| Plan: | Gedeeltelijke intrekking reactieve aanwijzing tav Buitengebied Zundert |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | reactieve aanwijzing |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.9930.intrekra0879bgZun-va01 |
Bij besluit van 9 oktober 2012 hebben wij een reactieve aanwijzing gegeven ten aanzien van het bestemmingsplan 'Buitengebied' van de gemeente Zundert teneinde onder meer de generieke rechtstreekse vergroting van woningen tot 750 m3 te blokkeren, gezien de provinciale belangen die in het geding waren wegens het ontbreken van een verantwoording inzake de kwaliteitsverbetering van het landschap conform artikel 2.2 van de Verordening ruimte 2012. Derhalve hebben wij besloten dat de bestemmingsvlakken met de aanduiding 'Wonen' die niet zijn aangeduid met 'cultuurhistorische waarde' niet in werking treden.
In juni 2013 zijn in het Regionaal Ruimtelijk Overleg West-Brabant (RRO) afspraken vastgelegd met de regio omtrent de toepassing van de kwaliteitsverbetering van het landschap. Verder is op 13 september 2013 de nieuwe ontwerp-Verordening ruimte 2014 ter visie gelegd voor inspraak. Deze gebeurtenissen vormen voor ons reden ons aanwijzingsbesluit te heroverwegen. Hierdoor is de grondslag voor dit onderdeel van onze reactieve aanwijzing komen te vervallen. Dit is aanleiding om onze reactieve aanwijzing op dit onderdeel in te trekken.
Wij trekken in aanwijzing 3 ten aanzien van de bestemmingsvlakken met de aanduiding Wonen die niet zijn aangeduid met 'cultuurhistorische waarde', zoals opgenomen in de reactieve aanwijzing van 9 oktober 2012 met nummer C2092344/3283169 en planidn NL.IMRO.9930.ra0879bgZundert-va01.
Motivering
Als uitvloeisel van artikel 2.2 Verordening ruimte zijn in regionaal verband afspraken gemaakt met betrekking tot de toepassing en invulling van de vereiste kwaliteitsverbetering van het landschap. Daarbij wordt een categorie-indeling gehanteerd (1 t/m 3). Voor de zogenaamde categorie 1 gevallen, waarvan sprake is bij de vergroting van de inhoud van woningen tot 750 m3, is bepaald dat geen kwaliteitsverbetering van het landschap wordt geëist. Nu ook de ontwerp-Verordening ruimte 2014 geen blokkade opwerpt voor de gemaakte regionale afspraken, zien wij geen reden meer om te volharden in de reactieve aanwijzing op dit punt.
Dit intrekkingsbesluit treedt onmiddellijk in werking. Hiermee komt ons aanwijzingsbesluit van 9 oktober 2012 voor wat betreft aanwijzing 3 (de bestemmingsvlakken “Wonen” op de verbeelding) te vervallen. Het is niet mogelijk om tegen dit intrekkingsbesluit beroep aan te tekenen.
Het college van burgemeester en wethouders kan nu overgaan tot bekendmaking van de vaststelling van het bestemmingsplan voor dit onderdeel, overeenkomstig artikel 3.8 lid 3 van de Wet ruimtelijke ordening. Vervolgens is er tijdens de periode van terinzagelegging beroep mogelijk tegen dit onderdeel van het vastgestelde bestemmingsplan. Voor meer informatie verwijzen wij u naar de kennisgeving van de gemeente.