| Plan: | Bedrijventerrein Overvecht, 1e Herziening |
|---|---|
| Status: | onherroepelijk |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0344.HZBEDOVER1HERZ-0601 |
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de financiële aspecten van het bestemmingsplan. Het verruimen van gebruiksmogelijkheden uit het bestemmingsplan Bedrijventerrein Overvecht brengt met zich dat verplicht sprake kán zijn 'kostenverhaal'. Indien sprake is van een bouwplan (art. 6.2.1 Bro) en voor de goedkeuring van dit bouwplan een wijziging van een ruimtelijk besluit (bijv. bestemmingsplan) nodig is, is een gemeente conform de Wet ruimtelijke ordening verplicht om haar kosten op de initiatiefnemer te verhalen.
Onder bouwplannen worden in dit geval, onder andere, verstaan: de uitbreiding van een gebouw met een of meer woningen, een verbouwing van een gebouw ten behoeve van detailhandel, dienstverlening, kantoor of horecadoeleinden met een oppervlakte van meer dan 1.000 m2.
Deze kosten zijn limitatief opgenomen in de kostensoortenlijst (art. 6.2.3 t/m 6.2.6 Bro). Het gaat hierbij, onder meer, om planschadekosten, de kosten van het opstellen van gemeentelijke ruimtelijke plannen ten behoeve van het exploitatiegebied, de kosten van aanleg van voorzieningen in een exploitatiegebied. Bij dit laatste gaat het om voorzieningen zoals wegen, ongebouwde openbare parkeerplaatsen, rijwielpaden, infrastructuur voor openbaar vervoervoorzieningen met bijbehorende werken en bouwwerken voor zover de aanlegkosten bij de gemeente in rekening worden gebracht en niet via gebruikstarieven worden gedekt en straatmeubilair.
Er zijn drie soorten manieren voor gemeenten om kosten te verhalen bij initiatiefnemers van een project. Ten eerste een vrijwillige overeenkomst met een grondeigenaar; ook wel een anterieure overeenkomst genoemd. Dit is het uitgangspunt van de wet. Hierin kunnen beide partijen over alle mogelijke onderwerpen afspraken met elkaar maken. Wanneer de gemeente met één van de grondeigenaren geen anterieure overeenkomst heeft afgesloten, dan dient de gemeente een exploitatieplan op te stellen. Nadat een exploitatieplan opgesteld is kan de gemeente alsnog afspraken maken met een grondeigenaar. In deze posterieure overeenkomst kunnen echter enkel zaken worden behandeld die ook in het exploitatieplan staan vermeld. Toch kan dit voor zowel de gemeente dan wel de grondeigenaar voordelen hebben.
De grondexploitatiekosten worden in rekening gebracht bij de aanvraag om een bouwvergunning voor een bouwplan. Bij het opnemen van een wijzigingsbevoegdheid kan het kostenverhaal worden 'doorgeschoven' naar dit wijzigingsplan.