| Plan: | TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22U Zandumerweg 27 Oldekerk |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1969.TPOK24POST02-VA01 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van een gebiedsontwikkeling op de locatie Zandumerweg 27 te Oldekerk en vormt juridisch een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22U) van het Omgevingsplan van de gemeente Westerkwartier. Dit hoofdstuk is op grond van artikel 11.1, lid 2 Besluit elektronische publicaties bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening, www.ruimtelijkeplannen.nl. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22U van het omgevingsplan van de gemeente Westerkwartier. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '22U' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22U' gelezen worden."
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in lid 1.1 van voorliggend "TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22U Zandumerweg 27 Oldekerk" daarvan is afgeweken.
De regels in dit TAM-IMRO-deel van het omgevingsplan zijn van toepassing op de locatie Zandumerweg 27 te Oldekerk, waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand. Voor de locatie opgenomen nadere begrippen zijn in Bijlage 1 bij de regels opgenomen.
De meet- en rekenbepalingen uit artikel 22.24 van dit omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op het meten van de waarden die in dit hoofdstuk in %, m, m² of m³ zijn uitgedrukt, voor zover hiervan niet is afgeweken in 3.1 tot en met 3.4.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van de scheidingsmuren.
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
vanaf het hoogste punt van het bouwwerk tot aan het aansluitende afgewerkte terrein, met dien verstande dat in geaccidenteerd terrein gemeten wordt vanaf het niveau van het afgewerkte terrein dat direct aansluit op de dichtstbijzijnde weg als bedoeld in de Wegenverkeerswet 1994.
vanaf het middelpunt van de as van de wieken tot aan het aansluitende afgewerkte terrein, met dien verstande dat in geaccidenteerd terrein gemeten wordt vanaf het niveau van het afgewerkte terrein dat direct aansluit op de dichtstbijzijnde weg als bedoeld in de Wegenverkeerswet 1994.
de hoogte van de windturbine wanneer één van die wieken verticaal boven de mast staat.
de afstand tussen de uiterste punt van een wiek en de naaf.
Bij het meten worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, balkons, overstekende daken en erkers buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwvlak- of bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,5 m bedraagt.
Alle maten zijn tenzij anders aangegeven:
Bij de toepassing van deze regels wordt gemeten tot of vanuit het hart van de lijn.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Agrarisch'.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Agrarisch' heeft de volgende functies:
met daarbijbehorende bouwwerken, geen gebouw zijnde - geen windturbines zijnde - en andere werken.
Op de voor 'Agrarisch' aangewezen gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten dienste van deze functie worden gebouwd.
Voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde gelden de volgende regels:
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing ten behoeve van:
Bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheden in artikel 6.6 in dit hoofdstuk moet worden voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
Burgemeester en wethouders kunnen middels een binnenplanse omgevingsplanactiviteit afwijken van het bepaalde in 6.3.1 onder a, mits:
Tot een met het functiegebied 'Agrarisch' strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 6.2 opgenomen functieomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de landschaps- en inrichtingsmaatregelen conform het in de Bijlage 2 van de regels opgenomen plan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing.
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie die op de verbeelding is aangewezen als'Waarde - Archeologie 4'.
De gronden met de functie 'Waarde - Archeologie 4' zijn, behalve voor de andere daar voorkomende functies mede voor:
In afwijking van het bepaalde in lid 7.3 kan een omgevingsvergunning worden verleend, mits:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Waarde - Archeologie 5'.
De gronden met de functie 'Waarde - Archeologie 5' zijn, behalve voor de andere daar voorkomende functies mede voor:
In afwijking van het bepaalde in lid 8.3 kan een omgevingsvergunning worden verleend, mits:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Waarde - Open gebied'.
De voor 'Waarde - Open gebied' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, de bescherming en/of het herstel van de landschappelijke en natuurlijke waarden zoals deze tot uitdrukking komen in de vorm van grootschalige open weidegebieden met een dicht slotenstelsel en een hoge grondwaterstand.
Tot een strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend:
De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Wonen'.
Een locatie die op de verbeelding is aangegeven als 'Wonen' heeft de volgende functies:
| Oldekerk, Zandumerweg 27 | caravanstalling | 600 m2 in de bestaande loods |
Op de voor 'Wonen' aangewezen gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de functie 'Wonen' worden gebouwd.
Voor gebouwen geldt dat:
Voor hoofdgebouwen in casu woonhuizen gelden de volgende regels:
Voor een aanbouw, een uitbouw en een bijgebouw gelden de volgende regels:
Voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde gelden de volgende regels:
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing ten behoeve van:
Bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheden in artikel 10.6 en 10.8 in dit hoofdstuk moet worden voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in artikel 10.2 aanhef en toestaan dat wordt gebouwd ten behoeve van een functie waarvoor een omgevingsvergunning is of wordt verleend als bedoeld in artikel 10.6, als wordt voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
Het bevoegd gezag kan afwijken van artikel 10.3.2 onder e ten behoeve van een afwijkende dakvorm, als er wordt voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
Het is verboden om gronden en bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet ten dienste staat van de in 10.2 genoemde functies van de gronden.
Het bevoegd gezag verleent een omgevingsvergunning voor het gebruik van gronden en bouwwerken voor een bed & breakfast groter dan 50 m2, mits voldaan wordt aan de volgende beoordelingsregels:
Tot een met het functiegebied 'Wonen' strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken overeenkomstig de in lid 10.2 opgenomen functieomschrijving zonder de aanleg en instandhouding van de landschaps- en inrichtingsmaatregelen conform het in de Bijlage 2 van de regels opgenomen plan, teneinde te komen tot een goede landschappelijke en stedenbouwkundige inpassing.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Onverminderd het bepaalde in de overige artikelen dienen bij de bouw van gebouwen de volgende afstanden tot de as van de weg in acht te worden genomen:
Burgemeester en wethouder kunnen afwijken van het bepaalde in artikel 12.1.1, indien en voor zover uit overleg met de wegbeheerder blijkt dat daartegen uit hoofde van het wegbeheer, de verkeersveiligheid daaronder begrepen, geen bezwaar bestaat.
Idien en voor zover gronden zijn gelegen binnen een zone van:
mogen toegelaten geluidsgevoelige functies uitsluitend worden gerealiseerd of vervangen met inachtneming van de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting als bedoeld in de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder of een vastgestelde hogere grenswaarde, behoudens voor zover artikel 76, lid 3 van de Wet geluidhinder van toepassing is.
Onverminderd het bepaalde in de overige artikelen geldt dat de oppervlakte van reclame-uitingen niet meer dan 0,5 m2 mag bedragen.
Onverminderd het bepaalde in de overige artikelen geldt dat de bouwhoogte van reclamemasten niet meer dan 6 m mag bedragen.
Onverminderd het bepaalde in de overige artikelen geldt dat de ashoogte van windturbines niet meer dan 15 m mag bedragen.
Gebouwen met de aanduiding 'vrijgekomen bebouwing buitengebied' mogen niet worden vergroot. Daarnaast mogen er geen nieuwe gebouwen worden opgericht, anders dan vervangende nieuwbouw.
Tot een gebruik strijdig met de gegeven functies wordt in ieder geval gerekend:
Tot een met de functie strijdig gebruik wordt in ieder geval niet gerekend:
Met een omgevingsvergunning kan, met inachtneming van de hierna genoemde beoordelingsregels, worden afgeweken van de regels in dit omgevingsplan:
Met een omgevingsvergunning kan, met inachtneming van de hierna genoemde beoordelingsregels, worden afgeweken van de regels in dit omgevingsplan:
Van de regels in dit omgevingsplan kan, met een omgevingsvergunning en met inachtneming van de hierna genoemde beoordelingsregels, worden afgeweken ten behoeve van grondgebonden opstellingen van zonnepanelen, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van de bouwregels ten behoeve van:
Burgemeester en wethouders kunnen afwijken van:
Voor het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in 14.1 gelden, naast de in het betreffende artikel genoemde voorwaarden, de volgende beoordelingsregels:
Indien de waarden en/of belangen als genoemd in artikel 14.2 onder a en b onevenredig worden geschaad en/of de artikel 14.2 onder c en d genoemde uitvoerbaarheid/inpasbaarheid niet is aangetoond en/of de artikel 14.2 onder e genoemde verkeerssituatie onevenredig wordt beïnvloed, vindt de afwijkingsbevoegdheid geen toepassing.