kruisweg' met identificatienummer NL.IMRO.0394.TAMhfdboslkruisw-C001 van de gemeente Haarlemmermeer.
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
Een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.
Woonruimte die een eigen toegang heeft en die door één huishouden kan worden bewoond zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen (zoals badruimte, toilet en keuken) buiten de woonruimte.
De besluiten op grond van artikel, onder a, van de Omgevingswet zijn niet van toepassing voor zover het gaat over regels opgenomen in een besluit als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet op de locatie, bedoeld in lid 3 van dit artikel.
De regels in afdeling 22.2, met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, de regels in paragraaf 5.2.2.25, met uitzondering van Artikel 5.7, Artikel 5.8 en Artikel 5.9, en afdeling 22.3 van dit omgevingsplan, zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit hoofdstuk 22a.
De regels in dit hoofdstuk 22a zijn van toepassing op de locatie 'Boslaan - Kruisweg', waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0394.TAMhfdboslkruisw-C001.
Dit artikel gaat over het bouwen van een bouwwerk.
De regels in dit artikel hebben als doelen:
Bij het bouwen van een hoofdgebouw wordt voldaan aan:
Bij het bouwen van een bijbehorend bouwwerk wordt voldaan aan:
Bij het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde wordt voldaan aan:
Dit artikel gaat over het inperken van activiteiten in, op, aan en bij cultureel erfgoed.
De regels in dit artikel hebben als doel het behouden en beschermen van cultureel erfgoed.
Bij het verrichten van activiteiten in het werkingsgebied 'beschermingsgebied archeologische waarden 6' wordt voldaan aan artikel 13 [Paragraaf 5.2.4.2 Beschermingsgebied archeologische waarden].
Dit artikel gaat over het in voldoende mate voorzien in ruimte voor het parkeren en stallen, en voor het laden en lossen van voertuigen, bij het gebruik van gronden en bouwwerken.
De regels in dit artikel hebben als doelen het beschikbaar hebben en houden van voldoende ruimte voor parkeren en stallen, en voor het laden en lossen, van voertuigen.
Bij het verrichten van activiteiten wordt voldaan aan:
Dit artikel gaat over activiteiten met betrekking tot wegen, water en overige gronden in de openbare ruimte.
De regels in dit artikel hebben als doelen:
Bij het verrichten van activiteiten in of met betrekking tot de openbare ruimte wordt voldaan aan:
Dit artikel gaat over het gebruik van gronden en bouwwerken in het werkingsgebied 'gebiedstype Woongebied'.
De regels in dit artikel hebben als doelen:
en op uitsluitend de daartoe aangewezen locaties:
1. Dit artikel gaat over algemene bepalingen voor het verrichten van activiteiten.
2. Met uitzondering van Artikel 8 is een artikel in hoofdstuk 3 van dit plan alleen van toepassing voor zover dat in hoofdstuk 2 van dit plan is bepaald.
Aan de hoofdstukken 2 en 3 van dit plan wordt voldaan door degene die de activiteit verricht, tenzij anders is bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit.
Degene die een activiteit als bedoeld in dit hoofdstuk verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de doelen, met het oog waarop de regels in de betreffende titel, afdeling of paragraaf zijn gesteld, is verplicht:
Een activiteit uit dit hoofdstuk is alleen toegestaan als er wordt voldaan aan de regels die gelden voor de activiteit.
De regels in dit artikel hebben als doelen:
1°. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst is het peil de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang;
2°. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst is het peil de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw;
3°. voor een bouwwerk op een viaduct of brug is het peil de hoogte van de kruin van het viaduct of de brug ter plaatse van het bouwwerk;
4°. in afwijking van de onderdelen 1 tot en met 3 geldt voor een bouwwerk ter plaatse van het water dat het peil het zomerpeil of vaste peil is;
5°. in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen 1 tot en met 4 is het peil de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld;
Voor zover een activiteit zoals bedoeld in artikel 8.1 geheel of gedeeltelijk samenvalt met een andere activiteit waarvoor op grond van het omgevingsplan regels gelden, dan zijn die regels op die andere activiteit onverkort van toepassing.
Dit artikel gaat over het bouwen van een geluidgevoelig gebouw.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning een geluidgevoelig gebouw te bouwen.
Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een geluidgevoelig gebouw, worden aanvullend de volgende gegevens verstrekt: een akoestisch onderzoek naar geluidsbelasting op het gebouw vanwege wegverkeer, spoorwegverkeer en industrie.
Dit artikel gaat over het verrichten van activiteiten die archeologische waarden raken in het werkingsgebied 'beschermingsgebied archeologische waarden 6'.
In het werkingsgebied 'beschermingsgebied archeologische waarden 6' worden de archeologische waarden bij het verrichten van activiteiten beschermd.
Als de inhoud van een ander onderdeel van dit plan in strijd is met een onderdeel van dit artikel dan gaat het onderdeel in dit artikel voor.
Het is verboden om in het werkingsgebied 'beschermingsgebied archeologische waarden 6' te bouwen.
1. Het verbod in lid 4 van dit artikel, geldt niet in het werkingsgebied 'beschermingsgebied archeologische waarden 6' als:
2. In afwijking van sub 1 van dit lid, geldt sub 1, onder b en c, niet als het om het bouwen van een bouwwerk gaat:
1. In afwijking van de regels in dit omgevingsplan over andere ter plaatse toegedeelde functies is het verboden zonder omgevingsvergunning in het werkingsgebied 'beschermingsgebied archeologische waarden 6' de volgende werkzaamheden of werken uit te voeren:
2. Van een verwachte verstoring als bedoeld in sub 1 van dit lid, onder b, sub 2, is in ieder geval sprake als de afstand tussen de funderingspalen kleiner is dan:
3. Sub 1 van dit lid, geldt niet in het werkingsgebied 'archeologische waarden 6' als het om werkzaamheden of werken gaat:
1. Een omgevingsvergunning als bedoeld in sub 1 van lid 6 van dit artikel, voor het uitvoeren van werkzaamheden of werken, kan alleen worden verleend als:
1. Dit artikel gaat over een ondersteunende activiteit aan een activiteit (hoofdactiviteit) met gebruiksruimte.
2. Dit artikel geldt niet bij de activiteit wonen.
1. Een ondersteunende activiteit bij een activiteit met gebruiksruimte kan worden verricht als:
Dit artikel gaat over het gaat over het in voldoende mate voorzien in ruimte voor het parkeren en stallen en voor het laden en lossen van voertuigen, bij het gebruik van gronden en bouwwerken.
Bij een aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in lid 2 van dit artikel, worden gegevens en bescheiden verstrekt over de inrichting van parkeervoorzieningen op het eigen terrein.
Bij toepassing van lid 2 van dit artikel kunnen voorschriften aan de omgevingsvergunning worden verbonden die nodig zijn om het behoud van een voldoende aantal parkeerplaatsen te waarborgen.
Het bevoegd gezag past de in sub 2 van lid 2 genoemde regels toe met inachtneming van de beleidsregels zoals die gelden ten tijde van de ontvangst van de aanvraag om een omgevingsvergunning.
Het bevoegd gezag kan afwijken van lid 2 van dit artikel, als:
Deze afdeling gaat over activiteiten met betrekking tot wegen, water en overige gronden in de openbare ruimte.
In en met betrekking tot de openbare ruimte worden de volgende activiteiten verricht:
1. In het werkingsgebied 'groenstrook' is het bepaalde in artikel 22.36 van dit omgevingsplan en het bepaalde in artikel 9.5 van dit plan niet van toepassing;
2. In het werkingsgebied 'groenstrook' is het aandeel verharding niet meer dan 25% van de gronden.
1. Dit artikel gaat over het verrichten van bedrijfsactiviteiten.
2. Dit artikel gaat niet over regels met betrekking tot milieu als bedoeld in hoofdstuk 22 van het Omgevingsplan
1. In het werkingsgebied 'bedrijfsactiviteit' worden bedrijfsactiviteiten verricht.
2. Artikel 5, eerste lid, geldt niet voor:
3. In het werkingsgebied 'bedrijf – categorie 2' worden bedrijfsactiviteiten verricht tot maximaal bedrijfscategorie 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten behorend bij dit omgevingsplan.
Dit artikel gaat over het verrichten van zelfstandige dienstverleningsactiviteiten.
In het werkingsgebied 'dienstverleningsactiviteiten' worden zelfstandige dienstverlenende activiteiten verricht.
1. Dit artikel gaat over het verrichten van zelfstandige maatschappelijke activiteiten.
2. Bij de toepassing van dit artikel worden onder maatschappelijke activiteiten verstaan activiteiten gericht op educatie, kinderopvang, buitenschoolse opvang, verenigingsleven, gezondheidszorg, welzijn, levensbeschouwing en openbare dienstverlening.
1. Dit artikel gaat over het gebruik van gronden en bouwwerken voor wonen.
2.Dit artikel gaat over het verrichten van een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit.
3. Dit artikel gaat over het gebruik van een woning voor toeristisch verblijf.
Als bij wonen wordt voldaan aan dit artikel is geen omgevingsvergunning nodig voor het gebruik van de gronden en bouwwerken voor wonen.
1. In het werkingsgebied 'wonen' wordt in een woning gewoond.
2. In een woning woont maximaal één huishouden.
1. Bij een woning kan een aan huis verbonden beroep- of bedrijfsactiviteit worden verricht als:
a. deze wordt verricht in een woning of in een bijbehorende bouwwerk;
b. degene die de activiteit verricht zijn vaste woon- en verblijfsplaats in de woning heeft;
c. het geen horeca-activiteit is;
d. het niet om seksuele dienstverlening gaat;
e. de activiteit maximaal bedrijfscategorie 1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten is;
f. de activiteit niet leidt tot geluidhinder of geurhinder;
g. het vloeroppervlakte voor de activiteit maximaal 40% van het brutovloeroppervlak van de woning en bijbehorende bouwwerken is, tot maximaal 50 m2; en
h. het geen detailhandel is, tenzij dit ondergeschikt is aan de beroeps- of bedrijfsactiviteit.
In afwijking van lid 3, sub 3, van dit artikel, kan in een woning ook onzelfstandige woonruimte aanwezig zijn voor verhuur aan een persoon buiten het huishouden van de hoofdbewoner als:
a. de hoofdbewoner zijn vaste woon- of verblijfplaats in de woning heeft;
b. het huishouden van de hoofdbewoner minimaal 60 % van het vloeroppervlak van de woning zelf bewoont;
c. er maximaal twee onzelfstandige woonruimten in de woning worden verhuurd; en
d. er per verhuurde onzelfstandige woonruimte maximaal één bewoner is.
Een woning kan als toeristisch verblijf voor vakantieverhuur worden gebruikt als:
a. de woning een zelfstandige woonruimte is;
b. de hoofdbewoner zijn vaste woon- of verblijfplaats in de woning heeft;
c. de vakantieverhuur maximaal 30 dagen per jaar plaatsvindt; en
d. er aan maximaal 6 personen per nacht onderdak wordt verleend.