| Plan: | TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22c Keerlus Oudeweg Linne |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 |
Preambule
Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het mogelijk maken van een keerlus, groenstrook en een uitbreiding van naastgelegen bedrijvigheid op het perceel tussen de Oudeweg 80 en Rijksweg 23 te Linne. Juridisch is het plan een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22c) in het omgevingsplan van de gemeente Maasgouw. Technisch is het nog vormgegeven en gepubliceerd als een bestemmingsplan. Dus is het niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen.
De in dit op https://www.ruimtelijkeplannen.nl en https://omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk [22c] van het 'Omgevingsplan gemeente Maasgouw'. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer '[22c.]' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord ‘Bijlage’, na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage ‘[22c]’ gelezen worden.
De bijlage bij de Omgevingswet, bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van overeenkomstige toepassing op dit TAM-omgevingsplan.
In aanvulling op het bepaalde in artikel 2 worden voor de toepassing van de regels in dit plan de volgende begrippen gehanteerd:
Het TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22c Keerlus Oudeweg Linne met identificatienummer NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 van de gemeente Maasgouw.
Het omgevingsplan van de gemeente Maasgouw.
De geometrisch bepaalde planobjecten zoals vervat in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge dit plan regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.
De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.
Zorg die zich richt op het optimaal beheer van de bodem als unieke bron van informatie over de geschiedenis van Nederland.
In een schriftelijke rapportage vastgelegd bureau- en/of veldonderzoek naar de materiële neerslag van menselijke aanwezigheid en menselijk handelen in het verleden.
Door burgemeester en wethouders aangewezen terrein waarvan op grond van historische gegevens of door archeologische vondsten en onderzoek vermoed wordt dat het van algemeen belang is wegens zijn betekenis voor de archeologische monumentenzorg.
De aan een gebied toegekende waarden in verband met de kennis en studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit in het verleden, ten minste ouder dan 50 jaar.
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
Bevoegd gezag als bedoeld in de Omgevingswet.
Het plegen van ingrepen die de bestemming van de grond veranderen en/of waardoor het grondwaterpeil verandert of het uitvoeren van grondbewerkingen.
Een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis verbonden beroepen daaronder niet begrepen.
Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en overige bouwwerken zijn toegelaten.
Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.
Een door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen onafhankelijke deskundige of commissie van deskunigen inzake een bepaalde vakdiscipline.
Doeleinden ten behoeve waarvan gebruik van gebouwen en/of gronden of aangewezen delen daarvan, is toegestaan.
De grens van een functievlak.
Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde functie.
Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
De standaardnorm die door de beroepsgroep van archeologen wordt gehanteerd voor de uitvoering van archeologisch onderzoek.
Een geometrisch bepaald vlak dat is aangewezen voor een gebruiksdoel.
De bovenkant van een afgewerkt terrein dat een gebouw c.q. bouwwerk omgeeft.
Voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer.
Een (gedeelte van) een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 meter beneden peil.
Archeologische maatregel waarbij een aangetroffen en gewaardeerde vindplaats ex situ wordt behouden.
Een bouwwerk omsloten door maximaal één wand en voorzien van een gesloten dak, waaronder begrepen een carport.
Het document dat is opgesteld op basis van de Kwaliteitsnorm waarin wordt aangegeven op welke wijze archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd. Een Programma van Eisen behoeft altijd goedkeuring door het college van burgemeester en wethouders.
Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding, waaronder in ieder geval begrepen prostitutiebedrijf en raamprostitutie.
Denkbeeldige lijn die strak loopt langs de voorgevel van een gebouw tot aan de perceelgrenzen.
Voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer, riolering, straatvoorzieningen waaronder voorzieningen voor afvalstoffen en straatmeubilair.
De meet- en rekenbepalingen uit artikel 22.24 van het omgevingsplan zijn van overeenkomstige toepassing op het meten van de waarden die in dit plan in m, m2 of m3 zijn uitgedrukt, voor zover hiervan niet is afgeweken in het bepaalde in dit artikel.
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van onderschikte bouwdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd
op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
Vanaf het bouwkundig peil tot het diepste punt van het bouwwerk, de fundering niet meegerekend.
Vanaf het peil tot aan het diepste punt van de ingreep.
Het is verboden om gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan de locatie toegedeelde functies.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van het 'Omgevingsplan gemeente Maasgouw', zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit hoofdstuk.
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locaties die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 zijn aangewezen voor de functie 'Bedrijf'.
De volgende voorwaarden zijn van toepassing bij het exploiteren van een bedrijf:
Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag de volgende gebruiksactiviteiten te verrichten of te laten verrichten:
De omgevingsvergunning voor een bedrijfsactiviteit in een andere milieucategorie wordt verleend als:
De omgevingsvergunning voor een bedrijfsverzamelgebouw wordt verleend als:
Gebruik dat afwijkt van de gebruiksactiviteiten in 7.2 en 7.3 is verboden. In ieder geval omvat het verbod:
De omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw wordt verleend als:
De omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw zijnde wordt verleend als:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locaties die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 zijn aangewezen voor de functie 'Groen'.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Groen', heeft de volgende functies:
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen:
In aanvulling op / in afwijking van artikel 22.27 van het omgevingsplan, gelden voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken de volgende bepalingen:
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoel in artikel 5, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locaties die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 zijn aangewezen voor de functie 'Verkeer'.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Verkeer', heeft de volgende functies:
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen:
In aanvulling op / in afwijking van artikel 22.27 van het omgevingsplan gelden voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de volgende bepalingen:
Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken als bedoel in artikel 5, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor:
De regels van dit artikel zijn van toepassing op de locaties die in het GML-bestand met identificatienummer NL.IMRO.1641.TAM003-VG01 mede zijn aangewezen voor de functie 'Waarde - Archeologie 3'.
Een locatie die op de verbeelding is aangewezen als 'Waarde - Archeologie 3', heeft mede tot functie het behoud en de bescherming van archeologische waarden, in het bijzonder voor gebieden met een verwachting voor vindplaatsen gerelateerd aan bewoning, begraving en watergebonden economische en rituele activiteiten.
Indien op grond van de beoordelingsregels voor bouwactiviteiten van de onderliggende functie bouwwerken worden gebouwd, dan zijn deze op grond van de functie 'Waarde - Archeologie 3' toegestaan, mits:
Indien uit het in 10.3.1 onder a. genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen kunnen worden verstoord, kan het bevoegd gezag de volgende voorwaarden verbinden aan die omgevingsvergunning voor bouwen:
Het is verboden om zonder omgevingsvergunning een werk, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden uit te voeren die voorkomen in de onderstaande opsomming:
De omgevingsvergunning als bedoeld in 10.4.1 kan slechts worden verleend indien:
Het bepaalde in 10.4.1 is niet van toepassing op werken of werkzaamheden die:
Indien uit het in 10.4.2 onder a. genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen kunnen worden verstoord, kan het bevoegd gezag de volgende voorwaarden verbinden aan die omgevingsvergunning voor bouwen:
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Voor het uitvoeren van ondergrondse werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, geen beperkingen.
Voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken gelden, behoudens in deze regels opgenomen afwijkingen, de volgende bepalingen:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning ondergrondse bouwwerken te realiseren met een ondergrondse bouwdiepte van meer dan 3 meter onder peil.
Een omgevingsvergunning voor het realiseren van ondergrondse bouwwerken met een ondergrondse bouwdiepte van meer dan 3 meter onder peil, wordt verleend onder de volgende voorwaarden:
Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, liftschachten, gevel- en kroonlijsten, luifels, uitbouwen, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, c.q. functiegrenzen niet meer dan 1 meter bedraagt.
Indien afstanden tot, en bouwhoogten, inhoud, aantallen en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken die gebouwd zijn met inachtneming van het bepaalde bij of krachtens de Woningwet of Omgevingswet, op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van het plan meer bedragen dan ingevolge hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen deze maten en hoeveelheden als maximaal toelaatbaar worden aangehouden.
In het geval van (her)oprichting van gebouwen is het bepaalde in 12.3.1 uitsluitend van toepassing indien het geschiedt op dezelfde plaats.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - roerdalslenk 2':
De in artikel 13.1.1 gestelde verboden gelden niet voor:
Een omgevingsvergunning voor het realiseren van voorzieningen als bedoeld in 13.1.1, wordt verleend onder de volgende voorwaarden:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning af te wijken van de in deze regels genoemde maten, aantallen en percentages.
Een omgevingsvergunning voor het afwijken van de in deze regels genoemde maten, aantallen en percentage wordt verleend voor:
met dien verstande dat wordt voldaan aan de beoordelingsregels dat:
Het is verboden zonder omgevingsvergunning kleine niet voor bewoning bestemde bouwwerken van openbaar nut en religieuze doeleinden, zoals abri's, wachthuizen, transformatorhuizen, schakelhuizen, (ondergrondse) afvalcontainers, gemaalgebouwen, telefooncellen, monumenten, kapellen, wegkruizen en naar aard en omvang daarmee gelijk te stellen bouwwerken op te richten, voor zover niet op grond van een andere bepaling van deze planregels een omgevingsvergunning kan worden verleend.
Een omgevingsvergunning voor het oprichten van kleine bouwwerken zals bedoeld in 14.2.1 wordt verleend onder de volgende voorwaarden:
Indien de omvang of de functie van een gebouw, dan wel functievlak, daartoe aanleiding geeft, moet ten behoeve van het parkeren of stallen van auto's in voldoende mate ruimte zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort. Deze ruimte mag niet overbemeten zijn, gelet op het gebruik of bewoning van het gebouw, dan wel functievlak, waarbij rekening moet worden gehouden met de eventuele bereikbaarheid per openbaar vervoer. Dit alles ter beoordeling van de gemeente, waarbij de gemeente toetst aan het op het moment van het verlenen van een omgevingsvergunning geldende gemeentelijke parkeerbeleid (zijnde thans “Parkeernormen en parkeerbijdrageregeling gemeente Maasgouw”).
Indien de functie van een gebouw, dan wel functievlak, aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor laden en lossen van goederen, moet deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij het gebouw behoort. Dit alles ter beoordeling van de gemeente, waarbij de gemeente toetst aan het op het moment van het verlenen van een omgevingsvergunning geldende gemeentelijke beleid omtrent laden en lossen.
Het is verboden zonder omgevingsvergunning niet te voldoen aan het gestelde in artikel 15.1.1 en 15.1.2.
Een omgevingsvergunning voor het op andere wijze invulling geven aan de parkeerbehoefte en het laden en lossen zoals bedoeld in artikel 15.1.1 en 15.1.2 wordt verleend onder de volgende voorwaarden:
Dit alles ter beoordeling van de gemeente.
Indien en voor zover in deze regels wordt verwezen naar andere wettelijke regelingen, dienen deze regelingen te worden gelezen, zoals deze luiden op het tijdstip van vaststellen van de omgevingsplanwijziging.