Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Heerebeemd
Status: onherroepelijk
Plan identificatie: NL.IMRO.1723.BP001-0001

Artikel 6 Wonen

6.1 Bestemmingsomschrijving
 
De voor “Wonen” aangewezen gronden zijn bestemd voor:
a. wonen;
b. de uitoefening van aan huis gebonden beroepsmatige activiteiten door de hoofdbewoner(s) van het hoofdgebouw tot ten hoogste
    30% van het oppervlak van hoofd- en bijgebouwen tot een maximum van: 45 m²;
met de daarbij behorende:
c.ontsluitingswegen en –paden;
d.berg- en stallingsruimten ten dienste van de woning;
e.erven en tuinen;
f. bouwwerken
 
 
6.2 Bouwregels
 
6.2.1 Algemeen
Voor het bouwen gelden de volgende bepalingen:
a.op de in 6.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend hoofdgebouwen, aanbouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde
   ten dienste van de bestemming ‘Wonen’ worden gebouwd;
b.het maximale bebouwingspercentage, gerekend over het gehele bouwperceel: zie verbeelding
c.het bestemmingsvlak mag geheel volgebouwd worden, met inachtneming van het bepaalde in sub b;
d.er is maximaal 1 woning per bouwperceel toegestaan.
 
 
6.2.2 Hoofdgebouwen, aanbouwen en bijgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen, aanbouwen en bijgebouwen gelden de volgende bepalingen:
a. hoofdgebouwen, aanbouwen en bijgebouwen moeten voldoen aan de maatvoerings- en situeringseisen, zoals aangegeven in
    onderstaand schema:
 
Maatvoeringseisen: hoofdgebouwen
 
Maximale goothoogte
zie verbeelding
Maximale bouwhoogte
zie verbeelding
maximale kapafdekking
65º
Minimale dakhelling
15º
 
 
Maatvoeringseisen: bijgebouwen en aanbouwen
Maximale goothoogte
3 meter
Maximale bouwhoogte
5 meter
 
b.in aanvulling op het bepaalde in sub a geldt dat minimaal 60 % van de breedte van de voorgevel dient te worden gebouwd in de
   aangeduide bouwgrenzen die naar de gronden met de bestemming ‘Tuin’ dan wel direct naar de weg is toegekeerd. Indien bij een
   hoekperceel twee bouwgrenzen naar de gronden met de aanduiding tuin of onbebouwd erf dan wel naar de weg zijn gekeerd, dan
   dient de voorgevel te worden gebouwd in de bouwgrens, welke zoveel mogelijk een regelmatige of nagenoeg regelmatige ligging ten
   opzichte van de voorgevels van de bestaande hoofdgebouwen op de naastgelegen percelen heeft.
 
6.2.3 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, moeten voldoen aan de maatvoeringseisen, zoals aangegeven in onderstaand schema:
 
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Maximale bouwhoogte
terreinafscheidingen
2 meter
pergola’s
2.5 meter
speeltoestellen
3 meter
Overige bouwwerken
1.5 meter
 
6.2.4 Ondergronds bouwen
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende bepalingen:
a. ondergrondse bouwwerken zijn niet toegestaan;
 
6.3 Nadere eisen
 
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen aan:
- de bouwhoogte en/of goothoogte van gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde;
- de situering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
- de aanleg en omvang van parkeergelegenheid.
Indien dit noodzakelijk is ter voorkoming van een onevenredige aantasting van:
a. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken;
b. de stedenbouwkundige kwaliteit en beeldkwaliteit van de directe omgeving;
c. de milieukwaliteit;
d. de verkeersveiligheid;
e. de sociale veiligheid;
f.  de brandveiligheid en rampenbestrijding;
g. het woon- en leefklimaat.
 
6.4 Specifieke gebruiksregels
 
6.4.1  Tot een strijdig gebruik van de grond en bouwwerken wordt in ieder geval gerekend het gebruik voor:
         a. de uitoefening van handel of dienstverlening;
         b. de uitoefening/vestiging van een seksinrichting;
         c. het wonen in bijgebouwen;
         d. het gebruik van aanbouwen als afhankelijke woonruimte;
         e. de uitoefening van aan huis gebonden bedrijfsmatige activiteiten in de woning (hoofdgebouw en aanbouwen) en daarbij  
             behorende bijgebouwen.
 
6.4.2  Tot een strijdig gebruik van gronden wordt in ieder geval gerekend het gebruik voor:
         a. het opslaan, het opgeslagen houden of (laten) bergen van gebruikte, afgedankte c.q. aan de oorspronkelijke bestemming
             onttrokken goederen, voorwerpen of materialen, behoudens voor zover noodzakelijk in verband met het op de bestemming
             gerichte gebruik van de gronden;
         b. het opslaan, het opgeslagen houden, (laten) storten of (laten) lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen, behoudens voor zover
             dat noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de gronden;
         c. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens.
 
6.4.3  Het bepaalde in 6.4.2.a en 6.4.2.b is niet van toepassing voor zover betreft:
         a. tijdelijke opslag van materialen en werktuigen welke nodig zijn voor de realisering en/of handhaving van de in het plan    
             aangewezen bestemming;
         b. opslag in het kader van het normale onderhoud van de gronden en gebouwen.
 
6.5 Specifieke gebruiksregels
 
6.5.1 Mantelzorg
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing te verlenen van het bepaalde in 6.4.1.c en 6.4.1.d onder de voorwaarden dat:
a. het gebruik noodzakelijk is vanuit een oogpunt van mantelzorg en hiervoor positief advies is afgegeven door een door burgemeester
    en wethouders aangewezen onafhankelijke instantie;
b. het gebruik van aanbouwen als zelfstandige woonruimte uitsluitend toegestaan indien vaststaat dat het gebruik is toegestaan indien
    vaststaat dat het gebruik binnen het bestaande hoofdgebouw niet mogelijk is.
c. het gebruik van bijgebouwen als afhankelijke woonruimte uitsluitend is toegestaan indien vaststaat dat het gebruik binnen het
    bestaand hoofdgebouw en/of aanbouw niet mogelijk is;
d. er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in het geding zijnde belangen waaronder die van omwonenden en (agrarische)
    bedrijven;
e. de afhankelijk woonruimte binnen het vigerende regeling inzake bijgebouwen wordt ingepast met een maximale oppervlakte van
    80 m²;
f.  er nog geen ontheffing is verleend voor hetzelfde bouwperceel op grond van artikel 4.5.1.;
g. burgemeester en wethouders de ontheffing als bedoeld in dit lid intrekken, indien de bij het verlenen van de ontheffing bestaand   
    noodzaak vanuit een oogpunt van mantelzorg niet meer aanwezig is.
 
6.5.2 Bedrijfsmatige activiteiten
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing te verlenen van het bepaalde in 6.4.1.e voor de uitoefening van een aan huis gebonden bedrijfsmatige activiteiten in de woning (hoofdgebouw en aanbouwen) en daarbij behorende bijgebouwen, met dien verstande dat:
a.de woonfunctie als hoofdfunctie behouden blijft;
b.bedoeld gebruik geen hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van
   de wijk of buurt. Dat wil zeggen dat geen ontheffing wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid, die vergunningplichtige of
   meldingsplichtig is in het kader van de Wet milieubeheer, tenzij het betreffende gebruik door het stellen van voorwaarden
   verantwoord is;
c.het gebruik naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn;
d.het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in het hoofdgebouw of bijgebouw
   uitvoert, tevens de gebruiker van het hoofdgebouw is;
e.het niet betreft zodanig verkeersaantrekkende activiteiten die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling
   van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimten;
f. geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop in het klein in verband met bedrijfsmatige activiteiten in of bij het
   hoofdgebouw;
g.maximaal 30% van het vloeroppervlak van de woning (hoofdgebouw en aanbouwen) en de daarbij behorende bijgebouwen ten
   behoeve van aan huis gebonden beroepsmatige en/of bedrijfsmatige activiteiten in gebruik mag zijn, zulks met een absoluut
   maximum van 45 m²;
h. er nog geen ontheffing is verleend voor hetzelfde bouwperceel op grond van artikel 4.5.2.
 
6.5.3 Parkeren
Bij de nieuwbouwwoningen dienen de volgende parkeernormen in acht te worden genomen:
- 1,5 pp voor starterswoningen en patiowoningen
- 1,8 pp voor twee-onder-één kapwoning en vrijstaande woningen.