Hoofdstuk 1: Inleidende regels
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze bepaling zijn omschrijvingen gegeven van de in het TAM-omgevingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. De begrippen die reeds opgenomen zijn in Bijlage I van het omgevingsplan van de gemeente Krimpenerwaard en in de Omgevingswet en AMVB's zijn hierin niet meegenomen.
Artikel 2 Wijze van meten
Om op een eenduidige manier afstanden en oppervlakten te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Hiervoor is aangesloten bij de gebruikelijke meetbepalingen in de gemeente Krimpenerwaard. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden.
Artikel 3 Toepassingsbereik
Dit artikel regelt het toepassingsbereik van onderhavig TAM-omgevingsplan
Artikel 4 Aanvraagvereisten
In dit artikel wordt beschreven welke aanvraagvereisten van toepassing zijn bij een aanvraag omgevingsvergunning.
Hoofdstuk 2: Functies en activiteiten
Artikel 5 Algemeen gebruiksverbod
Met dit artikel wordt al het gebruik anders dan wat onderhavig TAM-omgevingsplan mogelijk maakt uitgesloten.
Artikel 6 Groen
De functie 'Groen' is toegekend aan de groenvoorzieningen aan de randen van het plangebied en de belangrijkste groenstructuren in het binnengebied. Naast groen zijn water, speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, straatmeubilair en voet- en fietspaden mogelijk. Binnen de bestemming 'Groen' mogen geen gebouwen worden gebouwd, maar wel bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde.
Artikel 7 Maatschappelijk - Welzijnsinstelling
Het beoogde woonzorgcomplex (welzijnsinstelling) heeft de functie 'Maatschappelijk - Welzijnsinstelling' gekregen. Deze functie maakt het mogelijk ter plaatse een woonzorgcomplex te bouwen bestaande uit 31 zorgwoningen. Tevens zijn bijeenkomstruimtes, dagbestedingsactiviteiten en kantoren toegestaan. Bij het hoofdgebouw mogen verder bijbehorende bouwwerken en overkappingen gerealiseerd worden.
Artikel 8 Tuin
De voortuinen bij de grondgebonden woningen en de beneden-bovenwoningen zijn voorzien van de functie 'Tuin'. Binnen deze functie mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, worden gebouwd.
Artikel 9 Verkeer
De functie 'Verkeer' is toegekend aan de beoogde wegen, parkeervoorzieningen (en reserveringen) en enkele overige delen van het openbaar gebied. Binnen deze functie zijn wegen met ten hoogste 2 x 1 doorgaande rijstrook, alsmede opstelstroken, busstroken, voet- en fietspaden en verblijfsgebieden zoals pleinen mogelijk. In de functie ‘Verkeer’ mogen uitsluitend nutsgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, worden gebouwd.
Artikel 10 Wonen
De functie 'Wonen' is toegekend aan de woonpercelen. Binnen deze functie is wonen, eventueel met aan-huis-gebonden beroepen, mogelijk. Daarnaast zijn bij de functie behorende voorzieningen als erven, nutsvoorzieningen, (ondergrondse) parkeervoorzieningen, tuinen en water mogelijk.
Hoofdgebouwen mogen binnen het bouwvlak gebouwd worden. Het maximum aantal woningen is in de regels vastgelegd. In totaal zijn niet meer dan 148 woningen mogelijk binnen de bestemming 'Wonen', waarvan 39 woningen de bestaande woningen betreffen. Met aanduidingen op de verbeelding zijn de maximale goot- en bouwhoogten aangegeven. Verder zijn de woningtypen (aaneengebouwd en/of gestapeld) die in een bouwvlak gebouwd mogen worden op de verbeelding aangegeven.
Bij woningen mogen bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mogen gebouwd. Hierbij gelden per type bouwwerk verschillende goot- en bouwhoogten. Op enkele locaties mogen bergingen en garageboxen worden gerealiseerd.
Om ervoor te zorgen dat bij enkele woningen in het zuidwestelijke deel van het plangebied voldaan kan worden aan het gemeentelijk geluidbeleid is een geluidscherm hier verplicht gesteld middels een voorwaardelijke verplichting.
Artikel 11 Waarde - Archeologie (4 en 7)
Deze functies toegekend aan de zones met een middelhoge en lage archeologische verwachtingswaarde. Hierbij gelden vrijstellingsgrenzen voor archeologisch onderzoek, die overeen komen met de archeologische beleidskaart. Alvorens er grondbewerkingen volgens de onderliggende functies kunnen plaatsvinden die de vrijstellingsgrenzen overschrijden, moet er archeologisch onderzoek plaatsvinden om te bezien of er geen archeologische waarden aanwezig zijn. Als er geen archeologische waarden aanwezig zijn, kunnen de grondbewerkingen plaatsvinden. Als er wel archeologische waarden worden aangetroffen zal bekeken moeten worden hoe die het beste zeker gesteld kunnen worden. Deze onderzoeksplicht/vergunningplicht is uitgezonderd voor het normale beheer en onderhoud van de gronden, evenals voor gronden waarvan kan worden aangetoond dat reeds verstoring heeft plaatsgevonden die dieper reikt dan de te verwachten archeologische vondstlaag.
Hoofdstuk 3: Algemene regels
Artikel 12 Anti-dubbeltelregel
Deze regel is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens het omgevingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld.
Artikel 13 Aanvullende beoordelingsregels bouwactiviteiten
In dit artikel zijn algemene bepalingen over bouwen opgenomen. Deze bepalingen hebben betrekking op het overschrijden van bouwgrenzen.
Artikel 14 Specifieke beoordelingsregels bouwactiviteiten
In dit artikel zijn algemene regels opgenomen om af te wijken van hetgeen is bepaald in onderhavig hoofdstuk van het omgevingsplan.
Artikel 15 Parkeren
In dit artikel is bepaald dat in voldoende parkeergelegenheid voorzien moet worden, waarbij wordt verwezen naar de gemiddelde kencijfers van het CROW.
Hoofdstuk 4: Overgangsregels
Artikel 16 Overgangsrecht
In deze regels wordt vorm en inhoud gegeven aan het overgangsrecht voor bebouwing en gebruik.