direct naar inhoud van Bijlage bij regels
Plan: TAM-omgevingsplan Grote Esweg 4 Diffelen
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0160.0000TAM0029-VG01

Bijlage bij regels

Bijlage 1 bij Artikel 1.1 (Begripsbepalingen)

Bij Artikel 1 (Begripsbepalingen)

In dit 'TAM-omgevingsplan Grote Esweg 4 Diffelen' wordt verstaan onder:

  • 1. TAM-omgevingsplan:

een wijziging van het omgevingsplan die technisch gezien loopt via www.ruimtelijkeplannen.nl in plaats van via de Landelijke voorziening bekendmaken en beschikbaar stellen (LVBB).

  • 2. Aanbouw:

een bouwwerk dat is gebouwd aan een gebouw; het bouwwerk onderscheidt zich van een gebouw door de vorm en is architectonisch ondergeschikt;

  • 3. Aanduiding:

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden;

  • 4. Aanduidingsgrens:

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft;

  • 5. Antenne-installatie:

installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie;

  • 6. Archeologisch onderzoek:

een rapport als bedoeld in artikel 7.199 van de Omgevingsregeling;

  • 7. Archeologische (verwachtings)waarde:

de aan een gebied toegekende (verwachtings)waarden in verband met de kennis en studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit in het verleden, ten minste ouder dan 50 jaar;

  • 8. Bebouwing:

een of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde;

  • 9. Bed and breakfast:

het tegen betaling aanbieden van toeristisch en kortdurend verblijf en ontbijt. Permanente bewoning van een bed and breakfast in een bijgebouw of bedrijfsgebouw is niet toegestaan;

  • 10. Bedrijf:

een onderneming gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen en het bedrijfsmatig verlenen van diensten;

  • 11. Bedrijfswoning/dienstwoning:

een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk alleen bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, van wie de huisvesting daar, gelet op de functie van het gebouw of het terrein, noodzakelijk is;

  • 12. Bestaand:
  • het gebruik dat op het tijdstip het laatste besluit tot wijziging van het omgevingsplan op de betreffende locatie rechtens aanwezig is en/of bebouwing die op dat tijdstip rechtens aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning;
  • het onder a bedoelde geldt niet voor zover sprake was van strijd met het voorheen geldende omgevingsplan, daaronder ook begrepen het overgangsrecht van het omgevingsplan, of een andere planologische toestemming;
  • 13. Bouwen:

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats;

  • 14. Bouwperceel:

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;

  • 15. Bouwvlak:

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouw zijnde, zijn toegestaan;

  • 16. Bouwwerk:

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond;

  • 17. Detailhandel:

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, het verkopen en leveren van goederen voor gebruik, verbruik of aanwending overwegend anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit;

  • 18. Eenvoudige dagrecreatieve voorziening:

extensieve, kleinschalige vormen van vrijetijdsbesteding met een maximale duur van een dag, waarbij geen overnachting plaatsvindt;

  • 19. erf:

al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw;

  • 20. gebouw:

elk bouwwerk, met uitzondering van windturbines, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

  • 21. Gebruik:

het gebruiken, doen gebruiken en/of laten gebruiken;

  • 22. Geurgevoelig gebouw:

een geurgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 5.91 van het Besluit kwaliteit leefomgeving;

  • 23. Horeca(bedrijf):

een bedrijf of instelling waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt;

  • 24. huishouden:

persoon of groep personen die een huishouden voert waarbij sprake is van een onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan, die binnen een woning gebruik maakt van dezelfde voorzieningen;

  • 25. internetwinkel:

specifieke vorm van detailhandel, waarbij de transactie via internet (of postorder) tot stand komt en waarbij afhalen, tonen en afrekenen van goederen niet ter plaatse gebeurt;

  • 26. Mantelzorg:

intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond;

  • 27. Nevenactiviteit:

een activiteit die in ruimtelijk en functioneel opzicht duidelijk ondergeschikt is aan de volgens de gebruiksregels toegestane hoofdfunctie op het perceel;

  • 28. Nutsvoorzieningen:

voorzieningen ten behoeve van het distributienet, het telecommunicatieverkeer, de afvalinzameling, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer;

  • 29. Opgraving:

archeologische maatregel waarbij een aangetroffen en gewaardeerde vindplaats ex situ wordt behouden;

  • 30. Opslag:

het opslaan of opgeslagen hebben van goederen en materialen, niet zijnde tijdelijke opslag;

  • 31. Overkapping:

een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een dak;

  • 32. Peil:
  • voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de bouwhoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang;
  • voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de bouwhoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw;
  • 33. Professionele hulpverlener:

een hulpverlener die, al dan niet als werknemer, activiteiten verricht voor een zorgverlenende organisatie of hulpbehoevende die is gericht op het verlenen van zorg of hulp aan hulpbehoevenden;

  • 34. Rooilijn:
  • langs een weg waar bestaande bebouwing is gesitueerd: de evenwijdig aan de as van de weg gelegen lijn die zoveel mogelijk aansluit aan de ligging van de naar de weg gekeerde gevels van de bestaande bebouwing;
  • langs een weg waarlangs geen bestaande bebouwing als onder a bedoeld is gesitueerd en waarlangs mag worden gebouwd: bij een wegbreedte van ten minste 10 m, de lijn gelegen op 15 m uit de as van de weg; bij een wegbreedte geringer dan 10 m, de lijn gelegen op 10 m uit de as van de weg;
  • 35. Schriftelijk advies:

een advies van een daartoe aangewezen instelling dat schriftelijk is verstrekt, waaronder in ieder geval wordt verstaan een e-mail, brief of via het samenwerkingsportaal of zaaksysteem van de gemeente Hardenberg;

  • 36. Schuilgelegenheid:

een gebouw met maximaal drie gesloten wanden, dat dient voor de beschutting van, al dan niet hobbymatig gehouden, dieren tegen weersinvloeden en ook voor de opslag van het voor deze dieren bestemde voer;

  • 37. seksinrichting:

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte, waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan; een seksbioscoop, een seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf, waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar;

  • 38. statische opslag:

(binnen)opslag van goederen die geen regelmatige verplaatsing behoeven, niet bestemd zijn voor handel en niet worden opgeslagen voor een elders gevestigd niet-agrarisch bedrijf, zoals (seizoen)stalling van (antieke) auto's, boten, caravans, campers en dergelijke;

  • 39. Technische installatie:

een voor de bedrijfsvoering benodigde installatie;

  • 40. (ver)bouwen:

het bouwen, herbouwen, verbouwen danwel uitbreiden van een gebouw;

  • 41. Voorgevel:

de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw;

  • 42. Voorgevelrooilijn:

de lijn die horizontaal loopt door het buitenwerks vlak van de voorgevel van het hoofdgebouw, tot aan de perceelsgrenzen;

  • 43. Vrijstaand:

op zichzelf staand, niet aan iets anders vastgebouwd;

  • 44. Waterhuishoudkundige voorzieningen:

voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit.

  • 45. Waterpeil:

de hoogte (het niveau) van de waterspiegel gemeten naar NAP op het moment van aanvraag van de vergunning of bestemmingswijziging. Dit kan betrekking hebben op zowel oppervlaktewater als grondwater;

  • 46. Windturbine:

een door de wind aangedreven bouwwerk waarmee energie wordt opgewekt, inclusief de bij dit bouwwerk behorende (infrastructurele) voorzieningen;

  • 47. Wonen:

activiteit inhoudende de bewoning van een woning;

  • 48. Woning:

een ruimte of complex van ruimten, bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden;

  • 49. Zonnecollectoren:

collectoren voor warmteopwekking of een paneel voor elektriciteitsopwekking;

  • 50. Zorgboerderij:

een zorgfunctie waarbij de sociaal-medische opvang van personen, al dan niet in de vorm van het ter plaatse woonachtig zijn, en al dan niet gecombineerd wordt met agrarische activiteiten, in dié zin dat de personen behulpzaam zijn bij de agrarische of natuurbeherende activiteiten;

  • 51. Zorgwoning:

complex van ruimten, bedoeld voor de huisvesting van één of meerdere personen van een specifieke doelgroep die zorg nodig heeft.

Bijlage 2 (Lijst toegestane kleinschalige bedrijfsactiviteiten)

  • Kantoren / dienstverlening (waaronder banken, verzekeringsorganisaties, verhuur van onroerend goed, handelsbemiddeling, reisorganisaties en hondentrimsalons)
  • Telecommunicatiebedrijven, computerservice- en informatietechnologiebureau's
  • Uitgeverijen, drukkerijen en kopieerinrichtingen
  • Grafische afwerking, reproductiebedrijven opgenomen pedia, foto en filmontwikkelingcentrales
  • Studio's (film, TV, radio, geluid)
  • Wetenschappelijk onderzoek en opleiding/onderwijs
  • Reparatie van kantoormachines en computers
  • Reparatie ten behoeve van particulieren (excl. motorvoertuigen, vaartuigen en caravans)
  • Ateliers
  • Meubelstoffeerderijen
  • Schoonheidssalons
  • Plantsoendiensten en hoveniersbedrijven
  • Uitvaartcentra
  • Bed & breakfasts
  • Gastouderopvang (kinderopvang t/m 6 kinderen)
  • Internetwinkels