direct naar inhoud van Hoofdstuk 1 Inleiding
Plan: Muldersweg ong.
Status: onherroepelijk
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0150.P244-OH01

Hoofdstuk 1 Inleiding

Aanleiding

Bij de gemeente Deventer is op 17 maart 2009 een aanvraag herziening bestemmingsplan binnengekomen voor de vestiging van een Rood voor Rood-woning op het perceel Muldersweg ong. in Okkenbroek, kadastraal bekend gemeente Diepenveen, sectie K, nummer 7 gedeeltelijk. In het kader van de regeling Rood voor Rood worden voormalige agrarische bedrijfs- en/of bijgebouwen gesloopt en hiervoor in de plaats wordt een bouwkavel voor een woning gecreëerd.

Plangebied

Het perceel Muldersweg ong. is gelegen tussen de Oerdijk en de Vlessendijk. Het perceel bevindt zich binnen enkele honderden meters ten noorden van het dorp Okkenbroek. In de volgende figuur is de globale ligging van het plangebied aangegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.0150.P244-OH01_0001.jpg"

Globale ligging plangebied "Muldersweg ong."

Planologisch regime

Voor het bovengenoemde perceel geldt momenteel het bestemmingsplan Buitengebied 1994 (Diepenveen), vastgesteld op 23 juni 1994 en goedgekeurd op 14 februari 1995. Het beoogde bouwplan is in strijd met dit vigerende bestemmingsplan. Het perceel Muldersweg ong. heeft op basis van dit bestemmingsplan de bestemming 'agrarisch gebied met landschappelijke waarde'. De gronden met deze bestemming zijn bestemd voor agrarische bedrijfsvoering en voor het behoud en de versterking van de aan de betreffende gronden eigen zijnde landschappelijke waarden. Het bouwplan is in strijd met deze bestemmingsbepaling, omdat er niet langer sprake is van agrarische bedrijfsvoering, maar van een woonbestemming ten behoeve van een burgerwoning. Het voorliggend bestemmingsplan beoogt de woonbestemming voor deze kavel juridisch-planologisch mogelijk te maken.

Leeswijzer

Het eerstvolgende hoofdstuk geeft een beschrijving van het plan, de uitgangssituatie op de locatie en het voorgenomen bouwplan. In hoofdstuk 3 volgt de ruimtelijke onderbouwing. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de voor het plan geldende beleidskaders, de landschappelijke inpassing van de ontwikkeling en de zogeheten randvoorwaarden, zoals archeologie, water en de milieuhygiënische aspecten. Op basis van al deze aspecten wordt in dit hoofdstuk onderbouwd waarom de voorgenomen ontwikkeling acceptabel is. Vervolgens worden in hoofdstuk 4 de juridische aspecten nader toegelicht. Hoofdstuk 5 gaat ten slotte in op de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan.