direct naar inhoud van 4.8 Water
vastgesteld
NL.IMRO.1731.BVetpWYS-VST1

4.8 Water

Sinds de wijziging van het Besluit op de ruimtelijke ordening in november 2003 is het opnemen van een waterparagraaf in een ruimtelijk plan dwingend voorgeschreven. In deze waterparagraaf is het resultaat van de watertoets beschreven. De watertoets fungeert als procesinstrument met als doel het vroegtijdig informeren, adviseren en beoordelen van waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en daarmee het betrekken van het waterschap in de planvorming. In de waterparagraaf zijn de beschrijving van het waterhuishoudkundig systeem, het proces van de watertoets en het advies van het waterschap verwerkt.

Aveco de Bondt heeft voor het plangebied de watertoetsprocedures uitgevoerd. Deze toets is opgenomen in bijlage 6. Het waterschap heeft aangegeven akkoord te zijn met de inhoud (zie bijlage 7.

4.8.1 Waterhuishouding

De gegevens die gegenereerd worden door de digitale watertoets zijn in navolgende afbeelding opgenomen. Hierin is het plangebied rood omlijnd. Aan de noord- en aan de zuidoostzijde zijn watergangen gesitueerd waarop de keur van toepassing is. Op het terrein zijn diverse waterpartijen gesitueerd waarvan de functie en het beheer op dit moment nog niet duidelijk zijn.

afbeelding "i_NL.IMRO.1731.BVetpWYS-VST1_0018.jpg"

Afbeelding 4.3: Gegevens digitale watertoets

Het bedrijventerrein ETP-MERA heeft een relatief hoge ligging. Water dat infiltreert op het terrein zal naar het oosten afstromen en afgevoerd worden door het Oude Diep.

4.8.2 Conclusie

Als leidraad voor de waterparagraaf moet het watertoetsdocument van het waterschap Reest en Wieden gebruikt worden. Bij de voorliggende beheersverordening zijn er binnen het bedrijventerrein ETP-MERA nog geen aandachtspunten bekend. Aan de oostzijde sluit het plangebied echter aan op een keurwatergang.

Bij de voorgenomen vaststelling van de beheersverordening worden geen waterhuishoudkundige gevolgen verwacht. De herinrichting van kavels of een verandering van het areaal verharding mogen geen negatieve consequenties hebben op de waterhuishouding.