direct naar inhoud van 4.5 Verkeer en openbare ruimte
Plan: Bedrijventerrein Overvecht, 1e Herziening
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0344.HZBEDOVER1HERZ-0601

4.5 Verkeer en openbare ruimte

4.5.1 Parkeren

Gelet op de wens om functies op het bedrijventerrein te verruimen en te verbreden dient rekening te worden gehouden met een grotere parkeervraag. Doordat het terrein een hoog bebouwingspercentage heeft is parkeren op eigen terrein niet eenvoudig te realiseren. Parkeren op het terrein wordt voor een groot deel opgelost in de openbare ruimte. Bij functieverandering zal bij een aantal functies de parkeerdruk hoger worden. Het gaat dan met name om functies als wonen en 'woondetailhandel' (maximaal 25.000 m²), maar ook sport, horeca en onderwijs. Er zijn hierbij twee opties, ofwel er worden functies in de bestaande bebouwing ingepast ofwel de bestaande bebouwing wordt gesloopt en er komt nieuwbouw. Aangezien bij functieverandering de parkeernormen voor een aantal functies hoger zijn, wordt voor het berekenen van de extra benodigde parkeerplaatsen uitgegaan van de geldende parkeernormen die in 2006 door de gemeenteraad zijn vastgesteld. De genoemde kengetallen voor horeca zijn indicatief. Hier kan, mits voldoende gemotiveerd, van worden afgeweken.

Maatregelen parkeren

Voor elke bedrijf geldt dat ingeval van functiemenging:

  • Bij de herberekening van de extra benodigde parkeerplaatsen wordt uitgegaan van de minimale norm voor de nieuwe functie, verminderd met de norm die gold voor huidige bestemming. Een uitzondering hierop vormt de Franciscusdreef. Op de Franciscusdreef wordt voor de huidige bestemming uitgegaan van 0,5 parkeerplaatsen per 100m2 bedrijfsoppervlak in de openbare ruimte;
  • extra benodigde parkeerplaatsen dienen in eerste instantie op eigen terrein te worden gerealiseerd (eventueel in de bestaande bebouwing). Bij nieuwbouw kunnen de parkeerplaatsen geïntegreerd opgelost worden. Hierbij kan een gebouwde parkeervoorziening worden gerealiseerd. Het meest efficiënt zou zijn om een parkeervoorziening te realiseren die meerdere kavels tegelijkertijd bedient. Bijvoorbeeld een centrale voorziening ontsloten vanaf de zijstraten die tussen de bedrijven ligt;
  • indien bovenstaande maatregelen (aantoonbaar) niet voldoende parkeermogelijkheden bieden of niet realiseerbaar is, kan een parkeeronderzoek in de omgeving worden gedaan waarbij kan worden aangetoond dat de daadwerkelijke parkeerdruk in de omgeving ruimte biedt voor het opvangen van de extra benodigde parkeerplaatsen. Indien dit onderzoek gunstig uitvalt dan kunnen deze parkeerplaatsen benut worden. Daarnaast kan worden onderzocht of dubbelgebruik van parkeerplaatsen de parkeerbehoefte vermindert;
  • in tweede instantie kan door ondernemers en gemeente gezamenlijk worden onderzocht of het mogelijk is parkeerplaatsen toe te voegen in de openbare ruimte.

Naast deze ingrepen zijn ook maatregelen mogelijk in een aanpassing van het parkeerregime (bijvoorbeeld betaald parkeren, een blauwe zone invoeren).