direct naar inhoud van Toelichting
Plan: Geluidzone Bonegraaf
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1

Toelichting

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding

In 2013 is het bestemmingsplan "Bedrijventerrein" vastgesteld voor het industrieterrein Bonegraaf te Dodewaard. In dit bestemmingsplan is onder andere de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein verkleind. De buitengrens van de zone is destijds niet gewijzigd. Als gevolg daarvan is sprake van een geluidzone die te groot is.

Het bedrijf Romein Beton b.v. is gevestigd op het industrieterrein Bonegraaf. Sinds 2013 is enkel de betonfabriek nog een inrichting die aangemerkt kan worden als een grote lawaaimaker in de zin van de Wet geluidhinder. De fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein kan daardoor verder verkleind worden. De overige gronden bestemd voor bedrijven behoren tot een niet gezoneerd bedrijventerrein. Door het verkleinen van het gezoneerde industrieterrein verandert de omvang van de gehele geluidzone.

Een zone (rond een industrieterrein) kan alleen worden gewijzigd bij vaststelling van een bestemmingsplan. Om de geluidzone in overeenstemming te brengen met de omvang van het gezoneerde industrieterrein dienen de geldende bestemmingsplannen gewijzigd te worden. Om niet elk bestemmingsplan afzonderlijk te wijzigen wordt een thematische herziening opgesteld. Deze thematische herziening heeft tot doel om de nieuwe geluidzone als gevolg van de verkleining van het gezoneerde industrieterrein vast te leggen voor de van toepassing zijnde geldende bestemmingsplannen.

1.2 Plangebied

In het noordelijke gedeelte van Dodewaard ligt het industrieterrein Bonegraaf. Het plangebied betreft de grens van de geldende geluidzone (zoals opgenomen in het bestemmingsplan 2013). Binnen het plangebied zijn drie zones opgenomen, namelijk:

  • het gedezoneerde gedeelte van het bedrijventerrein - het gebied van de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein wordt verkleind;
  • de nieuwe geluidzone - deze zone betreft het gebied tussen de grens van het gezoneerde industrieterrein en minimaal de 50 dB(A)-contour;
  • het gebied waar de geluidzone vervalt - dit betreft het gebied tussen de nieuwe geluidzone en de buitengrens van de oude zone zoals vastgesteld in het bestemmingsplan uit 2013

Het plangebied heeft alleen betrekking op die locaties waar de geldende (oude) geluidzone wordt gewijzigd. De navolgende afbeelding geeft de grens van het plangebied weer. Dit is tevens de geldende geluidszone. De rode kleinere zone toont de ligging van de nieuwe geluidzone. De exacte grenzen zijn op de verbeelding bij deze thematische herziening weergegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1_0001.jpg"

De nieuwe verbeelding voor voorliggend bestemmingsplan. De oranje gestreepte (grote) begrenzing is de grens van het plangebied en van de geldende geluidszone. Dit gedeelte komt te vervallen. De oranje (kleine) contour geeft de ligging van de toekomstige geluidszone weer. Het groen gestreepte gebied is het gedezoneerde industrieterrein. Aansluitend ligt met oranje diagonale strepen aangegeven wat de begrenzing is van het nieuwe gezoneerde industrieterrein (Bron: SAB)

Zoals aangegeven wordt het gezoneerde industrieterrein verkleind. Voor de gronden die bestemd blijven voor geluidzoneringsplichtinge inrichtingen wordt een aanvullende regeling opgenomen waarin het beheer van de geluidsruimte wordt geregeld. Voor deze gronden blijft voor het overige het bestemmingsplan "Bedrijventerrein", NL.IMRO.1740.bpbedrijventerrein-vst1, gelden.

1.3 Doel

Een gedeelte van het bedrijventerrein Bonegraaf is een gezoneerd industrieterrein, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder. Op een gezoneerd industrieterrein zijn inrichtingen mogelijk als genoemd in onderdeel D van Bijlage I van het Besluit omgevingsrecht, ook wel de "grote lawaaimakers" genoemd. Met het zoneren van een industrieterrein volgens de Wet geluidhinder scheidt men ruimtelijk de (grote) lawaaimakers van de geluidsgevoelige objecten.

De geluidzone heeft een 'binnengrens', namelijk de begrenzing van het 'industrieterrein', en een 'buitengrens', namelijk het gebied buiten de zone waar de geluidsbelasting vanwege het industrieterrein de waarde van 50 dB(A) niet te boven mag gaan. Buiten de geluidzone hoeft de invloed van het industrieterrein niet meer te worden beoordeeld op geluidgevoelige bestemmingen.

Binnen de zone zijn er wel beperkingen voor het bestemmen van geluidsgevoelige bestemmingen. Voor woningen en andere geluidsgevoelige objecten binnen de zone geldt een ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 55 dB(A). In geval van de aanpassing van de zone is een ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van maximaal 60 dB(A) toegestaan. Voor woningen met een geluidbelasting hoger dan de voorkeursgrenswaarde dienen hogere waarden te worden verleend.

De thematische herziening zorgt voor de reparatie en verkleining van de geluidzone en het verkleinen van de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein.

Hiermee wordt de geluidzone afgestemd op de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein.

1.4 Geldende bestemmingsplannen

De vigerende geluidzone voor het gezoneerde gedeelte van het industrieterrein is vastgelegd in verschillende bestemmingsplannen. De thematische herziening is daarmee een gedeeltelijke herziening van de geldende onderliggende bestemmingsplannen, voor zover deze binnen het plangebied liggen.

In het volgende overzicht zijn de bestemmingsplannen opgenomen die gedeeltelijk worden herzien.

IMRO plannummer   Bestemmingsplan   Vastgesteld  
 NL.IMRO.1740.bpbedrijventerrein-vst1   Bedrijventerrein   27 juni 2013  
 NL.IMRO.1740.bpDOECbuitengebied-onh1   Buitengebied Dodewaard en Echteld   30 mei 2013  
 NL.IMRO.1740.bpDOfructus-vst1   Fructus Dodewaard   8 november 2019  
 NL.IMRO.1740.bpDOeinsteinstr1-vst1   Einsteinstraat en Dalwagen   11 februari 2016  
 NL.IMRO.1740.bpNBkernen-vst2   Kernen Neder-Betuwe   14 mei 2020  

Op de afbeelding in paragraaf 1.2 is te zien dat de geluidzone in bovenstaande bestemmingsplannen is opgenomen.

Op onderstaande afbeelding is een uitsnede van de fysieke grens van het gezoneerde industrieterrein weergegeven zoals in het bestemmingsplan "Bedrijventerrein" uit 2013 is opgenomen.

afbeelding "i_NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1_0002.jpg"

Uitsnede gebiedsaanduiding 'milieuzone - geluidzoneringsplichtige inrichtingen' bestemmingsplan Bedrijventerrein (Bron: ruimtelijkeplannen.nl)

1.5 Leeswijzer

Na dit inleidende hoofdstuk volgt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het plan. In hoofdstuk 3 wordt de haalbaarheid behandeld. Hoofdstuk 4 wordt de wijze van bestemmen uitgelegd en hoofdstuk 5 gaat in op de uitvoerbaarheid van het plan.

Hoofdstuk 2 Planbeschrijving

2.1 Geluidzone industrielawaai

2.1.1 Wettelijk kader

In de Wet geluidhinder zijn normen opgenomen voor wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai. Tot laatstgenoemde behoort de geluidsbelasting als gevolg van industrieterreinen waarop inrichtingen zijn gevestigd die bij een Algemene Maatregel van Bestuur zijn aangemerkt als een inrichting die 'in belangrijke mate geluidhinder kan veroorzaken'. Dit deel van de Wet geluidhinder vormt een belangrijk kader voor deze thematische herziening.

Er is sprake van een gezoneerd industrieterrein als in het bestemmingsplan voor een bepaald terrein:

  • een bestemming is gegeven voor de vestiging van inrichtingen; én
  • waar tevens de vestiging van grote lawaaimakers mogelijk wordt gemaakt.

In onderdeel D van Bijlage 1 Besluit omgevingsrecht is vastgelegd welke inrichtingen als grote lawaaimakers moeten worden aangemerkt. De betonfabriek Romein Beton b.v. op het industrieterrein Bonegraaf behoort tot de categorie grote lawaaimaker. Er geldt een zoneringsplicht voor betonfabrieken met persen, triltafels of bekistingstrillers met een productiecapaciteit groter of gelijk aan 100 ton per dag. Omdat enkel de betonfabriek nog een grote lawaaimaker is, wordt ook de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein aangepast. Door aanwezigheid van woningen met hoge geluidbelasting kan echter de omvang van het gezoneerde industrieterrein niet alleen beperkt worden tot de betonfabriek. Romein Beton, Hofs Logistics en Van Dorland blijven op het gezoneerde industrieterrein liggen. Voor dit gebied wordt de geluidzone opgenomen. Bij het bepalen van de ligging van de zone is rekening gehouden met, een geringe geluidsreservering.

In de Wet geluidhinder is het wettelijk kader van de geluidzone voor industrielawaai geregeld. In artikel 40 Wet geluidhinder is neergelegd dat tegelijk met het ontstaan van een industrieterrein een zone rond het industrieterrein vastgelegd moet worden. De eerste zone voor het industrieterrein Bonegraaf is door de Kroon1 vastgesteld op 17 april 1990.

2.1.2 Geluidsgevoelige objecten

In de Wet geluidhinder zijn geluidswaarden opgenomen die mede zorgen voor een goede leefomgeving. Deze waarden gelden voor geluidsgevoelige objecten, zijnde:

  • woningen;
  • onderwijsgebouwen;
  • ziekenhuizen, verzorgingstehuizen en verpleegtehuizen;
  • psychiatrische inrichtingen; en
  • kinderdagverblijven.

Ook op geluidgevoelige terreinen, zoals woonwagenstandplaatsen en ligplaatsen ten behoeve van woonschepen, zijn de grenswaarden van toepassing.

2.1.3 Normering industrieterrein

De Wet geluidhinder bevat een specifieke regeling voor industrieterreinen. Om een gezoneerd industrieterrein ligt een geluidzone. De omvang daarvan wordt bepaald door de geluidsbelasting vanwege alle inrichting(en) op het industrieterrein.

De ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting vanwege het gezoneerde industrieterrein, op de gevel van woningen binnen de geluidzone is in beginsel 50 dB(A). De norm van 50 dB(A) geldt ook voor de buitengrens van de geluidzone. Buiten de geluidzone mag de geluidsbelasting niet meer dan 50 dB(A) bedragen.

Woningen binnen het gezoneerde industrieterrein worden niet beschermd. Deze woningen worden niet aangemerkt als geluidsgevoelige objecten. Echter geldt er wel een streefwaarde van 65 dB(A) vanuit de Wet milieubeheer.

Voor de woningen binnen de geluidzone gelden de volgende normen.

Ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting   50 dB(A)  
Maximale ontheffingswaarde geprojecteerde woningen   55 dB(A)  
Maximale ontheffingswaarde aanwezige of in aanbouw zijnde woningen   60 dB(A)  

In geval van woningen die gelegen zijn binnen een geluidzone van een industrieterrein, voor welke in het verleden nog geen hogere grenswaarden zijn vastgesteld en welke aanwezig waren op moment van de eerste zonevaststelling, geldt van rechtswege een hogere waarde van 55 dB(A).

2.1.4 Hogere waarde

Door het wijzigen van de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein wordt de geluidzone aangepast. Bij het vaststellen van de nieuwe geluidzone wordt rekening gehouden met een kleine reservering van de geluidsruimte. Door het opnemen van een kleine reservering kunnen de bedrijven op het gezoneerde industrieterrein zich in de toekomst binnen de grenzen ontwikkelen en wordt een goed beschermingsniveau van de woningen gegarandeerd. Binnen de nieuwe (fysieke) begrenzing worden ook de gronden met de geluidsbronnen van de bedrijven op de percelen Bonegraafseweg 9a en Industrieweg 17 opgenomen, omdat voor de bedrijfswoning, Industrieweg 17, de maximale ontheffingswaarde van 60 dB(A) niet gehaald kan worden. Bij twee bedrijfswoningen aan de Bonegraafseweg 7a en 9 is de bijdrage van individuelen bedrijven te hoog om toe te staan op grond van maatwerkvoorschriften. Nu deze woningen op het gezoneerde industrieterrein gehandhaafd blijven worden deze woningen niet aangemerkt als geluidsgevoelige objecten.

De geluidzone, zoals vastgesteld in 2013 kan worden verkleind. Door deze wijziging komen woningen die binnen de fysieke begrenzing van het industrieterrein lagen, binnen de geluidzone te liggen. Voor deze woningen is in het verleden geen hogere grenswaarde procedure doorlopen, omdat zoals al eerder aangegeven deze woningen niet aangemerkt werden als geluidsgevoelige objecten. Door het bureau SurroundConsult is onderzoek2 gedaan naar de geluidsbelasting op omliggende geluidsgevoelige objecten, waarbij is uitgegaan van de vergunde geluidsproductie van Romein Beton b.v., en de bedrijfsactiviteiten op de percelen Bonegraafseweg 9a en Industrieweg 17 en waarbij tevens rekening is gehouden met een geringe reservering van geluidsruimte.

In onderstaande tabel zijn de bestaande woningen weergegeven met een geluidsbelasting hoger dan de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 50 dB(A). Daarnaast is ook een voorstel opgenomen van de te verlenen hogere waarden.

Omschrijving   Hogere
waarde  
Gevel
onderzoek  
Dalwagen 59   57   ja  
Dalwagen 61   52   ja  
Matensestraat 33   --   nee  
Matensestraat 31   51   nee  
Matensestraat 29   51   nee  
Matensestraat 27   51   nee  
Lindenlaan 2   --   nee  
Matensestraat 25   52   nee  
Matensestraat 23   52   nee  
Matensestraat 21   52   nee  
Matensestraat 19   52   nee  
Matensestraat 17   52   nee  
Fruitstraat 57   51   nee  
Fruitstraat 55   --   nee  
Fruitstraat 53   --   nee  
Fruitstraat 51   --   nee  
Fruitstraat 54   52   nee  
Matensestraat 13   52   nee  
Matensestraat 11   52   nee  
Matensestraat 9   51   nee  
Matensestraat 7   51   nee  
Matensestraat 5   51   nee  
Matensestraat 3   51   nee  
Matensestraat 1   --   nee  
Matensestraat 1   --   nee  
Dalwagen 84   56   ja  
Dalwagen 86   55   ja  
Dalwagen 88   55   ja  
Dalwagen 90   55   ja  
Lindenlaan 1   --   nee  
Lindenlaan 3   --   nee  
Lindenlaan 5   --   nee  
Fruitlstraat 52   --   nee  
Voorenswei 3 (gedezoneerd)   54   nee  
Matensestraat 46 (gedezoneerd)   58   ja  
Industrieweg 5a (gedezoneerd)   58   ja  
Industrieweg 7 (gedezoneerd)   57   ja  
Industrieweg 11 (gedezoneerd)   58   ja  
Industrieweg 13a (gedezoneerd)   58   ja  

Tabel: advies, geluidsbelasting met te verlenen HGW in dB(A)

Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat met inachtneming van een kleine geluidreservering voor de bedrijven op het gezoneerde industrieterrein nog steeds een geluidzone kan worden vastgesteld. Voor de woningen dienen wel hogere grenswaarden verleend te worden. Hierdoor is een maximale ontheffingswaarde mogelijk van 60 dB(A) ex artikel 55 Wet geluidhinder.

2.1.5 Ligging gewijzigde geluidzone en fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein
2.1.5.1 Ligging nieuwe grenzen

Op het gezoneerde industrieterrein is nog maar één Grote Lawaaimaker gevestigd. De omvang van het feitelijk in gebruik zijnde gezoneerde industrieterrein is daardoor al kleiner dan volgens de planologische regels is toegestaan.

Binnen de nieuwe begrenzing van het gezoneerde industrieterrein bevinden zich alleen de bedrijven Romein Beton b.v., Hofs logistics en Van Dorland. De zoneringsplicht geldt overigens alleen voor Romein Beton b.v.. De ligging van het gezoneerde industrieterrein is schematisch in onderstaande afbeelding weergegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1_0003.jpg"

De gronden binnen de rode grens is het gezoneerde industrieterrein. De gronden binnen de blauwe grens is het gedezoneerde industrieterrein (Bron: SurroundConsult)

Doordat de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein is aangepast wijzigt ook de begrenzing van de geluidzone. In onderstaande afbeelding is de geluidzone afgestemd op de gewijzigde begrenzing van het gezoneerde industrieterrein. Op de afbeelding is te zien dat door de wijziging voor de gronden binnen het geldende bestemmingsplan "Fructus Dodewaard" (nieuwe gebiedsontwikkeling ten zuiden van de Matensestraat, ten westen van de kern Dodewaard) geen geluidzone meer geldt.

afbeelding "i_NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1_0004.jpg"

Gewijzigde geluidscontour industrieterrein Bonegraaf. De rode grens is de geldende geluidscontour. De nieuwe geluidscontour is weergegeven met oranje. De gele lijn geeft de begrenzing weer van het gezoneerde industrieterrein (Bron: SAB)

2.2 Beheer van de geluidsruimte

2.2.1 Wettelijk kader

Op basis van de Wet geluidhinder moet een geluidszone vastgesteld worden rondom industrieterreinen waarop grote lawaaimakers toegestaan zijn. De zonebeheerder moet die zone bewaken. In de Wet geluidhinder is niet aangegeven op welke manier de verdeling van geluidsruimte tussen de kavels en bedrijven op het industrieterrein geregeld moet worden. In de Wet geluidhinder is een instrument van het zonebeheerplan (artikel 164 Wgh) beschikbaar gesteld om de verdeling van de geluidsruimte te kunnen bepalen. Op basis van dat artikel kunnen burgemeester en wethouders een zonebeheerplan opstellen om informatie te geven over de beschikbare geluidsruimte. Dit instrument is echter alleen gericht op leveren van informatie over beschikbare geluidsruimte. Een zonebeheerplan is niet toereikend om de beschikbare geluidsruimte goed te kunnen verdelen en toedelen. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in haar uitspraak van 2 november 2011 (zaaknr. 201008546/1/M1) bepaald, dat een aanvraag milieuvergunning niet getoetst mag worden aan een zonebeheerplan en dus ook niet geweigerd mag worden als die daarmee in strijd is. Een zonebeheerplan heeft daarmee geen juridische werking. De beoogde regulerende werking van geluidsverdeling over de kavels is juridisch onvoldoende in de Wet geluidhinder en de Wet milieubeheer en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht verankerd. Voldoende zekerheid voor de zonebeheerder en ook voor de bedrijven kan slechts verkregen worden door de systematiek van het verdelen en beheren van de geluidsruimte op te nemen en te regelen in het bestemmingsplan.

2.2.2 Geluidsverkaveling

Door middel van kavelreserveringen kan aangegeven worden op welke wijze de geluidsruimte wordt verdeeld en beheerd. Door het toepassen van deze systematiek wordt het risico weggenomen dat het ene bedrijf veel geluid aanvraagt en dat de geluidsruimte voor andere bedrijven evenredig kleiner wordt.

De geluidsverkaveling wordt in het bestemmingsplan geregeld om er voor te zorgen, dat de kavels in overeenstemming met de bestemming en de daarbij behorende geluidsruimte gebruikt kunnen worden.

Voor het geluidgezoneerde deel ven het bedrijventerrein Bonegraaf is een akoestische indeling gemaakt. Dit is gedaan met de uitgangspunten dat het geluidgezoneerde deel ven het bedrijventerrein Bonegraaf gebruikt moet kunnen worden voor de huidige en eventueel toekomstige bedrijven en dat de geluidsgevoelige bestemmingen in de omgeving van het industrieterrein de nodige bescherming krijgen. De geluidbelasting op de toetspunten op de zone mag niet meer dan 50 dB(A) bedragen. De verkaveling van het gezoneerde industrieterrein is weergegeven in onderstaande afbeelding.

afbeelding "i_NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1_0005.jpg"

Verkaveling bedrijventerrein Bonegraaf (Bron: SurroundConsult)

Die geluidsverkaveling is als ruimtelijk relevante regeling in het bestemmingsplan uitgewerkt binnen de gebiedsaanduiding: 'geluidzone-industrie'. De 50 dB(A)- contour die hoort bij de akoestische verkaveling en de ligging van de geluidszone is in onderstaande afbeelding weergegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.1740.bpDObonegrgeluid-vst1_0006.jpg"

Ligging geluidzone (Bron: SurroundConsult)

Hoofdstuk 3 Haalbaarheid

3.1 Akoestische situatie - industrielawaai

3.1.1 Inleiding

Bij herziening van de geldende bestemmingsplannen, waarbij de grens van het gezoneerde industrieterrein en van de geluidzone worden gewijzigd, moeten de volgende situaties in acht genomen worden:

  • woningen die door de wijziging, buiten de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein, maar binnen de geluidzone komen te liggen, worden geluidsgevoelige objecten, die bescherming genieten op grond van de Wet geluidhinder;
  • de geldende besluiten hogere grenswaarden Voor de woningen die al binnen de geluidzone lagen en weer komen te liggen worden nieuwe hogere grenswaarden vastgesteld.

Voor bovenstaande situaties moeten hogere waarden worden vastgesteld, dan wel maatwerkvoorschriften worden opgelegd. Uit de tabel uit paragraaf 2.1.4 blijkt welke hogere grenswaarden aangevraagd kunnen worden.

Planologische vastlegging nieuwe geluidzone

De verkleining van de geluidzone moet planologisch worden vastgelegd.

3.1.2 Conclusie

Voor de woningen die al aanwezig zijn, kan een verhoging van maximaal 5 dB(A) worden aangevraagd, waarbij 60 dB(A) maximaal is. Bij een verhoging van maximaal 5 dB(A) kan nog steeds gesproken worden van een goed woon- en leefklimaat. Het gaat namelijk om situaties gebaseerd op bestaande activiteiten van bedrijven. Daarom kan aangenomen worden dat akoestisch de kwaliteit van de omgeving aanvaardbaar is.

In het verleden zijn maatregelen getroffen in het kader van het saneringsonderzoek. De bedrijven dienen voor de omgeving de best beschikbare technieken te gebruiken om geen overmatige hinder te veroorzaken. Dit maakt dat het gerechtvaardigd is om voor de woningen een hogere grenswaarde vast te stellen wanneer er sprake blijft van een goed woon- en leefklimaat.

Het ontwerpbesluit tot vaststelling van hogere waarden dient op grond van artikel 110c Wet geluidhinder gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan (thematische herziening) ter inzage te worden gelegd. Via deze thematische herziening wordt de nieuwe geluidzone planologisch vastgelegd.

Het college van burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe heeft op 12 januari 2021 de hogere geluidsgrenswaarden vastgesteld.

3.2 Overige haalbaarheidsaspecten

Deze thematische herziening voorziet niet in de realisatie van functies die gevoelig zijn vanuit verkeerslawaai, geur, luchtkwaliteit, externe veiligheid of andere milieuaspecten. Ook voorziet deze thematische herziening niet in functies die hinder met zich mee kunnen brengen voor gevoelige functies. Verder spelen de aspecten bodem, water, cultuurhistorie, archeologie en verkeer/parkeren geen rol bij deze thematische herziening. De thematische herziening is dan ook niet aan voornoemde haalbaarheidsaspecten getoetst.

Hoofdstuk 4 Wijze van bestemmen

4.1 Algemeen

4.1.1 Thematische herziening

Dit bestemmingsplan is een thematische herziening van de in de bijlage van de regels genoemde bestemmingsplannen. De thematische herziening heeft uitsluitend betrekking op de geluidzone in verband met het wijzigen (verkleinen) van het gezoneerde industrieterrein en op het wijzigen van de fysieke begrenzing van het gezoneerde industrieterrein. De herziening is thematisch, omdat er voor een specifiek onderwerp een regeling wordt vervangen dan wel wordt aangevuld en voor het overige alle in de bijlage genoemde plannen in stand blijven. De herziening is dus niet rechtstreeks verwerkt in de onderliggende bestemmingsplannen. Ten aanzien van het onderwerp dat een thematisch bestemmingsplan regelt, komen de regels ten aanzien van dat onderwerp in de onderliggende bestemmingsplannen te vervallen. Dit op grond van de algemene rechtsregel, dat een latere wet boven een eerdere wet gaat.

Vanwege het feit dat de nieuwe geluidzone zijn eigen loop kent en niet de grenzen volgt van vigerende bestemmingsplannen bestaat de mogelijkheid dat vigerende bestemmingsplannen zowel deels binnen de geluidzone industrie als deels buiten de geluidzone industrie vallen.

4.1.2 Hoofdstukindeling van de regels

De regels zijn verdeeld over drie hoofdstukken:

  • 1. Inleidende regels. Dit hoofdstuk begint met de toepasselijke bestemmingsplannen en toepasselijke regels (artikel 1). Daarna worden de begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 2). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen.
  • 2. Algemene regels. In dit hoofdstuk zijn regels opgenomen met een algemeen karakter.
  • 3. Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk is het overgangsrecht en een slotregel opgenomen. Hoewel het hier in wezen ook algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen.

4.2 Dit bestemmingsplan

Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan.

4.2.1 Artikelsgewijze toelichting
4.2.1.1 Anti-dubbeltelregel

Dit artikel bevat een algemene regeling waarmee kan worden voorkomen dat er in feite meer wordt gebouwd dan het bestemmingsplan beoogt.

4.2.1.2 Gebiedsaanduidingsregel: geluidzone - industrie

In dit artikel wordt de relatie met de geldende bestemmingsplannen vastgelegd als ook dat de geluidzone die op de verbeelding van dit bestemmingsplan is opgenomen en de in de planregels opgenomen regels worden toegevoegd aan de genoemde bestemmingsplannen en daarbij behorende en van toepassing zijnde planregels. Voor het overige blijven de planregels en de verbeelding(en) voor de gronden gelegen in de genoemde geldende bestemmingsplannen van toepassing met uitzondering van de anti-dubbeltelregel (voorheen: anti-dubbeltelbepaling) en het overgangsrecht.

4.2.1.3 Gebiedsaanduidingsregel: geluidzone - industrie beheer geluidsruimte (nadere specifieke aanduiding)

Binnen dit gebied is een regeling opgenomen betreffende het beheren van de geluidsruimte. Met deze regeling is de verdeling van de geluidsruimte tussen de kavels en bedrijven geregeld.

4.2.1.4 Gebiedsaanduidingsregel: geluidzone - industrie vervallen

Met deze regel wordt aangegeven dat voor de aangewezen zone op de verbeelding geen geluidzone meer geldt. Voor de geldende bestemmingsplannen komt een gedeelte van de geluidzone te vervallen en daarbij ook de daarbij behorende regeling.

4.2.1.5 Gebiedsaanduidingsregel: milieuzone - geluidzoneringsplichtige inrichtingen vervallen

In dit artikel wordt aangegeven dat op de gronden geen geluidzoneringsplichtige inrichtingen meer zijn toegestaan.

4.2.1.6 Overgangsrecht

Hierin staan de overgangsregels voor bestaande bouwwerken en bestaande gebruiksactiviteiten die afwijken van de bestemmingen en/of de regels in het bestemmingsplan.

4.2.2 Slotregel

Deze bepaling bevat de citeertitel van de regels.

Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid

5.1 Economische uitvoerbaarheid

Het opstellen van een exploitatieplan voor de ontwikkeling van het onderhavige bestemmingsplan is niet nodig, nu geen bouwplan wordt mogelijk gemaakt waarvoor exploitatiekosten moeten worden verhaald.

De kosten die met dit bestemmingsplan zijn gemoeid komen voor rekening van de gemeente.

5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

5.2.1 Algemeen

De procedure van deze thematische herziening loopt gelijktijdig op met de procedure hogere grenswaarden.

5.2.2 Terinzagelegging

Het ontwerpbestemmingsplan en het ontwerpbesluit hogere grenswaarden hebben van 1 oktober 2020 tot en met 11 november 2020 ter inzage gelegen. Er zijn tijdens deze periode geen zienswijzen ingediend tegen het ontwerpbestemmingsplan en het ontwerpbesluit hogere grenswaarden. Het college heeft op 12 januari 2021 de hogere geluidsgrenswaarden vastgesteld. Het Besluit Hogere waarde Industrielawaai Wet geluidhinder3 is als bijlage bij deze toelichting gevoegd.