| Plan: | Verbreding A2 Bergerweg-Spoorlijn Chemelot |
|---|---|
| Status: | vastgesteld |
| Plantype: | bestemmingsplan |
| IMRO-idn: | NL.IMRO.0971.BPVerbredingA2-0003 |
Het voornemen bestaat om de Rijksweg A2 tussen knooppunt Het Vonderen en knooppunt Kerensheide structureel te verbreden tot een rijksweg met 2 x 3 rijstroken per rijrichting. Dit met inbegrip van onder meer de bouw van geluidschermen en - wallen, landschappelijke inpassing in de vorm van een Parkway, het creëren van meerwaarde door de realisatie van faunapassages en herstel van de Geleenbeek en mitigerende en compenserende natuurmaatregelen.
De toenmalige Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 1 oktober 2019 het Tracébesluit 'Structurele verbreding A2 Het Vonderen - Kerensheide' vastgesteld (zie Bijlage 1). In vervolg op dit Tracébesluit dienen de gemeenten het Tracébesluit juridisch-planologisch te verankeren in een bestemmingsplan. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin voor het grondgebied van de gemeente Stein.
Het plangebied bestaat uit de gronden waarop de uitbreiding van de A2, zoals gewaarborgd in het Tracébesluit, effect op heeft voor zover dit betrekking heeft tot gronden die gelegen zijn binnen de gemeente Stein. Dit betreft enerzijds het ruimtebeslag van de verbreding zelf in combinatie met de aanpassing van de bestaande infrastructuur (waar nodig) en anderzijds de verschuiving van de bijbehorende vrijwaringszone (100 meter) in het kader van het rooilijnenbeleid van Rijkswaterstaat.
Luchtfoto met globale ligging plangebied rood omlijnd
In Hoofdstuk 2 is een beschrijving opgenomen van de huidige situatie binnen het plangebied en de beoogde ontwikkeling. Hoofdstuk 3 gaat in op de van toepassing zijnde beleidsaspecten. In Hoofdstuk 4 worden de randvoorwaarden en onderzoeksaspecten beschreven. De juridische opzet van dit plan wordt nader toegelicht in Hoofdstuk 5 en de economische uitvoerbaarheid is omschreven in Hoofdstuk 6. Hoofdstuk 7 bevat tot slot een beschrijving van de procedure ten behoeve van dit bestemmingsplan.
De A2 tussen knooppunt Het Vonderen en knooppunt Kerensheide is een drukke autosnelweg die van groot belang is voor de bereikbaarheid en de economische ontwikkeling van de provincie Limburg. Het wegvak A2 tussen de knooppunten Het Vonderen en knooppunt Kerensheide is belangrijk voor de bereikbaarheid en ontsluiting op internationaal en nationaal niveau.
In de huidige situatie is sprake van twee rijstroken per rijrichting en een vluchtstrook die als spitsstrook wordt ingezet. Bij incidenten of slecht weer kunnen de spitsstroken niet open waardoor met name op die momenten sprake is van een flessenhalseffect en een slechte verkeersdoorstroming, met name in noord-zuid richting. Een betere doorstroming is gewenst en ook van groot economisch belang voor dit gebied en de regio.
In 2012 hebben de gedeputeerde van de provincie Limburg en de minister van Infrastructuur en Waterstaat (ten tijde van de ondertekening van de overeenkomst nog minister van Infrastructuur en Milieu) een overeenkomst gesloten om te komen tot een structurele verbreding van de autosnelweg. Dit heeft uiteindelijk geleidt tot het in oktober 2019 door De Minister van Infrastructuur en Waterstaat vastgesteld Tracébesluit 'Structurele verbreding A2 Het Vonderen - Kerensheide' (zie Bijlage 1).
Het doel van het project is om de doorstroming op de A2 tussen knooppunten Het Vonderen en Kerensheide te verbeteren. Door een structurele verbreding te realiseren van 2 x 2 rijstroken met spitsstroken naar 2 x 3 rijstroken met vluchtstroken, verbetert de rijsnelheid op de A2 waardoor de kans op verstoringen én files afneemt. Dit heeft een groot positief effect op zowel de bereikbaarheid van de langs de A2 gelegen economische gebieden als de verkeersveiligheid op dit tracé. Met een volwaardige derde rijstrook zal er daarnaast minder sluipverkeer zijn op het onderliggend wegennet. Hierdoor verbetert de leefbaarheid in en bereikbaarheid van de kernen langs deze wegen.
Het project bestaat op hoofdlijnen uit de volgende elementen:
Met het voorliggende bestemmingsplan wordt het Tracébesluit slechts juridisch-planologisch verankerd, voor zover het betrekking heeft op gronden binnen de gemeente Stein. Voor meer informatie over het Tracébesluit wordt verwezen naar het volledige Tracébesluit en de daarbij behorende planstukken. Het Tracébesluit is opgenomen als Bijlage 1 bij deze toelichting.
Inrichtingstekeningen planvoornemen, welk op elkaar aansluiten (legenda is van toepassing op bovenstaande afbeeldingen)
Voor het grondgebied van de gemeente Stein betekent dit concreet het positief bestemmen van het ruimtebeslag vande verbreding van de A2 in aansluiting op het bestemmingsplan 'Tracebesluit A2' van de gemeente Sittard-Geleen in combinatie met de aanpassing van de bestaande infrastructuur (waar nodig). Daarnaast verschuift de bijbehorende vrijwaringszone (100 meter) parallel aan de A2 omdat door de verbreding de de as van de buitenste rijstrook, zijnde de derde rijstrook naar de buitenzijde opschuift. De onderliggende (dubbel)bestemmingen blijven daarbij ongewijzigd.
De elementen uit het Tracébesluit zijn kort samengevat op de volgende wijze vertaald in dit bestemmingplan:
Bestemmingen
Dubbelbestemmingen
Specifieke voorzieningen
Aangezien dit bestemmingsplan slechts betrekking heeft op het juridisch-planologisch verankeren van het door De Minister van Infrastructuur en Waterstaat in oktober 2019 vastgestelde Tracébesluit 'Structurele verbreding A2 Het Vonderen - Kerensheide' hoeft in dit bestemmingsplan geen nieuwe toetsing aan beleidsaspecten plaats te vinden. In het kader van het Tracébesluit heeft deze toetsing reeds plaatsgevonden. Volledigheidshalve wordt dan ook verwezen naar het Tracébesluit en de bijbehorende planstukken. Het Tracébesluit is opgenomen als Bijlage 1 bij deze toelichting.
Daarnaast zijn in het aangrenzende gebied, ter plaatse van de huidige c.q. toekomstige vrijwaringszone van de A2 (100 meter gemeten uit de as van de buitenste rijbaan) een tweetal ontwikkelingen van belang, namelijk:
In het Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK) van de Rijksoverheid is de Delta Rhine Corridor aangeduid als een project van nationaal belang. Het betreft een buisleidingeninitiatief tussen de Rotterdamse haven, het Duitse achterland en de Chemelot site. Dit initiatief is van groot belang voor de energietransitie op de Chemelot site en is daarmee ook van groot belang voor de toekomstige ontwikkeling en ambities van de Chemelot site. De Delta Rhine Corridor maakt gebruik van de aanduiding 'voorkeurstrace buisleidingen' zoals vastgelegd in artikel 4.1 van de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro). Ter hoogte van het plangebied wordt hierin voorzien door middel van de dubbelbestemming 'Leiding - Leidingstrook'.
De vierde aftakking ter hoogte van het Van der Valk Hotel Stein-Urmond is van belang om de bereikbaarheid van de Chemelot site te optimaliseren en zorgt ook voor een betere verkeersafwikkeling binnen de gemeente Stein. Langs deze aftakking wordt tevens een onderhoudspad aangelegd in samenspraak met Rijkswaterstaat om de bereikbaarheid van de achterliggende percelen te garanderen en om het talud van de autosnelweg te kunnen onderhouden.
Tevens dient rekening te worden met de reserveringsstrook vanuit artikel 4.1. Rarro. Deze reserveringstrook is als zodanig bestemd door middel van de dubbelbestemming 'Leiding - Leidingstrook', waarbinnen aanleg, instandhouding en/of bescherming van ondergrondse leidingen planologisch-juridisch mogelijk is gemaakt.
Uitsnede Rarro met voorkeurstracé buisleidingen
Tot slot heeft Provinciale Staten van de provincie Limburg op 20 september 2022 een wijziging van de Omgevingsverordening Limburg 2014 vastgesteld. Deze wijziging is op 20 oktober 2022 in werking getreden. Hierbij is de Omgevingsverordening Limburg 2014 aangevuld met een viertal instructieregels die zich richten tot de Limburgse gemeenten. Het gaat om de instructieregels over: wonen, huisvesting internationale werknemers, na-ijlende effecten steenkoolwinning en zonne-energie. Van deze vier instuctieregels is alleen de instructieregel ten aanzien van na-ijlende effecten steenkoolwinning relevant voor het plangebied. In artikel 2.16.1 is de volgende instructieregel over na-ijlende effecten van de steenkoolwinning opgenomen:
De toelichting bij een ruimtelijk plan dat het bouwen van een nieuw bouwwerk in de gemeente Brunssum, Beekdaelen, Heerlen, Landgraaf, Voerendaal, Kerkrade, Simpelveld, Beek, Sittard-Geleen en Stein mogelijk maakt, beschrijft op welke wijze rekening is gehouden met de na-ijlende effecten van de voormalige steenkoolwinning.
Het plangebied maakt onderdeel uit van het mijnconcessiegebied met mijnbouwactiviteiten. Echter het grootste deel van het plangebied betreft de herbestemming van de vrijwaringszone - weg als gevolg van de verbreding van de A2. De onderliggende bestemmingen (Agrarisch met waarden, Groen en Verkeer) blijven ongewijzigd waardoor de gebruiks- en bouwmogelijkheden ter plaatse van deze bestemmingen niet wijzigen. Een klein deel van het plangebied (parallel aan de huidige A2) is gereserveerd voor het ruimtebeslag van de verbreding van de A2. Hier wordt slechts voorzien in bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de verbreding. Hierbij moet gedacht worden aan geluidwerende voorzieningen dan wel eventuele aanpassing van (bestaande) kunstwerken. Dit is van ondergeschikte aard en ter plaatse van het plangebied zijn dan ook geen verder risico's te verwachten. Binnen het plangebied liggen namelijk geen historische of industiële mijnschachten. Er is geen sprake van (ondiep) industriële winningen. Ook wordt er voor het plangebied in de te verwachten eindsituatie van de grondwater - 'mijnwater'- stand geen beïnvloeding van de grondwaterkwaliteit of vernatting van het maaiveld verwacht. Er liggen geen winningen binnen het plangebied. Er is dus geen sprake van 'mijngas' dat mogelijk via verbindingen met het maaiveld vrijkomt. Ook zijn er binnen het plangebied geen aardbevingen als gevolg van stijgend 'mijnwater' te verwachten. Tot slot zijn er voor zover bekend ook geen neerwaartse en opwaartse boringen van maaiveld, oude 'drempels' of oude verzakkingen aanwezig. Er zijn dus ook geen kleinere gevolgen die mogelijke significante effecten veroorzaken. Er zijn daarmee geen geotechnisch zwakke zones die het realiseren van nieuwe bouwwerken en bij het optreden van schade in het achterhoofd dienen te worden gehouden.
Geconcludeerd kan worden dat in het plangebied geen winningen en gangen aanwezig zijn. Er zijn dan ook geen aanvullende adviezen noodzakelijk ten aanzien van bijvoorbeeld diepe boringen voor paalfunderingen, kelders/kruipruimten van nieuwe bouwwerken en nieuwe hoofdriolering. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn er als gevolg van na-ijlende effecten van de steenkoolwining echter geen belemmering voor onderhavig planvoornemen.
In het kader van het Tracébesluit zijn diverse onderzoeken uitgevoerd om de inpasbaarheid van de beoogde verbreding van de Rijksweg A2 aan te tonen. Dit bestemmingsplan betreft slechts de juridisch-planologische vertaling van het door Minister van Infrastructuur en Waterstaat in oktober 2019 vastgesteld Tracébesluit 'Structurele verbreding A2 Het Vonderen - Kerensheide'. Voor nadere informatie over de in het kader van het Tracébesluit uitgevoerde onderzoeken wordt hier dan ook kortheidshalve verwezen naar het Tracébesluit, opgenomen als Bijlage 1 bij deze toelichting, en de bijbehorende planstukken.
Het bestemmingsplan is opgesteld conform 'Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012' (SVBP 2012). Het bestemmingsplan bestaat uit de regels, de verbeelding en deze toelichting.
De regels zijn conform de SVBP 2012 opgebouwd uit vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de begrippen en de wijze van meten. In hoofdstuk 2 zijn de regels opgenomen behorende bij de bestemmingen die op de verbeelding aan de gronden zijn toegekend. In hoofdstuk 3 zijn algemene regels opgenomen die op het gehele plangebied van toepassing zijn dan wel aanduidingen die betrekking hebben op meer dan één bestemmingsvlak. In hoofdstuk 4 zijn de regels opgenomen waarmee het overgangsrecht wordt geregeld en is een artikel opgenomen waarin de formele naamgeving van het bestemmingsplan (slotregel) is vastgelegd.
Voor het plangebied zijn diverse enkelbestemmingen, dubbelbestemmingen en gebiedsaanduidingen opgenomen. Onderstaand wordt achtereenvolgens ingegaan op de genoemde bestemmingen. In z'n algemeenheid dient te worden opgemerkt dat onderdelen als ecoduikers en faunapassages rechtstreeks in diverse bestemmingen mogelijk zijn gemaakt.
Agrarisch (artikel 3)
De als 'Agrarisch' bestemde gronden binnen het plangebied zijn in hoofdzaak bedoeld voor doorzaam agrarisch grondgebruik in combinatie met behoud, herstel en/of ontwikkeling van de aldaar voorkomende landschappelijke en archeologische waarden. Tevens zijn deze gronden bestemd voor extensief recreatief medegebruik, verkeer, geluidwerende voorzieningen, de instandhouding en uitbreiding van waterremmende en erosiebeperkende landschapselementen.
Agrarisch met waarden (artikel 4)
De als 'Agrarisch met waarden' aangewezen gronden zijn in hoofdzaak bestemd voor duurzaam agrarisch grondgebruik in combinatie met het behoud en /of herstel van de aldaar voorkomende dan wel daaraan eigen landschappelijke, natuurlijke en/of cultuurhistorische waarden alsmede de opbouw van de potentiële landschappelijke en natuurlijke waarden. Tevens zijn deze gronden, net als bij de bestemming 'Agrarisch', bestemd voor extensief recreatief medegebruik, verkeer, geluidwerende voorzieningen, de instandhouding en uitbreiding van waterremmende en erosiebeperkende landschapselementen.
Groen (artikel 5)
Voor de 'Parkway' langs de Rijksweg A2 en de overige groenstroken (met name Bramert Noord), is de bestemming 'Groen' opgenomen. De als zodanig aangewezen gronden zijn bestemd voor (weg)bermen, plantsoenen, groenstroken en overige aanplanten, alsmede voor voet- en fietspaden, straatmeubilair, kunstuitingen, nutsvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, ecoduikers, faunapassages en water en voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding.
Verkeer (artikel 6)
De als 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor verkeersdoeleinden, groenvoorzieningen, geluidwerende voorzieningen, parkeervoorzieningen, water- en waterhuishoudkundige voorzieningen en openbare nutsvoorzieningen. Tevens zijn deze gronden bestemd voor staatmeubilair en kunstwerken en overige voorzieningen ten behoeve van het wegverkeer, alsmede ecoduikers en faunapassages.
Leiding (artikel 7)
Voor alle leidingen binnen het plangebied is de dubbelbestemming 'Leiding' opgenomen.
Leiding - Leidingstrook (artikel 8)
De dubbelbestemming 'Leiding - Leidingstrook' is opgenomen ten behoeve van de reservering van gronden voor de ongestoorde doorgang van nieuw aan te leggen buisleidingen en voor de instandhouding van bestaande ondergrondse leidingen.
Waarde - Archeologie (artikel 9)
Voor de gronden die voorzien zijn van de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' met bijbehorende gebiedsaanduiding gelden bepaalde voorwaarden ter bescherming van de mogelijk aanwezige archeologische waarden.
Waarde - Historisch groen en landschap (artikel 10)
De dubbelbestemming 'Waarde - Historisch groen en landschap' is opgenomen ten behoeve van het behoud, herstel en versterken van de cultuurhistorische en landschappelijke waarden van landschapselementen.
Waarde - Historische infrastructuur (artikel 11)
De dubbelbestemming 'Waarde - Historische infrastructuur' is opgenomen ten behoeve van het behoud, herstel en versterken van de cultuurhistorische waarden van wegen.
Geluidszone - industrie
Ter plekke van de aanuiding 'geluidzone - industrie' zijn de gronden primair bestemd voor de bescherming en instandhouding van de geluidsruimte in verband met de nabijheid van een inrichting als bedoeld in artikel 41 van de Wet geluidhinder.
Veiligheidszone - leiding
De gebiedsaanduiding 'veiligheidszone - leiding' is opgenomen voor de plaatsgebonden risicocontour 106 van de transportleidingen voor gevaarlijke stoffen binnen het plangebied.
Veiligheidszone - vervoer gevaarlijke stoffen
De gebiedsaanduiding 'veiligheidzone - vervoer gevaarlijke stoffen' is opgenomen voor de veiligheidszone (plasbrandaandachtsgebied) langs de Rijksweg A2 in verband met het transport van gevaarlijke stoffen.
Vrijwaringszone - weg 1
De gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - weg 1' is opgenomen voor de eerste 50 meter langs de Rijksweg A2, gemeten uit de as van de buitenste rijstrook. Ter plekke geldt in principe een bouwverbod, met uitzondering van bouwwerken die nodig zijn voor het wegverkeer.
Vrijwaringszone - weg 2
De gebiedsaanduiding 'vrijwaringszone - weg 2' is opgenomen voor de zone tussen 50 en 100 meter langs de Rijksweg A2, gemeten uit de as van de buitenste rijbaan. Ter plekke geldt in principe een bouwverbod, met uitzondering van bouwwerken die nodig zijn voor het wegverkeer.
In de Grondexploitatiewet als onderdeel van de Wet ruimtelijke ordening is bepaald dat gemeentes verplicht zijn om bij het vaststellen van een ontwikkelingsgericht bestemmingsplan, maatregelen te hebben genomen die verzekeren dat alle kosten die gepaard gaan met de ontwikkeling van de locatie worden verhaald op de initiatiefnemer van het plan. Dit betekent dat er voor de gemeente een verplichting bestaat om haar kosten, die gepaard gaan met een bouwplan, te verhalen op de exploitant.
Op grond van de Wet ruimtelijke ordening rust op de gemeente de verplichting tot het verhaal van kosten die tot de grondexploitatie behoren op basis van een exploitatieplan. De gemeente kan hiervan afzien in bij algemene maatregel van bestuur aangegeven gevallen, of indien:
In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is er geen sprake van verhaalbare kosten zoals bedoeld in artikel 6.2.4 onderdelen b t/m f van het Besluit ruimtelijke ordening. Er is immers slechts sprake van het juridisch-planologisch verankeren van het door de rijksoverheid genomen Tracébesluit tot verbreding van de Rijksweg A2. Gelet hierop kan in het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan worden afgezien van het vaststellen van een exploitatieplan.
Het voornemen bestaat om de Rijksweg A2 tussen de Bergerweg en spoorlijn Chemelot structureel te verbreden tot een rijksweg met 2 x 3 rijstroken per rijrichting. De toenmalige Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft op 1 oktober 2019 het Tracébesluit 'Structurele verbreding A2 Het Vonderen - Kerensheide' vastgesteld. In vervolg op dit Tracébesluit dienen de gemeenten het Tracébesluit juridisch-planologisch te verankeren in een bestemmingsplan. Het voorliggende bestemmingsplan voorziet hierin voor het grondgebied van de gemeente Stein. Hiermee wordt invulling gegeven aan een plan van Rijksbelang.
Het doel van het project is om de doorstroming op de A2 tussen knooppunten Het Vonderen en Kerensheide te verbeteren. Door een structurele verbreding te realiseren van 2 x 2 rijstroken met spitsstroken naar 2 x 3 rijstroken met vluchtstroken, verbetert de rijsnelheid op de A2 waardoor de kans op verstoringen én files afneemt. Dit heeft een groot positief effect op zowel de bereikbaarheid van de langs de A2 gelegen economische gebieden als de verkeersveiligheid op dit tracé. Met een volwaardige derde rijstrook zal er daarnaast minder sluipverkeer zijn op het onderliggend wegennet. Hierdoor verbetert de leefbaarheid in en bereikbaarheid van de kernen langs deze wegen. Met de verbreding van de Rijksweg A2 is dan ook een algemeen belang gediend.
Het bestemmingsplan wordt conform de gebruikelijke procedure gedurende zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze termijn kan een ieder reageren op het planvoornemen en zijn of haar zienswijzen indienen.
Voordat de wettelijke procedure ten behoeve van de vaststelling van het bestemmingsplan, zoals omschreven in hoofdstuk 3 van de Wet ruimtelijke ordneing kan worden opgestart, wordt het concept ontwerp bestemmingsplan aan diverse instanties toegezonden ten behoeve van overleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijk ordening. Deze bepaling schrijft voor dat het bestuursorgaan (i.c. de gemeente Stein) dat belast is met de voorbereiding van een bestemmingsplan daarbij overleg pleegt met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan spelen.
Voor onderhavig plan wordt echter geen vooroverleg uitgevoerd, en wordt de vaststellingsprocedure zoals omschreven in art. 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening zonder vooroverleg opgestart. Onderhavig bestemmingsplan heeft namelijk slechts betrekking op het juridisch-planologisch verankeren van het reeds op 1 oktober 2019 door toenmalige Minister van infrastructuur en Waterschap vastgesteld Tracébesluit 'Structuree verbetering A2 Het Vonderen - Kerensheide. De besluitvorming met bijbehorende procedure hieromtrent heeft immers reeds plaatsgevonden.
De wettelijke procedure kan als volgt worden samengevat: De procedure start met een openbare kennisgeving van het ontwerp bestemmingsplan, waarna het ontwerpbestemmingsplan wordt gepubliceerd en gedurende een termijn van zes weken door één ieder schriftelijk of mondeling zienswijzen over het ontwerpbestemmingsplan kunnen worden ingebracht.
Na de termijn van de terinzagelegging dient de gemeenteraad in principe binnen 12 weken te beslissen over de vaststelling van het plan. Na de publicatie van het vastgestelde bestemmingsplan hebben belanghebbenden zes weken de tijd om tegen het plan in beroep te gaan. Het bestemmingsplan treedt de dag na afloop van de beroepstermijn in werking.
Het ontwerpbestemmingsplan heeft vanaf 18 januari 2023 gedurende zes weken, dat wil zeggen tot en met 28 februari 2023 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn er 3 zienswijzen binnengekomen van respectievelijk PPS, DSM en RWS. Daarnaast is door de provincie Limburg een reactie gegeven op het ontwerpbestemmingsplan. Het betreffen met name aanvullingen om de belangen van de betreffende organisaties zeker te stellen. Naar aanleiding van deze zienswijzen en reactie zijn de toelichting, regels en verbeelding op onderdelen aangepast c.q. aangevuld. Het bestemmingsplan is in de raadsvergadering van 25 mei 2023 gewijzigd vastgesteld.