| Plan: | Veegplan Sittard-Geleen 2023 |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1883.BPVeegplan2023-VA01 |
het Veegplan Sittard-Geleen 2023 met identificatienummer NL.IMRO.1883.BPVeegplan2023-VA01 van de gemeente Sittard-Geleen.
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en bijlagen.
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.
de verbeelding van het bestemmingsplan Veegplan 2023, bestaande uit een digitale en analoge verbeelding met identificatienummer NL.IMRO.1883.bpVeegplan2021-VA01.
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
een bedrijf, gericht op het beroepsmatig verlenen van diensten en zorg of het uitoefenen van (ambachtelijke) bedrijvigheid door middel van handwerk, dat door de bewoner(s) van een woning in of vanuit die woning of een bijbehorend bouwwerk dan wel, in geval van een meergezinswoning of bovenwoning, vanuit de begane grond van een gebouw wordt uitgeoefend, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie behoudt.
een bedrijf, gericht op het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, zakelijk, maatschappelijk, juridisch, (para)medisch, therapeutisch, lichaamsverzorgend, ontwerptechnisch of kunstzinnig of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door de bewoner(s) van een woning in of vanuit die woning of een bijbehorend bouwwerk dan wel, in geval van een meergezinswoning of bovenwoning, vanuit de begane grond van een gebouw wordt uitgeoefend, waarbij de woning in hoofdzaak de woonfunctie behoudt, een kapsalon hieronder begrepen.
een bijgebouw dat qua ligging een ruimtelijke eenheid vormt met de woning waarin een gedeelte van de huishouding uit een oogpunt van mantelzorg gehuisvest is.
de waarden die rechtstreeks verband houden met de mogelijkheden voor de uitoefening van een doelmatige, agrarische bodem- en/of bedrijfsexploitatie.
installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie.
terrein dat van algemeen belang is wegens daar aanwezige zaken als hun schoonheid, hun betekenis voor de wetenschap of hun cultuurhistorische waarde en die daarom op grond van de Monumentenwet worden beschermd.
de aan een gebied toegekende verwachting in verband met de kans op het voorkomen van archeologische relicten (resten uit het verleden).
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit oude tijden.
onderzoek verricht door een dienst, bedrijf of instelling, beschikkend over een opgravingsvergunning ex artikel 45 van de Monumentenwet (of voor de betreffende werkzaamheden een vergunning heeft van de Minister van OCW) en werkend volgens de Kwaliteitsnorm voor de Nederlandse Archeologie (KNA).
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen op een bouwperceel, dan wel binnen een bestemmingsvlak of bouwvlak, zoals nader bepaald in deze regels, in procenten van de oppervlakte van dat bouwperceel, bestemmingsvlak respectievelijk bouwvlak.
een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis gebonden beroepen daaronder niet begrepen.
een gebouw, niet zijnde een kas, dat dient voor de uitoefening van een bedrijf.
een inpandige en overdekte ruimte die wordt benut in verband met de uitoefening van een bedrijf.
een woning in of bij een gebouw of op een terrein, die kennelijk slechts is bedoeld voor de huisvesting van (het huishouden van) een persoon wiens huisvesting daar, gelet op de bestemming van de grond, noodzakelijk moet worden geacht.
gebouw of onderdeel van een gebouw dat kenmerkend is voor het cultuurhistorische beeld en van cultuurhistorische waarde is vanwege de historische verschijningsvorm, de historische ruimtelijke samenhang en/of historische betekenis, zoals die is aangegeven op de verbeelding en wordt beschermd via deze regels.
het optimaal op elkaar afstemmen van bebouwing met de karakteristieken van de locatie en omgeving door middel van aandacht voor stedenbouwkundige aspecten, architectuur, cultuurhistorie en landschap.
de bouwlaag van een gebouw, die rechtstreeks ontsloten wordt vanaf het straatniveau, dan wel waarvan de bovenkant van de vloer maximaal 1,50 meter boven peil is gelegen.
object zoals omschreven in artikel 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi).
een gemeentelijk stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 1, sub 1 onder d. van Erfgoedverordening Sittard-Geleen 2012.
bebouwing: bebouwing, zoals aanwezig op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel mag worden gebouwd krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde omgevingsvergunning;
gebruik: het gebruik van gronden en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip waarop het bestemmingsplan rechtskracht heeft verkregen.
de grens van een bestemmingsvlak.
bevoegd gezag als bedoeld in artikel 2.4 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een op hetzelfde bouwperceel staand hoofdgebouw.
een al dan niet vrijstaand gebouw, dat door zijn constructie en/of afmetingen ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel staand hoofdgebouw.
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.
de grens van een bouwvlak.
de hoogte van een bouwwerk.
een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder.
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
de grens van een bouwperceel.
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.
een bouwwerk, niet zijnde een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte.
een woning, die zich geheel of nagenoeg geheel bevindt boven de begane grond van een gebouw.
het al dan niet bedrijfsmatig verrichten van activiteiten gericht op cultuur en ontspanning, zoals muziek, feesten, en kermis, tevens daaronder begrepen de volgende functies:
de beschavingsgeschiedenis: de overblijfselen van de geschiedenis van de door de mens gemaakte en beïnvloede leefomgeving. Het betreft het onroerende deel van het cultureel erfgoed, waarin archeologie (bodemarchief), historische geografie (cultuurlandschap), historische stedenbouw, historisch groen, architectuur- en bouwhistorie (gebouwen en complexen) worden betrokken.
de aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan en door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van dat bouwwerk of dat gebied heeft gemaakt, zoals dat ondermeer tot uitdrukking komt in de beplanting, het reliëf, de verkaveling, het sloten- of wegenpatroon en/of de architectuur, waaronder monumenten.
recreatieve activiteit die plaatsvindt binnen een periode van een uur voor zonsopgang tot een uur na zonsondergang.
een door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen deskundige op het gebied van archeologie. Deze dient in ieder geval te voldoen aan de in de KNA gestelde kwalificaties van senior archeoloog.
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ten verkoop, verkopen en of (af)leveren van goederen aan diegenen die deze goederen kopen voor gebruik en/of verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van beroeps- of bedrijfsactiviteiten.
een kantoor of een bedrijf met een publieksgerichte functie dat in hoofdzaak is gericht op het ter plaatse bedrijfsmatig verlenen van diensten aan of ten gerieve van bedrijven/personen, zoals een voorlichtings-, advies-, reis- en uitzendbureau, een makelaars- en of verzekeringskantoor of bank.
het vermengen, keren van (alle) lagen in het bodemprofiel met een diepte van minimaal 30 cm (gemeten vanaf het peil) ten behoeve van agrarisch gebruik. Ploegen minder dan 30 cm diep wordt beschouwd als normaal onderhoud en beheer.
een al dan niet omheind stuk grond, in ruimtelijk opzicht behorende bij, in functioneel opzicht ten dienste van en in feitelijk opzicht direct aansluitend aan een woning of een ander gebouw, waarop ingevolge de regels van het plan geen hoofdbebouwing is toegestaan en dat in beginsel behoort tot de kavel(s) waarop de woning of het andere gebouw is geplaatst, zoals dat blijkt uit kadastrale gegevens.
bouwwerk, geen gebouw zijnde of groenvoorziening bedoeld om het erf af te bakenen van een buurerf, de weg of openbaar groen.
een uitbreiding van het hoofdgebouw op de begane grond, geen afzonderlijke ruimte zijnde, waarvan de bestemming overeenkomt met de bestemming van het hoofdgebouw.
het proces van slijtage van een vast oppervlak waarbij materiaal wordt verplaatst of geheel verdwijnt. Erosie gebeurt vooral door de werking van wind, stromend water en ijs.
alle vormen van recreatief medegebruik die wat betreft hun lage intensiteit, beperkte omvang en frequentie inpasbaar zijn en gericht zijn op natuur- en landschapsbeleving, zoals wandelen, fietsen en vissen.
vormen van recreatie welke in hoofdzaak zijn gericht op natuur- en landschapsbeleving, zoals wandelen en fietsen.
een bedrijf dat uitsluitend of in hoofdzaak is bestemd voor verkoop, onderhoud en reparatie van motorvoertuigen, met dien verstande dat de verkoop van motorbrandstoffen is uitgezonderd.
een bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
objecten of bouwwerken met cultuurhistorische waarde, zoals muren, kapellen, kruisen, straatmeubilair, kunstwerken e.d., zoals die zijn aangewezen op de verbeelding en worden beschermd via deze regels.
het doen gebruiken, laten gebruiken en gebruik geven.
een inrichting, waarbij op grond van artikel 40 van de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een zone moet worden vastgesteld.
onroerend monument als bedoeld in het eerste lid onder c. van de Erfgoedverordening Sittard-Geleen 2012.
het gedeelte dat vanaf de straat zichtbaar is, van plint tot kap; indien de kap vanaf de straatzijde zichtbaar is en bijdraagt aan het totale historisch waardevolle gevelbeeld, valt deze ook onder het begrip gevel; als er sprake is van een zijgevel en deze aan de straat ligt, valt deze ook onder begrip gevel; met gevel wordt ook aangeduid een gedeelte van de gevel van een bouwvlak dat toegerekend kan worden aan de eigenaar van een pand.
een denkbeeldige lijn, waar de voorgevel van een hoofdgebouw op moet zijn georiënteerd.
de wijze waarop de gevel van een gebouw is opgebouwd, onderverdeeld en geleed en waardoor gevels zich van elkaar onderscheiden in verschillende typen.
straatwand bestaande uit een aantal gevels van panden.
een agrarisch bedrijf waarvan de productie geheel of overwegend afhankelijk is van het voortbrengend vermogen van de bij het bedrijf behorende open grond, waaronder ook begrepen grond met tijdelijke tunnels of andere teeltvoorzieningen, zoals bijvoorbeeld een melkveehouderij.
overwegend halfvrijstaande en/of geschakelde hoofdgebouwen, en vrijstaande en aangebouwde (maximaal 3 aaneen) hoofdgebouwen.
het midden van de leiding.
een gebouw dat op een bouwperceel, door zijn constructie, bouwmassa, ruimtelijke uitstraling en/of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als het belangrijkste bouwwerk is aan te merken.
het bedrijfsmatig verstrekken van ter plaatse te nuttigen voedsel en dranken, het bedrijfsmatig exploiteren van een zaalaccommodatie en/of het bedrijfsmatig verstrekken van nachtverblijf.
een inrichting waarin de bedrijfsuitoefening hoofdzakelijk is gericht op de verstrekking van spijzen en/of kleine maaltijden, die hoofdzakelijk tijdens de winkelopeningstijden geopend zijn:
een inrichting waarin de bedrijfsuitoefening hoofdzakelijk is gericht op de verstrekking van spijzen en/of kleine maaltijden, die hoofdzakelijk tijdens de winkelopeningstijden geopend zijn:
een inrichting die geheel of in overwegende mate gericht is op het faciliteren van logies. Daaronder worden begrepen:
een inrichting die geheel of in overwegende mate gericht is op het verstrekken van (alcoholische) dranken voor consumptie ter plaatse, alsmede het verstrekken van maaltijden of etenswaren die ter plaatse genuttigd plegen te worden. Daaronder worden begrepen:
een inrichting die geheel of in overwegende mate gericht is op het bieden van vermaak en ontspanning (niet zijnde een recreatieve voorziening) en/of het geven van gelegenheid tot de dansbeoefening, al dan niet met live muziek en al dan niet met de verstrekking van dranken en kleine etenswaren. Daaronder worden begrepen:
de bewoning van een woning door:
de bedrijfsmatige verhuur van onzelfstandige woonruimten binnen een bestaand (woon)gebouw, niet bestemd voor recreatieve bewoning.
een ruimte of een complex van ruimten welke is bestemd om te worden gebruikt voor administratieve werkzaamheden.
een civieltechnische constructie of installatie in de infrastructuur die één of meer functies vervult zoals onderdoorgangen, duikers en overkluizingen.
object zoals omschreven in artikel 1 van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi).
bijzondere landschappelijke kenmerken van een gebied of object in de zin van aantrekkelijkheid, herkenbaarheid/identiteit en diversiteit bestaande uit aardkundige, cultuurhistorische en visueel-ruimtelijke waarden, afzonderlijk of in onderlinge samenhang.
voorzieningen bestemd voor medische en verzorgende, sociaal-culturele, religieuze, militaire, educatieve en openbare dienstverlenende instellingen.
intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond.
een gebouw dat dient voor de huisvesting van meerdere huishoudens in afzonderlijke woonruimten.
een nadere eis als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, sub c. van de Wet ruimtelijke ordening, zoals deze luidt op het moment van terinzagelegging van het ontwerpplan.
een waarde die wordt toegekend aan karakteristieke elementen en patronen in het landschap alsmede sporen die de natuur en de mens in het landschap hebben achtergelaten, met cultuurhistorische waarde, zoals bomen, struiken, hagen, holle wegen, grafheuvels, poelen, grachten en vijvers.
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de aanwezige biotopen, bijzondere flora en fauna, ecologische samenhangen en structuren.
activiteiten waarvoor een gedeelte van de vloeroppervlakte van de bedrijfsgebouwen als zodanig mag worden gebruikt en die uitgevoerd worden naast het eigenlijke beroep of de hoofdactiviteit. Deze activiteiten zijn ondergeschikt aan de primair toegekende functie.
gebouwen en overkappingen ten behoeve van de waterhuishouding, de energievoorziening en naar de aard daarmee gelijk te stellen openbare nutsvoorzieningen, niet zijnde geluidzoneringsplichtige inrichtingen, risicovolle inrichtingen en/of vuurwerkbedrijven.
een vergunning voor het uitvoeren van een project dat invloed heeft op de fysieke leefomgeving, op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
omgevingsvergunning voor het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met dit plan met toepassing van de in dit plan opgenomen regels inzake afwijking, op grond van artikel 2.1, lid 1 onder c. j.o. artikel 2.12, lid 1, sub a. onder 1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk, op grond van artikel 2.1, lid 1 onder a. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden, op grond van artikel 2.1, lid 1, onder b. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
een gedeelte van een gebouw, dat wordt afgedekt door een vloer waarvan de bovenkant minder dan 1,20 meter boven het peil is gelegen.
bouwdelen van beperkte afmetingen, die buiten de hoofdmassa van het hoofdgebouw uitsteken, zoals schoorstenen, antennemasten, windvanen, vlaggenmasten, wolfseinden en andere ondergeschikte dakopbouwen.
een functie die qua omvang en uitstraling ten dienste staat van een op dezelfde plaats voorkomende (hoofd)functie.
een horecabedrijf dat in overwegende mate is gericht op het bedrijfsmatig verstrekken van kleine etenswaren, voedingsmiddelen en maaltijden die ter plaatse kunnen worden genuttigd. Verder, maar niet uitsluitend, worden ook niet-alcoholische en licht-alcoholische dranken verstrekt die ter plaatse worden genuttigd. De horecafunctie is onlosmakelijk verbonden met de hoofdactiviteit en heeft een ondergeschikte betekenis binnen het bedrijf of de voorziening. In ieder geval bedraagt de oppervlakte van deze functie maximaal 20% van de aanwezige bedrijfsvloeroppervlakte. Onder dit begrip vallen bijvoorbeeld de volgende voorzieningen:
beneden het peil.
woonruimte in een pand met één hoofdingang, één huisnummer en meerdere verhuurbare kamers, waarin bewoners wezenlijke voorzieningen zoals douche/badkamer/toilet en/of (woon)keuken delen.
niet-zelfstandig decoratief element, dat is aangebracht op een voorwerp of gebouw om dit te versieren.
een bijbehorend bouwwerk, omsloten door maximaal één wand en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport.
de gemiddelde hoogte van een aansluitend, afgewerkt terrein ter plaatse van het bouwperceel.
een inrichting of instelling gericht op het tegen betaling doen plaatsvinden van seksuele omgang met prostituees op een naar buiten toe kenbare wijze, zoals een bordeel of escortservice.
een bepaald in de loop van de geschiedenis ontstaan beeld van verscheidenheid, samenhang en afwisseling in het ruimtegebruik in een gebied als totaliteit.
de mate waarin de gebruiker het verblijf of het gebruik van een gebied als historisch kwalitatief ervaart.
een bepaald in de loop van de geschiedenis ontstaan patroon van verscheidenheid, samenhang en afwisseling in het ruimtegebruik in een gebied als totaliteit.
een inrichting of instelling gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van erotische en/of pornografische aard dan wel voor detailhandel in seks- en/of pornoartikelen, zoals een seksbioscoop, seksclub, seksautomaat of sekswinkel.
een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting wordt in ieder geval verstaan, al dan niet in combinatie met elkaar:
een als bijlage bij deze regels behorende en daarvan onderdeel uitmakende lijst van bedrijven en instellingen.
een kavel bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten.
detailhandelsvestiging waar voedsel en dagelijkse goederen ten verkoop aan de consument worden aangeboden.
een voorziening in, op of boven de grond die door agrarische bedrijven met plantaardige teelten wordt gebruikt om de volgende doelen na te streven:
In de vorm van:
Bouwwerken en werken en werkzaamheden met een tijdelijk karakter die noodzakelijk zijn in het kader van het project Grensmaas ten behoeve van een goede aan- en afvoer, verwerking en opslag van grondstoffen, dekgronden en van materiaal ter afwerking van de ontgraven gebieden, het behoud van het woon- en leefmilieu en het in stand houden van de bereikbaarheid en ten behoeve van directievoering of uitvoering. Onder tijdelijke voorzieningen worden onder andere begrepen: tijdelijke geluidsbeperkende constructies in de vorm van zeecontainers en/of grondwallen, kantoorunits, opslagloodsen en werkplaatsen, transportfaciliteiten, ongelijkvloerse kruisingen, verwerkingsbekkens, ringdijken, tijdelijke gronddepots en werkwegen, tijdelijke invaarten en watergangen.
de gronden van een bouwperceel behorende bij een woning, die feitelijk zijn ingericht ten dienste van het gebruik van de woning.
het doen uitvoeren, laten uitvoeren en in uitvoering geven.
vormen van recreatie die hoofdzakelijk gericht zijn op het verstrekken van nachtverblijf.
het aanbrengen van een dichte deklaag in de vorm van bijvoorbeeld klinkers, asfalt of beton.
gevel aan de voorzijde van een gebouw gerelateerd aan de grens van het bouwvlak die is gericht naar de weg en waarop de bebouwing is georiënteerd.
denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelsgrenzen.
deel van het erf dat geen deel uitmaakt van het achtererfgebied, gelegen aan de voorkant en naar openbaar toegankelijk gebied gekeerde zijkant dan wel op minder dan 1 meter van de voorkant van het hoofdgebouw.
de naar het verkeers- of verblijfsgebied gekeerde bouwgrens.
Wet geluidhinder.
het oppervlak van een (winkel)unit dat voor het publiek vrij toegankelijk is, dan wel zichtbaar is, inclusief de ruimten die direct met de verkoop samenhangen. Het wvo wordt ingemeten op een hoogte van 1,50 meter. Lagere ruimtes zoals onder schuine daken worden dus niet meegerekend.
wonen in een woning, zijnde een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één huishouden.
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van één huishouden.
kwaliteit van de woonomgeving, gelet op omgevingsfactoren als geur, stof, geluid en gevaar.
een voor bewoning bestemd gebouw, dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst.
een kantoor of een bedrijf met een publieksgerichte functie dat in hoofdzaak is gericht op het ter plaatse bedrijfsmatig verlenen van diensten aan of ten gerieve van bedrijven/personen, zoals een voorlichtings/, advies-, reis- en uitzendbureau, een makelaars- en/of verzekeringskantoor of bank.
een bedrijf of inrichting gericht op de verhuur van zalen aan gezelschappen, al dan niet in combinatie met het verstrekken van eten en drinken en/of een gelegenheid alleen toegankelijk voor leden, zoals een zalenverhuurbedrijf of sociëteit.
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
tussen de zijdelingse grens van een bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is.
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidingsmuren en op het peil, zulks met inbegrip van erkers.
tussen het voorste en het achterste punt van het bouwwerk, gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidingsmuren dan wel scheidingslijnen en op het peil.
vanaf het peil tot aan de bovenzijde van de afgewerkte vloer van het ondergrondse (deel van het) bouwwerk.
De voor 'Agrarisch met waarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
De in 3.1 omschreven doeleinden worden als volgt nagestreefd:
Het beleid is met name erop gericht de samenhang en verwevenheid van de agrarische, landschappelijke, natuurlijke en extensieve recreatieve waarden te handhaven en te ontwikkelen.
De natuurlijke waarden zijn hier gebonden aan landschapselementen als heggen, houtwallen, dijkjes, beken, boselementen, hoogstamboomgaarden en wegbermen.
Ten aanzien van de vergunningverlening met betrekking tot de aanleg van hoogstamboomgaarden en meidoornhagen rondom in het plangebied voorkomende dorpen of gehuchten wordt in beginsel door Burgemeester en Wethouders een positief standpunt ingenomen.
Waar noodzakelijk zijn verbindingen te bevordering van natuurlijke waarden bijvoorbeeld in de vorm van faunaverbindingen toegestaan.
Met de realisatie van het Grensmaasproject en de daarbij behorende herinrichting van het agrarisch cultuurlandschap wordt gestreefd naar het beeld van één samenhangend rivierenlandschap.
In dat kader staat centraal:
Het gaat hier in het bijzonder om de meanderende Geul ten noorden van Itteren, afbraakwanden bij Berg en Stein-Elsloo, rivierterrassen en verlaten rivierbeddingen tussen Papenhoven en Urmond, alle natuurlijke beeklopen, het kronkelwaardcomplex bij Roosteren en het kronkelwaardcomplex bij de Kink.
Belangrijk uitgangspunt voor de visueel-landschappelijk inrichting is:
Gestreefd wordt naar het behoud van cultuurhistorische waarden in de vorm van een cultuurhistorisch waardevolle eenheid (kazemat).
Het cultuurhistorisch patroon van onverharde wegen zal zoveel als mogelijk intact worden gehouden.
Voor realisering van het Grensmaasproject geldt als uitgangspunt dat verwerking, opslag en transport van de gewonnen delfstoffen binnen het Grensmaasgebied plaatsvindt. Essentieel daarbij is dat in het agrarisch cultuurlandschap ruimte wordt gevonden voor tijdelijke werken en gronddepôts en dat bij Meers (gemeente Stein) ruimte wordt gevonden voor een (vaste) verwerkingsinrichting.
Bij de concrete begrenzing van de verwerkingsinrichting, zal rekening moeten worden gehouden met de milieuaspecten zodanig dat de geluidbelasting bij geluidgevoelige functies de 60 dB(A) niet overschrijdt, in landschappelijk en ruimtelijk opzicht een zorgvuldige invulling plaatsvindt en het aantal gehinderden zo gering mogelijk is. Daar waar de gronden niet worden gebruikt voor vaste delfstoffenverwerkingsinrichting dienen de aanwezige landschappelijke en natuurlijke waarden behouden te blijven.
Met het oog op het extensief recreatief medegebruik mogen, rekening houdend met de in 3.1 genoemde doeleinden en de overige bepalingen van dit artikel, kleinschalige picknickplaatsen, rustpunten, kleinschalige parkeerplaatsen en fietspaden e.d. worden aangelegd en zitbanken, afvalbakken, borden e.d. worden geplaatst.
De oostgrens van het plangebied wordt gevormd door het Julianakanaal. Gestreefd wordt naar een groene oostgrens.
Deze grens vormt een van de structuurlijnen in het nieuwe landschap van het Grensmaasgebied.
De groene oostgrens is bepaald als een gebied met een variabele breedte en een totaal ruimte-beslag van ± 10 ha. , waarbij het talud van het dijklichaam van het Julianakanaal en de voet van de steilrand met de kanaalkwel onderdeel zijn van deze strook.
Bij de Kanjelbeek, ten zuiden van Itteren en tussen Obbicht en Grevenbicht wordt gestreefd naar een meer geconcentreerde bosuitbreiding (zgn. dorpsbossen).
Het is, waar de bestemming''agrarisch gebied met landschappelijke en/of natuurlijke waarden grenst aan de bestemming ''verkeersdoeleinden'', toegestaan bermen, tussenbermen en fietspaden aan te leggen. Tevens zijn parkeerplaatsen toegestaan voor zover aangeduid met de letter P (gemeente Echt-Susteren).
Het beleid is erop gericht waterremmende en erosiebeperkende landschapselementen te handhaven en uit te breiden. Uitbreiding van verharding is in gevoelige gebieden zoals aangegeven in het Toetsingskader bodem en waterconserveringsmaatregelen niet toegestaan. De bescherming van waterremmende en erosiebeperkende landschapselementen geniet prioriteit boven andere doeleinden als omschreven in lid 3.1.2.
Tijdelijke voorzieningen met (aanzienlijke) ruimtelijke effecten zijn met een specifieke aanduiding aangegeven. Zij mogen uitsluitend op de als zodanig aangegeven gronden worden gerealiseerd.
Ten behoeve van de bereikbaarheid en levensvatbaarheid van functies en ten behoeve van het recreatief medegebruik na realisering van de beoogde natuurontwikkeling, is het mogelijk permanente voorzieningen aan te brengen in de vorm van ontsluitingswegen en tevens in de vorm van de hoogwaterbruggen in Maasband en in Vissersweert.
Op de gronden zoals bedoeld onder 3.1 mag niet worden gebouwd, met uitzondering van:
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend:
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt tenminste verstaan het gebruik van bouwwerken voor:
Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd de bestemming 'Agrarisch met waarden', te wijzigen in de bestemming:
De volwaardigheid van agrarische bedrijven wordt beoordeeld aan de hand van de volgende indicatieve criteria:
Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering en afmetingen van de tijdelijke werkwegen, indien dit noodzakelijk is:
Burgemeester en wethouders kunnen vrijstelling verlenen van het bepaalde in lid 3.2 van dit artikel ten behoeve van het oprichten van tijdelijke teeltondersteunende voorzieningen, mits hierbij de volgende regels in acht worden genomen:
Bij een negatief advies van de adviescommissie BOM+ mag slechts vrijstelling worden verleend, nadat Gedeputeerde Staten hiervoor een verklaring van geen bezwaar hebben afgegeven.
De voor 'Centrum - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
uitsluitend op de begane grond:
op de begane grond en de verdieping:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 4.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing te verlenen van het bepaalde in lid 4.2 onder c voor de realisatie van erfafscheidingen vóór de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m, met in achtneming van de bepaling dat de afwijking uitsluitend kan worden verleend indien een positief advies van de gemeentelijke welstandscommissie is ontvangen.
Onder verboden gebruik wordt tevens verstaan:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 4.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 4.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 4.1 onder a t/m i voor de uitbreiding van deze voorzieningen op de verdieping, mits:
De voor ‘Centrum - 2’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
uitsluitend op de begane grond:
op de begane grond en de verdieping:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 5.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing te verlenen van het bepaalde in lid 5.2 onder d voor de realisatie van erfafscheidingen vóór de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m, met in achtneming van de bepaling dat de afwijking uitsluitend kan worden verleend indien een positief advies van de gemeentelijke welstandscommissie is ontvangen.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 5.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 5.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 5.1 onder a t/m f voor de uitbreiding van deze voorzieningen op de verdieping, mits:
De voor ‘Dienstverlening’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in artikel 6.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 6.2 sub c voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
De voor ‘Gemengd’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
op de begane grond en de verdieping(en):
uitsluitend op de begane grond:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 7.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
| Goothoogte | Bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | goothoogte eerste bouwlaag hoofdgebouw + 0,25 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3,00 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens | - |
1,00 meter |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2,00 meter |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - |
3,00 meter. |
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 7.2 onder h voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
Onder verboden gebruik wordt tevens verstaan het gebruik van (vrijstaande) bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 7.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 7.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 7.1 onder b voor de uitbreiding van detailhandel op de verdieping, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 7.4 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming ‘Gemengd’ te wijzigen voor wat betreft het verwijderen van één of beide aanduidingen als bedoeld in lid 7.1, onder b en c, indien de betreffende activiteiten ter plaatse gedurende minimaal één jaar zijn beëindigd en er geen redenen zijn om aan te nemen dat de activiteiten op korte termijn worden voortgezet.
De voor ‘Gemengd - 2’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
op de begane grond en de verdieping(en):
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 8.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
| Goothoogte | Bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | goothoogte eerste bouwlaag hoofdgebouw + 0,25 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3,00 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens | - |
1,00 meter |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2,00 meter |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - |
3,00 meter. |
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 8.2 onder h voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
Onder verboden gebruik wordt tevens verstaan het gebruik van (vrijstaande) bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 8.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 8.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 8.1 onder b voor de uitbreiding van detailhandel op de verdieping, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 8.4 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming ‘Gemengd’ te wijzigen voor wat betreft het verwijderen van één of beide aanduidingen als bedoeld in lid 8.1, onder b en c, indien de betreffende activiteiten ter plaatse gedurende minimaal één jaar zijn beëindigd en er geen redenen zijn om aan te nemen dat de activiteiten op korte termijn worden voortgezet.
De voor ‘Gemengd - 3’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
op de begane grond en de verdieping(en):
uitsluitend op de begane grond:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 9.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
| Goothoogte | Bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | goothoogte eerste bouwlaag hoofdgebouw + 0,25 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3,00 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens | - |
1,00 meter |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2,00 meter |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - |
3,00 meter. |
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 9.2 onder h voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
Onder verboden gebruik wordt tevens verstaan het gebruik van (vrijstaande) bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 9.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 9.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 9.1 onder b voor de uitbreiding van detailhandel op de verdieping, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 9.4 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming ‘Gemengd - 3’ te wijzigen voor wat betreft het verwijderen van één of beide aanduidingen als bedoeld in lid 9.1, onder b en c, indien de betreffende activiteiten ter plaatse gedurende minimaal één jaar zijn beëindigd en er geen redenen zijn om aan te nemen dat de activiteiten op korte termijn worden voortgezet.
De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor :
met bijbehorende terrassen, erven, nutsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, groenvoorzieningen, gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde en overige bijbehorende voorzieningen en (on)bebouwde gronden.
Op de voor 'Horeca' aangewezen gronden mogen bouwwerken worden gebouwd, met dien verstande dat:
met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 11 lid 2 sub a ten behoeve van erkers, afdaken, balkons, entreeportalen en veranda's, met dien verstande dat:
Onder gebruik en/of laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van (vrijstaande) bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte.
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 11 lid 4.1 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, met dien verstande dat:
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 11 lid 1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, met dien verstand dat:
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 11 lid 1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, met dien verstande dat:
De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 11.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
De voor 'Natuur - Natuur na ontgronding / opvulling' aangegeven gronden zijn bestemd voor:
Bovenstaande doeleinden kunnen, voor zover het de gronden betreft die nader zijn begrensd en aangeduid op plankaart B van deelgebied Maastricht (Waterwingebied Borgharen-Itteren), uitsluitend worden gerealiseerd c.q. uitgevoerd, nadat de vergunning tot waterwinning is vervallen (werkzaamheden in het kader van de waterwinning zijn tot 1 januari 2009 vergund).
De in 12.1 omschreven doeleinden worden als volgt nagestreefd:
Als hoofdlijn van het beleid geldt voor de hier aangegeven gronden, dat:
Op of in de tot 'Natuur - Natuur na ontgronding / opvulling' bestemde gronden mag niet worden gebouwd met uitzondering van:
Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering en afmetingen van de tijdelijke werkwegen binnen de daarvoor aangegeven zone, indien dit noodzakelijk is:
De voor 'Sport' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
met daarbij behorende:
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing:
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken wordt in elk geval gerekend het gebruik:
De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
met de bijbehorende:
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de bestemming.
Het bouwen van gebouwen is niet toegestaan.
Uitsluitend bestaande bijbehorende bouwwerken mogen worden gehandhaafd en herbouwd in maximaal de bestaande bouwhoogte.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 14.2.4 sub a voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2,00 meter.
De op als 'Water' aangegeven gronden zijn bestemd voor:
De in lid 15.1 omschreven doeleinden worden als volgt nagestreefd:
Het is verboden op of in de als 'Water' bestemde gronden te bouwen met uitzondering van andere bouwwerken ten behoeve van tijdelijke voorzieningen tot een maximale hoogte van 10,00 m.
Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering en afmetingen van de tijdelijke werkwegen binnen de aangegeven zone, indien dit noodzakelijk is:
De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in lid 16.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de afstand van de achterste grens van het bouwvlak voor hoofdgebouwen ten opzichte van de achterste perceelsgrens als gevolg van wijziging van de perceelsgrenzen niet minder mag gaan bedragen dan 5 meter;
| goothoogte | bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | hoogte eerste bouwlaag hoofdgebouwen +0,25 m | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot maximum van 5m; |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3 m | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot maximum 5 m; |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2 m; |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - | 3 m. |
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 16.2 onder j voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
Onder verboden gebruik wordt tevens verstaan het gebruik van (vrijstaande)bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte.
Ter plaatse van de aanduiding ‘bedrijf aan huis’ is de vestiging van een aan huis gebonden beroep of een aan huis gebonden bedrijf toegestaan, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 16.4.1 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 16.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 16.1, voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren ter plaatse van de aanduiding “cultuurhistorische waarden”:
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 16.6.1 mag alleen en moet worden geweigerd, indien door de uitvoering van de werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan hetzij direct, hetzij indirect te verwachten gevolgen blijvend onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarden van het gebied en hieraan door het stellen van voorwaarden niet of onvoldoende tegemoet kan worden gekomen.
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 16.6.1 wordt niet verleend dan nadat burgemeester en wethouders daarover een advies hebben ingewonnen van een onafhankelijke terzake deskundige.
Een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 16.6.1 is niet vereist voor:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met toepassing van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan ter plaatse van de aanduiding ‘wro-zone – wijzigingsgebied’ te wijzigen in die zin dat nieuwe woningen kunnen worden gebouwd, met dien verstande dat:
De voor 'Wonen - 1' bestemde gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in artikel 17.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de diepte van het hoofdgebouw groter mag zijn indien het bouwvlak dat toelaat en met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
| Goothoogte | Bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | goothoogte eerste bouwlaag hoofdgebouw + 0,25 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3,00 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens | - |
1,00 meter |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2,00 meter |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - |
3,00 meter. |
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 17.2 sub g voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
Onder strijdig gebruik als bedoeld in artikel 17.1 wordt tevens verstaan:
De bedrijfsvoering ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - garagebedrijf' (sb-gb) dient te worden beëindigd zodra de ten tijde van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezige exploitant de bedrijfsvoering beëindigt.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 17.4 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bepaalde in artikel 17.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 17.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
In afwijking van het gestelde in lid 17.1 sub a is uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - persoonsgebonden' het gebruik ten behoeve van een grondverzetbedrijf en handelsonderneming, toegestaan met dien verstande dat:
De voor ‘Wonen - 2’ aangegeven gronden zijn bestemd voor:
alsmede ter plaatse van de betreffende aanduiding voor bedrijvigheid overeenkomstig deze aanduiding:
alsmede voor:
met bijbehorende:
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in artikel 18.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de diepte van het hoofdgebouw groter mag zijn indien het bouwvlak dat toelaat en met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
| Goothoogte | Bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | goothoogte eerste bouwlaag hoofdgebouw + 0,25 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3,00 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens | - |
1,00 meter |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2,00 meter |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - |
3,00 meter. |
Onder verboden gebruik als bedoeld in artikel 7.10 van de Wet ruimtelijke ordening wordt tevens verstaan het gebruik van (vrijstaande)bijgebouwen als zelfstandige woning en/of als afhankelijke woonruimte.
Het is verboden op of in de gronden met de aanduiding 'Wro-zone - aanlegvergunningsgebied' zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning (aanlegvergunning) van burgemeester en wethouders de navolgende andere-werken uit te voeren:
Een aanlegvergunning als bedoeld in lid 18.4.1 mag alleen worden afgegeven indien uit onderzoek blijkt dt er geen milieuhygiënische gevaren bestaan.
Een aanlegvergunning als bedoeld in lid 18.4.1 is niet vereist voor:
Overtreding van het bepaalde in 18.4.1 is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a onder 2 van de Wet op de economische delicten.
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 18.4 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bepaalde in artikel 18.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 18.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
De voor 'Wonen - 3' bestemde gronden zijn bestemd voor:
alsmede voor:
met bijbehorende:
De gronden binnen deze bestemming zijn tevens bestemd voor de doeleinden en bouwmogelijkheden die in artikel 20 tot en met 29 voor de betrokken bestemming zijn aangegeven, inclusief de daarin opgenomen afwijkingsbevoegdheden en/of omgevingsvergunningvereisten.
Bouwen is uitsluitend toegestaan ten dienste van de in artikel 19.1 omschreven doeleinden en met inachtneming van de volgende bepalingen:
met dien verstande dat de diepte van het hoofdgebouw groter mag zijn indien het bouwvlak dat toelaat en met dien verstande dat de afstand van de achtergevel tot de achterste grens van het bouwperceel minimaal 5 m bedraagt;
| Goothoogte | Bouwhoogte | |
| van aangebouwde bijgebouwen | goothoogte eerste bouwlaag hoofdgebouw + 0,25 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van vrijstaande bijgebouwen | 3,00 meter | goothoogte + afstand tot perceelsgrens, tot een maximum van 5,00 meter |
| van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens | - |
1,00 meter |
| van erfafscheidingen in of achter de voorste bouwgrens | - | 2,00 meter |
| van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | - |
3,00 meter. |
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 19.2 sub g voor de realisatie van erfafscheidingen voor de voorste bouwgrens met een hoogte van maximaal 2 m.
Onder strijdig gebruik als bedoeld in artikel 19.1 wordt tevens verstaan:
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 19.4 voor het gebruik van een (vrijstaand)bijgebouw als afhankelijke woonruimte, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning voor het afwijken van het bepaalde in artikel 19.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep, mits:
Burgemeester en wethouders kunnen een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in artikel 19.1 voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijf, mits:
De voor ‘Waarde - Archeologie 1’ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor:
Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen.
Het is verboden op of in de gronden met de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken,geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met toepassing van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan te wijzigen door:
De voor ‘Waarde - Archeologie 2’ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor:
Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen.
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met toepassing van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan te wijzigen door:
De voor ‘Waarde - Archeologie 3’ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor:
Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen.
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met toepassing van artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening het plan te wijzigen door:
De voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het beschermen van de archeologische waarden.
Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen.
Op deze gronden mogen geen bouwwerken worden gebouwd, met uitzondering van:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen door de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 4' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat:
De voor 'Waarde - Cultuurhistorie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van ter plaatse bestaande cultuurhistorische en oudheidkundig waardevolle elementen (monumenten), patronen (beplantingspatronen, verkavelingen, wegenpatronen, het stedenbouwkundig beeld) en gebieden.
Op deze gronden mag slechts worden gebouwd indien en voor zover dit nodig is voor het behoud en/of herstel van de bestaande bebouwing, met dien verstande dat:
Het bepaalde in artikel 24.2.1 is niet van toepassing op:
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 24.2.1 ten behoeve van het bouwen van gebouwen overeenkomstig de onderliggende bestemming(en), met dien verstande dat:
Het is verboden op of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en/of werkzaamheden uit te voeren:
Het bepaalde in artikel 24.4.1 is niet van toepassing op:
De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 24.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien de in artikel 24.1 genoemde waarden en doeleinden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast dan wel de mogelijkheden voor herstel van de bedoelde waarden niet wezenlijk worden of kunnen worden verkleind.
Het bevoegd gezag kan aan de in artikel 24.4.1 genoemde vergunning voorwaarden verbinden ter bescherming van de cultuurhistorische waarden van het gebied.
Het is verboden op of in deze gronden ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de op de gronden aanwezige karakteristieke bebouwing geheel of gedeeltelijk te slopen.
Het bepaalde in artikel 24.5.1 is niet van toepassing op:
De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 24.5.1 zijn slechts toelaatbaar indien door die werken of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen de in artikel 24.1 genoemde waarden en doeleinden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast dan wel de mogelijkheden voor herstel van de bedoelde waarden niet wezenlijk worden of kunnen worden verkleind.
De in artikel 24.5.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend mits:
De voor 'Waarde - Ecologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming van de natuur- en landschapswaarden in het gebied.
Op of in deze gronden mag niet worden gebouwd.
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend het gebruik van de gronden en opstallen voor:
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de navolgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te (doen) voeren of te laten voeren:
Het in artikel 25.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die:
Een in artikel 25.4.1 van de planregels genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien door de werken en/of werkzaamheden dan wel door de daarvan (direct of indirect) te verwachten gevolgen de natuurwaarden van deze gronden, zoals omschreven in de bestemmingsomschrijving van onderhavige bestemming, niet onevenredig (kunnen) worden geschaad, dan wel de mogelijkheden voor het herstel van die waarden niet onevenredig (kunnen) worden verkleind.
De voor 'Waterstaat - Beschermingszone watergang' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), primair bestemd voor de bescherming, het beheer en onderhoud van watergangen.
Op of in deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de doeleinden als aangegeven in 26.1 worden gebouwd.
Het bevoegd gezag kan middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 26.2 en toestaan dat in de andere bestemming gebouwen worden gebouwd, mits:
Op de gronden met deze bestemming is het bepaalde in de Keur van het waterschap van toepassing.
De voor 'Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor bescherming en behoud van de beschikbare afvoer- en bergingscapaciteit van het rivierbed.
Op de voor 'Waterstaat - Stroomvoerend rivierbed' bestemde gronden mag niet worden gebouwd.
Niet van toepassing voor deze bestemming.
Het in artikel 27.2 opgenomen verbod is niet van toepassing voor het bouwen overeenkomstig de bestemming 'Waterstaat-Stroomvoerend rivierbed' alsmede voor het oprichten van bouwwerken krachtens de onderliggende bestemming indien de daarvoor vereiste vergunning op basis van de Waterwet is verleend dan wel Rijkswaterstaat heeft beoordeeld dat een vergunning op basis van de Waterwet niet noodzakelijk is. Alsdan kan bij omgevingsvergunning worden afgeweken van het bepaalde in artikel 27.2 onder de voorwaarden dat:
Voor de navolgende riviergebonden activiteiten in het gedeelte van het rivierbed waarop het stroomvoerend regime van toepassing is, wordt, onverminderd het bepaalde in artikel 27.5.3 sub b toestemming gegeven:
Voor niet-riviergebonden activiteiten in het gedeelte van het rivierbed waarop het stroomvoerend regime van toepassing is, wordt geen toestemming gegeven, tenzij, onverminderd het bepaalde in artikel 27.5.3 sub b sprake is van:
Niet van toepassing voor deze bestemming, behoudens de algemene afwijkingsregels van artikel 34.
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde of van werkzaamheden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren of te laten uitvoeren:
Het in artikel 27.7.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden:
De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 27.7.2 zijn slechts toelaatbaar, indien door die werken of werkzaamheden, dan wel door de daarvan, hetzij direct, hetzij indirect, te verwachte gevolgen de in de aanhef van dit artikel omschreven doeleinden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast. Alvorens te beslissen omtrent een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 27.7.1 dient Rijkswaterstaat toestemming te hebben verleend.
Niet van toepassing voor deze bestemming.
Niet van toepassing voor deze bestemming.
De voor 'Waterstaat - Waterbergend rivierbed' aangegeven gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de berging en afvoer van water.
Op of in de voor 'Waterstaat - Waterbergend rivierbed' bestemde gronden is het verboden te bouwen, met uitzondering van die bouwwerken, geen gebouwen zijnde, welke qua afmetingen bij deze bestemming passen en noodzakelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de waterkering, tot een hoogte van maximaal 2,00 m.
Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 28.2 ten behoeve van bebouwing als toegestaan ingevolge de ter plaatse op de verbeelding aangewezen andere bestemmingen, indien door de bouw en situering van de betreffende bebouwing het veilig functioneren van het waterstaatswwerk niet in het gedrang komt, het waterbergend vermogen niet onevenredig wordt aangetast en er geen sprake is van een feitelijke belemmering voor vergroting van de afvoercapaciteit, gehoord Rijkswaterstaat.
De voor "Waterstaat - Waterkering" aangegeven gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de bescherming, het beheer en het onderhoud van de waterkering, waarbij de op de verbeelding aangegeven profielen in acht worden genomen.
Voor deze gronden geldt voor zover van toepassing hoofdstuk II van de Keur van het Waterschap Roer en Overmaas.
Op of in de voor 'Waterstaat - Waterkering' bestemde gronden is het verboden te bouwen, met uitzondering van die bouwwerken, geen gebouwen zijnde, welke qua afmetingen bij deze bestemming passen en noodzakelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de waterkering, tot een hoogte van maximaal 2,00 m.
Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het bepaalde in 29.2 ten behoeve van bebouwing als toegestaan ingevolge de ter plaatse op de verbeelding aangewezen andere bestemmingen, indien door de bouw en situering van de betreffende bebouwing geen onevenredige schade wordt of kan worden toegebracht aan de waterkering, gehoord de beheerder.
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
In die gevallen waarin de goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud, horizontale dan wel verticale diepte en/of de afstand tot enige op de verbeelding aangegeven lijn van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand zijn gekomen, op het tijdstip van terinzagelegging van het ontwerp van het plan minder dan wel meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is voorgeschreven respectievelijk toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte, inhoud en/of afstand in afwijking daarvan als minimaal respectievelijk maximaal toegestaan.
In de gevallen waarin het bebouwingspercentage, dat in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet tot stand is gekomen, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is voorgeschreven, geldt dat bebouwingspercentage in afwijking daarvan als maximaal toegestaan.
Het bepaalde in deze regels en op de verbeelding omtrent de situering, de horizontale diepte en de oppervlakte van bouwwerken, alsmede het bebouwingspercentage, is op overeenkomstige wijze van toepassing op ondergronds bouwen, met dien verstande dat de verticale diepte van ondergrondse bouwwerken niet meer dan 5 meter mag bedragen.
Het bepaalde in artikel 31.3.1 is niet van toepassing op gronden gelegen binnen de dubbelbestemmingen:
Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 31.3.2 voor ondergronds bouwen in overeenstemming met het bepaalde in artikel 31.3.1.
Een omgevingsvergunning zoals bedoeld in artikel 31.3.3 wordt niet verleend dan nadat het bevoegd gezag daarover een advies heeft ingewonnen bij de stadsarcheoloog.
Onder verboden gebruik wordt in elk geval verstaan:
Het aantal wooneenheden, zoals aanwezig op het moment van de terinzagelegging van het plan, mag niet toenemen.
In afwijking van het bepaalde bij andere bestemmingen, mag geen nieuw geluidgevoelig object worden gebouwd.
Burgemeester en wethouders kunnen middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 33.1.2 voor het bouwen van nieuwe geluidsgevoelige gebouwen overeenkomstig de andere bestemmingen, mits de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein op de gevels van deze geluidsgevoelige gebouwen niet hoger zal zijn dan de daarvoor gelden voorkeursgrenswaarde of een door burgemeester en wethouders vastgestelde hogere grenswaarde.
Ter plaatse van de aanduiding milieuzone - boringsvrije zone Roerdalslenk II geldt dat de gronden tevens bestemd zijn voor de bescherming van de bodem en het grondwater ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening.
Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - boringsvrije zone Roerdalslenk II' is het niet toegestaan om:
De in artikel 33.2.2 onder a. en b. gestelde verboden gelden niet voor:
Burgemeester en wethouders kunnen middels een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in artikel 33.2.2 onder a. en b. als gewaarborgd is dat geen sprake is van nadelige gevolgen voor de grondwaterwinning en met dien verstande dat de omgevingsvergunning alleen kan worden verleend wanneer Gedeputeerde Staten vooraf gehoord is.
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning:
Het verbod als bedoeld onder a. geldt niet voor:
Indien er bij de werkzaamheden als bedoeld in dit artikel sprake is van een boorput, zijn de werkzaamheden slechts toelaatbaar indien de doorboorde weerstandbiedende lagen en het boorgat van 0 tot 3,00 meter beneden het maaiveld worden afgedicht met klei of betoniet.
Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'recreatief netwerk' zijn de gronden tevens bestemd voor het ontwikkelen en versterken van de betekenig van de gronden voor het extensief recreatief medegebruik in de vorm van:
Het bevoegd gezag kan middels een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde bij de andere bestemmingen voor het bouwen van de volgende bouwwerken:
mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
Bijlage 2 “staat van bedrijfsactiviteiten” is, indien de geldende bestemming dat toelaat, van toepassing ter plaatse van de aanduiding 'overige zone – staat van bedrijfsactiviteiten'.
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ter plaatse van de aanduiding 'wetgevingszone – wijzigingsgebied' het plan te wijzigen naar de bestemming 'Natuur', mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemmingen ter plaatse van de aanduiding 'Wro-zone wijzigingsgebied 1' te wijzigen in de bestemming 'Groen' ten behoeve van de aanleg van een kasteeltuin en een bospark, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
Het bevoegd gezag kan van het plan afwijken door een omgevingsvergunning te verlenen voor:
Het bevoegd gezag kan van het plan afwijken door een omgevingsvergunning te verlenen voor:
Voor zover toepassing van het overgangsrecht gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard voor één of meer natuurlijke personen, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan grond en opstallen gebruiken in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan, kan burgemeester en wethouders ten behoeve van die personen van dat overgangsrecht afwijken.
Deze regels worden aangehaald als: regels van het bestemmingsplan Veegplan Sittard-Geleen 2023.