direct naar inhoud van Toelichting
Plan: Achterstraat 1, Nistelrode
Status: vastgesteld
Plantype: wijzigingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1721.WPAchterstr1-vg01

Toelichting

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding en doel

Voorliggend rapport betreft het wijzigingsplan "Achterstraat 1, Nistelrode" van de gemeente Bernheze.

Op beide adressen Achterstraat 1 en 3 staat thans een klein gebouw. Het gebouw op nummer 1 betreft een voormalige opslagruimte met koelcel behorende bij de naastgelegen bakkerij Van Mook (Laar 66). Het gebouw is thans niet meer in gebruik. Het gebouw op nummer 3 betrof een elektriciteitshuisje. Dit huisje is al enige tijd niet meer in gebruik.

Initiatiefnemer de heer A.W. Sommers wenst beide gebouwen te slopen met als doel het realiseren van een nieuwe, vrijstaande woning.

Het bouwen van een extra woning is niet rechtstreeks mogelijk op basis van het vigerende bestemmingsplan "De Kommen van Bernheze", omdat binnen het plangebied de bestemmingen 'Bedrijf' en 'Detailhandel' van toepassing zijn. Het bestemmingsplan bevat wel wijzigingsbevoegdheden (artikelen 4.5 onder b en 6.5) op basis waarvan onder voorwaarden het toevoegen van woningen mogelijk is. Het initiatief omvat één woning.

Voorliggend wijzigingsplan bevat de ruimtelijke onderbouwing voor het toepassen van de wijzigingsbevoegdheden.

1.2 Ligging en kadastrale begrenzing

Onderstaande afbeelding geeft de topografische ligging weer.

afbeelding "i_NL.IMRO.1721.WPAchterstr1-vg01_0001.jpg"

TOPOGRAFISCHE SITUATIE 

Onderstaande afbeelding geeft de kadastrale situatie weer. Tevens is de plangrens van voorliggend wijzigingsplan ingetekend.

afbeelding "i_NL.IMRO.1721.WPAchterstr1-vg01_0002.jpg"

KADASTRALE SITUATIE

De gronden zijn kadastraal bekend gemeente Nistelrode, sectie B, nummers 1698 (gedeeltelijk), 1787 (gedeeltelijk) en 1898.

De oppervlakte van het plangebied bedraagt 462 m².

1.3 Vigerend bestemmingsplan

Ter plaatse van het plangebied vigeert het bestemmingsplan "De Kommen van Bernheze", vastgesteld door de gemeenteraad d.d. 1 juni 2011.

Onderstaande afbeelding geeft een uitsnede van de vigerende verbeelding. De ligging van het plangebied is aangegeven.

afbeelding "i_NL.IMRO.1721.WPAchterstr1-vg01_0003.jpg"

UITSNEDE VERBEELDING VIGEREND BESTEMMINGSPLAN

Binnen een deel van het plangebied is de bestemming 'Bedrijf' van toepassing. Tevens is de aanduiding 'nutsvoorziening' opgenomen.
Een groot deel van het plangebied is bestemd voor 'Detailhandel'. Ter plaatse is onder meer detailhandel toegestaan. Binnen het plangebied is het bouwen van een bedrijfswoning niet toegestaan.
Voorts is een smalle strook binnen het plangebied bestemd voor 'Verkeer'. Deze strook is eigendom van de initiatiefnemer en heeft geen functie in de afwikkeling van het verkeer op de Achterstraat.

Zoals vermeld bevatten de artikelen 4.5 onder b ('Bedrijf') en 6.5 ('Detailhandel') bevoegdheden voor het wijzigen van deze bestemmingen voor het toevoegen van woningen. In paragraaf 7.1 zijn de regels van de wijzigingsbevoegdheden integraal overgenomen en is het plan daaraan getoetst.

Hoofdstuk 2 Gebiedsanalyse

Dit hoofdstuk geeft een ruimtelijk-functionele analyse van het plangebied. Achtereenvolgens directe omgeving en plangebied, en fysieke belemmeringen.

2.1 Directe omgeving en plangebied

Onderstaande afbeelding geeft de ligging van het plangebied in de omgeving weer.

afbeelding "i_NL.IMRO.1721.WPAchterstr1-vg01_0004.jpg"

DIRECTE OMGEVING EN PLANGEBIED

Op de hoek van Laar en de Achterstraat is een bakkerij met bedrijfswoning gevestigd (Laar 66). Achter op het perceel van de bakkerij staat een bijgebouw dat niet meer in gebruik is. Daarnaast staat een elektriciteitsgebouwtje dat ook niet meer in gebruik is. Ter plaatse van deze gebouwtjes wordt de nieuwe, vrijstaande woning gerealiseerd. Het plangebied is ontsloten op de Achterstraat.

Het plangebied ligt in het zuiden van de kern Nistelrode. Ten noorden van het plangebied ligt de weg Laar, de hoofdroute van Nistelrode. Deze weg loopt dwars door het centrumgebied. De hoofdroute kenmerkt zich, ook buiten het centrumgebied, door een functiemenging van detailhandel, bedrijvigheid en wonen. De bakkerij op het adres Laar 66 behoort tot de uitlopers van het centrumgebied. De buurt ten zuiden van Laar, waarin het plangebied ligt, kent overwegend een woonfunctie.

De Achterstraat is een oud agrarisch lint met vrijstaande woonbebouwing. De panden langs de Achterstraat zijn vrijstaande woningen bestaande uit één of twee lagen met een kap evenwijdig aan de weg. Verder naar het zuiden staan ook oudere (langgevel)boerderijen en wordt het lint steeds minder dicht.

Ten westen van de Achterstraat wordt een nieuwe woonbuurt ontwikkeld. Hier zal plaats zijn voor 16 appartementen en 20 grondgebonden woningen. De woonbuurt krijgt een ontsluiting aan Laar en aan de Achterstraat net ten noorden van het plangebied.

Door de eenzijdige beplanting langs de weg en de groene voortuinen bij de woningen, heeft de Achterstraat een relatief groene uitstraling.

2.2 Fysieke belemmeringen

Het plangebied ligt binnen een afstand van 15 km van het militaire vliegveld Volkel en derhalve binnen het radarverstoringsgebied. Het plangebied ligt (ruim) buiten de zones van de vliegveiligheidssystemen.

Radarsystemen dienen 'vrij zicht' te hebben om goed te kunnen functioneren. Het plangebied ligt op 10.750 meter van de radarinstallatie. Uit de in artikel 2.4 van de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) opgenomen berekening volgt dat bouwwerken binnen het plangebied niet hoger mogen zijn dan 94 meter boven NAP. Het plangebied ligt op een hoogte van circa 10 meter boven NAP. Het plan voldoet hier ruimschoots aan en vormt derhalve geen belemmering voor het radarsysteem.

Hoofdstuk 3 Plan

Op dit moment is nog geen bouwplan beschikbaar. In dit hoofdstuk wordt derhalve volstaan met het geven van stedenbouwkundige kaders. Daarnaast zijn de onderdelen verkeer en parkeren, en groen en water beschreven.

3.1 Stedenbouwkundige kaders

Onderstaande afbeelding geeft het 'kavelpaspoort' weer, waarna de diverse onderdelen van het kavelpaspoort worden beschreven.

afbeelding "i_NL.IMRO.1721.WPAchterstr1-vg01_0005.jpg"

KAVELPASPOORT

Plangebied
Het perceel heeft een breedte van circa 16,5 meter aan de zijde van de Achterstraat en wordt naar achteren toe smaller tot een breedte van circa 12 meter. De diepte van het perceel bedraagt 33 meter. De oppervlakte bedraagt 462 m².

Voorgevelrooilijn
Aan de Achterstraat staan reeds vrijstaande woningen. De situering van deze woningen vormt het aanknopingspunt voor de situering van de voorgevelrooilijn van de nieuwe woning. Er is een voorgevelrooilijn aangehouden van 6 meter vanaf de voorste perceelgrens. Deze afstand biedt tevens de mogelijkheid tot het parkeren van een auto vóór de woning. De voorgevelrooilijn ligt vrijwel in een lijn met de voorgevel van de naastgelegen woning Achterstraat 7.

Bouwvlak
Conform het bepaalde in het vigerende bestemmingsplan is een afstand van minimaal 3 meter vereist tussen de woning en de zijdelingse perceelgrenzen. Het bouwvlak is hierop gebaseerd.
De diepte van het bouwvlak bedraagt 12 meter. Binnen het bouwvlak is één woning toegestaan.

Bouwmassa
Uitgangspunt is om zoveel mogelijk aan te sluiten bij de bestaande bebouwing aan de Achterstraat en de omgeving. De woning zal bestaan uit twee bouwlagen met een zadeldak evenwijdig aan de weg. Het gebouw krijgt een ingetogen, dorpse uitstraling.

De in het kavelpaspoort opgenomen afmetingen zijn overgenomen op de verbeelding en in de planregels.

3.2 Verkeer en parkeren

Het plan omvat het toevoegen van één woning. De verkeersaantrekkende werking bedraagt gemiddeld 6 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De beperkte toename kan zonder meer via de bestaande Achterstraat worden afgewikkeld.

Thans is reeds een vorm van inrit vanaf de Achterstraat tot het plangebied aanwezig. Deze inrit zal worden gebruikt voor de ontsluiting van de nieuwe woning. Mogelijk wordt de inrit verplaatst.

Parkeren
In de gemeentelijke Parkeernormennota is opgenomen dat voor 'meerpersoonswoningen met een oppervlakte van meer dan 60 m²' twee parkeerplaatsen nodig zijn. Binnen het plangebied is voldoende ruimte om hierin te voorzien.

3.3 Groen en water

Binnen het plangebied staat thans beperkt erfbeplanting zonder bijzondere waarde. Deze wordt verwijderd. Nadat de woning is gerealiseerd wordt nieuwe erfbeplanting aangebracht.

Binnen het plangebied is thans geen oppervlaktewater aanwezig. Het plan voorziet ook niet in de aanleg van oppervlaktewater.

Hoofdstuk 4 Beleid

In dit hoofdstuk wordt het plan getoetst aan het relevante vigerende beleid. Achtereenvolgens komt aan de orde het beleid op:

  • nationaal niveau;
  • provinciaal niveau;
  • gemeentelijk niveau.

4.1 Nationaal niveau

4.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

Op 13 maart 2012 heeft de Minister van Infrastructuur en Milieu de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. De SVIR geeft een integraal kader voor het ruimtelijk beleid en mobiliteitsbeleid op rijksniveau, en is de 'kapstok' voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. In de SVIR worden de ambities van het rijk tot 2040 geschetst, alsmede doelen, belangen en opgaven tot 2028. In de SVIR kiest het rijk voor minder nationale belangen en eenvoudige regelgeving.

De reeds ingezette trend om aan de provincies en gemeenten ruimte te laten inzake de ruimtelijke ontwikkelingen wordt versterkt in de SVIR.

De SVIR bevat 13 nationale belangen die worden beschermd middels het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening. Het betreffen:

  • 1. Het Project Mainportontwikkeling Rotterdam
  • 2. Militaire terreinen en objecten
  • 3. De Wadden
  • 4. De kust (inclusief primaire kering)
  • 5. De grote rivieren
  • 6. De Werelderfgoederen
  • 7. Reserveringen uitbreidingen weg en spoor
  • 8. Veiligheid vaarwegen
  • 9. Het netwerk voor elektriciteitsvoorziening
  • 10. De buitendijkse uitbreidingsruimte in het IJsselmeer
  • 11. Bescherming van de (overige) primaire waterkeringen
  • 12. Reservering voor rivierverruiming Maas
  • 13. De Ecologische Hoofdstructuur (EHS)

Conclusie
Het plan is niet in strijd met het beleid in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte.

4.1.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

De in de SVIR opgenomen nationale belangen krijgen een wettelijke grondslag in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro).

De werking van het Barro is naar plaats beperkt. Het plangebied ligt op minder dan 15 km van het militaire vliegveld Volkel. Derhalve gelden hoogtebeperkingen zoals beschreven in paragraaf 2.2.
Het bouwplan blijft ruim onder de maximaal toegestane hoogte, zoals bedoeld in artikel 2.6.9 Barro. Het plan vormt geen belemmering voor het nationale belang "Militaire terreinen en objecten".

Het plan vormt evenmin een belemmering voor de overige nationale belangen.

Conclusie
Het plan vormt geen belemmering voor de nationale belangen die middels het Barro beschermd zijn.

4.1.3 Overig nationaal beleid

Het overige nationale beleid is niet specifiek van toepassing op onderhavig plan.

4.2 Provinciaal niveau

Het provinciale ruimtelijk beleid is vastgelegd in de nota's:

  • Structuurvisie Ruimtelijke Ordening;
  • Verordening ruimte 2014.

Het plan wordt aan deze twee documenten getoetst.

4.2.1 Structuurvisie Ruimtelijke Ordening

Op 19 maart 2014 is de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening 2010, partiële herziening 2014 in werking getreden. De structuurvisie bevat de hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid van het provinciale bestuur op de ontwikkeling van Noord-Brabant.

Analyse
Het plangebied ligt binnen de aanduiding 'kernen in het landelijk gebied'. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zijn hier - in tegenstelling tot het buitengebied - in principe toegestaan. Voorliggend initiatief past qua aard, schaal en functies in de omgeving en voldoet daarmee aan de uitgangspunten van de provincie.

Conclusie
Onderhavig plan past in de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening.

4.2.2 Verordening ruimte 2014

Op 19 maart 2014 is de Verordening ruimte 2014 in werking getreden. Deze Verordening stelt regels aan de inhoud van ruimtelijke plannen voor die aspecten waar provinciale of nationale belangen dat met het oog op een goede ruimtelijke ordening noodzakelijk maken.

Het plan ligt binnen het stedelijk gebied van Nistelrode. Voor het plan zijn specifiek de artikelen 4.2 en 4.3 van toepassing.

"Artikel 4.2 - Stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied

Een bestemmingsplan dat voorziet in een stedelijke ontwikkeling is uitsluitend gelegen in bestaand stedelijk gebied.

Artikel 4.3 - Nieuwbouw van woningen

  • 1. De toelichting bij een bestemmingsplan gelegen in bestaand stedelijk gebied dat voorziet in nieuwbouw van woningen bevat een verantwoording over de wijze waarop:
    • a. de afspraken die daarover zijn gemaakt in het regionaal ruimtelijk overleg bedoeld in artikel 37.4, onder b, worden nagekomen;
    • b. de beoogde nieuwbouw zich verhoudt tot de afspraken bedoeld onder a, en tot de beschikbare harde plancapaciteit voor woningbouw.
  • 2. [...]"

Analyse

ad art. 4.2   Onderhavig plan betreft een stedelijke ontwikkeling en ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Aan deze voorwaarde wordt voldaan.  
ad art. 4.3   Het plan past binnen het woningbouwprogramma zoals opgenomen in de Woonvisie 2005 en het beleidsdocument Wonen in Bernheze 2008 - 2015 (zie de paragrafen 4.3.2 en 4.3.3). Deze beleidsdocumenten zijn besproken in het regionale ruimtelijk overleg. Daarmee past het plan tevens in de in het regionaal ruimtelijk overleg gemaakte afspraken.  

Conclusie
Het plan is niet in strijd met de Verordening ruimte 2014.

4.2.3 Overig provinciaal beleid

Het overige provinciale beleid is niet specifiek van toepassing op onderhavig plan.

4.3 Gemeentelijk niveau

4.3.1 Structuurvisie Bernheze

Op 11 februari 2010 heeft de gemeenteraad de Structuurvisie Bernheze vastgesteld. De structuurvisie omvat een visievorming voor de lange termijn en biedt tevens een toetsingskader voor ruimtelijke beslissingen.

Voor de kern Nistelrode zijn meerdere hoofduitgangspunten aangegeven, waarvan alleen het hoofduitgangspunt "inbreiden vóór uitbreiden" rechtstreeks van toepassing is op onderhavig plan.
Het plan betreft een vorm van inbreiding en voldoet derhalve aan het hoofduitgangspunt van de structuurvisie.

Conclusie
Het plan past binnen c.q. is niet in strijd met de Structuurvisie Bernheze.

4.3.2 Woonvisie 2005

Hoofddoel van het woonbeleid van de gemeente Bernheze is het voorzien in de eigen woningbehoefte. Het woningbouwprogramma 2005-2015 voor de kern Nistelrode betreft onder meer 150 koopwoningen.

Voorliggend plan betreft de bouw van één koopwoning en past binnen het woningbouwprogramma.

Conclusie
Het plan past binnen de Woonvisie 2005.

4.3.3 Wonen in Bernheze 2008 - 2015

In december 2008 heeft de gemeenteraad de nota "Wonen in Bernheze 2008 - 2015" vastgesteld. (Provinciale) bevolkingsprognoses laten zien dat de kwantitatieve opgave voor de komende jaren weinig zal veranderen ten opzichte van de prognoses die gehanteerd zijn bij het opstellen van de Woonvisie uit 2005. De inhoudelijke ambities van de Woonvisie 2005 blijven op hoofdlijnen overeind.

4.3.4 Parkeernormennota Bernheze

De Parkeernormennota Bernheze heeft als doel om de toepassing van de parkeernormen inzichtelijker te maken, zodat het voor burgers, bedrijven en ontwikkelaars duidelijk is welke normen gehanteerd worden bij een bouwaanvraag. De parkeernorm is een middel om bij nieuwbouw, verbouw of functieverandering te zorgen dat er voldoende parkeerplaatsen zijn.

De uitwerking van de parkeersituatie van het bouwplan is opgenomen in paragraaf 3.2.

4.3.5 Duurzaam bouwen

De gemeente streeft bij nieuwe bouwplannen naar 'duurzaam bouwen'. In dit kader heeft de gemeente Bernheze, samen met andere gemeenten, woningcorporaties, architecten, bouwbedrijven en projectontwikkelaars in de regio Noordoost-Brabant, een convenant afgesloten dat betrekking heeft op ontwikkelen/ontwerpen (stedenbouw), inrichten (grond-, weg- en waterbouw), bouwen en renoveren (woning- en utiliteitsbouw). Het doel van dit convenant is het zetten van stappen richting het verder verduurzamen van gebouwen, met als belangrijkste speerpunten:

  • Energiezuinig (ver)bouwen en het terugdringen van energie- en woonlasten.
  • Het verbeteren van de levensloopbestendigheid van en in gebouwen.
  • Het bewustmaken van de eindgebruiker van de meerwaarde van duurzame gebouwen en de mogelijkheden voor het terugdringen van energielasten.

Er is thans nog geen uitgewerkt bouwplan. Voorliggend wijzigingsplan biedt de basis voor het toepassen van duurzaam bouwen.

Conclusie
Het plan biedt de basis om te kunnen voldoen aan de voorwaarden voor duurzaam bouwen.

4.3.6 Overig gemeentelijk beleid

Het overige gemeentelijke beleid is niet specifiek van toepassing op onderhavig plan.

Hoofdstuk 5 Uitvoeringsaspecten

Amitec BV uit Uden heeft een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd waarbij het plan is getoetst aan de wet- en regelgeving van de verschillende uitvoeringsaspecten: rapport "Haalbaarheidstoets (Milieu-onderbouwing), A.W. Sommers, Project: Achterstraat 1-3., Nistelrode" (28 oktober 2014, nr. 13.412-WRO.03). Het rapport is opgenomen als bijlage 1. Amitec concludeert dat het plan aan alle uitvoeringsaspecten voldoet.

Hoofdstuk 6 Financiële aspecten

6.1 Economische uitvoerbaarheid

Het plan betreft een particulier initiatief, waarvan alle kosten en risico's voor rekening van de initiatiefnemer komen. Het plan wordt economisch uitvoerbaar geacht.

6.2 Kostenverhaal

Artikel 6.12 lid 1 Wro verplicht de gemeente bepaalde bouwactiviteiten een exploitatieplan vast te stellen voor gronden waarop die bouwactiviteiten zijn voorgenomen c.q. een anterieure overeenkomst te sluiten waarin afspraken zijn gemaakt over het kostenverhaal.

In artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) zijn de bouwactiviteiten genoemd waarvoor het vaststellen van een exploitatieplan verplicht is. De in voorliggend bestemmingsplan opgenomen ontwikkelingen behoren niet tot de in het Bro genoemde bouwactiviteiten. Het vaststellen van een exploitatieplan c.q. sluiten van een anterieure overeenkomst is derhalve niet nodig.

Hoofdstuk 7 Juridische aspecten

7.1 Toetsing plan aan wijzigingsregels

Zoals in paragraaf 1.3 vermeld, bevat voorliggend wijzigingsplan de onderbouwing voor het toevoegen van een woning.

De voorwaarden voor het toepassen van de wijzigingsbevoegdheden zijn beschreven in de artikelen 4.5 onder b en 6.5 van het vigerende bestemmingsplan De Kommen van Bernheze. Hieronder zijn deze artikelen geciteerd:

"4.5 Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd door middel van een wijzigingsplan:

  • a. [...]
  • b. de bestemming 'Bedrijf' te wijzigen in een bestemming 'Dienstverlening', 'Kantoor', 'Tuin' en/of 'Wonen', met dien verstande dat:
    • 1. de uitvoerbaarheid van de bestemming wordt aangetoond;
    • 2. de belangen van derden niet onevenredig worden geschaad;
    • 3. het aantal te realiseren woningen in overeenstemming is met het gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid;
    • 4. er geen onevenredig nadelige gevolgen ontstaan voor het woonmilieu;
    • 5. het parkeren in overeenstemming is met het gemeentelijk parkeerbeleid en de daarbij horende parkeernormen;
    • 6. er een planschadeverhaalsovereenkomst is gesloten;
    • 7. er geen afbreuk wordt gedaan aan het stedenbouwkundig beeld en de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse;
    • 8. geen sprake is van aantasting van cultuurhistorische waarden;
    • 9. aansluiting wordt gezocht bij de regels van de bestemmingen zoals opgenomen in dit bestemmingsplan.

6.5 Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming 'Detailhandel' te wijzigen in een bestemming 'Dienstverlening', 'Kantoor', 'Tuin' en/of 'Wonen', met dien verstande dat:

  • a. de uitvoerbaarheid van de bestemming wordt aangetoond;
  • b. de belangen van derden niet onevenredig worden geschaad;
  • c. er geen onevenredig nadelige gevolgen ontstaan voor het woonmilieu;
  • d. het aantal te realiseren woningen in overeenstemming is met het gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid;
  • e. het parkeren in overeenstemming is met het gemeentelijk parkeerbeleid en de daarbij horende parkeernormen;
  • f. er een planschadeverhaalsovereenkomst is gesloten;
  • g. er geen afbreuk wordt gedaan aan het stedenbouwkundig beeld en de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse;
  • h. geen sprake is van aantasting van cultuurhistorische waarden;
  • i. aansluiting wordt gezocht bij de regels van de bestemmingen zoals opgenomen in dit bestemmingsplan."

Hoewel de volgorde iets afwijkt zijn de voorwaarden van de twee wijzigingsbevoegdheden hetzelfde. Hieronder wordt het plan aan de voorwaarden getoetst.

ad 1./a.   Voorliggende toelichting toont de uitvoerbaarheid van het plan aan, te weten:  
  •   de stedenbouwkundige inpasbaarheid in paragraaf 3.1;  
  •   de passendheid in het beleid van de verschillende overheden in hoofdstuk 4;  
  •   de wijze waarop aan de uitvoeringsaspecten (milieu, waarden en water) wordt voldaan in hoofdstuk 5.  
ad 2./b.   De belangen van derden worden niet onevenredig door het plan geschaad.  
ad 3./d.   Het plan past binnen de gemeentelijke Woonvisie 2005 en het beleidsdocument Wonen in Bernheze 2008 - 2015, zie de paragrafen 4.3.2 en 4.3.3.  
ad 4./c.   Het plan voldoet aan alle milieuaspecten, zie hoofdstuk 5.  
ad 5./e.   Er wordt aan de gemeentelijke parkeernormen voldaan, zie paragraaf 3.2.  
ad 6./f.   Tussen de initiatiefnemer en de gemeente is een planschadeverhaalsovereenkomst gesloten.  
ad 7./g.   Er vindt geen aantasting van het stedenbouwkundige beeld plaats, zie paragraaf 3.1.  
ad 8./h.   Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn geen cultuurhistorische waarden aanwezig, die door het plan worden aangetast, zie hoofdstuk 5.  
ad 9./i.   De regels van het bestemmingsplan "De Kommen van Bernheze" zijn onverminderd van toepassing op voorliggend wijzigingsplan. Waar noodzakelijk zijn enkele regels toegevoegd.  

Conclusie
Samenvattend kan worden gesteld dat aan de alle voorwaarden voor de wijziging wordt voldaan.

7.2 Planregels

Voorliggend wijzigingsplan is het resultaat van het toepassen van de wijzigingsbevoegdheid ex artikel 3.6 Wro, zoals die is opgenomen in het bestemmingsplan "De Kommen van Bernheze" (NL.IMRO.1721.BPKommenBernheze-VG01), vastgesteld door de gemeenteraad op 1 juni 2011.

Bij het opstellen van een wijzigingsplan dient het college van burgemeester en wethouders zich te houden aan de door de raad vastgestelde regels. Het wijzigingsplan vormt daarom geen zelfstandig bestemmingsplan.

Binnen het plangebied wordt een bouwvlak toegevoegd, waarbinnen één vrijstaande woning is toegestaan. Conform de systematiek van het vigerende bestemmingsplan wordt aan de gronden vóór de voorgevel de bestemming 'Tuin' toegekend.

Hoofdstuk 8 Procedure

Het wijzigingsplan doorloopt de gebruikelijke procedure. De voorziene procedurestappen zijn:

  • 1. Terinzagelegging ontwerpwijzigingsplan
  • 2. Vaststelling door burgemeester en wethouders
  • 3. Terinzagelegging vastgesteld wijzigingsplan

8.1 Terinzagelegging ontwerpwijzigingsplan

Het ontwerpwijzigingsplan heeft vanaf 4 december 2014 gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegen. In deze periode zijn geen zienswijzen ingekomen.