direct naar inhoud van 2.3 Provinciaal beleid
Plan: Fietspad Onnase Doodweg en Burgemeester Slompweg
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.1708.BGBfietsponnaBP-VA01

2.3 Provinciaal beleid

Omgevingsvisie Overijssel

Het provinciale beleid voor de provincie Overijssel is verwoord in de Omgevingsvisie die op 1 juli 2009 is vastgesteld. In de Omgevingsvisie is de provinciale visie op de fysieke leefomgeving in de provincie uiteengezet waarbij vooruit is gekeken tot het jaar 2030. De Omgevingsvisie heeft een meerledige status, waaronder die van Provinciaal Verkeer- en Vervoerplan onder de Planwet Verkeer en Vervoer.

Voor fietsverkeer zijn de ambities en hoofdlijnen van het beleid genoemd. Vergroten van kwaliteit en aandeel fietsverkeer is als ambitie benoemd. Een hoofdlijn van deze ambitie is het ontwikkelen van een samenhangend routenetwerk met een goede aansluiting van utilitaire en recreatieve fietspaden op hoofdfietsroutes, (regionale) stations en knooppunten van en naar stedelijke netwerken en streekcentra. Hiervoor wordt een samenhangend fietsroutenetwerk ontwikkeld. Om dit te bereiken wordt geïnvesteerd in de hoofdfietsroutes in en naar stedelijke centra in fietssnelwegen en hoogwaardige fietsroutes. Daarnaast worden stallingvoorzieningen en ov-fietsconcepten uitgebreid. Voor het fietsverkeer in het buitengebied gaat het om een goede kwaliteit van utilitaire en recreatieve fietspaden. Het provinciale beleid is er dan ook mede op gericht om in verblijfsgebieden een fijnmazig netwerk met utilitaire en recreatieve fietspaden te ontwikkelen.

Op de omgevingsvisiekaart (zie figuur 2.1) heeft het plangebied de ontwikkelingsperspectieven “buitengebied accent veelzijdige gebruiksruimte, mixlandschap” (Onnase Doodweg) en “buitengebied accent productie, schoonheid van de moderne landbouw” (Burgemeester Slompweg). In het mixlandschap is ruimte voor landbouw, landschapsontwikkeling, natuur, cultuurhistorie, vrije tijd, wonen en overige bedrijvigheid. Gebieden met de aanduiding “schoonheid van de moderne landbouw” zijn gebieden voor landbouw die bijdragen aan de kwaliteit van grote open cultuurlandschappen. Om de toegankelijkheid van het buitengebied, waar deze ontwikkelingsperspectieven onder vallen, te garanderen wordt geïnvesteerd in fietspaden.

afbeelding "i_NL.IMRO.1708.BGBfietsponnaBP-VA01_0004.jpg"

Figuur 2.1 Uitsnede omgevingsvisiekaart (Bron: provincie Overijssel)

Catalogus Gebiedskenmerken (onderdeel van de Omgevingsvisie)

Het gebied rond de Onnase Doodweg behoort tot de laag van het agrarisch cultuurlandschap, namelijk het Essenlandschap. Het essenlandschap bestaat uit een samenhangend systeem van essen, flanken, lager gelegen maten en fliergronden, – voormalige – heidevelden en kenmerkende bebouwing rond de es. Het landschap is geordend vanuit de erven en de essen, de eeuwenoude akkercomplexen die op de hogere dekzandkoppen en flanken van stuwwallen werden aangelegd.

Het gebied rond de Burgemeester Slompweg behoort tot de laag van het agrarisch cultuurlandschap, namelijk Laagveenontginningen. Kenmerkend voor het gebied rond de Slompweg is het zogenoemde laagveen-slagenlandschap. In dit gebied is turf gewonnen door droge vervening. Het gebied kenmerkt zich door het open karakter en de opstrekkende strokenverkaveling. De ruimtelijke structuur wordt bepaald door deze verkaveling en de lange smalle percelen en perceelsloten. De gebieden hebben een hoog waterpeil, waarmee het veen zoveel mogelijk in stand blijft. Het landschap volgt de natuurlijke ondergrond. Het landschap ter plaatse van het fietspad wordt gevormd door een stuwwal, welke is ontstaan in de ijstijd en door laagveengebied. Het laagveengebied is een gebied dat onder invloed van grondwater en kwel is ontstaan.

Het plangebied ten zuiden van de Onnase Doodweg behoort tot de natuurlijke laag stuwwallen en ruggen. De stuwwallen zijn tijdens de ijstijd opgestuwde aardlagen. De stuwwalen hebben als regionale inzijggebieden een belangrijke functie in het watersysteem. Het zijn de ‘ingangen’ van regionale en lokale stelsels van grondwaterstromen.

Ter hoogte van de Burgemeester Slompweg is de natuurlijke laag een laagveengebied. Dit gebied maakt onderdeel uit van een groot gebied, waar onder invloed van stagnerend water en grondwater uitgestrekte veenmoerassen zijn ontstaan. Hier bestonden oorspronkelijk diverse verlandingsstadia naast elkaar: open water – rietmoeras – opgaand moerasbos.

Het plangebied is niet opgenomen in de stedelijke laag en de lust- en leisurelaag van de provinciale gebiedskenmerkenkaart.

Raamplan Fietspaden

Het tracé van de Onnase Doodweg richting de Burgemeester G.W. Stroinkweg sluit aan bij een fietspadtracé uit het Raamplan Fietspaden. Het fietspad aan de Slompweg vindt zijn oorsprong in het Raamplan Fietspaden van Provincie Overijssel. Het tracé van dit pad is onder nummer 856 als aan te leggen fietspad met recreatieve functie in dit plan opgenomen. In de huidige situatie maken veel automobilisten gebruik van de alternatieve route via de Achterweg - Reigerweg - Burgemeester Slompweg om zo van Steenwijk naar Meppel (en vice versa) te rijden. Daarnaast wordt deze route gebruikt door scholieren, inwoners en recreanten die op de fiets van Steenwijk naar Meppel (en vice versa) gaan. Met name in de ochtend leidt dit tot een concentratie aan fietsers.

Door de gemeente Meppel is reeds een fietspad aangelegd vanaf Nijeveen, langs de Burgemeester Slompweg tot aan de gemeentegrens aan de zuidkant van het tracé van dit bestemmingsplan (zie figuur 2.2).

afbeelding "i_NL.IMRO.1708.BGBfietsponnaBP-VA01_0005.jpg"

Figuur 2.2 Zuidkant tracé Burgemeester Slompweg. Links het fietspad op gemeentegrond Meppel

In het Beleidsplan Fietsinfrastructuur 2004 van de gemeente is de fietsroute Onnase Doodweg - De Kampzoom - Achterweg - Reigerweg - Burgemeester Slompweg aangemerkt als hoofdfietsroute. De fietsroute is opgenomen in de fietsknooppuntenstructuur en sluit naadloos aan op het fietsnetwerk van de provincie Drenthe.

De gemeente Steenwijkerland profileert zich als een gemeente waar je heerlijk kunt fietsen, wandelen, kanovaren etc. Dit vraagt om een geschikte infrastructuur waarbij wordt aangesloten op fietsnetwerken van rondom gelegen gemeenten. Hierbij wordt gestreefd naar vrijliggende fietspaden waar veilig en ongestoord kan worden genoten van de omgeving zonder dat de aandacht wordt afgeleid door het autoverkeer. De afgelopen jaren zijn om deze reden diverse fietspaden aangelegd.

Het fietspad parallel aan de Burgemeester Slompweg tussen de Dwarssloot Oost en de Stouwe sluit aan op een vrijliggend fietspad in de gemeente Meppel. Dit past in de eerder genoemde visie (goede en veilige fietsinfrastructuur als basis en concentratie op kwaliteit van bestaande fietspaden). De menging van autoverkeer en fietsverkeer kan hier worden voorkomen door realisatie van een relatief kort traject fietspad. Het fietspad in de gemeente Meppel is immers al aanwezig. Overigens wordt het fietspad aangelegd vanuit toeristisch-recreatief perspectief. Volgens de richtlijnen van “duurzaam veilig” wordt er geen fietspad aangelegd langs een 60 km-weg tenzij de intensiteiten heel hoog zijn. Op de Burgemeester Slompweg is er geen sprake van een hoge intensiteit. Het betreft echter wel een smalle weg en het betreft ook een hoofdfietsroute, vandaar dat de aanleg van een vrijliggende fietspad de verkeersveiligheid zeker ten goede zal komen.