| Plan: | TAM-omgevingsplan Het Ambacht |
|---|---|
| Status: | ontwerp |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0345.TAMAmbacht-ow01 |
Preambule
Dit plan beoogt een bestaand bedrijventerrein te laten transformeren naar een gemengd woongebied. Het gaat om bedrijventerrein Het Ambacht in Veenendaal.
Juridisch is het plan een nieuw hoofdstuk in het omgevingsplan van de gemeente Veenendaal (hierna: het omgevingsplan). De in deze wijziging van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als afdelingen van hoofdstuk 22b van het omgevingsplan. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22b' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22b' gelezen worden.
Voor de toepassing van dit TAM-omgevingsplan gelden de volgende begripsbepalingen:
artikel 1.1 van het Omgevingsbesluit, artikel 1.1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, artikel 1.1 van het Besluit activiteiten leefomgeving, artikel 1.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, artikel 1.1 van het Omgevingsbesluit en artikel 1.1 van de Omgevingsregeling zijn van overeenkomstige toepassing op dit TAM-omgevingsplan, tenzij hierna daarvan is afgeweken.
het omgevingsplan van de gemeente Veenendaal.
het TAM-omgevingsplan 'TAM-omgevingsplan Het Ambacht' met identificatienummer NL.IMRO.0345.TAMAmbacht-ow01 van de gemeente Veenendaal.
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het uitvoeren van activiteiten.
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
een van de weg of openbaar toegankelijk gebied afgekeerde gevel van een (hoofd)gebouw.
voorzieningen die een onderdeel vormen van en ondergeschikt zijn aan een activiteit of functie.
een buiten de gevel stekende constructieve open buitenruimte van een gebouw die niet verbonden is met de begane grond of een aan- of uitbouw.
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouw zijnde.
Legaal bouwwerk dat op het moment van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan bestaat of wordt gebouwd, dan wel nadien mag worden gebouwd op grond van een verleende omgevingsvergunning.
de grens van een locatie waarbinnen bouwactiviteiten zijn toegelaten.
een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en de kap en met uitsluiting van onderbouw.
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
de grens van een bouwperceel.
bruto-vloeroppervlakte als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving.
college van burgemeester en wethouders.
de verhoogde dakrand bij een platdak.
het deel van het dakvlak dat uitsteekt buiten de gevel.
een woning bestaande uit tenminste twee bouwlagen die rechtstreeks toegankelijk is vanaf het parkeerdek met een terras en of tuin op het parkeerdek.
afrekening ten opzichte van een op grond van een kostenverhaalbeschikking betaalde kostenverhaalsbijdrage, als bedoeld in artikel 13.14, eerste lid, onder e, onder 2°, van de Omgevingswet.
een ondergeschikt uitgebouwd gedeelte (uitbouw) van een woning aan een gevel van één bouwlaag.
financiële bijdrage als bedoeld in artikel 13.23, eerste lid, van de Omgevingswet.
parkeervoorziening die integraal onderdeel uitmaakent van een (hoofd)gebouw.
een al dan niet gebouwde voorziening kennelijk bedoeld voor het beperken van geluidhinder, zoals een geluidscherm of een geluidwal.
een woning bestaande uit tenminste twee bouwlagen die rechtstreeks toegankelijk is op het straatniveau met een terras en of tuin op de begane grond en waarvan een van de woonlagen aansluit op het maaiveld.
persoon of groep personen die een huishouding voert, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan.
de waarde zoals bedoeld in artikel 8.17 van het Omgevingsbesluit onderscheiden in:
voorzieningen ten behoeve van verkeer en waterhuishouding zoals stuwen, bruggen, tunnels, duikers, aanlegsteigers, vlonders, kadewanden, keermuren, lichtmasten, beeldende kunst, openbaar vervoer haltes, stallingsruimten, verkeersborden, verkeersgeleiders, verkeersregelinstallaties en afvalcontainers, alsmede parkeervoorzieningen, toegangssystemen, geluidbeperkende voorzieningen en soortgelijke voorzieningen.
woning van minimaal 40 m² bedoeld voor een huishouden met leden tot maximaal 27 jaar oud met een huur niet hoger dan de eerste aftoppingsgrens als bedoeld in artikel 20, lid 2, onder a van de Wet op de huurtoeslag.
de digitale voorstelling van de in dit plan opgenomen digitale ruimtelijke informatie.
kostensoort aangewezen op grond van artikel 8.15 van het Omgevingbesluit, waarvan de kosten verhaalbaar zijn via een kostenverhaalbeschikking.
lijst van verhaalbare kostensoorten, bedoeld in bijlage IV van het Omgevingsbesluit.
besluit waarbij het bedrag aan kostenverhaal (de kostenverhaalbijdrage) wordt bepaald dat de aanvrager moet betalen, als bedoeld in artikel 13.18 van de Omgevingswet.
geldsom die verschuldigd is op grond van een kostenverhaalsbeschikking als bedoeld in artikel 13.18 van de Omgevingswet.
gebied waarvoor kostenverhaalregels gelden, als bedoeld in artikel 13.14, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet. De kosten worden omgeslagen over alle in het kostenverhaalsgebied voorziene kostenverhaalplichtige activiteiten.
activiteiten (bouwplannen), als bedoeld in artikel 8.13 van het Omgevingsbesluit, waarbij het kostenverhaal in rekening kan worden gebracht op grond van afdeling 13.6 van de Omgevingswet.
onmiddellijk nadat het voertuig tot stilstand is gebracht bij voortduring inladen of uitladen van goederen van enige omvang of enig gewicht, gedurende de tijd die daarvoor nodig is.
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waarmee ingevolge de regels bepaalde activiteiten zijn toegelaten.
de grens van een locatie.
het principe dat kosten slechts verhaald kunnen worden tot ten hoogste het bedrag van de opbrengsten van het kostenverhaalsgebied, zoals vastgelegd in artikel 13.14, tweede lid, van de Omgevingswet.
voorzieningen ten behoeve van (de aansluiting op) het openbare net van gas, water, elektriciteit, riolering, stadsverwarming, energienetwerk en het telecommunicatieverkeer of daaraan gelijk te stellen voorzieningen.
een (gedeelte van een) bouwwerk, waarvan de vloer is gelegen beneden peil.
een bijbehorend bouwwerk in de vorm van een bouwwerk van één bouwlaag dat dient ter overdekking en waarvan de steunconstructie uit ten hoogste één wand bestaat.
parkeervoorziening van één bouwlaag die is voorzien van een toegankelijk dak voor in ieder geval voetgangers en niet voor motorvoertuigen.
zelfstandige parkeervoorziening bestaande uit meerdere bouwlagen op een centrale locatie waar parkeren gecombineerd wordt met andere vervoersmogelijkheden, zoals het openbaar vervoer, (deel)mobiliteit en andere ondersteunende voorzieningen.
een aaneengesloten stuk grond waarop krachtens het plan een zelfstandige, bij elkaar horende bebouwing is toegelaten.
de grens van een perceel.
de begane grond van een gebouw, welke anders is uitgevoerd of een andere functie heeft dan de rest van het gebouw.
een grondgebonden woning of een dekgebonden woning.
een zelfstandig (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de uitoefening van een gebruiksactiviteit, anders dan wonen of zorgwonen, en is voorzien van een eigen toegang.
vervoermiddel dat dient om goederen of personen over land te vervoeren.
de naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde gevel waar de entree zich bevindt, erkers, luifels e.d. niet meegerekend.
de denkbeeldige lijn waarop de voorgevel(s) van een hoofdgebouw is/zijn geplaatst.
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor huisvesting van maximaal 1 huishouden en is voorzien van een eigen toegang, keuken, wasgelegenheid en toilet.
een woning.
een woning met eigen afsluitbare toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gedeelde verkeersruimte, eigen keuken, toilet en/ of wasgelegenheid.
een gevel van een (hoofd)gebouw, niet zijnde een voor- of achtergevel.
een zorgeenheid waarin iemand woont die een zorgindicatie heeft met zorgzwaarteprofiel Verpleging & Verzorging 4 (VV4) of hoger en die op een intramurale titel zorg ontvangt.
In aanvulling op artikel 22.24 van het plan, gelden de volgende meet- en rekenbepalingen:
tussen de verst van elkaar gelegen punten van die bouwwerken, horizontaal, dan wel verticaal gemeten;
de kortste afstand tussen de grens van een bouwperceel en enig punt van het op het bouwperceel voorkomende of nog te bouwen gebouw;
de kortste afstand tussen de buitenwerkse gevelvlakken van de gebouwen;
vanaf het peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend;
gemeten (op alle bouwlagen) op vloerniveau langs de buitenomtrek van de opgaande scheidingsconstructies, of tot het hart van de desbetreffende scheidingsconstructie, indien de binnenruimte van het gebouw grenst aan de binnenruimte van een ander gebouw;
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
vanaf peil tot aan het hoogste punt van de eerste verdiepingsvloer;
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak;
tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels (en/of hart van scheidingsmuren);
de hoogte van het snijpunt van het dakvlak met het zijdelingse gevelvlak, gemeten vanaf het peil;
de horizontale projectie van de ruimte tussen de harten van de vloeren of balklagen.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen;
voor het meten van maten geldt dat uitstekende delen van ondergeschikte aard tot maximaal 0,5 meter buiten beschouwing blijven, zoals bij dakgoten, dakopstanden, dakoverstekken, regenafvoerpijpen, rookgasafvoeren en kleine schoorstenen;
Niet genoemde gebruiks- en bouwactiviteiten en gebruiks- en bouwactiviteiten die in strijd zijn met de regels in dit TAM-omgevingsplan zijn verboden, met uitzondering van bestaande bouwwerken.
In afwijking van de in het tijdelijke deel van het omgevingsplan van de gemeente Veenendaal opgenomen nota bodembeheer, zijn de gronden ter plaatse van de aanduiding ‘overige zone - bodemfunctieklasse wonen’ aangewezen als gebied met bodemfunctieklasse wonen zoals bedoeld in artikel 5.89p van het Besluit kwaliteit leefomgeving.
De locatie 'Bouwveld' is aangewezen als bouwveld.
De locatie 'Bouwveld met stadswoning 1' is aangewezen als bouwveld waarbinnen stadswoningen kunnen worden gerealiseerd.
De locatie 'Bouwveld met stadswoning 2' is aangewezen als bouwveld waarbinnen stadswoningen kunnen worden gerealiseerd.
De locatie 'Bouwveld met stadswoning 3' is aangewezen als bouwveld waarbinnen stadswoningen kunnen worden gerealiseerd.
De locatie 'Bouwveld type A' is aangewezen als bouwveld type A zoals bedoeld in de beleidsregel 'Spelregels beeldkwaliteit Het Ambacht'.
De locatie 'Bouwveld type B' is aangewezen als bouwveld type B zoals bedoeld in de beleidsregel 'Spelregels beeldkwaliteit Het Ambacht'.
De locatie 'Bouwveld type C' is aangewezen als bouwveld type C zoals bedoeld in de beleidsregel 'Spelregels beeldkwaliteit Het Ambacht'.
De locatie 'Interferentiegebied Het Ambacht' is aangewezen als interferentiegebied.
De locatie 'Parkzone' is aangewezen als zone waarbinnen het park wordt gerealiseerd.
De locatie 'Zoekgebied gebouwde parkeervoorziening' is aangewezen als zoekgebied voor een gebouwde parkeervoorziening.
De locatie 'Zoekgebied parkeerdek' is aangewezen als zoekgebied voor een parkeerdek.
De locatie 'Zoekgebied parkeerhub 1' is aangewezen als zoekgebied voor een parkeerhub.
De locatie 'Zoekgebied parkeerhub 2' is aangewezen als zoekgebied voor een parkeerhub.
De locatie 'Zoekgebied parkeerhub 3' is aangewezen als zoekgebied voor een parkeerhub.
De locatie 'Zoekgebied parkeerhub 4' is aangewezen als zoekgebied voor een parkeerhub.
De locatie 'Zoekgebied parkeerhub 5' is aangewezen als zoekgebied voor een parkeerhub.
De regels van dit artikel zijn van toepassing op het ontwikkelen van bouwveld type A en bouwveld type B ter plaatse van de locaties 'Bouwveld type A' en 'Bouwveld type B'.
Voor de ontwikkeling van een bouwveld moet aan de volgende uitgangspunten worden voldaan:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op het ontwikkelen van bouwvelden ter plaatse van de locatie 'Bouwveld'.
Voor de ontwikkeling van een bouwveld moet voor waterberging aan de volgende uitgangspunten worden voldaan:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op het ontwikkelen van bouwvelden ter plaatse van de locatie 'Bouwveld'.
Ter plaatse van de locatie 'Zoekgebied parkeerdek' is het toegestaan een parkeerdek te realiseren.
Ter plaatse van de locatie 'Zoekgebied gebouwde parkeervoorziening' moet een gebouwde parkeervoorziening worden gerealiseerd.
De regels van dit artikel zijn van toepassing op gebruiksactiviteiten.
In aanvulling op hoofdstuk 5 van het plan is het verboden om de volgende gebruiksactiviteiten te verrichten:
Voor het wijzigen van gebruiksactiviteiten waarbij sprake is van een toename van de parkeerbehoefte, geldt de voorwaarde dat voldoende parkeergelegenheid beschikbaar is. Of daarvan sprake is wordt beoordeeld aan de hand van de beleidsregels “Notitie Parkeernormen Veenendaal 2020, herziening 2023” en wijzigingen of rechtsopvolgers daarvan zoals deze geldt ten tijde van wijziging van gebruiksactiviteiten.
Voor het wijzigen van gebruiksactiviteiten geldt de voorwaarde dat in voldoende mate in de behoefte aan ruimte voor het laden en lossen van goederen wordt voorzien. Of daarvan sprake is wordt beoordeeld aan de hand van de beleidsregels “Notitie Parkeernormen Veenendaal 2020, herziening 2023” en wijzigingen of rechtsopvolgers daarvan zoals deze geldt ten tijde van wijziging van gebruiksactiviteiten.
Bedrijfsactiviteiten in milieucategorie 2 zijn toegestaan.
De regels van dit artikel zijn van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken voor een vishandel op de locatie 'Bedrijf - Gebruik voor vishandel - toegestaan'.
Het gebruik voor vishandel is toegestaan, met dien verstande dat het gebruik voor vishandel niet mag worden hervat als dit gebruik gedurende een onafgebroken periode van ten minste één jaar gestaakt is geweest.
De tijdelijke bedrijfsactiviteiten zoals genoemd in bijlage 2, zoals die voorafgaand aan de inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan bestonden, mogen worden voortgezet tot en met het jaartal zoals genoemd in kolom E van de tabel in bijlage 2. In de tabel in bijlage 2 wordt ook het bestaande gebruik benoemd.
De gezamenlijke oppervlakte die mag worden gebruikt voor detailhandelsactiviteiten en supermarktactiviteiten bedraagt op de locaties 'Detailhandel - Detailhandelsactiviteiten op de begane grond - toegestaan' en 'Detailhandel - Supermarktactiviteiten op de begane grond - toegestaan' niet meer dan 2.400 m2 bvo, waarbij de oppervlakte die wordt gebruikt voor inpandig laden en lossen ten behoeve van de supermarktactiviteit niet wordt meegerekend.
Dienstverlenende activiteiten zijn toegestaan.
Het gebruik voor een pakketpunt is in of aan de plint van een parkeerhub toegestaan.
Kantooractiviteiten zijn toegestaan.
De regels van dit artikel zijn van toepassing op activiteiten ter plaatse van de locatie 'Groen - Activiteiten binnen groen - toegestaan'.
De volgende activiteiten zijn toegestaan:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op het gebruik van gronden en bouwwerken voor een terras ter plaatse van de locatie 'Horeca - Gebruik voor terras - vergunningplicht'.
Het gebruiken van gronden voor een terras is verboden zonder omgevingsvergunning.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 41.2 wordt alleen verleend als:
Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 41.2 van dit TAM-omgevingsplan worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 41.2 van dit TAM-omgevingsplan kunnen voorschriften worden verbonden, in ieder geval over:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op activiteiten ter plaatse van de locatie 'Verkeer - Activiteiten binnen verkeer - toegestaan'.
De volgende activiteiten zijn toegestaan:
Parkeeractiviteiten zijn toegestaan als:
Tijdelijke parkeeractiviteiten zijn verboden zonder omgevingsvergunning.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 47.2 van dit TAM-omgevingsplan wordt alleen verleend als:
Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 47.2 van dit TAM-omgevingsplan worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 47 van dit TAM-omgevingsplan kunnen voorschriften worden verbonden, in ieder geval over:
Wonen is verboden zonder omgevingsvergunning.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 49.2 wordt alleen verleend als:
Wonen op de verdieping is verboden zonder omgevingsvergunning.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 50.2 wordt alleen verleend als:
Zorgwonen is verboden zonder omgevingsvergunning.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 51.2 wordt alleen verleend als:
De uitoefening van een beroep of bedrijf aan huis is toegestaan als:
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van bouwwerken.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven, of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
In afwijking van artikel 22.7 van het plan geldt dat het uiterlijk van de volgende bouwwerken niet in ernstige mate in strijd mag zijn met de redelijke eisen van welstand, beoordeeld aan de hand van beleidsregel 'Spelregels beeldkwaliteit Het Ambacht' of diens rechtsopvolger:
In afwijking van artikel 22.29, eerste lid, onder b, van het plan wordt de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een bouwwerk, alleen verleend als:
Voordat wordt besloten op de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan, wint het college advies in van de adviescommissie ruimtelijke kwaliteit.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt alleen verleend als:
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van gebouwen ter plaatse van de locatie 'Gebouw bouwen - vergunningplicht' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan, tenzij toepassing kan worden gegeven aan artikel 56 of artikel 57 van dit TAM-omgevingsplan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een gebouw, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een gebouw, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden over onder andere:
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van hoofdgebouwen ter plaatse van de locatie 'Hoofdgebouw bouwen - vergunningplicht' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een hoofdgebouw, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een hoofdgebouw, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden over onder andere de borging van de maatregelen die nodig zijn op grond van het Puntensysteem Omgevingsvisie Veenendaal.
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van bijbehorende bouwwerken ter plaatse van de locatie 'Bijbehorend bouwwerk bouwen - toegestaan' en geldt als aanvulling op artikel 22.27 of artikel 22.36 van het plan.
Bij de toepassing van artikel 22.27 en 22.36 van het plan moet ook worden voldaan aan de volgende regels:
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van bijbehorende bouwwerken ter plaatse van de locatie 'Bijbehorend bouwwerk bouwen - meldingsplicht', tenzij toepassing kan worden gegeven aan artikel 56 van dit TAM-omgevingsplan en artikel 22.27 of artikel 22.36 van het plan.
De melding als bedoeld in artikel 57.2 bevat in ieder geval:
Dit artikel is van toepassing op het bouwen, verbouwen en in stand houden van bijbehorende bouwwerken ter plaatse van de locatie 'Bijbehorend bouwwerk bouwen - vergunningplicht' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan, tenzij toepassing kan worden gegeven aan artikel 56 of artikel 57 van dit TAM-omgevingsplan en artikel 22.27 of artikel 22.36 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een bijbehorend bouwwerk, alleen verleend als:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden.
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van balkons ter plaatse van de locatie 'Balkon bouwen - vergunningplicht' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 en artikel 22.35 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een balkon, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een balkon, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden.
Dit artikel is van toepassing op het bouwen en in stand houden van luifels ter plaatse van de locatie 'Luifel bouwen - vergunningplicht' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 en artikel 22.35 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een luifel, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een luifel, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een ander bouwwerk, alleen verleend als:
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een ander bouwwerk, alleen verleend als:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden.
De aanvrager is verantwoordelijk voor het realiseren en de daartoe benodigde aanvragen en coördinatie van de benodigde nutsvoorzieningen en riolering binnen de locatie waar de aanvraag op ziet. Indien de gemeente voor voorzieningen de nutsleverancier is, zullen de partijen nadere afspraken maken.
De openbare ruimte wordt in beheer en overgedragen aan het college nadat de aanlegactiviteit conform de Inrichtingseisen Veenendaalse Openbare Ruimte (IVOR) of een daarvoor in de plaats tredende regeling en bijlage 3.
Het aanleggen van de openbare ruimte is toegestaan als de uitvoering door of in opdracht van de gemeente plaatsvindt.
Het aanleggen van de openbare ruimte is verboden zonder omgevingsvergunning.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 64.2 van dit TAM-omgevingsplan wordt alleen verleend als:
Bij de aanvraag om een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 64.2 van dit TAM-omgevingsplan worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Dit artikel is van toepassing op het aanleggen en in stand houden van gesloten bodemenergiesystemen ter plaatse van de locatie 'Gesloten bodemenergiesysteem aanleggen - verbod'.
Het is verboden een gesloten bodemenergiesysteem aan te leggen en in stand te houden.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het aanleggen en in stand houden van van een gesloten bodemenergiesysteem ter plaatse van de locatie 'Gesloten bodemenergiesysteem aanleggen - vergunningplicht' en geldt als aanvulling op artikel 22.260 van het plan.
In aanvulling op artikel 22.260, derde lid, van het plan, wordt de omgevingsvergunning op grond van artikel 22.260, eerste lid, van het plan alleen verleend als:
Voordat wordt besloten op de aanvraag op grond van artikel 22.260 van het plan, wint het college advies in bij Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht omtrent de vraag of de aanleg van het gesloten bodemenergiesysteem effecten heeft op andere in de nabije omgeving aan te leggen open bodemenergiesystemen.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het bouwen van een geluidgevoelig gebouw ter plaatse van de locatie 'Bouwveld'.
De waarde van het gezamenlijke geluid bedraagt op de bouwvelden, die zijn weergegeven in de figuur in bijlage 4, niet meer dan de waarde die is aangegeven in tabel 8.1.
Tabel 8.1
| Nummer van het toetspunt | Waarde van het gezamenlijk geluid in dB voor het Lden |
| Bouwveld 1 | 63 |
| Bouwveld 2 | 62 |
| Bouwveld 3 | n.v.t. |
| Bouwveld 4 | n.v.t. |
| Bouwveld 5 | n.v.t. |
| Bouwveld 6 | 61 |
| Bouwveld 7 | n.v.t. |
| Bouwveld 8 | n.v.t. |
| Bouwveld 9 | n.v.t. |
| Bouwveld 10 | 60 |
| Bouwveld 11 | 60 |
| Bouwveld 12 | 57 |
| Bouwveld 13 | 57 |
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het bouwen van geluidgevoelige gebouwen ter plaatse van de locatie 'Geluidluwe gevel en buitenruimte' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een geluidgevoelig gebouw, alleen verleend als:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het bouwen van gebouwen ten behoeve van het gebruik voor een integraal kindcentrum als bedoeld in artikel 43 van dit TAM-omgevingsplan ter plaatse van de locatie 'Maatschappelijk - Gebruik voor IKC - toegestaan' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een gebouw ten behoeve van het gebruik voor een integraal kindcentrum, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een gebouw ten behoeve van het gebruik voor een integraal kindcentrum, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden, in ieder geval over:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het bouwen van gebouwen ten behoeve van het gebruik voor wonen als bedoeld in artikel 49 en 50 van dit TAM-omgevingsplan of zorgwonen als bedoeld in artikel 51 van dit TAM-omgevingsplan ter plaatse van de locatie 'Stemgeluid vanwege activiteiten' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een gebouw ten behoeve van het gebruik voor wonen of zorgwonen, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een gebouw ten behoeve van het gebruik voor wonen of zorgwonen, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het bouwen van gebouwen ten behoeve van het gebruik voor wonen als bedoeld in artikel 49 en 50 van dit TAM-omgevingsplan of zorgwonen als bedoeld in artikel 51 van dit TAM-omgevingsplan ter plaatse van de locatie 'Omliggende bedrijven' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een gebouw ten behoeve van het gebruik voor wonen of zorgwonen, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een gebouw ten behoeve van wonen, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden over onder andere:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op het bouwen van bouwwerken met een bouwhoogte van 30 meter of hoger ter plaatse van de locatie 'Bouwveld' en geldt als aanvulling op artikel 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt, voor het bouwen van een bouwwerk met een bouwhoogte van 30 meter of hoger, alleen verleend als:
In aanvulling op artikel 22.35 van het plan worden bij een aanvraag om een omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan, voor het bouwen van een bouwwerk met een bouwhoogte van 30 meter of hoger, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Als in de directe omgeving van het nieuw te bouwen bouwwerk ontwikkelingen zijn te verwachten waarvoor weliswaar nog geen omgevingsvergunning op grond van artikel 22.26 van het plan is aangevraagd, maar waarvan dit op korte termijn is te verwachten, kan het bevoegd gezag een maatwerkvoorschrift stellen dat ook die ontwikkelingen worden betrokken in het onderzoek zoals bedoeld in artikel 72.3 onder a van dit TAM-omgevingsplan.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie 'overige zone - kostenverhaalsgebied Het Ambacht'.
Bij toepassing van deze regels kostenverhaal wordt conform artikel 13.14 Omgevingswet een tijdvak voor de uitvoering van de werken, werkzaamheden en maatregelen en de activiteiten vastgesteld (keuze voor systeem met tijdvak). Het tijdvak bedraagt 15 jaar.
De werken, werkzaamheden en maatregelen die ten dele worden toegerekend aan kostenverhaalsgebied Het Ambacht zijn opgenomen in tabel 9.1 en worden voor het daarbij vermelde percentage toegerekend aan het kostenverhaalsgebied.
Tabel 9.1 Toerekening bovenwijkse afdrachten
| Omschrijving | Totaal kosten | Toerekeningspercentage | Toerekenbaar | ||
| Park ten zuiden van Het Ambacht | € 944.000 | 52% | € 494.000 | ||
De totale aan kostenverhaalsgebied toe te rekenen kosten worden geraamd op € 147.534.000,- (prijspeil 1 juli 2025). De raming van de kosten is opgenomen in tabel 9.2.
Tabel 9.2 Raming totale kosten (prijspeil 1 juli 2025)
| Omschrijving | Kosten |
| Inbrengwaarden | € 66.360.000,- |
| Bouw- en woonrijp maken | € 16.527.000,- |
| Parkeerhubs | € 37.500.000,- |
| Stadsverwarming | € 15.925.000,- |
| Plankosten | € 7.425.000,- |
| Nadeelcompensatie | € 80.000,- |
| Tijdelijk beheer | € 700.000,- |
| Bovenwijkse afdrachten | € 3.017.000,- |
| Totale kosten | € 147.534.000,- |
Voor het berekenen van de opbrengst van de gronden worden de in tabel 9.3 genoemde activiteiten onderscheiden en wordt de opbrengst per onderscheiden basiseenheid op het daarbij bepaalde bedrag geraamd.
Tabel 9.3 Raming grondopbrengsten per activiteit (prijspeil 1 juli 2025)
| Omschrijving | Opbrengsten |
| Sociale huurwoning | € 7.764.000,- |
| Jongerenwoning | € 2.363.000,- |
| Betaalbaar - klein | € 13.591.000,- |
| Betaalbaar - midden | € 14.598.000,- |
| Betaalbaar - groot | € 15.773.000,- |
| Vrije sector - appartement | € 55.348.000,- |
| Vrije sector - stadswoning dek | € 10.338.000,- |
| Vrije sector - stadswoning tuin | € 13.096.000,- |
| Zorgwoning | € 1.778.000,- |
| Integraal Kindcentrum, buurthuis en gezondheidscentrum | € 963.000,- |
| Supermarkt | € 597.000,- |
| Overige voorzieningen | € 1.517.000,- |
| Parkeerhubs | € 4.291.000,- |
| Subsidies | € 10.042.000,- |
| Totale opbrengsten | € 152.059.000,- |
Na vermindering van het totaal aan verhaalbare kosten met de opbrengst bedragen de te verhalen kosten € 137.492.000,-. De berekening van de totaal te verhalen kosten is opgenomen in tabel 9.4.
Tabel 9.4 Te verhalen kosten na macro-aftopping
| Omschrijving | Bedrag (prijspeil) | |
| Te verhalen kosten (totale kosten verminderd met subsidies van derden) |
€ 137.492.000,- | |
| Totale opbrengsten
(verminderd met subsidies van derden) |
€ 142.017.000,- | |
| Maximaal te verhalen kosten | € 137.492.000,- | |
De verhaalbare kosten worden over de activiteiten verdeeld aan de hand van tabel 9.5. De berekening van de kostenverhaalsbijdrage per eenheid is in de toelichting opgenomen.
Tabel 9.5 Verdeling van de kosten over activiteiten
| Activiteit | Eenheid | Kostenverhaalsbijdrage per eenheid |
| Sociale huurwoning | per stuk | € 16.628,- |
| Jongerenwoning | per stuk | € 16.628,- |
| Betaalbaar - klein of middenhuur | per m2 | € 827,- |
| Betaalbaar - midden | per m2 | € 827,- |
| Betaalbaar - groot | per m2 | € 827,- |
| Vrije sector - appartement | per m2 | € 790,- |
| Vrije sector - stadswoning dek | per m2 | € 516,- |
| Vrije sector - stadswoning tuin | per m2 | € 527,- |
| Zorgwoning | per m2 | € 247,- |
| Integraal kindcentrum, buurthuis en gezondheidscentrum | per m2 | € 247,- |
| Supermarkt | per m2 | € 597,- |
| Overige voorzieningen | per m2 | € 245,- |
| Parkeerhubs | per m2 | € 350,- |
Bij de aanvraag van een kostenverhaalsbeschikking worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
Bij de raming van de te verhalen kosten en opbrengsten, het vaststellen van een kostenverhaalsbeschikking, een eindafrekening of een eindafrekening op verzoek wordt een indexering op basis van de consumentenprijsindex (2025=100) reeks alle huishoudens toegepast.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie 'overige zone - financiële bijdragen Het Ambacht'.
Aantal woningen x normpercentage sociale huurwoningen = vereist aantal huurwoningen (afgerond naar één decimaal achter de komma).
Dit artikel is van toepassing op de bouwactiviteiten als bedoeld in artikel 22.26 van het plan en geldt als aanvulling op art 22.29 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt alleen verleend als:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden, in ieder geval over:
Dit artikel is van toepassing op de bouwactiviteiten als bedoeld in artikel 22.26 van het plan.
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan wordt alleen verleend als:
Aan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 van het plan kunnen voorschriften worden verbonden, in ieder geval over: