| Plan: | Park Looburgh |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1724.BPBplb1117-VAST |
het bestemmingsplan "Park Looburgh"met identificatienummer NL.IMRO.1724.BPBplb1117-VAST van de gemeente Bergeijk.
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
bebouwing waarbij de hoofdgebouwen aan beide zijden in de perceelsgrens zijn gebouwd, met dien verstande dat de eindwoning slechts aan één zijde in de zijdelingse perceelsgrens hoeft te worden gebouwd.
één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
het bedrijfsmatig verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid, in tegenstelling tot de hierna omschreven beroepsmatige activiteiten, gericht op consumentverzorging geheel of overwegend door middel van handwerk en waarvan de omvang van de activiteiten zodanig is, dat de activiteiten in een woning en de daarbij behorende bijgebouwen met behoud van de woonfunctie kunnen worden uitgeoefend (zoals een schoonheidssalon, een kapsalon of een nagelstudio), met uitzondering van seksinrichtingen.
een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, therapeutisch, maatschappelijk, kunstzinnig en ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende gebouwen, met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend (zoals een accountantskantoor, advocatenkantoor, administratiekantoor).
t.a.v. bebouwing:
bebouwing zoals aanwezig en toegestaan (legaal aanwezig) op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan, dan wel mag worden gebouwd krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde omgevingsvergunning;
t.a.v. gebruik:
het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig en toegestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan.
de grens van een bestemmingsvlak.
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.
uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw of ander bouwwerk, met een dak.
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.
de grens van een bouwvlak.
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
de grens van een bouwperceel.
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.
een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, bestaande uit een vrijstaande dakconstructie met maximaal één wand.
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.
het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen.
de natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon, die bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt, die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend zoals escortservices en bemiddelingsbureaus.
doeleinden ten behoeve waarvan gebruik van gebouwen en/of gronden of aangewezen delen daarvan is toegestaan.
elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
bebouwing van halfvrijstaande hoofdgebouwen die door middel van een bijbehorend bouwwerk zijn geschakeld aan een ander halfvrijstaand hoofdgebouw, met dien verstande dat de eindwoning vrijstaand mag worden gebouwd.
bebouwing waarbij het hoofdgebouw meerdere woningen omvat die geheel of gedeeltelijk boven/onder elkaar zijn gelegen.
bebouwing waarbij de hoofdgebouwen aan één zijde in de zijdelingse perceelsgrens zijn gebouwd en aan de andere zijde niet, waarbij onderscheid kan worden gemaakt tussen twee-aaneengebouwde hoofdgebouwen en geschakelde hoofdgebouwen.
een gebouw dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken.
een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met artistieke waarde.
een dakvorm die bestaat uit slechts één dakvlak of dakschild, dat onder een helling is aangebracht, waarbij het laagste punt van het dakvlak de goothoogte betreft en het hoogste punt de bouwhoogte.
een (gedeelte van een) bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 m beneden peil.
het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.
een seksinrichting bestemd voor of in gebruik voor het zich vanaf de openbare weg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats, zichtbaar ter beschikking stellen tot het tegen betaling verlenen van seksuele diensten aan anderen (prostitutie).
de voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub, of een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.
Een woning met volledig woonprogramma op hetzelfde niveau, dan wel een deel van het woonprogramma op een ander niveau, mits ondergeschikt en bereikbaar per lift;
het door handelingen, houding, woord, gebaar of op andere wijze ingaan op het aanbod van prostitutie, uitnodigen dan wel aanlokken.
de lijn waarin de voorgevel van een bouwwerk is gelegen alsmede het verlengde daarvan.
voorzieningen ten behoeve van een op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer.
het oppervlakte aan water zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen.
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit, waaronder duikers, stuwen, gemalen, inlaten en voorzieningen ten behoeve van berging en infiltratie van hemelwater.
een constructie geen gebouw of bouwwerk zijnde.
het bewonen van een woning door niet meer dan één afzonderlijk huishouden.
een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.
Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:
tussen de grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk, waar die afstand het kortst is.
het oppervlak dat met bouwwerken mag worden bebouwd, uitgedrukt in procenten van de oppervlakte van het bouwperceel, voor zover dat is gelegen binnen de bestemming, of binnen een in de regels nader aan te duiden gedeelte van die bestemming.
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk, met uitzondering van onderschikte bouwdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
vanaf het bouwkundig peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend.
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, balkons, luifels en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding niet meer dan 1 m bedraagt.
De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen:
| Toegestane bouwwerken | uitsluitend gebouwen voor voorzieningen van algemeen nut |
| Oppervlakte | max. 20 m² |
| Bouwhoogte | max. 4 m |
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:
| Bouwhoogte terreinafscheidingen | max. 2 m |
| Bouwhoogte kunstobjecten | max. 12 m |
| Bouwhoogte overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | max. 5 m |
| Verbod | overkappingen zijn niet toegestaan |
Het gebruik van woningen overeenkomstig het bepaalde in artikel 7.1 is uitsluitend toegestaan, voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende bepalingen:
| Toegestane bouwwerken | uitsluitend erkers, portalen en luifels ten behoeve van de aangrenzende hoofdgebouwen |
| Diepte gemeten vanuit de voorgevel van het hoofdgebouw | max. 1,5 m |
| Breedte erkers en/of portalen | max. 50% van de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw |
| Afstand tot de voorste bouwperceelsgrens | min. 3 m |
| Oppervlakte erkers en/of portalen | max. 6 m² |
| Oppervlakte luifel | max. 3 m² |
| Goothoogte erkers en/of portalen | max. de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw |
| Bouwhoogte erkers en/of portalen | max. de goothoogte vermeerderd met 1,5 m |
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:
| Carports/overkappingen | Carports/overkappingen zijn niet toegestaan |
| Bouwhoogte terreinafscheidingen | max. 1 m |
| Bouwhoogte vlaggenmasten en palen | max. 6 m |
| Bouwhoogte overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | max. 2 m |
Het gebruik van woningen overeenkomstig het bepaalde in artikel 7.1 is uitsluitend toegestaan, voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen:
| Toegestane bouwwerken | uitsluitend gebouwen voor voorzieningen van algemeen nut |
| Oppervlakte | max. 20 m² |
| Bouwhoogte | max. 4 m |
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:
| Bouwhoogte palen, masten en portalen voor geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer | max. 12 m |
| Bouwhoogte terreinafscheidingen | max. 2 m |
| Bouwhoogte kunstobjecten | max. 12 m |
| Bouwhoogte overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | max. 5 m |
| Verbod | overkappingen zijn niet toegestaan |
Het gebruik van woningen overeenkomstig het bepaalde in artikel 7.1 is uitsluitend toegestaan, voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
De voor ‘Water’ aangewezen gronden zijn bestemd voor:
Op of in de voor 'Water' aangewezen gronden mogen geen worden gebouwd.
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, gelden de volgende bepalingen:
| Bouwhoogte | max. 5 m |
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor:
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen:
| Bebouwingstypologie | twee-aaneen, aaneengebouwde en gestapelde woningen ter plaatse waar deze als zodanig op de verbeelding zijn aangeduid |
| Aantal wooneenheden | max. 40 |
| Situering | uitsluitend binnen het bouwvlak |
| Bebouwingspercentage | max.100% |
| Goothoogte | max. zoals op de verbeelding is aangeduid |
| Bouwhoogte | max. zoals op de verbeelding is aangeduid |
| Dakhelling | max. 60°, met dien verstande dat bij een mansardedak de dakhelling max. 80° bedraagt en bij zijschilden van een gebouw of bij een gestapeld gebouw de dakhelling max. 70° bedraagt |
Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken, inclusief carports en overkappingen, gelden de volgende bepalingen:
| Situering | zowel binnen als buiten het bouwvlak, met dien verstande dat - bijbehorende bouwwerken niet vóór de voorgevellijn mogen worden gebouwd uitgezonderd ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van wonen - bijbehorende bouwwerken voor voorgevellijn' alwaar bijbehorende bouwwerken voor de voorgevellijn mogen worden gebouwd |
| Bebouwingspercentage | max. 80% van het bouwperceel binnen de bestemming 'Wonen' tot een maximum van 200 m², uitgezonderd het bouwvlak |
| Goothoogte | max. 3,8 m |
| Bouwhoogte | max. 5,5 m, met dien verstande dat indien het hoofdgebouw is uitgevoerd met een plat dak voor het met het hoofdgebouw verbonden bijbehorend bouwwerk een maximum bouwhoogte van 3,8 m geldt |
| Dakhelling | max. 60° of plat dak, met dien verstande dat voor een bijbehorend bouwwerk gebouwd op de perceelsgrens geldt dat het schuine dak vanuit de perceelsgrens dient op te lopen |
Voor het bouwen van seniorenwoningen gelden de volgende aanvullende bepalingen:
| Aaneengebouwde en halfvrijstaande woningen | oppervlakte bouwperceel | max. 250 m2 |
| Aaneengebouwde en halfvrijstaande woningen | oppervlakte woning* | max. 150 m2 |
| Aaneengebouwde en halfvrijstaande woningen | inhoud woning* | max 320 m3 |
| Gestapelde woningen | oppervlakte woning | max. 100 m2 |
* bestaat uit hoofd- en bijbehorende bouwwerken, exclusief omgevingsvergunningsvrije bouwwerken
Voor het bouwen van starterswoningen gelden de volgende aanvullende bepalingen:
| Oppervlakte bouwperceel | max. 150 m² |
| Inhoud van het hoofdgebouw en aangebouwde bijbehorende bouwwerken | max. 320 m3 |
| Oppervlakte vrijstaande bijbehorende bouwwerken | max. 10 m² |
* m.u.v. hoekpercelen
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, gelden de volgende bepalingen:
| Situering | zowel binnen als buiten het bouwvlak |
| Bouwhoogte erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn | max. 1 m |
| Bouwhoogte erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn | max. 2 m |
| Specifiek voor zwembaden | a. max. 1 zwembad per bouwperceel en uitsluitend voor hobbymatig gebruik b. situering: min. 2,5 m achter de voorgevellijn en min. 1 m van de zijdelingse en achterste bouwperceelsgrens c. oppervlakte: max. 50 m² |
| Bouwhoogte overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde | max. 5 m |
| Verbod | tennisbanen en paardenbakken zijn niet toegestaan |
Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen aan de kapvorm, dakhelling en/of nokrichting van bijbehorende bouwwerken op de perceelsgrens:
| Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van de bouwregels ten behoeve van: | mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: |
| kortere afstand tot de zijdelingse perceelgrens | a. De omgevingsvergunning mag niet tot gevolg hebben dat in stedenbouwkundig opzicht een onaanvaardbare situatie ontstaat. b. De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken worden niet onevenredig aangetast. |
| bijbehorende bouwwerken vóór de voorgevellijn | De voorgevellijn mag uitsluitend worden overschreden met erkers, portalen en luifels, onder de volgende voorwaarden: a. Diepte gemeten vanuit de voorgevel van het hoofdgebouw bedraagt max. 1,5 m. b. Breedte erkers en/of portalen bedraagt max. 50% van de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw. c. Oppervlakte erkers en/of portalen bedraagt max. 6 m². d. Oppervlakte luifel bedraagt max. 3 m². e. Goothoogte erkers en/of portalen bedraagt max. de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw. f. Bouwhoogte erkers en/of portalen bedraagt max. de goothoogte vermeerderd met 1,5 m. g. De omgevingsvergunning mag niet tot gevolg hebben dat in stedenbouwkundig opzicht een onaanvaardbare situatie ontstaat. h. De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken worden niet onevenredig aangetast. |
| (bijbehorende) bouwwerken met een grotere bouwhoogte | a. De omgevingsvergunning mag niet tot gevolg hebben dat in stedenbouwkundig en/of landschappelijk opzicht een onaanvaardbare situatie ontstaat. b. De gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken worden niet onevenredig aangetast. |
Binnen de bestemming ‘Wonen’ is de uitoefening van een aan huis verbonden activiteit, zoals opgenomen in bijlage 1 Lijst van rechtstreeks toelaatbare aan huis verbonden activiteiten in hoofdgebouw en bijbehorende bouwwerken toegestaan als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, waarbij de volgende bepalingen van toepassing zijn:
Het gebruik van woningen overeenkomstig het bepaalde in 'Wonen' is uitsluitend toegestaan, voor zover wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan:
Een ondergeschikte functie mag een omvang hebben van niet meer dan 30% van de vloeroppervlakte van de bebouwing.
| Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van de regels ten behoeve van: | mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: |
| het in geringe mate overschrijden van bebouwingsgrenzen | Een meetverschil geeft daartoe aanleiding |
| het vergroten van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde | a. Bouwhoogte kunstobjecten, geen gebouwen zijnde: max. 15 m. b. Bouwhoogte waarschuwings- en/of communicatiemasten: max. 40 m. c. Bouwhoogte overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde: max. 10 m. |
| het vergroten van de bouwhoogte van gebouwen voor plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten | a. Maximale oppervlakte van de vergroting: maximaal 10% van het betreffende bouwvlak. b. Bouwhoogte: maximaal 1,25 maal de maximale bouwhoogte van het betreffende gebouw. |
| een grotere dakhelling | a. De grotere dakhelling is stedenbouwkundig aanvaardbaar. b. De gebruiksmogelijheden van de aanrenzende gronden en bouwwerken worden niet onevenredig aangetast. |
Het bevoegd gezag toetst bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of het verlenen van een omgevingsvergunning voor het afwijken van de gebruiksregels of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid en ruimte voor laden en lossen. Hiervoor gelden de volgende regels:
| Parkeergelegenheid | a. In het geval van de oprichting of uitbreiding van een gebouw dient ten behoeve van het parkeren van auto's te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. b. In het geval van functiewijziging van een gebouw en/of van gronden dient ten behoeve van het parkeren van auto's te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. c. Aan het voorgaande (in voldoende mate ruimte aanbrengen) wordt voldaan indien wordt voldaan aan de normen die zijn neergelegd in de Parleerbeleid gemeente Bergeijk 2022-2026 (bijlage 2). d. Indien deze beleidsregels worden gewijzigd, wordt rekening gehouden met de gewijzigde beleidsregels. e. De parkeervoorzieningen als bedoeld onder a en b dienen in stand te worden gehouden. |
| Ruimte voor laden en lossen van goederen | a. Indien het gebruik van een gebouw en/of gronden daar aanleiding toe geeft, dient te worden voorzien in voldoende ruimte voor laden en lossen. b. De ruimte voor laad- en losvoorzieningen als bedoeld onder a dient in stand te worden gehouden. |
| Afwijkingsmogelijkheid | Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijking van het bepaalde in dit artikel indien: a. het voldoen hieraan door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit, of b. voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien. |
Deze regels kunnen worden aangehaald als:
Regels van het bestemmingsplan "Park Looburgh".